GrahamsBloggerNovelTemplate


Valt homoseksualiteit te genezen?


"Homoseksualiteit valt niet te genezen." Dit schrijft hoogleraar neurobiologie Dick Swaab in zijn column Geen keus in de bijlage Zaterdag &cetera (p. 19) van NRC Handelsblad (5/10/2008). "Niet met gebeden, met elektroshocks en ook niet met braaktherapie." De bedoeling van het stukje is uit te leggen dat wij en speciaal kerken homoseksualiteit beter kunnen accepteren als iets dat vastligt en niet meer te beïnvloeden is.

Ik vind dat een sympathieke gedachte, toch twijfel ik op sommige punten aan het verhaal van Swaab.


Homoseksualiteit en travestie

Dit is een blog over travestie en transgenders. Heeft een onderwerp als homoseksualiteit dan zin? Waarom zou ik in mijn travestienotities aandacht besteden aan iets dat amper iets met travestie en transgenders te maken heeft?

Natuurlijk, mensen die van niets weten, associëren travestie en homoseksualiteit vaak, het kabinet inbegrepen, maar dan moet je inderdaad wel bijna letterlijk niets weten van en over travestie.

De reden om toch op de column van Swaab in te gaan is anders. Op basis van wat we weten over travestie lijkt een leermodel vrijwel alles dat we weten, te kunnen verklaren. Travestie ontstaat soms heel plotseling nog op latere leeftijd. Wanneer het eenmaal is ontstaan, kan het gemakkelijk groeien. Wanneer het er eenmaal is, verdwijnt het vaak niet weer, wat de betrokkene ook probeert of doet. Of het echt in alle gevallen nooit weer verdwijnt, is iets waar ik ondertussen niet meer zo zeker meer van ben, want in sommige gevallen -- die misschien minder zeldzaam zijn dan we denken -- lijkt het soms ook weer te kunnen verdwijnen. En ook dat zou in overeenstemming met het leermodel kunnen zijn.

Gedrag dat we geleerd hebben, hangt immers van de omstandigheden af. Als de omstandigheden wijzigen, wijzigt ook het gedrag. Juist dat flexibele, is kenmerkend voor leergedrag. Als de koppeling handig is, blijft hij bestaan. Zodra hij zijn nut verloren heeft, verdwijnt hij tenslotte. Maar wanneer de omstandigheden gelijk blijven, blijft de koppeling bestaan, wat je ook probeert.

Travestie heeft in eerste instantie een seksuele lading. Travestieten vinden dat niet prettig, ontkennen dat ook vaak, maar in onderzoek zoals van Vennix (maar ook in ander onderzoek) komt dat duidelijk naar voren. Doordat het in beginsel seksueel gedrag is, heeft het ook invloed op de relatie. Ook dat wordt door onderzoek bevestigd. Wanneer de travestie zich verder ontwikkelt en meer normaal wordt, wordt de koppeling met seks minder duidelijk en verschuift die naar de achtergrond. In extreme gevallen kan die koppeling tenslotte soms vrijwel volledig verdwijnen.

Normaal werd/wordt travestie door artsen en psychiaters dan ook gezien als een 'parafilie' evenals tot voor kort homoseksualiteit. Met de term 'parafilie' wordt bedoeld dat het gaat om abnormaal seksueel gedrag. Normaal was dat een man op een vrouw viel en al het andere vond men abnormaal, afwijkend en dus ziekelijk.

Travestie en homoseksualiteit op deze manier opgevat, zijn dus allebei voorbeelden van 'abnormaal' seksueel gedrag. Het is natuurlijk maar wat je 'normaal' vindt. Zo wordt 'homofilie' niet langer gezien als abnormaal, maar travestie in de DSM-IV (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders) nog steeds wel.

Ik denk dat dat meer zegt over de DSM en de psychiaters en medici die deze lijst hebben opgesteld, dan over travestie en (vroeger) over homoseksualiteit. In ieder geval getuigt het van een weinig wetenschappelijke houding om op alle gedrag dat je als afwijkend ziet, gemakshalve maar te labelen als 'ziek' of 'afwijkend'. Je zou gezien het woord 'statistical' in de titel ook verwachten dat men zich zou realiseren dat deze 'afwijkingen' veel te frequent voorkomen in de populatie om 'abnormaal' genoemd kunnen te worden, maar dat veronderstelde kennelijk meer statistische kennis dan waar de betrokkenen over beschikten.

Wanneer je dus bereid bent travestie in beginsel te zien als seksueel gedrag (wat niet alle travestieten willen toegeven) en homoseksualiteit ook, dan zou het heel vreemd zijn wanneer het leermodel wel travestie kan verklaren, maar niet homoseksualiteit. Het is in beide gevallen seksueel gedrag, het is beide sociaal taboe (of was dat in ieder geval heel lang). Verder is er in beide gevallen opeens die 'hinderlijke' en vrijwel 'onbeheersbare' drang en vervolgens geldt dat wat je ook doet en probeert, je er vrijwel niet weer van af komt.

De vraag waar het me dus om gaat, is: Kan het leermodel ook homoseksualiteit verklaren en wat zijn dan de consequenties? Welke voorspellingen kunnen we dan op basis van dat model doen?


Column van Swaab

Terug naar de column van Swaab. Samengevat heeft Swaab 2 verschillende stellingen en een conclusie.
1. Homoseksualiteit is aangeboren doordat deze bepaald wordt in de baarmoeder.
2. Homoseksuele gerichtheid is dus niet te veranderen en dat klopt met alles wat wij weten.
Conclusie: wij en kerken in het bijzonder, moeten daarom homoseksualiteit van mensen accepteren als een gegeven en niet proberen deze mensen te behandelen of te genezen.

Die laatste conclusie vind ik heel sympathiek en lijkt me ook heel verstandig. Met die conclusie heb ik geen problemen, maar dat maakt de veronderstellingen 1 en 2 nog niet waar. En juist die veronderstellingen zijn twijfelachtig.

Ik zal hierna laten zien dat je ook zonder deze twijfelachtige veronderstellingen uiteindelijk toch tot dezelfde conclusie komt: homoseksuele gerichtheid valt niet effectief te behandelen.


Verklaringen voor homoseksualiteit

Laten we eerst kijken naar de bepalende factor. Waardoor wordt een mens homoseksueel? In grote lijnen zijn er 2 mogelijkheden en Swaab voegt daar een derde aan toe.

1. Het is voorgeprogrammeerd in je genen. Die mogelijkheid is niet realistisch omdat het homogen (en ook het travestiegen) zichzelf dan in enkele generaties had weggeselecteerd. Er zijn gewoon te veel homoseksuelen en te veel travestieten in dat opzicht. (Dat neemt natuurlijk niet weg dat iemand altijd een bepaalde aanleg kan en zal meekrijgen via zijn genen.)

2. Het is in de baarmoeder ontstaan. Dit is de favoriete verklaring van Swaab die hij zowel geeft voor homoseksualiteit als voor transseksualiteit. Ik kan me moeilijk voorstellen dat de natuur zulke belangrijke zaken voor de voortplanting (waar val je op?) overlaat aan een minieme variatie in de hormoonspiegel. Bovendien, als dat echt zo was, waarom worden vrouwen dan niet behandeld? Zo leuk is het in de praktijk niet voor een kind om homoseksueel of travestiet te zijn.

Het idee dat het hormoonniveau tijdens de ontwikkeling van de vrucht in de baarmoeder van belang is voor een normale geslachtelijke ontwikkeling van de vrucht, is op zich niet vreemd en niet onjuist. We weten uit onderzoek dat het toedienen van extra hormonen tijdens de zwangerschap invloed kan hebben. Dit klopt ook met wat we weten over de manier waarop de vrucht uitgroeit tot jongentje of meisje. Ook die ontwikkeling wordt in belangrijke mate gestuurd via hormonen die normaal vooral door het mannelijke Y gen worden aangemaakt.

Wanneer je nu echter omgekeerd redeneert dat dus afwijkingen in het hormoonniveau verantwoordelijk moeten zijn voor 'afwijkingen' in het seksueel gedrag, maak je een redeneerfout. Het toedienen van extra hormonen gedurende de zwangerschap is niet hetzelfde als de natuurlijke hormonen die door de vrucht zelf en eventueel door de moeder worden aangemaakt. Als je suiker in je benzinetank gooit, komt die auto gegarandeerd tot stilstand. Maar dat betekent nog niet dat alle auto's die de ANWB langs de weg aantreft, suiker in de benzinetank hebben.

Er is nog een ander argument om aan te tonen dat de redenering van Swaab onzin is. Wanneer de natuurlijke variatie in het hormoonniveau in de baarmoeder verantwoordelijk zou zijn voor alle homoseksualiteit, was dat probleem door de evolutie binnen een aantal generaties weggeselecteerd (ervan uitgaande dat homoseksuelen minder nakomelingen produceren dan heteroseksuelen).

Precies dezelfde reden waarom homoseksualiteit niet puur genetisch kan zijn, is dus ook de reden waarom natuurlijke variaties in het hormoonniveau in de baarmoeder nooit die 3% of meer homoseksuelen kan verklaren.

Wanneer je je realiseert dat travestie en transseksualiteit sterk verbonden zijn en dat het percentage travestieten ook minimaal een 3% van de mannelijke bevolking bedraagt, zie je hier exact hetzelfde probleem. Er zijn er gewoon veel te veel. De natuur had zo'n drastische 'afwijking' al lang weg geselecteerd.

Hier wreekt zich het emotioneel geladen taalgebruik. Artsen, psychiaters en ook Swaab zien homoseksualiteit en transseksualiteit als een afwijking van het normale. Als iets ziekelijk dat er eigenlijk niet zou moeten zijn. Maar waar is de evidentie om te denken dat het iets ziekelijk zou zijn? Er is geen bekende ziekteverwekker. Het is ook helemaal niet zo zeldzaam als dat mensen vroeger gemakshalve dachten. En het geeft wel problemen, maar die problemen ontstaan voor het grootste deel door de idiote en overtrokken maatschappelijke reacties zoals in de gevangenis gooien, bespottelijk maken, opsluiten in inrichtingen, elektroshocks toepassen, chemische castratie, uitschelden en soms gewoon: vermoorden.

Er is dus logisch gezien helemaal geen reden om bij voorbaat aan te nemen dat homoseksualiteit, transseksualiteit en travestie afwijkingen of ziektes zouden zijn. En wat nog belangrijker is: ook de natuur zelf ziet het kennelijk niet als afwijkingen, maar als vrij irrelevante nevenproducten van een belangrijk voortplantings/overlevingsmechanisme. Maar dat kan alleen als homoseksualiteit, transseksualiteit en travestie kennelijk helemaal niet zo absoluut zijn, als wij graag denken.

3. Als de vorige twee verklaringen afvallen, blijft alleen de derde verklaring over. Die houdt in dat mensen leerdieren zijn. Van alle diersoorten is de mens een soort die het langste en het meeste leert en kan leren. De sociale reacties op homoseksualiteit en op travestie vormen daar prachtige voorbeelden van. Mensen leren al heel snel en gemakkelijk dat mannen die het met mannen doen, vreemd zijn, homo zijn, fout zijn. Hetzelfde geldt zo mogelijk nog sterker voor travestie. Een man in vrouwenkleren is vreemd en ziek, ook al ontbreekt iedere logische onderbouwing voor die stelling.

Eén van de dingen die ook geleerd wordt door mensenmannen, is een koppeling tussen de stimuli die aanwezig zijn bij het klaarkomen en het klaarkomen zelf. Dat een dergelijke koppeling gelegd wordt, is normale operante conditionering. Omdat klaarkomen bij mannen een sterk reïnforcerende werking heeft, is het conditioneringseffect drastisch. Wanneer de bekrachtiging onregelmatig is, is de geleerde koppeling zeer hardnekkig en raakt deze pas na uiterst lang niet bekrachtigen, uitgedoofd.

Tot zover veronderstelt deze derde verklaring dus niets bijzonders. We weten dat mensen over een groot en goed ontwikkeld leervermogen beschikken. We weten hoe operante conditionering werkt en dat het ook werkt bij mensen. En het is duidelijk dat klaarkomen een sterk reïnforcerend effect heeft. We hoeven voor deze derde verklaring dus niets nieuws te veronderstellen.

Wanneer we zouden willen stellen dat deze derde verklaring niet juist is, zouden we juist wel iets nieuws moeten veronderstellen. We zouden dan moeten uitleggen waarom de natuur in het geval van klaarkomen opeens het normale leermechanisme heeft afgezet.

Stel je voor: je rust mensen uit met gigantische hersenen die een groot deel van de beschikbare zuurstof nodig hebben om te functioneren. Vervolgens schakel je die hersenen weer uit zodra het om seks gaat, dus om voortplanting. Dat is natuurlijk niet erg voor de hand liggend.


Gaydar en femdar

Laten we even verder denken. Stekelbaarzen reageren op een rode vlek die als sleutelstimulus werkt. Veronderstel dat de venusheuvel van de vrouw voor mensenmannen dezelfde functie zou hebben en dat er geen leermechanisme zou werken. Na de uitvinding van de kleding was het dan hopeloos fout gegaan: mannen zouden de vrouwtjes niet meer vinden. De mensheid was in een paar generaties uitgestorven. Juist dat leermechanisme biedt dus voor het lokaliseren van de beschikbare vrouwtjes grote voordelen en het is dus moeilijk voorstelbaar dat de natuur dat bij seksueel gedrag opeens zou afzetten.

Een kleine anekdote om de werking te illustreren. Ik hou van wandelen over rustige landweggetjes. Als man gaat dat normaal altijd probleemloos. Op een keer was ik echter in volledige travestie en de mooie avond lokte. Wanneer ik me eerst nog douchte en verkleedde, zou het bijna donker zijn. Ik trok dus een stevig mannenjack aan en een paar sportieve schoenen. Binnen een kwartier stopte er op mijn rustige landweg een auto met daarin een opdringerige man. Ook latere pogingen leverden altijd hetzelfde resultaat op. Je houdt het niet voor mogelijk. Ze verschijnen uit het niets, maar ze zijn er vrijwel onmiddellijk. Mijn vrouw kon deze ervaring herkennen en bevestigen. Als 'normale' man heb je echter nergens last van.

Het is dus alsof mannen een soort ingebouwde radar hebben voor vrouwen en alles dat er voldoende uitziet als vrouw. (Bij homo's werkt het net zo maar dan voor mannen en noemen we het 'gaydar'.) Maar die radar werkt alleen optimaal als ook nieuwe, onbekende stimuli de betekenis 'seks' kunnen krijgen. Die radar is uiterst flexibel en uiterst belangrijk voor de voortplanting. Afzetten is dus niet snel een haalbare optie voor de natuur.


Parafilieën

Doordat die radar zo flexibel is, kunnen in beginsel de meest onmogelijke stimuli geconditioneerd raken. Men moet zich hierbij realiseren dat operante conditionering normaal werkt in combinatie met klassieke conditionering. Bij klassieke conditionering kan puur door koppeling van betekenisvolle stimuli al een koppeling worden aangebracht zonder dat de betrokkene daar verder iets voor hoeft te doen. Zo kan door het aanbieden van erotische plaatjes waarin een man en een vrouw voorkomen, al leiden tot koppeling van het plaatje man aan seksuele gevoelens die eerst door de vrouw werden opgeroepen. Dit gebeurt automatisch en onwillekeurig. Alleen het kijken naar de plaatjes is in beginsel voldoende.

Een andere mogelijkheid is dat de man opgewonden raakt van (plaatjes van) vrouwen. Meestal zijn dat in onze cultuur geklede vrouwen. Het gevolg is dat dameskleding een seksuele betekenis krijgt of men wil of niet. Dat die seksuele betekenis inderdaad tot stand komt, kan men eenvoudig checken door de reacties van mannen op een zwarte b.h. te observeren.

Zo kan dus ook verklaard worden dat een man geconditioneerd raakt op vrouwenschoeisel. Of op dominant gedrag van een vrouw. Of op onderworpen gedrag van een vrouw. Of op kinderen. Of op vernedering. Of op gemutileerde personen. Of op invalide personen. Of op zeemeerminnen. Of op mannelijk uitziende vrouwen. Of op hoerig uitziende vrouwen. Of op porno. Of op damesachtig uitziende vrouwen. Of op truttige vrouwen. Of op bejaarde vrouwen. Of op een bepaald type man. Je kunt het niet zo vreemd bedenken, of het is seksueel conditioneerbaar.

Dat er in werkelijkheid inderdaad heel veel van dit soort 'bizarre' conditioneringen voorkomen, is al lang bekend. In de geneeskunde en seksuologie staan ze bekend als parafilieën. De man is niet geconditioneerd op normale vrouwen, maar op iets dat er (net even) naast zit.

Je zou dus verwachten dat als dit leermechanisme inderdaad werkt, er een veelheid van bizarre koppelingen kunnen ontstaan en dat is ook precies wat er bekend is.


Effecten van seksuele conditionering

Hoe ernstig zijn die 'foute' koppelingen? In een normale samenleving hebben ze vermoedelijk weinig effect. Wanneer de man klaarkomt met een damesschoen, is dat op zich geen enkel probleem. Het wordt pas -- biologisch gezien -- een probleem op het moment dat hij die echte vrouw volledig en voortdurend negeert.

Wat we zien onder de grote groepen afwijkend geconditioneerde mannen (homo's en travestieten), is dat heel veel van deze mannen wel kinderen hebben verwekt. Kennelijk was de koppeling met de nevenstimulus dus niet zo krachtig en sterk dat die gezonde vrouw volledig en voortdurend over het hoofd werd gezien. Die homoseksualiteit en die travestie/transseksualiteit zijn dus in biologisch opzicht helemaal niet zo absoluut als ze vaak worden voorgesteld.

Dit is ook wat je zou verwachten. Die radar is natuurlijk uiteindelijk bedoeld een vrouw te vinden en niet bedoeld om voortdurend een nevenstimulus daarvoor te gebruiken of aan te zien.

Er is nog een tweede reden voor de seksuele conditionering van mannen. Mensenkinderen hebben in verhouding erg lang verzorging nodig. Een taak die de moeder alleen vaak niet aankon. Die mensenman was dus nodig bij de verzorging van de kinderen. Het vrouwtje camoufleerde haar vruchtbare periode en het mannetje kreeg een continue seksdrive. Op zich zou die combinatie niet goed werken. Het mannetje krijgt dan immers ook meer behoefte aan vreemde vrouwtjes. Maar in combinatie met die seksuele conditionering raakt het mannetjes ingespeeld, geconditioneerd op het eigen vrouwtje. Uiteraard werkt die oplossing van de natuur alleen als het mannetjes frequent seks kan hebben en heeft met het eigen vrouwtje. Het eigen vrouwtje zit dan als het ware verankerd in het seksuele repertoire. Vrachtwagen chauffeurs die seks zoeken op verre reizen, zoeken in eerste instantie daardoor een prostitué die op hun eigen vrouw lijkt.

Het afzetten van die normale conditioneringsprocessen bij seksueel gedrag zou dus een zeer fundamentele ingreep in onze normale manier van functioneren betekenen en daarnaast twee belangrijke voordelen van die seksuele radar teniet doen. Beide voordelen zijn voor de voortplanting bijna onmisbaar.

Het gevolg van die conditioneringsprocessen kan dus ook zijn dat mannen in seksueel opzicht andere mannen prefereren. Dat mannen geconditioneerd raken op vrouwenkleding, of een vrouwelijk uiterlijk of op het spelen van de vrouwenrol d.w.z. het vrouw zijn. Andere mogelijkheden zijn dat men een sterk positief gevoel ervaart (geconditioneerd is op) wanneer men zeemeermin is. Ja, ook dat komt met een zekere regelmaat voor. Weer een andere optie is dat men geconditioneerd geraakt is op een beperking. B.v. op mensen die een arm of been missen en vervolgens zelf die rol is gaan spelen en daar geconditioneerd op geraakt is. Ook dit komt veel vaker voor, dan de meeste mensen voor mogelijk houden. De meest exotische koppelingen zijn via dit flexibele mechanisme mogelijk.

Voor 'normale' mensen is dit allemaal uitermate verwarrend en 'ziek' omdat ze het achterliggende mechanisme niet kennen en niet begrijpen. Men komt daardoor met allerhande overbodige behandelingen aanzetten om de betrokkene toch maar vooral weer 'normaal' te maken. Het 'afwijkende' gedrag interpreteert men helaas vaak als een bedreiging.

Biologisch gezien maakt die abnormaliteit echter niets of weinig uit, zo lang de betrokkene zich wel voortplant en wel de vaderrol speelt en zichzelf niet al te zeer verminkt. Er zijn echter ook, maar in verhouding veel minder, gevallen waarin wel problemen optreden. Dit is ook precies wat je op basis van zo'n flexibel leermechanisme zou verwachten. Meestal werkt het perfect, maar soms schiet het door.


Andere voorbeelden

Dat het leermodel inderdaad de beste verklaring vormt, kunnen we ook nog zien aan twee andere voorbeelden.

1. Iedere travestiet heeft zijn/haar eigen stijl. Een beeld van het soort vrouw dat hij/zij graag wil zijn. Vaak blijft dat beeld of idee het hele leven van een travestiet een soort leidende rol spelen. Zo is van Maarten 't Hart bekend dat hij graag een Haags dametje uitbeeldde. Zelf had ik een zwak voor broodmagere Vogue modellen met oneindig lange benen die tijdens mijn puberteit het mode-ideaal vormden.

Worden die complexe beelden in de baarmoeder via minieme concentratieverschillen in het testosteron naar de vrucht gecommuniceerd? Dat lijkt moeilijk voor te stellen. Maar de leertheorie heeft met de conditonering van zulke complexe plaatjes geen enkel probleem. Het is bij wijze van spreken secondenwerk mits het juiste plaatje voor handen is en dat inderdaad gevolgd wordt door opwinding en (seksuele) bekrachtiging.

2. Dan is er nog een ander voorbeeld dat ons idee van homoseksualiteit wat relativeert. Travestieten die er vrij overtuigend uitzien als vrouw, worden geconfronteerd met een merkwaardig verschijnsel dat aan de andere kant erg voor de hand liggend is, als je die leertheorie accepteert. Het verschijnsel is dat goed uitziende M-V transgenders een grote aantrekkingskracht op heteroseksuelen hebben, maar niet op homoseksuelen. Dit verschijnsel wordt in de onderzoeksliteratuur ook beschreven. Zie bijvoorbeeld het onderzoek onder transgender-hoeren van Vennix dat ik eerder op deze blog besprak.

Deze heteroseksuele mannen vallen dus in feite op verklede mannen, terwijl de homoseksuele mannen die juist op mannen zouden moeten vallen, het volledig laten afweten. Deze situatie geeft leken dan ook veel hoofdbrekens. Zijn die hetero's nu verkapte homo's?

Wie echter even doordenkt, ziet dat alles precies zo gaat als dat het zou moeten gaan. Mensen hebben geen geheimzinnig zintuig om de sekse van hun partner vast te stellen. Zij gaan af op uiterlijke indrukken. Wanneer die uiterlijke indrukken in voldoende mate de suggestie 'vrouw' oproepen wordt de seks-drive geactiveerd.

Vervolgens kunnen deze heteroseksuele mannen die het met een transgender gedaan hebben, een seksuele voorkeur ontwikkelen voor trangenders. Eerst was die voorkeur er niet, later wel. Volgens het leermodel is dit allemaal heel begrijpelijk, maar volgens het baarmoedermodel kan die verandering in voorkeur helemaal niet. Of we zouden moeten veronderstellen dat de betrokken man 's nacht in een gigantische kunstbaarmoeder wordt gestopt waar hij met hormonen behandeld wordt.


Waarom bestaande therapieën niet werken

Laten we nu eens kijken naar de door Swaab besproken therapieën. Gebeden werken niet, schrijft hij. Nee, dat lijkt mij ook. Waarom zou God iets dat hij zelf in het leven heeft geroepen, nu opeens met veel moeite weer moeten verwijderen? Alleen omdat een stel idioten indringend tot hem bidt? Juist als God inging op dit soort belachelijke verzoeken, zou het een wezen zijn zonder veel overzicht.

Elektro-shocks werken niet. Uiteraard niet. Waarom zou dat wel werken. Sla gewoon het hoofd eraf en het hinderlijke gedrag stopt.

Braak-therapie werkt niet. Geloof ik graag en dat is precies wat de leertheorie voorspelt. Gevangenisstraf werkt niet. Verbaast me niets. Skinner was de eerste die al rond 1950 experimenteel aantoonde dat straf niet effectief is. Alle aangeleerde responsen komen uiteindelijk toch naar buiten, het duurt alleen een tijd langer. Ondertussen wordt er door de straf wel allerhande ongewenst gedrag aangeleerd dat zich later vrijwel niet laat verwijderen.

Volgens Swaab heeft niets ooit gewerkt. Bij travestie hebben we precies soortgelijke opmerkingen. Wat men ook probeert, het lukt niet eraf te komen. Maar wanneer je beter gaat kijken, zie je vervolgens wel, dat iedereen het op een bepaalde manier geprobeerd heeft. Een altijd op een manier waarvan het leermodel voorspelt dat die niet werkt.


Gedragstherapie als oplossing?

De uiteindelijke vraag waar het allemaal mee begon: Is het mogelijk een homoseksueel te veranderen in een heteroseksueel? De meeste 'oplossingen' die men geprobeerd heeft, hebben betrekking op het koppelen van iets negatiefs aan het homoseksuele gedrag. Dat werkt als straf en juist straf is op de langere termijn volstrekt niet-effectief, zegt leertheorie/gedragstherapie.

Andere oplossingen die men geprobeerd heeft, zijn het achterwege laten van het homoseksuele gedrag. Ook die oplossing is niet effectief omdat op die manier de aanwezige koppeling homoseksueel gedrag--seks intact blijft en er op die manier geen extinctie (uitdoving) optreedt.

Wat je dus in beginsel moet doen, is onze homoseksuele man op een eilandje te zetten met allemaal mooie, leuke jongens, die helaas op het laatste moment volstrekt kuis blijken te willen blijven. Verder moeten we zorgen voor enkele leuke en begrijpende vrouwen, die seks geen enkel probleem vinden en ook een bepaalde handigheid hebben in de omgang met mannen. Vermoedelijk helpt het ook als de vrouwen een mannelijke uitstraling hebben. Voor een tv-station van enig formaat, lijkt me dit geen enkel probleem. Ik denk ook dat er dan wel vrijwilligers te vinden zijn. Zaak is dan natuurlijk wel alle verkapte hetero- en biseksuelen die zich aanmelden vooraf te ontmaskeren.

Werkt dat? Als het masturberen onder controle wordt gehouden, in sommige gevallen wel, lijkt me. Bij sommigen zal het ook niet werken omdat veel mensen bij 'afwijkende' seksuele stimuli een soort blokkade ervaren.

Hoe lang werkt het? Wel, in ieder geval op ons eilandje waar we de homoseks en het masturberen effectief onmogelijk hebben gemaakt en de leuke, gemotiveerde en seksueel handige vrouwen overvloedig.

Persoonlijk ben ik geneigd te denken dat ook kerken hun homo-leden voortdurend en gratis dit soort therapie-eilandjes zouden moeten aanbieden, want voor de goede zaak moet men wel wat over hebben.

Maar is deze therapie effectief? Niet echt. Hoewel je wel mag verwachten dat sommige homo's positiever zijn komen te staan tegenover seks met vrouwen, heeft die homo ook nog steeds positieve ervaringen met mannen op dit gebied gehad. Hoewel de conditionering op vrouwen behoorlijk effectief kan zijn, verdwijnt daarmee de eerdere koppeling tussen mannen en seks nog niet. Op het moment dat vrouwen schaars worden en leuke jongens overvloedig...

Het merkwaardige is dus, dat ook al accepteer je het leermodel als verklaring voor homoseksualiteit, er toch geen echt effectieve 'therapie' blijkt te bestaan. Je kunt iemand met de juiste omgeving soms misschien wel ander seksueel gedrag aanleren, maar het is niet mogelijk de koppeling tussen mannen en seks weer effectief kwijt te raken.

Mensen begrijpen vaak niet, waarom dat niet kan. Ze veronderstellen dat je dingen kunt leren en kunt afleren. Het eerste klopt, het tweede niet. Eens geleerd is altijd geleerd totdat het tenslotte vergeten wordt of tot de betrokkene overlijdt. Er zijn dus --voorzover bekend-- geen effectieve methodes om mensen en dieren iets echt af te leren. Straf lijkt te werken, maar blijkt tenslotte totaal niet te werken. Iets dat vreemd lijkt, maar in laboratorium-onderzoek simpel en overtuigend valt aan te tonen. Iets dat verder ook door praktijkervaringen ondersteund wordt.

Zelf heb ik het idee dat bij seksueel gemotiveerde travestie de zaak mogelijk iets gemakkelijker ligt. Travestie heeft een hoge kosten kant. Het kost veel tijd en inspanning en levert uiteindelijk vaak ook problemen of ongewenste effecten op. In die situatie is alternatief seksueel gedrag dus soms goedkoper/voordeliger. Bijna alle transgenders gaan er vanuit dat travestie en transseksualiteit niet-behandelbaar zijn. Ze baseren dit onder andere op hun soms herhaalde vruchteloze pogingen er mee te stoppen.

Bij travestie spelen echter na verloop van tijd vrijwel zeker vaak ook nog andere bekrachtigingsbronnen een rol. Het tutten doet men in de vrije tijd. Daardoor ontstaat een koppeling met rust, ontspanning en leuk en anders bezig zijn. Zodra men verkleed is, voelt men zich bevrijd van de dwingende mannenrol. Door in travestie uit te gaan, wordt de travestie gekoppeld met drinken, eten en sociale contacten. Door die bijkomende bekrachtigingen wordt de koppeling met seks minder duidelijk en kan die tenslotte zelfs vrijwel volledig verdwijnen. Het gevolg is dat het seksuele gedrag volledig kan veranderen, terwijl het (soms) dragen van vrouwenkleding aanwezig blijft.

Bij homoseksualiteit versus heteroseksualiteit is die verhouding echter precies andersom: mannen zijn op seksueel gebied gemotiveerd, vrouwen daarentegen terughoudend en moeilijk. Biologen zeggen in dat verband: Zaad is goedkoop, eitjes kostbaar.

Samenvattend: de baarmoeder-hypothese om homoseksualteit te verklaren is niet aannemelijk en niet nodig. Het leermodel verklaart homoseksualiteit eenvoudiger en vollediger.

Ook lijkt het niet nodig om homoseksualiteit en travestie als iets absoluuts op te vatten. Beiden zijn in de eerste plaats gedragingen en in de tweede plaats voorkeuren. Dat ze vaak gezien worden als onveranderlijke persoonlijkheidskenmerken is vermoedelijk vooral het gevolg van de overdreven en afwijzende sociale reacties.

Als het inderdaad absolute persoonlijkheidskenmerken waren, zouden homo's en travestieten er nooit in geslaagd zijn kinderen te verwekken. Uit het gegeven dat ze dat vaak wel doen, volgt dat het geen absolute kenmerken zijn. Homo's en transgenders kunnen het in beginsel ook op andere manieren.

Voor de rest heeft Swaab gelijk: als je eenmaal die koppeling geleerd hebt (en dat is maar zo gebeurd) raak je hem nooit weer kwijt.

De andere kant van het verhaal is dat niets je belet, een volgende koppeling te leren en daarna te gebruiken. Maar kijk uit met wat je precies doet, want ook die nieuwe koppeling raak je daarna nooit weer kwijt. Het gedragsrepertoire wordt dus door nieuwe ervaringen alleen maar groter, terwijl het voor een succesvolle 'therapie' niet groter, maar totaal anders zou moeten worden. De ene koppeling zou moeten verdwijnen en een andere koppeling zou daarvoor in de plaats moeten komen.

Treedt er dan geen uitdoving (extinctie) op? Normaal is dat een signaalstimulus die voortdurend niet bekrachtigd wordt tenslotte haar werking verliest. Dat lukt alleen als alle aantrekkelijke jongens en mannen en alle niet-aantrekkelijke jongens en mannen voortdurend geen zin zouden hebben. Maar als dat zo was, kenden we het hele begrip homoseksualiteit niet.

Ook het leermodel en de daaruit afgeleide gedragstherapie lijken in dit geval dus voorlopig met lege handen te staan.


Vrouwelijke hersenen?


Het volgende stukje is van Asha ten Broeke en heb ik gecopieerd van haar site Mars en Venus: Zin en onzin over het verschil tussen man en vrouw (hier). Het stukje staat hier.


Er wordt ontzettend veel onderzoek gedaan naar man-vrouw verschillen in de hersenen. Hyde heeft in haar artikel maar liefst 46 metaonderzoeken (die elk dus ook weer veel verschillende onderzoeken bevatten) onder de loep genomen en gekeken naar welke sekseverschillen er nu eigenlijk echt bestaan. Haar antwoord: mannen en vrouwen zijn op bijna alle gebieden gelijk, een paar uitzonderingen als werpafstand en -snelheid (van een bal) en hoe vaak men masturbeert daargelaten. Als Brizendine dus inderdaad wil bewijzen dat “het verschil tussen mannen en vrouwen begint in de hersenen” dan is het dus niet erg netjes van haar om bewijs dat dit verschil er uberhaupt niet is zomaar te negeren.


T's geloven graag dat de verklaring voor hun 'afwijkende' gedrag gesitueerd zou zijn in hun hersenen die per ongeluk wat te vrouwelijk zouden zijn uitgevallen. Eerder opperde ik al dat mannenhersenen in een vrouwenlichaam inclusief de gewijzigde hormoonhuishouding vermoedelijk vrijwel perfect zou functioneren. Dit stukje van Ten Broeke bevestigt opnieuw die minimale verschillen. Op een enkel punt bestaat er wel een kenmerkend onderscheid, weten we nu. Biologische mannen reageren seksueel op een specifieke stimulus (of man, of vrouw of wat je maar wilt) terwijl vrouwen die specificiteit missen. Zij reageren op een breed spectrum van seksueel geladen stimuli. Op dit punt blijken t's echter gewoon mannen.


Het mechanisme achter transgender-discriminatie


‘In Iran zijn geen homoseksuelen.’ Deze uitspraak deed de Iraanse president Ahmadinejad alweer een tijd geleden aan de Columbia University in New York (Wikipedia). Dat er in Iran geen homoseksuelen zijn, is natuurlijk niet echt waar, maar als je de doodstraf hanteert voor homo's of ze op andere manieren het leven zuur maakt, laten de homo's die er nog zijn, zich liever niet al te duidelijk zien.


Weinig transgenders?

Op ongeveer dezelfde manier kun je gemakkelijk denken dat er in Nederland amper transgenders (travestieten, transseksuelen en alles daar tussenin) zijn. Uit bevolkingsonderzoek weten we echter dat dat bepaald niet het geval is. In totaal moeten er iets van 240 duizend in Nederland rondlopen, maar als het er belangrijk meer zouden zijn, zou me dat ook niet echt verbazen.

Travestiete en transseksuele mannen laten zich bij voorkeur niet zien. Zelfs bekende en soms goed uitziende transgenders zijn vaak niet volledig uit de kast gekomen uit angst voor negatieve consequenties. Zo is het te woord staan van pers en tv bij publieke evenementen vaak een probleem. Opeens blijken de officiële woordvoerders dan bang voor herkenning door bekenden. Op Internet en tijdens bijeenkomsten worden normaal zelf gekozen vrouwennamen gebruikt. Tijdens een demonstratieve happening op straat in Amsterdam mocht ik het meemaken dat een charmante en goed uitziende transgender zich opeens afwendde. Even later verontschuldigde ze zich: er kwam net een collega langs en die mocht haar eens herkennen.

De kleine fractie transseksuele mannen die tenslotte een geslachtsaanpassende behandeling ondergaat, probeert daarna meestal zo onopvallend mogelijk als vrouw over te komen en door het leven te gaan. Ook die zie je dus -- als het goed is -- niet echt.

Uiteindelijk is er slechts een kleine groep transgenders die openlijk voor hun geaardheid durven uitkomen.


Meer acceptatie

Op de ledenvergadering van de LKG T&T (Landelijke Kontaktgroep Travestie en Transseksualiteit) van 17 mei 2008 in Nieuwegein passeerden een groot aantal punten. Ogenschijnlijk totaal verschillende zaken. Maar uiteindelijk kwam steeds één punt terug: acceptatie. Hoe kan de acceptatie van transgenders in Nederland bevorderd worden? Misschien denken niet alle transgenders gelijk over een beladen term als 'discriminatie'. Maar van de noodzaak voor meer acceptatie was voor iedereen doordrongen.

Wat is het probleem bij die acceptatie? De meeste transgenders zitten veilig in hun kast. Ze doen aan travestie, maar ze durven zich niet te laten zien. Ze durven het niet te vertellen en niet te bekennen. Het zijn normale mannen, waar niks mis mee is, behalve dan dat onzegbare: ze zijn travestiet (Ook transseksuelen doen/deden aan travestie). Van alle Nederlandse transgenders is maar één op de duizend (ongeveer) lid van de LKG T&T, de enige organisatie met rechtspersoonlijkheid op dit gebied. En zelfs van de LKG transgenders is maar een enkeling volledig uit de kast gekomen.

De weinige transgenders die wel uit de kast komen, staat vaak een koude douche te wachten. En in sommige gevallen kan die koude douche erg lang duren. Als je bijvoorbeeld bij de Commissie Gelijke Behandeling zoekt, vind je 1 geval op het trefwoord travestie. Je vindt een veelvoud op transseksualiteit. Toch is het aantal transseksuelen in verhouding tot het aantal travestieten uiterst klein. Dat kleine aantal transseksuelen kan zich echter niet langer verschuilen achter het masker van 'ik ben een doodgewone man'. En dat zullen ze weten.


Discriminatie-gronden

Wat is er mis met transgenders? Ik probeer te kijken met de ogen van een buitenstaander.
1. Ze zien er niet uit.
2. Ze doorbreken een sociale norm.

Homo's doorbreken ook een sociale norm. Als man word je geacht met een vrouw te vrijen, niet met een andere man. 'Het zou anders een mooie boel worden'. Toch worden homo's veel meer geaccepteerd dan transgenders (hoewel echt nog lang niet overal en door iedereen). Hoe kan dat?

Een belangrijk punt is dat homo's er meestal volstrekt normaal uitzien. Het zijn echte mannen, het zijn keurige mannen. Misschien niet altijd en overal, maar de overgrote meerderheid wel. En dat sociaal afwijkende gedrag zie je niet. Ze doen het thuis, in de bosjes, in de sauna of in de darkroom. Maar niet in het publiek. Je weet dat het er is, maar je ziet het niet. Wat je ziet, is normaal. Homo's passen -- afgezien van dat gedrag -- perfect in het normale manbeeld.


Beeldvorming en negatieve selectie

Bij transgenders kun je dat vaak moeilijk volhouden. Wat je ziet, wijkt juist af. Je kunt op grond van dat uiterlijk moeilijk volhouden dat het normale mannen zijn, of normale vrouwen. En het afwijkende gedrag dat je bij homo's normaal niet ziet, dat zie je bij transgenders vaak levensgroot voor je in de vorm van dat afwijkende uiterlijk.

Helemaal waar is dat niet. Sommige transgenders kunnen moeiteloos voor vrouw en soms zelfs leuke vrouw doorgaan. Een enkeling die ik ken, is zelfs zo 'goed' dat ze een soort supervrouw zijn geworden. Ze zijn net iets te perfect vrouw om helemaal biovrouw te kunnen zijn. Maar voor een normaal mens zijn dat echte vrouwen. Zoals een vriendin eens zei over een T: 'Ja, maar dat is geen transgender, dat is gewoon een knappe vrouw.' De in dat opzicht succesvolle T's associeer je dus normaal niet met transgenders.

Het gevolg is dat 'succesvolle' transgenders voor het beeld dat de buitenwereld heeft van transgenders, geen enkele rol spelen. Vooral de transgenders die niet overtuigend overkomen bepalen daardoor voor de buitenwereld het beeld.

Van het relatief kleine aantal transgenders dat zich daadwerkelijk laat zien, wordt vooral dat deel onthouden en geassocieerd met travestie en transseksualiteit dat minder geslaagd overkomt.

Deze negatieve selectie zorgt ervoor dat transgenders normaal vooral geassocieerd worden met de meest extreme en de meest negatief overkomende uiterlijken. Door die associaties krijgen begrippen als 'travestiet' en 'transseksueel' een extreme en een negatieve lading.

Voor normale vrouwen werkt het mechanisme precies andersom, namelijk met positieve selectie. Er zijn veel vrouwen die er niet echt geweldig uitzien. Maar we richten onze aandacht normaal vooral op de mooie, knappe vrouwen. Zowel mannen als vrouwen kijken liever naar knappe vrouwen. Het gevolg is dat we bij een begrip als 'vrouw' bij voorkeur associëren met het plaatje van een mooie vrouw. Het gevolg daarvan is weer dat veel vrouwen het gevoel hebben onmogelijk aan dat soort overdreven verwachtingen te kunnen voldoen.

Ook transgenders zelf maken zich druk over hun uiterlijk en hechten daar vaak veel belang aan. Het onderwerp 'passabiliteit' (overkomen als vrouw) scoort onder transgenders hoog. Het trekt op sites als www.travestie.org veel hits. Ook veel transgenders realiseren zich dus vaak het belang van het eigen uiterlijk.

Maar dat eigen uiterlijk is vooral relevant voor de directe discriminatie. Voor de manier waarop onbekenden je op basis van je uiterlijk behandelen. Natuurlijk is dat belangrijk.


Indirecte discriminatie

In de praktijk vormt indirecte discriminatie uiteindelijk vermoedelijk een minstens zo'n groot probleem. Bekenden hebben via via gehoord dat iemand travestiet of transseksueel is, zich op basis daarvan een voorstelling gevormd en vervolgens weet men genoeg. Men is niet langer welkom, men hoort er niet langer bij, men wijkt af, etc.

Die indirecte discriminatie vindt dus niet plaats op grond van het eigen uiterlijk als transgender, maar op basis van de voorstelling die mensen hebben van 'travestieten' en 'transseksuelen'. En dat beeld berust door dat mechanisme van negatieve selectie weer vooral op wat men van de meest extreme en minst geslaagde transgenders gezien heeft.

Het gevolg is dat een transgender uiteindelijk nooit alleen op het eigen uiterlijk wordt beoordeeld, maar ook op het uiterlijk van de meest extreme en minst geslaagde transgenders die er te vinden zijn. Hoe oneerlijk dat ook mag lijken.


Valt dit mechanisme te doorbreken?


Nu zullen er altijd minder geslaagde T's blijven wat we als transgenders ook proberen te verzinnen. Op dat punt valt er dus vermoedelijk niet veel vooruitgang te bereiken. Toch is het belangrijk op een of andere manier die beeldvorming te wijzigen. De vraag is hoe?

Het plaatje dat een transgender neerzet/vormt, kun je op twee verschillende aspecten beoordelen. Het ene aspect is of de trangender als man of vrouw overkomt of iets daar tussenin, voorzover dat mogelijk is. Het andere aspect is of de transgender leuk, positief overkomt of juist vervelend, negatief. Transgenders zijn vaak sterk gericht op het eerste aspect en veel minder op het tweede.

In onderstaande tabel heb ik alle mogelijkheden systematisch weergegeven. In de linker kolom staat hoe men beoordeeld wordt. In de bovenste regel of men als man, vrouw of ambigu wordt gezien.

Alle transgenders die overkomen als vrouw vallen voor de beeldvorming van transgenders weg. Dat is dus de hele laatste kolom met de categorieën 3, 6 en 9. De transgenders die neutraal overkomen, veroorzaken geen emotioneel effect van betekenis en hebben daarom voor de beeldvorming ook weinig betekenis. Er blijven dus slechts 4 categorieën over die wel van invloed kunnen zijn op de beeldvorming. Dat zijn de categorieën 1, 2, 7 en 8.

Bij categorie 1 moet men denken aan een man die een jurk heeft aangetrokken. Ik moet in dit verband denken aan het verhaal dat iemand me toevertrouwde die voorzover ik weet geen transgender is. Hij had zich samen met een vriend eerst moed ingedronken en daarna hadden ze beide een jurk aangetrokken. Vervolgens waren ze beide een Thaise travestietenbar uitgegooid. Hoewel Thailand bekend staat als uiterst t-vriendelijk, werd dit uiterlijk dus negatief beoordeeld.

Maar ook genoeg transgenders komen ondanks alle inspanningen toch gemakkelijk als man over terwijl de voor een man afwijkende kleding snel negatief beoordeeld wordt en vallen dan toch in categorie 1. Bij categorie 2 is het minder duidelijk dat het om een man gaat, maar komt men ook weer niet overtuigend over als vrouw. Verder wordt ook in dit geval de kleding negatief geëvalueerd. De persoon komt ambigu over en de kleding negatief.

De negatieve selectie ontstaat doordat transgenders in categorie 9 wel positief worden beoordeeld, maar niet worden gezien als man of transgender. Zij komen over als vrouw. Men zou zich kunnen afvragen, hoe categorie 8 dan werkt. Mijn ervaring is dat zodra mensen het plaatje / het uiterlijk leuk vinden, dus positief beoordelen, ze de werkelijke sekse niet zo'n punt meer vinden en geneigd zijn mee te gaan in de suggestie. Die ervaring wordt voor deze categorie bevestigd door andere transgenders. Categorie 8 werkt daarom ook niet effectief in de beeldvorming van trangenders.

De categorieën 1 en 2 geven dus een sterk negatief emotioneel effect en worden gemakkelijk aan begrippen als 'travestie' en 'transseksualiteit' gekoppeld. De categorieën 8 en 9 geven een positief emotioneel effect maar worden niet aan 'travestie' en 'transseksualiteit' gekoppeld.


........................ man ............. ? .......... vrouw
-------------------------------------------------------------------
negatief .............. 1 ............... 2 ............... 3

neutraal ............. 4 ............... 5 ............... 6
positief ............... 7 ............... 8 ............... 9
-------------------------------------------------------------------




Ik denk dat er uiteindelijk slechts op één manier een opening in het systeem valt te maken en wel via categorie 7. Men komt als man over terwijl men via de (vrouwelijke) kleding toch positief wordt geëvalueerd.

Dit klinkt misschien wat abstract, maar er zijn ondertussen genoeg voorbeelden dat dit inderdaad heel goed mogelijk is. Men draagt als man vrouwenkleding op een leuke manier. Of men blijft duidelijk man, maar vervrouwelijkt het uiterlijk wat.

Voor transgenders is dit een beetje een vreemde categorie. Transgenders willen immers het liefst als vrouw gezien worden. De bedoeling is meestal niet als man over te komen. Maar op het moment dat mannen openlijk en op een leuke manier vrouwenkleren gaan dragen of hun uiterlijk vervrouwelijken, valt het sterke stigma dat aan travestie en transseksualiteit kleeft, geleidelijk weg.

Voor een andere beeldvorming van transgenders zijn dus mannen in rok of mannen in jurk die en als man overkomen en er in de ogen van het publiek leuk uitzien, dus misschien wel onmisbaar.


Dertig kenmerken van klassieke travestie?


Wanneer is er sprake van 'klassieke travestie' en wanneer niet? Wat moeten we precies verstaan onder 'klassieke travestie'? Welke definitie van 'klassieke travestie' moeten we hanteren? Dit zijn simpele vragen die echter niet altijd zo simpel te beantwoorden zijn. Dat lijkt misschien vreemd. Travestie is toch het dragen van kleding van de andere sekse?

Ja, maar vrouwen die mannenkleren dragen, zien we meestal niet als travestiet. En een man kan volledig in travestie zijn terwijl hij een mannenpak draagt. Sommige jonge mannen kunnen in een korte mannenbroek en een mannenpolo met opzet extreem vrouwelijk overkomen. Andere jonge mannen hoeven soms helemaal niets bijzonders aan te trekken om toch als vrouw over te komen.

En om het helemaal ingewikkeld te maken: je hebt soms mannen die volledig verkleed zijn als vrouw en er ook nog eens prachtig uitzien als vrouw die van zichzelf denken dat ze travestiet zijn, maar geen klassieke travestiet zijn. Het geval waar ik op doel, is een voorbeeld van een showgirl (showtravestie).

De vraag 'Wel of niet klassieke travestie?' werd weer actueel door ontmoetingen met mannen in rok en een aantal bezoeken aan de site rokvoormannen.nl (hier).

Veel mannen in rok zien zichzelf nadrukkelijk niet als travestiet. Wat mij betreft, is daar geen probleem mee. Een man die een rok draagt, is volgens mij niet automatisch een travestiet. Maar de standpunten, de plaatjes en wat men zoal vertelde, brachten me toch vaak aan het twijfelen. Ik dacht vaak dingen te zien en te horen waarvan ik denk te weten, dat ze typerend zijn voor travestie.

Travestie is als het ware vaak een beetje een ijsberg. Je ziet het kleine stukje dat boven water uit steekt. Je ziet die man in rok of jurk. Of je ziet die man die probeert als vrouw over te komen. Soms heb je ook helemaal niet in de gaten dat je in feite naar een biologische man zit te kijken. Maar in al die gevallen zie je alleen het uiterlijk. Wat er allemaal aan vooraf ging, wat er allemaal achter zit, zie je niet. Maar als je dan met de betrokkenen praat, krijg je geleidelijk aan stukjes informatie en naarmate je meer weet van travestie ga je eerder een patroon zien of denk je dat patroon te zien.

Is het mogelijk in plaats van een korte, simpele definitie een soort lange definitie te geven van de kenmerken die horen bij 'klassieke travestie': travestie die normaal thuis begint met de gordijnen dicht? Ik dacht van wel. Hieronder het resultaat van mijn poging. (Deze kenmerken gaan niet op voor showgirls, showtravestieten, 'homoseksuele' travestieten en eventuele heteroseksuele showgirls. Ze gaan ook niet op voor vrouwelijk overkomende mannen die zo vrouwelijk overkomen dat ze als vrouw minder sociale problemen hebben.)

Vooraf. Van travestie is alleen sprake als we te maken hebben met een biologische man. Misschien loopt een enkele vrouw ook wel eens in travestie, maar dat vinden we normaal geen punt en dat herkennen we niet als travestie, dus het heeft geen zin ons daar druk over te maken. Deze lijst kenmerken is dus alleen van toepassing op (van origine) biologische mannen.

1. De man wordt aangetrokken door dameskleding. Dameskleding heeft voor hem een positieve gevoelswaarde.

2. De man heeft dergelijke positieve gevoelen niet voor mannenkleding. Die vindt hij maar saai of niets.

3. Als de man de kans en de gelegenheid heeft, bezit hij tenslotte kasten vol dameskleding. Veel meer dan zijn vrouw en veel meer dan hij eigenlijk ooit 'normaal' zal dragen als hij dameskleding tenminste ooit normaal draagt.

4. De man ervaart een sterke drang tot verkleden in die dameskleren. Tenslotte bezwijkt hij voor die drang, hoewel het soms een paar jaar 'goed' gaat.

5. Eenmalig verkleden is niet genoeg. Nadat de man bezweken is voor die drang, komt die drang terug. Hij moet zich opnieuw verkleden. Op dezelfde manier zijn er 'mannen in rok' die snakken naar het moment dat ze weer een rok kunnen dragen.

6. Vrijwel altijd probeert die man na verloop van tijd te stoppen met dat verkleden. Voorzover bekend lopen al die pogingen tenslotte op niets uit. De behoefte tot verkleden komt terug en nu sterker dan ooit tevoren. Sommige mannen proberen meerdere malen te stoppen, altijd met hetzelfde negatieve resultaat voorzover bekend.*

7. De man draagt die dameskleding vooral thuis of stiekem of in het geheim of onder de bovenkleding.

8. De man weet dat het dragen van dameskleding door een man verkeerd is, taboe is, eigenlijk niet hoort of dat werd hem door zijn sociale omgeving indringend verteld. (Misschien is het dragen van dameskleding door mannen sociaal inderdaad niet erg geaccepteerd, maar dat is niet het punt waar het hier om gaat. Het gaat om wat de man denkt of wat zijn omgeving hem indringend vertelde.)

9. De man streeft naar verdere vervrouwelijking van zijn uiterlijk, bijvoorbeeld door de baard weg te werken, door zich op te maken, door een pruik te gebruiken, door lichaamshaar te verwijderen of door zich vollediger vrouwelijk te kleden.

10. De man voert blijvende lichamelijke aanpassingen door of denkt daar op zijn minst soms over. Populaire aanpassingen zijn blijvende verwijdering van baard- en haargroei. Stimuleren van borstgroei. Gaatjes in de oren voor oorhangers. Ook verder gaande aanpassingen worden overwogen of komen voor tot en met volledige geslachtsaanpassingen.

11. Het verkleden is seksueel opwindend of heeft op zijn minst een seksuele ondergrond/lading.

12. Er werd (of wordt) soms in vrouwenkleren gemasturbeerd.

13. Als vrouw verkleed vrijen vindt de man opwindender dan vrijen gekleed als man.

14. Het verkleed zijn wordt als ontspannend en rustgevend beleefd.

15. De man komt niet of zelden of moeilijk klaar bij zijn eigen vrouw of andere vrouwen.

16. De man waardeert het verkleed zijn positief. Het is fijn. Het is prettig. Het is iets positiefs.

17. De man vindt zichzelf verkleed mooier, aantrekkelijker, opwindender dan als man.

18. De man voelt zich in de vrouwenkleren vrouw of ziet zichzelf (een beetje) als vrouw.

19. De man zegt (verkleed of niet verkleed) zich (een beetje) vrouw te voelen of vrouw te zijn.

20. De man is erg betrokken op zichzelf en bezig met zichzelf in die dameskleding.

21. Die betrokkenheid heeft de man niet met zijn uiterlijk als man of met de mannenrol.

22. De man gaat heimelijk in vrouwenkleding naar buiten of denkt daar over. In latere stadia gebeurt dit soms min of meer openlijk, maar normaal nooit volledig openlijk.

23. De man maakt foto's van zichzelf in vrouwenkleding en heeft behoefte die te laten zien of te verspreiden of te publiceren.

24. De man heeft een stereotiep vrouwbeeld waarin bepaalde uiterlijke elementen overdreven worden. Als vrouw of in vrouwenkleding draagt hij bijvoorbeeld liever typisch vrouwelijke kleding als rokken en jurken in plaats van broeken. Andere overdrijvingen: te korte rokken, fel gelakte nagels, overdadig veel sieraden, extreem hoge hakken, etc.

25. Het verkleden wordt vaak gekenmerkt door kleine of grote slordigheden. Berucht in dit verband is onder andere niet volledig verwijderd lichaamshaar op zichtbare plekken waar men dat bij een vrouw niet zou verwachten zoals op de armen, op de rug, tussen de borsten, op de neus.

26. De man heeft een preoccupatie met het uiterlijk dat hoort bij de vrouwenrol of met het overkomen als vrouw maar niet of veel minder met zaken waar vrouwen zich normaal ook druk over maken of mee te maken hebben als: een partner, kinderen krijgen, kinderen verzorgen, huishouden, geld verdienen, loopbaan, ongesteld zijn. Wel: overkomen als vrouw, kleding, schoenen, lingerie, make-up, sieraden, zwemmen in een bikini of badpak, een rok dragen, sexy zijn, etc.

27. Het verkleden wordt gezien als een middel om de eigen emoties te bevredigen. Het is een manier om je fijn of beter te voelen. Als dat lukt, is het verkleden gelukt.

28. Het verkleden wordt niet gezien als een middel om een positieve indruk te maken op anderen. Het oordeel van andere mensen over het uiterlijk wordt niet of nauwelijks relevant gevonden of alleen als het positief is.

29. De man is soms jaloers op echte vrouwen vanwege hun uiterlijk en lichaam.

30. De man heeft een beroep dat verband houdt met computers, wiskunde, techniek, machines, cijfers, administratie, geld, of een functie in het leger of bij de politie.

Als ik deze 30 punten probeer te scoren voor de wat beperkte doorsnede van mannen in rok die ik inmiddels op verschillende manieren heb leren kennen, dan kom ik op het volgende:
1+, 2+, 3+, 4+, 5+, 6+, 7+, 8+, 9+, 10?, 11?, 12?, 13?, 14+, 15?, 16+, 17+, 18-, 19-, 20+, 21+, 22+, 23+, 24+, 25+, 26+, 27+, 28+, 29+, 30+.

Dat zijn 23 plus, 5 vraagtekens en 2 min op een totaal van 30 kenmerken. Als we de plus rekenen als +1, de min als -1 dan levert dit in totaal een score van 21 op voor 25 kenmerken waarover we gegevens hebben. Dit komt overeen met 21/25= 0.84. Zelfs wanneer de vraagtekens bij nader inzien allemaal min zouden worden, zou de score nog steeds uitkomen op 16/30= 0.53. Daarbij kan het best zijn dat er over een specifieke score wat verschillend gedacht wordt. Ondanks dat lijkt de score duidelijk een eind boven nul te liggen.

Ik heb deze kenmerken ook proberen te scoren voor de man die zichzelf zag als (klassieke) travestiet maar in feite alleen showtravestie deed:
1?, 2?, 3?, 4-, 5-, 6-, 7-, 8-, 9+, 10+, 11-, 12-, 13?, 14-, 15?, 16-, 17-, 18-, 19-, 20-, 21-, 22-, 23+, 24+, 25-, 26+, 27-, 28-, 29-, 30-.

Dat zijn 5 plus, 20 min en 5 vraagtekens. Een score van -15 dus. Na correctie voor de vraagtekens via -15/25= -0.6. De score ligt dus duidelijk en royaal onder nul.

Zelfs met plusjes voor al die vraagtekens zou de score nog maar 10+ en 20- zijn of -10/30= -0.33. Nog steeds duidelijk en royaal onder 0 dus. Voor de pure show-travestiet/-girl gaan deze kenmerken dus overwegend niet op.

Ik ben ook zo vrij geweest mezelf te scoren voor de situatie zoals die vroeger voor mij gold, een tijd geleden. Ik geef geen specifieke scores in verband met de privacy maar het totaal komt uit rond de 0.70.

Hetzelfde heb ik proberen te doen voor mijn situatie nu. Ik kom dan uit op iets lager (negatiever dus) dan -0.5. Als deze kenmerken kloppen en als ik ze eerlijk op mezelf heb toegepast (Wie zal het zeggen?) dan is er bij mij dus wel een behoorlijke verschuiving opgetreden. Maar dat travestie zich soms ontwikkelt en daardoor ook verandert, wisten we eigenlijk al op basis van allerhande 'verhalen' van t's.

Alles hangt natuurlijk af van hoe eerlijk je jezelf scoort. Een test zou ik dit niet willen noemen. Er is niets bekend over de (alfa-)betrouwbaarheid en de validiteit (discrimineert hij inderdaad tussen travestieten en normale mensen?). Ook zouden de kenmerken dan beter als vragen kunnen worden geformuleerd, lijkt me. Het is meer een poging 'klassieke' travestie te definiëren en te laten zien dat het in beginsel ook gekwantificeerd kan worden via de uiteenlopende kenmerken.

Wanneer je travestie op die manier definieert, kun je niet vragen dat aan alle 30 kenmerken wordt voldaan. Sommige kenmerken zijn ook niet absoluut. Onder travestieten en transseksuelen zien we vaak bepaalde beroepen terugkomen. Maar omgekeerd kun je niet stellen dat iemand met een ander beroep niet aan travestie zou kunnen doen.

Wat deze definitie verder laat zien, is dat het helemaal niet belangrijk is of iemand zich volledig of slechts gedeeltelijk verkleedt in vrouwenkleren. Dat doet er als het ware niet toe. Ook doet het er niet toe of iemand als vrouw of als man overkomt.

Wat wel een grote rol speelt, is de functie en de betekenis die het verkleden voor de betrokkene heeft en de gevoelens die dit oproept.

Een ander punt dat deze definitie duidelijk maakt, is het fundamentele verschil tussen showtravestie (showgirls) en 'klassieke' travestie. Met showtravestie bedoel ik in dit verband iemand die zich verkleedt voor het sociale effect. Er hoeft niet altijd sprake te zijn van een echte show met betalend publiek. In de praktijk hoeft dat verschil overigens niet altijd zo duidelijk te zijn. Iemand die begint met showtravestie, kan zich daarna ontwikkelen tot 'klassieke' travestiet. Iemand die begint met 'klassieke' travestie kan zich daarna ontwikkelen tot showtravestiet. Ook kan het zijn dat de showtravestiet tegelijkertijd ook aan 'klassieke' travestie doet. De wereld laat zich op dit punt niet altijd geduldig indelen in hokjes.

Iets wat niet in de lijst zit, maar misschien toch wel van groot belang is, is de situatie. Hoevaak is er gelegenheid tot omkleden? Hoe reageert de omgeving? Zijn er spiegels? Ogenschijnlijk zijn dat zaken buiten de travestiet zelf. Maar in de praktijk hebben ze vaak wel een enorme invloed.

Ik denk dat je 'klassieke' travestie wel kunt proberen te definiëren als een soort gedrag. Het heeft bepaalde functies. Het treedt op onder bepaalde omstandigheden. Het wekt bepaalde gevoelens op. Het is sociaal niet of minder geaccepteerd.

Maar je moet niet de fout maken, dat gedrag vervolgens te vertalen in een onveranderlijke eigenschap van de persoon. Op dezelfde manier als dat er genoeg homo's rondlopen die kinderen verwekt hebben, lopen er genoeg transgenders rond die hetzelfde gedaan hebben. Klassieke travestie is niet iets absoluuuts, maar iets dat zich ontwikkelt. Dat komt, dat zich ontwikkelt, dat vaak niet weg wil, wat men ook probeert, en dat vervolgens soms ook opeens weer verdwijnt.


Heerlijk, lastig uiterlijk


We zitten te vergaderen over de aanpak van transgender-problemen. 'We' zijn een transseksueel, een she-male, een bio-vrouw, en twee travestieten. Ik ga door voor een van de twee travestieten, hoewel ik vaker als 'man in rok' door het leven ga. Omdat ik op de fiets ben gekomen, ben ik praktisch geweest en heb de rok achterwege gelaten. Ik ben daardoor vandaag de enige 'man' in het gezelschap.

De bio-vrouw zegt: Het gaat er niet om, hoe je er uitziet, het gaat erom wie je bent. Ik begrijp haar en ben het met haar eens. Het transgender-uiterlijk is de verpakking. Die verpakking doet er uiteindelijk niet toe.


Heerlijk en lastig

Tegelijk realiseer ik me dat klassieke transgenders zelf dit heel anders zien. Dat vervrouwelijkte uiterlijk, die verpakking, is voor hen juist van groot belang. Het is een voorrecht, een reden om je fijn en heerlijk te voelen.

Toen ik F. leerde kennen, was het onmiskenbaar een man. Toen ontdekte F. dat ze zich eigenlijk toch meer vrouw voelde. De laatste keer dat ik F. ontmoette, was ze volledig verkleed als vrouw en gebruikte ze een vrouwennaam. Toen F. nog een mannelijk uiterlijk had, vond ik F. een leuk mens. Dat ze nu een vrouwelijk uiterlijk heeft, maakt me weinig uit. F. is precies hetzelfde leuke mens gebleven. De verpakking is anders, de rest hetzelfde.

Ik heb dat ook wel eens tegen F. gezegd. 'Het maakt mij niet, hoe je er uitziet.' Voor F. zelf is dat uiterlijk echter een belangrijk punt. Voorzover ik weet, geldt dat voor veel travestieten en transseksuelen. Mensen die hen wat beter kennen, vinden die uiterlijke verschijningsvorm niet meer belangrijk, voor henzelf is die wel belangrijk.

Verder klopt er in bovenstaande iets niet. Waarom zegt mijn gesprekspartner dat het uiterlijk er niet toe doet en waarom ben ik het met haar eens? Stel dat ik als man uitga met een leuke vrouw. Zeg ik dan: 'Het maakt mij niet, hoe je er uitziet.' Vast niet.

De betekenis van die opmerking is zoveel als: je moet je door het uiterlijk niet van slag laten brengen. Het gaat niet om het uiterlijk, maar om het innerlijk. Je moet door het uiterlijk heen kijken om de mens onder dat uiterlijk te zien.

Maar dat houdt dus in, dat het uiterlijk bij klassieke transgenders in eerste instantie wel degelijk lastig is. Je moet er aan wennen. Je moet leren er doorheen te kijken. In feite klopt de stelling van onze biovrouw dus niet. Dat uiterlijk doet er dus in de praktijk wel toe. Kennelijk is dit een belangrijk punt waarop klassieke transgenders afwijken.

Natuurlijk is dat alleen waarneembaar op de momenten dat men verkleed is en onder de mensen komt. Veruit de meeste transgenders zitten nog in de 'kast' zoals dat heet en dan speelt het probleem (nog) niet.

Tijdens het overleg blijkt even later dat de transvrouw moeite heeft met het idee dat het uiterlijk van transgenders afwijkt en dat dit een negatieve invloed zou kunnen hebben.

Ook dat begrijp ik. De transvrouw heeft een vast uiterlijk. Ze kleedt zich steeds op dezelfde manier, maakt zich steeds op dezelfde manier op. Het gevolg is dat je het effect van je uiterlijk op de sociale omgeving niet meer merkt. Het effect is constant geworden, het is altijd hetzelfde.

Maar iets eerder heeft ze me verteld dat haar lage stem soms tot verwarring leidt over haar sekse. Ook die stem is iets dat uiterlijk waarneembaar is en omdat de stem als het ware niet past bij een doorsnee vrouw, werkt dat verwarrend voor mensen die je niet kennen. Het uiterlijk geeft dus ook in haar geval wel problemen.

Ik denk dat er nog een reden is, waarom transgenders de problemen die het afwijkende uiterlijk veroorzaakt, niet (willen) zien. Dat is het punt dat ik al eerder noemde. Voor de transgender is dat vervrouwelijkte uiterlijk een belangrijk iets. Het is als het ware een stuk van de eigen identiteit. Pas met zo'n vrouwelijk mogelijk uiterlijk kan men echt gelukkig zijn, heeft men geleerd.

Om dit te begrijpen, moeten we kijken naar het travestie-verleden dat bijna alle klassieke transgenders gemeenschappelijk hebben. Travestie begint in de kast of in de eigen droomwereld. Vrouwen worden opwindend gevonden en daarmee ook vrouwenkleding en de vrouwenrol. Behalve dat het denken of spelen van die vrouwenrol opwindend is, is het tegelijkertijd ook rustgevend en ontspannend. We weten dit op basis van het promotie-onderzoek van Paul Vennix. De motiveringen die travestieten geven, blijken uiteindelijk terug te brengen tot deze twee groepen.

Travestie is dus niet vreemd of afwijkend gedrag, maar normaal instrumenteel gedrag. Je doet normaal iets om iets te krijgen. Je doet aan travestie om bepaalde positieve gevoelens bij jezelf terug te krijgen.

Het gevolg van die travestie is dat de betrokken persoon geconditioneerd raakt op het eigen vervrouwelijkte uiterlijk en de vrouwenrol. Het vervrouwelijkte uiterlijk en de vrouwenrol krijgen voor de betrokkene een sterke pluslading. Het vrouwelijke uiterlijk wordt iets positiefs, dat de moeite waard is om met alle inzet na te streven evenals de vrouwenrol (het vrouw zijn).

Ieder verstandig mens wil graag gelukkig worden. Je gelukkig voelen is voor transgenders gekoppeld aan dat vervrouwelijkte uiterlijk. Je streeft in deze omstandigheden dus naar een steeds verdere vervrouwelijking. Dat dat vervrouwelijkte uiterlijk bij andere mensen misschien wat vreemd of afwijkend overkomt, wordt minder relevant gevonden. Gegeven die koppeling ogenschijnlijk een verstandige beslissing. Zeg nu zelf: Wat is belangrijker, dat je je gelukkig voelt of dat je in de ogen van andere mensen perfect normaal overkomt?

Over het uiterlijk van klassieke transgenders kunnen we dus twee dingen opmerken.
1. Dat uiterlijk levert voor andere mensen vaak iets van een probleem op.
2. Terwijl dat uiterlijk bij de transgenders zelf juist positieve gevoelens oproept.
Door het tweede punt is het eerste punt voor transgenders lastig te zien en te erkennen of ze zien het als irrelevant.


Discriminatie-mechanisme

Ik denk dat het uiterlijk voor een deel het mechanisme vormt, waardoor transgenders in de maatschappij gemakkelijk anders behandeld worden dan 'normale' mensen. Gastvrouw Jeanine van de Groningse T&T drukt het zo uit: 'Het probleem met travestie is dat het zo vreselijk zichtbaar is.' De meeste klassieke transgenders weten dat ook en blijven daarom liever in de kast.

Het andere deel voor dat discriminatie-mechanisme (want dat is het in feite) is het gedrag. Een man die zich kleedt als vrouw of vrouw wil zijn overtreedt met zijn/haar gedrag een sociale norm. Mensen koppelen aan zo'n norm-overschrijding gemakkelijk een negatief oordeel. Het is verkeerd. Het is fout. Over dat normoverschrijdende gedrag als bron voor discriminatie zal ik het in deze notitie verder niet hebben. Ik beperk me hier verder tot dat foute uiterlijk.


Moeilijke punten

Waardoor is het uiterlijk van klassieke transgenders vaak wat 'moeilijk' voor andere mensen?

1. Weinig lichamelijke aanleg. Een punt waardoor het transgender-uiterlijk niet goed overkomt, is dat mannen qua lichaam in het nadeel zijn. Ze hebben geen vrouwenlichaam. En dan gaat het niet om zaken als vagina en borsten, want die doen er in dit opzicht helemaal niet toe, maar om kleine, subtiele détails in het gezicht en in de lichaamsbouw. De man kan te lang zijn. De stem kan te laag zijn. Het gezicht te mannelijk. Het figuur kan verkeerd zijn. De natuur heeft in dit opzicht mannen meestal niet royaal bedeeld en vrouwen een stuk royaler, iets dat natuurlijk nog al voor de hand ligt.

Een verwant punt is dat vrouwen gewoon knapper zijn dan mannen. Knappe vrouwen blijken meer kinderen te krijgen dan minder knappe vrouwen. Voor knappe mannen is die relatie er niet. Het evolutionaire gevolg is dat vrouwen steeds knapper worden en dat mannen steeds verder achterblijven.

Ook medische ingrepen hebben in dit opzicht vaak geen overtuigend effect. Medici denken in termen van primaire en secundaire geslachtskenmerken. In de praktijk doen die er normaal niet toe om als vrouw over te komen en is men dus vooral druk met in feite overbodige ingrepen.

Een geslachtskenmerk als baardgroei is wel lastig, maar vergt geen medisch ingrijpen. De baard moet of weggewerkt of cosmetisch verwijderd worden. De onder transgenders populaire hormoonbehandelingen bederven vaak wel het figuur doordat men te dik wordt, maar verbeteren meestal het gezicht niet wezenlijk. Het gezicht is echter voor een vrouw het belangrijkste communicatiemiddel met haar sociale omgeving.

Transgenders verwachten van hormoonbehandelingen en gender-teams veel, misschien wel het onmogelijke, terwijl ze door de voorgaande conditionering niet meer in staat zijn kritisch naar zichzelf te kijken.

De natuur werkt dus meestal niet echt mee en medisch ingrijpen kan daar vaak maar weinig aan veranderen. De uitgangspositie voor de meeste biologische mannen om als vrouw over te komen is gewoon ongunstig. Natuurlijk zijn er sporadische uitzonderingen, maar voor de grote groep klassieke transgenders is dit helaas juist. Men zit altijd met de beperkingen van het (lelijke) mannenlichaam en dan gaat het beslist niet om borsten en de plek tussen de benen.

2. Weinig geestelijke aanleg. Om met succes de vrouwenrol te spelen, is er een bepaald specifiek gedrag nodig. Veel klassieke transgenders hebben echter door opvoeding en door aanleg vooral mannelijk gedrag geleerd en ontwikkeld. Een duidelijk voorbeeld is bijvoorbeeld flirten met een man. Voor een heteroseksuele man is dat normaal een ver van zijn bed show. Een ander voorbeeld is te weinig aandacht voor de verzorging van het eigen uiterlijk. Weer een ander voorbeeld is te hanig gedrag.

3. Opgegroeid zijn in de 'kast'. Klassieke transgenders ontwikkelen zich normaal in de 'kast', in het verborgene. Ze leren daardoor het eigen uiterlijk te gebruiken om bij zichzelf positieve gevoelens op te roepen. Het gevolg is dat deze transgenders hun kleding niet kiezen op basis van de te verwachten sociale reacties (wat mensen normaal wel doen), maar op basis van de eigen emoties.

Voor sociaal effectief kleden moet men echter leren hoe andere mensen reageren op die kleding en op dat uiterlijk. Daarvoor moet men dus volledig gericht zijn op de reacties die men bij andere mensen oproept. Men moet zich afvragen: 'Hoe kom ik in deze kleding over?'

Maar doordat transgenders vooral vooral geleerd hebben het verkleden te gebruiken om bij zichzelf positieve gevoelens op te roepen, is dit een fundamenteel ander uitgangspunt. Transgenders kleden zich om zich fijn te voelen of om tot rust te komen of om gelukkig te zijn. De normale manier van kleden is echter dat we ons voor een belangrijk deel ook kleden met het oog op de reacties van andere mensen. We willen er goed uitzien, we willen niet uit de toon vallen, etc. Dit is dus een totaal andere manier van kleden dan klassieke transgenders juist geleerd hebben.

G. vertelde me laatst, dat ze als kritiek op haar uiterlijk van een andere transgender te horen had gekregen, dat ze zich te zwaar opmaakte. Ik weet niet of die kritiek in haar geval terecht was, maar in ieder geval was de reactie van G. wel informatief. 'Ik vind een beetje zware make-up sexy,' zei ze. Het punt hier is dus niet of dit wel of niet sexy was, maar dat het volledig ging om de eigen gevoelens.

Wel is het zo, dat door uit de kast te komen en meer onder de mensen te komen, transgenders zich in de praktijk aangepaster gaan kleden. Ze leren door de optredende reacties automatisch en ongewild dat sommige kleding sociaal beter valt, dan andere.

Maar tot een volledige omschakeling komt het vermoedelijk maar zelden. Natuurlijke vrouwen zijn vaak zeer bedreven in zichzelf zeer effectief te presenteren en ze zijn ook gewend daarvoor veel moeite te moeten doen, terwijl klassieke transgenders door de bank genomen, daar gewoon veel minder handig in zijn en daar ook minder gemotiveerd voor lijken.

Anders geformuleerd: de meeste klassieke transgenders hebben nooit geleerd zich sociaal effectief en optimaal te kleden of ze vinden dat punt niet relevant of ze denken dat ze dat al doen, omdat ze hun kleding zelf emotioneel bevredigend vinden.

4. Te weinig moeite doen en het niet belangrijk vinden. Vrouwen besteden veel tijd aan het zich verzorgen en het opmaken. Ze vinden dat belangrijk. Het gezicht en de kleding is hun visitekaartje. Mannen hebben echter van huis uit het idee dat het uiterlijk er niet zo veel toe doet. Transgenders zijn vervolgens ook nog vrijwel volledig gericht op de eigen emoties. In werkelijkheid moeten transgenders een veelvoud van de tijd die een vrouw besteedt om een vergelijkbaar resultaat te halen. Ze moeten de baard wegwerken. Ze zitten met veel meer lichaamsbeharing. En omdat ze van origine man zijn, springen kleine slordigheden nadrukkelijker naar voren dan bij biologische vrouwen. Het luistert allemaal nauwer en is allemaal lastiger.

Maar transgenders zijn door hun 'opleiding in de kast' er vaak juist van overtuigd dat het ook prima snel kan. Men ziet dus niet de noodzaak om daar vreselijk veel tijd en zorg aan te besteden. Natuurlijk verschilt dit punt ook weer per persoon. Maar heel vaak heb ik slordigheden gezien, die ondenkbaar zijn bij echte vrouwen. Verder hoor ik vaak dat men in feite sneller werkt dan vrouwen die ik ken.

Dit punt geldt niet voor alle transgenders. Sommigen zijn heel precies en verzorgd. Maar soms zie je ook dingen die echt te slordig, te gemakkelijk zijn. In de praktijk is dit dus wel degelijk een punt dat speelt.

5. Vrouw willen zijn. Transgenders zijn vaak sterk gericht op het overkomen als vrouw en zijn vaak bang als man herkend te worden. Maar echte vrouwen hebben die preoccupatie niet. Die proberen er vooral leuk uit te zien. Het gevolg is dat de inspanning anders gericht is.

Volgens mij is dit een verkeerd uitgangspunt. Mensen vinden het belangrijk hoe je er uitziet. Dat wil zeggen: ze reageren op je uiterlijk. Als je er goed uitziet, komen ze naar je toe. Als je er slecht uitziet, kijken ze van je weg of gaan ze van je weg. Maar mensen interesseren zich normaal niet voor iets vaags als je 'echte geslacht'. Het zal hun worst zijn.

Succesvolle transgenders (transgenders die er met succes in slagen als vrouw over te komen) blijken zich meestal ook helemaal niet erg druk te maken over de vraag of ze wel of niet als vrouw overkomen. Ze zijn in plaats daarvan druk met proberen er leuk en verzorgd uit te zien. Het onderscheid man--vrouw is meer iets voor filosofen.

6. Niet willen opvallen. 'Wanneer je niet opvalt, is het goed,' vinden veel transgenders. Het was zelfs de titel van een boek: Een goede travestiet zie je niet. Maar een echte vrouw wil juist wel op een positieve manier opvallen. Ze wil mooi gevonden worden, aandacht krijgen, charmant gevonden worden. Ook op dit punt wijken klassieke transgenders dus belangrijk af van echte vrouwen.

De eerste drie punten en het laatste punt worden ook door Bailey vermeld. De punten 4 en 5 niet. Wie de moeite neemt, de punten na te lopen, zal zien dat lichamelijke aanleg slechts éénmaal voorkomt. De overige vijf punten hebben te maken met instelling, attitude en motivatie. De geest is in dit geval dus vrijwel zeker belangrijker dan het vlees.


Het begrip 'vrouw'


De aanleiding voor deze notitie werd gevormd door uitspraken van M-V transgenders. Het zijn uitspraken als: 'Ik wil vrouw worden'; 'Ik ben vrouw'; 'Ik voel me vrouw'; 'Ik leef als vrouw'; 'Ik wil zo veel mogelijk vrouw worden'; 'Ik zou liever vrouw zijn.' Deze uitspraken worden altijd zonder verdere toelichting gedaan. Men gaat er vanuit dat iedereen weet wat met 'vrouw' bedoeld wordt. Maar in werkelijkheid is dat begrip 'vrouw' helemaal niet zo simpel en eenduidig als we meestal denken.

Een tweede reden voor deze notitie is, dat je zonder een goed antwoord op die vraag naar de betekenis van 'man' en 'vrouw', je ook geen goed antwoord kunt geven op de vraag, wat 'transgender' precies betekent. Een transgender is iemand die tussen 'man' en 'vrouw' inzit, maar dan moet je wel duidelijk hebben wat we precies met 'man' en 'vrouw' bedoelen.

Er is nog een derde reden voor deze notitie. Voor veel transgenders vertegenwoordigen de begrippen 'man' en 'vrouw' een absolute waarheid. Het is niet iets waar aan getwijfeld kan worden. In werkelijkheid is het begrip 'vrouw' alleen maar een woord zonder duidelijke betekenis, hoe vreemd dit ook mag klinken. Zo lang men echter in dat onderscheid man/vrouw gelooft, is het moeilijk voor te stellen dat het alleen maar een woord is dat we gebruiken om mensen onder te verdelen.

Vergelijk het met twee mieren die elkaar tegenkomen. Een mier herkent andere mieren die lid zijn van zijn kolonie als familie, terwijl mieren van een vreemde kolonie als vijanden worden herkend. Voor een mier is de wereld dus simpel. Een andere mier is of familie of vijand. Hoe die afweging precies in zijn werk gaat, laat onze mier koud. Hij weet het gewoon en twijfelt niet aan zijn eigen oordeel.

Maar als bioloog kun je je afvragen: hoe weet die mier dat zo snel en feilloos. Hoe werkt dat indelingsmechanisme? Is het niet mogelijk een mier op dit punt te foppen?

Op dezelfde manier is voor mensen van groot belang of iemand anders 'vrouw' is of 'man' is. Voor ons als soort is dit een fundamentele onderverdeling. En net als een mier kom je als normaal mens niet op het idee je af te vragen, waarop je dat oordeel precies baseert. We weten het gewoon en we twijfelen niet aan ons eigen oordeel. Verder is ons oordeel niet relatief, maar absoluut. Het is niet een kwestie van een beetje meer of minder, nee, iemand is vrouw of is het niet.

Mijn voorstel is nu om even voor bioloog spelen. Het interesseert ons even niet of iemand man of vrouw is, maar wel hoe iemand precies tot dat oordeel komt? We willen --als het kan-- mensen op dit punt proberen te foppen? Hoe werkt de menselijke waarneming op dit punt precies?

Het lastige is dat iemand die rotsvast gelooft in die tweedeling -- en dat is bijna iedereen --, dit een idiote vraag vindt. Je ziet dat iemand een hij of een zij is en het is een vreemde vraag om te vragen hoe je dat precies ziet of weet.


Voordeel

Wat is het voordeel van het man/vrouw-onderscheid? Iemand is man of is vrouw, maar niet iets tussenin. Een indeling in man/vrouw is simpel en je hebt er voldoende aan. Biologisch gezien gaat het erom dat je als man een vrouwtje vindt of dat je als vrouw een mannetje vindt. Moeilijk doen met mensen die ergens tussenin vallen, heeft dus weinig nut, maar kost wel veel extra inspanning die tot niets leidt. We hebben er dus belang bij om de wereld te blijven verdelen in man/vrouw, ook al hebben wetenschappers misschien helemaal gelijk dat er tussenvormen bestaan en ook al komen we misschien van tijd tot tijd een transgender tegen. Voor die paar uitzonderingen kunnen we onze snel en efficiënt werkende indeling niet opofferen. Normale mensen zullen dus altijd vasthouden, blijven geloven, aan die tweedeling man/vrouw omdat het simpel en praktisch is.


Voorbeelden

Omdat we automatisch mensen onderverdelen in mannetjes en in vrouwtjes of we willen of niet, geef ik hierna eerst wat voorbeelden om te laten zien dat er verschillende criteria mee spelen en dat de indeling soms anders verloopt, dan mensen verwachten.

1. Eén van de eerste keren dat ik in volledige travestie uitging, was er een jongen in een jurk die zich vrouw voelde. De aanwezigen voelden zich, afgaande op hun gedrag, niet tot hem aangetrokken. In dit geval kende de jongen zichzelf het label 'vrouw' toe, want hij voelde zich vrouw en zag dat als voldoende bewijs dat hij eigenlijk vrouw was. De mensen in zijn omgeving zagen echter vooral zijn uiterlijk en vonden dat afwijkend en onduidelijk. Hij kwam vooral over als man in een jurk en dat is in onze cultuur wat vreemd en afwijkend.

In dit voorbeeld spelen verschillende criteria door elkaar heen:
1. de jongen voelt zich vrouw;
2. de jongen wil graag vrouw zijn;
3. de jongen ziet zichzelf als vrouw omdat hij zich vrouw voelt;
4. de jongen heeft zijn uiterlijke verschijning vervrouwelijkt door een jurk aan te trekken;
5. op andere mensen komt de jongen over als man in jurk

In dit voorbeeld zien we misschien al de belangrijkste criteria die bij transgenders vaak terugkomen:
a. de uiterlijke verschijning die vervrouwelijkt is, maar die niet voldoende is om volledig over te komen als ''vrouw'';
b. een hele serie innerlijke criteria (voelen, willen, zich zelf zien) die ik baseer op wat de jongen vertelde;
c. het negatieve effect van zijn uiterlijk op andere mensen die in de jongen een vreemd geklede man zagen.

2. In deze tijd ging ik zelf min of meer regelmatig in volledige travestie uit. Omdat ik bang was voor allerhande gevaarlijke situaties, zei ik altijd nadrukkelijk dat ik '100% man was'. Vooral bij mannen bleek dat soms niet afdoende. Die reageerden dan met opmerkingen in de trant van 'Voor mij ben je een vrouw'. Na verloop van tijd toen dit vaker gebeurde, begon ik dit irritant te vinden. Tegelijkertijd kon ik het die mannen ook moeilijk kwalijk nemen, omdat er van mijn uiterlijk een bepaalde suggestieve werking uitging, die ik bewust had nagestreefd.

Bij andere ontmoetingen stelde men vragen in de trant van:
- Voel je je vrouw?
- Zou je graag vrouw zijn?
Ik antwoordde daar altijd ontkennend op. Maar dat vond men moeilijk te begrijpen. Waarom kleedde ik me dan zo? Men veronderstelde op basis van mijn uiterlijk als het ware bepaalde innerlijke drijfveren.

In dit geval spelen er dus ook weer verschillende criteria door elkaar heen.
1. Ik zeg duidelijk, dat ik man ben.
2. Ik zeg dat ik een volledig mannelijk lichaam heb.
3. Ik zeg, dat ik me niet vrouw voel.
4. Ik zeg, dat ik geen behoefte heb om vrouw te zijn.
5. Op basis van mijn uiterlijk, concludeert men ondanks dat soms toch hardnekkig, dat ik 'vrouw' ben.

In dit voorbeeld krijgen de mensen in mijn omgeving informatie uit twee verschillende bronnen. Het eerste is, wat ze zien. Wat je ziet, is er. Je ogen bedriegen je niet. 'Ik weet toch zeker wel wat ik zie.' Het tweede is, wat ik vertel. Wat ik vertel, klopt voor hun idee niet erg met wat ze zien. Wie of wat moet je dan geloven? Evolutionair zitten we vermoedelijk zo in elkaar, dat we om de sekse van iemand in te schatten, heel sterk afgaan op wat we zien. Wat iemand zegt, is in dit geval minder relevant.

In zeker zin, is het laatste voorbeeld een omdraaiing van het eerste voorbeeld. In het eerste voorbeeld is het verbale gedrag van de jongen prima in orde. Hij voelt zich vrouw. Hij wil vrouw zijn. Hij ziet zichzelf eigenlijk al als vrouw. Zijn uiterlijk kwam echter niet overtuigend over. In het tweede voorbeeld is het verbale gedrag helemaal fout, maar levert het uiterlijk een sterke suggestie.

3. Op een avond komt er een prachtige vrouw de club binnen, waar ik op dat moment ben. Ze is zo perfect, dat ik het een droomvrouw vind. Ze is bijna te mooi, om helemaal echt te zijn. Later op de avond zie ik dat ze in het openbaar de liefde bedrijft met haar vriend. Door dat voor een vrouw nogal extreme gedrag, vraag ik me sterk af of dit wel een 'biologische' vrouw is.

In dit geval hebben we twee criteria: uiterlijk en gedrag. Die twee criteria leveren hier totaal verschillende uitkomsten. Qua uiterlijk is ze perfect vrouw. Maar qua gedrag komt ze niet over als normale vrouw. Normaal gaan we sterk af op het uiterlijk. Maar als je weet, hoe goed sommige mannen als vrouw kunnen overkomen en als er dan uit andere bronnen informatie komt, die niet klopt met dat vrouw zijn, ben je opeens niet langer helemaal zeker.

4. X. is een transvrouw. Iemand die haar goed kent, merkt op: 'Haar uiterlijk is typisch dat van een man. Haar manier van doen is typisch mannelijk. Het is gewoon een echte man gebleven.'

In dit geval hebben we de volgende criteria:
1. de juridische sekse;
2. het aangepaste uiterlijke geslacht (neovagina in plaats van penis);
3. de aangepaste secundaire geslachtsorganen: borsten/baard;
4. de gewijzigde hormonale status o.a. resulterend in een dikkere onderhuidse vetlaag;
5. de originele biologische status: X is geboren als man;
6. het uiterlijk van X;
7. het gedragvan X.
In dit voorbeeld vertellen de eerste vier criteria dat we met een vrouw te maken hebben, maar de laatste drie criteria gooien roet in het eten, waarbij vooral het voortdurend en duidelijk waarneembare uiterlijk en het al even duidelijk waarneembare gedrag moeilijk te negeren zijn.

5. Een biologische man schrijft me, dat hij graag vrouw wil worden (een sekse-operatie wil) en ervan droomt om in een wit badpak te zwemmen. Wat is er mooier dan om net als Ursula Andress in een witte bikini uit de golven op te rijzen zoals ze deed in Dr. No, de eerste James Bond-film?
In dit voorbeeld spelen weer een aantal verschillende criteria door elkaar heen:
1. legale sekse;
2. sekse op basis van de primaire geslachtskenmerken;
3. sekse op basis van de secundaire geslachtskenmerken: borsten/baard;
4. sekse op basis van hormoon-niveau's: onderhuidse vetlaag;
5. sekse op basis van de originele biologische status;
6. sekse op basis van het uiterlijk.


Mijn briefschrijver veronderstelt dat door de sekse-operatie waarbij hij getransformeerd wordt in een transvrouw en de criteria 1, 2, 3 en 4 aangepast worden, ook criterium 6 zal wijzigen. Dat is mooi gedacht, maar klopt niet erg.

6. Wat is er echt voor nodig om in een wit badpak of bikini uit de golven op te rijzen in een poging Ursula Andress te imiteren? Een goed figuur, een knap gezicht, eventueel een mooie pruik, een geschikt badpak of geschikte bikini, wat lef en wat geëxperimenteer. Toevallig ken ik een transgender die regelmatig in bikini gaat zwemmen en dat echt niet zou doen, als ze er in de ogen van passerende mannen niet overtuigend zou uitzien. Ze is geen transvrouw, ze is dus niet geopereerd, ze claimt niet vrouw te zijn of zich vrouw te voelen. Ze is gewoon man/travestiet en doet dat omdat het haar emotioneel een kick geeft. En hoewel ze claimt gewoon man te zijn, kan ze zich, hoe vreemd kan het gaan in het leven, toch perfect vrouwelijk gedragen.

In dit geval klopt de legale sekse niet, de primaire geslachtskenmerken kloppen niet, de secundaire geslachtskenmerken kloppen niet, de hormoon-niveau's kloppen niet, maar op basis van het uiterlijk en het gedrag denken de toeschouwers een vrouw te zien. Ook in dit geval treedt het verschijnsel op dat de zeldzame toeschouwers die doorhebben dat het in feite om een man gaat, deze informatie als het ware niet-relevant vinden. De suggestie van het plaatje is duidelijk, de overige informatie die niet past bij die suggestie wordt genegeerd als zijnde minder belangrijk.

7. Een transvrouw schrijft me, dat het zo moeilijk is een vaste vriend te vinden. Om die reden kan ze zich voorstellen, dat ze een nieuwe relatie eventueel niets zou vertellen over haar originele biologische status.

Ik ken haar van gezicht en ze bevestigt het ook in haar brief: ze komt na een gezichtsoperatie volledig over als vrouw. Dat kan het probleem dus niet zijn. Ik vraag haar, hoe het zit met de zorg voor het uiterlijk. Want het is me opgevallen dat transvrouwen vaak veel slordiger zijn met hun uiterlijk dan echte vrouwen. Ze bevestigt dat: ze heeft niet altijd zin daar al te veel moeite aan te besteden. Ik vraag ook naar haar gedrag, omdat ik weet dat dit bij transvrouwen ook nog wel eens een zwak punt wil zijn. Haar antwoord komt erop neer dat ze vooral een 'lekker stuk' hoopt te vinden. Mij lijkt dat typerend mannelijk gedrag: mannen zoeken een mooie, opwindende vrouw; vrouwen zoeken overwegend een goede provider en vader voor hun kinderen. Onze transvrouw denkt dat haar relatieprobleem vast zit op haar biologische status. Maar in dat geval zouden er genoeg mannen geweest moeten zijn, die eerst belangstelling toonden, maar zich daarna, zodra ze het hoorden, terugtrokken. Dat was niet zo. Ook het uiterlijk had geen probleem hoeven zijn.

Het probleem in dit geval is het gedrag dat ook zijn weerslag heeft op haar uiterlijk. Vrouwen vertonen een specifiek gedrag dat door mannen moeilijk te imiteren is. Ze besteden (in doorsnee) veel zorg aan hun uiterlijk en hebben (in doorsnee) een bepaalde handigheid in het leggen van contacten met bij voorkeur interessante mannen. Onze transvrouw denkt echter als een man. Ze denkt net als een man dat haar uiterlijk er eigenlijk niet toe doet en vervolgens denkt ze dat mannen vanzelf naar haar zullen toekomen omdat ze vrouw is. Een typisch mannelijke opvatting: de vrouw als passief wezen en de man die actie moet ondernemen. In werkelijkheid geeft een vrouw door haar kleding en gedrag duidelijke signalen af en selecteert zo de mannen die ze voldoende interessant vindt. Ook de eis dat de partner er 'opwindend' uit moet zien, is typisch een mannelijke manier van kijken. Kennelijk is het niet voldoende om er in beginsel als vrouw uit te zien, maar is ook het juiste gedrag van groot belang.

8. Ik ben in volledige travestie. Een man maakt duidelijk dat hij graag met me wil dansen. Het geluidsniveau is dusdanig dat ik moeilijk kan gaan uitleggen dat ik volledig man ben. De man lijkt de avond van zijn leven te hebben. Dan wordt hij door een bekende op de schouder getikt en krijgt iets in zijn oor gefluisterd. Besmuikt druipt hij af. Mijn uiterlijk was voor deze man in orde. Maar de informatie dat hij in feite met een man danste, was in zijn cultuur/kring moeilijk. Ook wanneer het uiterlijk voldoende overtuigend is, kan de sociaal bekende sekse die de partner krijgt ingefluisterd, roet in het eten gooien.


Dertien criteria

Het onderscheid man/vrouw maken we in de praktijk op heel veel verschillende manieren. Laat ik proberen de belangrijkste te noemen.

1. Genetische sekse: we kijken soms naar de genen. Mannen hebben normaal de genencombinatie XY en vrouwen XX. Op basis van de genen kun je dus indelen als 'man' of 'vrouw'. Alleen in uitzonderingsgevallen gaat dit fout. Vroeger werd bij sportwedstrijden op die manier wel gecontroleerd of de sekse klopte, wat soms aanleiding was tot grote tragedies.

2. Biologische sekse: we kijken naar de schaamstreek. Het verschil in genen leidt vervolgens bij de ontwikkeling van de vrucht tot mannelijke geslachtsorganen of tot vrouwelijke. Bij de geboorte stelt de arts door te kijken naar de schaamstreek het geslacht van de baby vast. Artsen denken daarom vaak dat geslachtorganen de sekse bepalen, terwijl dat in het maatschappelijke verkeer normaal niet zo is.

3. Juridische sekse: we kijken naar het paspoort of rijbewijs. Op basis van de constatering door de arts, doet de vader aangifte bij de gemeente en wordt het kind ingeschreven als man of vrouw. Deze juridische sekse komt later op verschillende documenten terug, maar gebruiken we normaal niet om de sekse van iemand in te schatten, behalve wanneer men twijfelt aan de zelf opgegeven sekse.

4. Sociaal bekende sekse. De ouders geven het kind een jongens- of een meisjesnaam en kleden het overeenkomstig. Op het moment dat het kind naar school gaat, is de sekse al bekend en wordt het kind daarna overeenkomstig die bekende sekse behandeld. De eigen sociale omgeving is vaak bekend met de sekse van een persoon en reageert daardoor sterk op een opeens gewijzigd uiterlijk dat niet past bij de bekende sekse.

5. Uiterlijke sekse. Normaal zien we onmiddellijk of iemand 'man' of 'vrouw' is. Als we het niet zien, horen we het vaak wel. Zowel horen en zien zijn vormen van uiterlijke sekse. Soms voelt men baardgroei of haargroei bij een transgender. Ook dit is een vorm van uiterlijke sekse.

6. Zelf-gerapporteerde sekse. In twijfelgevallen zal men soms vragen. 'Ben je man of vrouw?' Ook bij formulieren moet men vaak zelf de (juridische) sekse invullen.

7. Psychische sekse. Vrouwen zitten qua hersenen en hormonen anders in elkaar dan mannen. In werkelijkheid zijn de verschillen vaak niet zo duidelijk. M-V transgenders gebruiken de 'psychische sekse' als bewijs voor hun 'vrouw' zijn. Ze zijn vrouw, gevangen in een mannelijk lichaam, stellen ze dan. In werkelijkheid vormen de hersenen geen criterium op basis waarvan we de sekse bepalen.

8. Sekse op basis van gedrag. Mijn droomvrouw gedroeg zich niet echt vrouwelijk. Vrouwen vangen een appel vaak anders dan mannen. Vrouwen hebben vaak meer belangstelling voor hun sociale omgeving. Mannen zijn meer gericht op status en op eigen projecten. Gedrag wordt soms gebruikt om de sekse in te schatten, maar normaal kijken we vooral naar het uiterlijk.

9. Subjectieve sekse. Sommige M-V transgenders zeggen te voelen dat ze vrouw zijn. Bij niet-transgenders hoor je vrijwel nooit van die subjectieve sekse. Normale mannen zeggen niet: ''Ik voel dat ik man ben, daarom ben ik dus een echte man." Hetzelfde geldt voor normale vrouwen.

10. Gewenste sekse. Veel M-V transgenders willen zichzelf zo veel mogelijk vervrouwelijken en zouden liever vrouw zijn. V-M transgenders willen liever man zijn. Transgenders zien dit soms als een voldoende argument om aan te tonen dat ze dus 'man' of 'vrouw' zijn. Normaal zien we dit punt niet als relevant om de sekse in te schatten.

11. Sekse op basis van nakomelingen. Op het moment dat een vrouw kinderen gebaard heeft, bestaat er geen twijfel meer aan haar sekse. Hetzelfde geldt voor een man die kinderen verwekt heeft. Biologisch gezien is de voortplanting, waar het hele sekse-onderscheid om draait. In de praktijk wordt dit criterium door mensen niet of nauwelijks gebruikt omdat het normaal niet praktisch is.

12. Sekse op basis van de sekse-rol. De vrouw moet prikkelen. De man moet bevruchten. Dat zijn twee fundamenteel verschillende rollen. De ene rol is ogenschijnlijk passief, de andere actief. Showgirls (show travestieten) gebruiken dit punt graag om als vrouw over te komen. Door er seksueel prikkelend uit te zien, is de toeschouwer automatisch geneigd te denken dat het een vrouw moet zijn, die men ziet.

13. Hormonale sekse. Mannen hebben andere hormoonniveau's zoals voor testosteron dan vrouwen en omgekeerd. Hierdoor zijn mannen o.a. gespierder en hebben vrouwen een dikkere onderhuidse vetlaag. Voor sportwedstrijden is dit een belangrijk punt en dit kan een rol spelen bij sekse-onderzoeken van sporters waar men twijfelt aan het vrouw zijn.


Praktijk

Welke van deze criteria gebruiken we in de praktijk? Artsen kijken normaal naar de schaamstreek en zien dat als kenmerkend voor de sekse. Soms gebruiken we de juridische sekse of de sociaal bekende sekse. Maar in bijna alle dagelijkse gevallen 'lezen' we de sekse af op basis van het uiterlijk. Vrouwen zien er anders uit dan mannen. Als je het verschil simpel kunt zien en kunt horen, waarom zou je dan nog ingewikkeld doen met paspoorten, lichamelijk onderzoek, etc.? Als we het dus over mannen en vrouwen hebben, bedoelen we normaal de uiterlijke sekse. In het maatschappelijke verkeer schatten we de sekse in op basis van het uiterlijk en eventueel het uiterlijk waarneembare gedrag en doen zaken als de juridische sekse, de schaamstreek-sekse, de genetische sekse, de zelf-gerapporteerde sekse, de psychische sekse, de subjectieve sekse, de gewenste sekse en al die andere onderscheidingen er normaal niet of nauwelijks toe, behalve wanneer we op een of andere manier twijfelen.

Normaal bedoelen we dus met een 'man' iets dat er uitziet als een man en zich gedraagt als een man. Normaal bedoelen we met een 'vrouw' iets dat er uitziet als vrouw en zich gedraagt als een vrouw. Het ziet er uit als een eend. Het loopt als een eend. Het kwaakt als een eend. Is de eenvoudigste veronderstellingen dan niet om aan te nemen dat het gewoon een eend is? Als je het eenmaal weet, is het verbluffend simpel.

Helaas is er op deze regel één belangrijke uitzondering. Ik ontmoet een droomvrouw en deze droomvrouw gedraagt zich perfect vrouwelijk. Dan fluistert iemand me in dat mijn droomvrouw in feite man is. Voor veel mannen is dat een breekpunt.

De eend moet er dus niet alleen uitzien als eend en zich gedragen als eend, maar de eend moet voorzover in de omgeving bekend ook echt eend zijn.

De transvrouw uit het voorlaatste voorbeeld heeft dus inderdaad een punt. De wetenschap dat die leuke vrouw in feite geen biologische vrouw is, kan voor een man een belangrijk punt zijn. Mag je hem dat kwalijk nemen?

Nu terug naar de transgenders. Een transgender valt tussen 'man' en 'vrouw' in. Mijn droomvrouw kwam over als perfecte vrouw qua uiterlijk, maar gedroeg zich niet als doorsnee vrouw. Dat was reden om te denken, dat ze transgender was. De biologische man die gaat zwemmen in een witte bikini en door de omgeving gezien wordt als vrouw en zich ook nog perfect vrouwelijk weet te gedragen, is strikt genomen geen transgender. Hij komt over als een zij. Hij wordt gezien als vrouw en niet meer als iets dat tussen man en vrouw invalt.

De praktijk is echter minder simpel. Vroeg of laat, en vermoedelijk eerder vroeg dan laat, zal duidelijk worden dat zij in feite een biologische man is. Bij voorbeeld doordat hij dat vertelt. Of doordat mensen het zien. Of doordat iemand het toevallig weet en doorvertelt.

Van de 13 manieren om de sekse in te schatten, gebruiken we dus in de praktijk vooral twee. Uiterlijk en gedrag. Zaken als juridische sekse, genetische sekse, schaamstreek-sekse, zelf-gerapporteerde sekse, psychische sekse, sociaal bekende sekse, subjectieve sekse, gewenste sekse, sekse op basis van nakomelingen, etc. doen allemaal niet of amper ter zake.

We kunnen nu duidelijker aangeven, wat we verstaan onder 'transgender'. Dit is een man of vrouw die op een belangrijk criterium niet overtuigt als man of als vrouw. Een transgender is dus iemand die in feite tussen de seksen invalt. En dat is dus iets heel anders dan een man die vrouw wordt, of een vrouw die man wordt. Op het moment dat dat inderdaad volledig zou lukken, is er in de praktijk geen enkele reden meer om het te hebben over een 'transgender'.

In feite is het zelfs zo, dat een man maar op een klein beetje hoeft af te wijken, om niet langer als 'echte man' ingedeeld te worden. Een man die een rok draagt bijvoorbeeld, loopt in Nederland een verhoogd risico nageschreeuwd of uitgescholden te worden. In een land als Irak kan iets soortgelijks feitelijk een doodvonnis betekenen.

Sekse is dus een begrip dat via heel verschillende kenmerken gedefinieerd kan worden. Heel veel van die kenmerken doen er in de praktijk niet of nauwelijks toe. Heel veel van die kenmerken laten zich ook niet echt wijzigen. Normaal gebruiken we alleen het uiterlijk en het gedrag om de sekse in te schatten en die laten zich met de nodige moeite wel (wat) wijzigen.


Nawoord

Dat wijzigen van uiterlijk en gedrag is in de praktijk echter veel minder simpel, dan men zich het meestal voorstelt. Dit blijkt al uit de voorbeelden die ik gaf. Dit blijkt ook uit het onderscheid dat Bailey maakt tussen showgirls en klassieke transgenders.

Deze laatste (grote) groep mannen lukt het doorgaans niet om zich uiterlijk te transformeren in een overtuigende vrouw. Punten die dat belemmeren, zijn: aanleg en omgeving. Een man moet een bepaalde lichamelijke en geestelijke geschiktheid hebben. Verder moet de transgender al jong openlijk publiek ontmoeten om zich tot showgirl te kunnen ontwikkelen. Door de feedback van het publiek ontwikkelt de showgirl een smaak voor effectieve kleding en vrouwelijk overkomend gedrag. Verder heeft de showgirl vaak het voordeel homoseksueel of biseksueel te zijn, waardoor ze in de omgang met mannen gemakkelijker de rol van normale, heteroseksuele vrouw kan spelen.

Klassieke transgenders hebben echter vermoedelijk ook vaak helemaal niet het doel zich te transformeren in een overtuigende vrouw. Hun doel is immers meer gericht op zichzelf vrouw voelen dan op als vrouw overkomen bij publiek. Showgirls hebben in dat opzicht het nadeel dat ze wel gericht zijn op hun doorgaans mannelijke publiek, maar daar uiteindelijk toch weinig erkenning van ontvangen.


Transgender-begripsverwarring


Een man die al jarenlang getrouwd is met een niets vermoedende vrouw en dan opeens 'betrapt' wordt, terwijl hij verkleed is als vrouw, heeft heel wat uit te leggen als hij daartoe de kans krijgt. Tegelijkertijd weet die man zelf niet precies, waarom hij doet, wat hij doet. Ik weet niet of dit de verklaring is, maar in boeken en postings van travestieten, transseksuelen, transgenderisten en mannen in rok vind ik vaak uitgebreide begrippenkaders om duidelijk te maken wat men precies is en hoe anderen dat moeten zien.

Die verhandelingen introduceren vaak een veelheid van nieuwe termen, die vrijwel zonder uitzondering vaag gedefinieerd zijn, die indrukwekkend klinken, die bladzijden lang doorgaan en die de lezer achter laten met het gevoel 'een deskundige heeft me uitgelegd hoe het allemaal zit, eigenlijk is het allemaal heel normaal en de man in kwestie verdient ons begrip in plaats van onze minachting'. Vermoedelijk was dat ook het doel van de verhandeling, maar het neveneffect is dat door die veelheid van termen de transgender zelf op laatst vaak ook niet meer weet, waar het allemaal om gaat.

In een eerdere blog ging ik in op de voorlichting van transgender Anne die om het begrip 'transgender' uit te leggen, het woord 'transgenderisme' gebruikte. Een woord dat ik niet kende en dat bij mij een associatie opriep met 'transgenderist'. Een woord dat ik wel kende en dat wordt gebruikt om mannen (of vrouwen) aan te duiden die leven als vrouw (of man) zonder een volledige sekse-operatie ondergaan te hebben. Anne gebruikte 'transgenderisme' gewoon om 'transgenders' aan te duiden, zag ik later toen ik haar verhaal nog eens goed las, maar volgens de Engelse Wikipedia betekent dat woord (transgenderism) toch echt iets anders, namelijk zoveel als 'de sociale beweging die rechten wil voor transgenders'.

Daarvoor besteedde ik in een blog aandacht aan het Vlaamse lespakket Gender in de Blender. Wat me opviel in dat pakket was dat men erg veel bladzijden nodig had en erg veel begrippen, terwijl de begrippen die men gebruikte vaak niet erg duidelijk werden gedefinieerd. Ook hier dus weer heel veel bladzijden, heel veel moeilijke en vage termen om uit te leggen wat eigenlijk niet uit te leggen valt.

Gemotiveerd door dit Vlaamse lespakket, vroeg ik me af of die overvloed van vage en slecht gedefinieerde begrippen nu inderdaad echt nodig was. Verder vroeg ik me af of hier niet iets systematisch aan de hand was. Bij partners van travestieten en transseksuelen merk je vaak dat men het onderwerp liever mijdt. Die lange theoretische uiteenzettingen werken dus kennelijk vooral als rechtvaardiging voor de transgender zelf. Het is het geloof van de transgender dat aan de wereld verkondigd wordt, maar dat de rest van de wereld vaak maar matig interesseert.

Een zoektocht op de Engelse wikipedia naar de betekenis van 'transgender' leverde min of meer hetzelfde op als de Vlaamse lesbrief. Veel tekst, veel nieuwe begrippen, maar geen echte duidelijkheid. Men gaf een lange lijst groepen die transgender zijn. Maar op die manier kom je van de regen in de drup. Je begint met één term die niet helemaal duidelijk is en je eindigt met een lange lijst moeilijke termen die ieder voor zich niet helemaal duidelijk zijn. Bovendien zit er geen enkel systeem in die lijst. Het kan dus best zijn, dat er morgen of overmorgen weer een extra groep bijgeplaatst wordt.

Een ander verschijnsel in dit verband is het volgende. Een man geeft een interview, terwijl hij als vrouw en nogal 'sexy' gekleed gaat, maar niet overtuigend overkomt als echte vrouw. Een te korte rok, een duidelijke boezem, te zware make-up. Normale mensen denken dus in de man een travestiet te zien. De man in kwestie ziet dit zelf echter, zo blijkt uit het interview, berslist niet als travestie. Wat hij doet, is duidelijk iets totaal anders, volgens hem. Dat maakt het voor de onbevangen lezer van zo'n interview er niet eenvoudiger op. Als dit geen travestiet is, wat is dan wel een travestiet?

Een ander voorbeeld uit dezelfde categorie is een man in jurk met een parelketting, die zeker weet geen 'travestiet' te zijn, omdat hij duidelijk herkenbaar is als man. Mannen in rok zien zichzelf vaak niet als 'travestiet' of transgender omdat ze alleen maar een rok dragen, omdat het zo lekker zit en voelt. Een man die zijn baardgroei heeft laten verwijderen, ziet zichzelf als mormale man en niet als transseksueel, omdat hij geen sekse-operatie heeft laten uitvoeren. Bekend zijn de talloze transvrouwen die zichzelf als volledig vrouw zien.

In al deze voorbeelden is sprake van een emotioneel negatief geladen term, die vervolgens niet van toepassing wordt verklaard op de eigen persoon. De strekking is steeds: 'Luister eens, ik zie er misschien uit als travestiet, transgender of transseksueel, maar dat ben ik niet.'

Zodra men overtuigend geargumenteerd heeft, dat men beslist geen X1 is, ontstaat het probleem dat men moet uitleggen wat men dan wel is. En de persoon in kwestie heeft iets uit te leggen, omdat hij/zij onmiskenbaar afwijkt van de uiterlijke norm. De persoon in kwestie komt dan met het verhaal dat hij/zij eigenlijk X2 is. Na een tijdje heeft de nieuwe term X2 een bepaalde bekendheid gekregen, haar magische klank verloren en een negatieve lading gekregen. Daarna komen de personen die verdacht worden X2 te zijn, met de stelling dat ze geen X2 zijn, maar in feite iets heel anders, namelijk X3. Het resultaat van dit voortdurende kat-en-muis-spel, is dat er tenslotte een eindeloze reeks begrippen ontstaat, die steeds net even anders is, maar in feite steeds betrekking heeft op hetzelfde onderliggende fenomeen.

Zo schrijft Magnus Hirschfeld in 1910 over travestie en maakt hij een onderscheid tussen fetisjistische travestie (puur seksueel gemotiveerd) en normale travestie. Vervolgens spant men zich in om uit te leggen dat men normale travestiet is en niet verward moeten worden met fetisjistische travestieten. Ondanks deze pogingen blijft 'travestie' een beladen term en komt rond 1970 in Amerika de term 'cross-dresser' in zwang. Men is volgens het eigen verhaal niet langer iets beladens als 'travestiet', maar gewoon 'cross-dresser'. Men is een man die het toevallig fijn vindt zich te kleden als lid van de andere sekse.

Mannen die een sekse-operatie ondergaan, haasten zich om uit te leggen dat ze geen travestiet of 'cross-dresser' zijn, maar eigenlijk vrouw in een verkeerd lichaam. Als de samenleving het moeilijk vindt volledig in dat verhaal mee te gaan, worden dit transseksuelen en nog weer later, transvrouwen, die zich vaak nadrukkelijk niet meer zien als travestiet.

Naast de transvrouwen komt er een kleine groep mannen die wel als vrouw leeft, zich soms enigszins lichamelijk heeft laten aanpassen, maar die niet langer een ingrijpende sekse-operatie willen. Deze groep voelt zich niet travestiet omdat ze voortdurend 'als vrouw leeft', maar is ook niet transseksueel omdat er geen sekse-operatie heeft plaatsgevonden. Een nieuw woord wordt gemaakt: 'transgenderist'. Buiten het handjevol transgenderisten kent eigenlijk niemand dat woord, maar het doel is bereikt. Men is iets onbekends, men is niet langer travestiet en het is duidelijk dat men niet transseksueel is.

Bij deze vier groepen blijft het niet. Van oudsher waren er al vaal homoseksuele of biseksuele travestieten (drag-queens) die met succes uitgingen of optraden en qua uiterlijk, gedrag en seksuele voorkeur duidelijk anders waren dan de overige travestieten. Normale travestieten, transseksuelen en transgenderisten willen liever niet met deze groep van 'show-travestieten' geassocieerd worden, terwijl het publiek bij het woord 'travestiet' vaak wel aan deze in het oog lopende groep, homoseksuele en biseksuele mannen denkt.

De laatste tijd is er een relatief nieuwe groep mannen naar voren gekomen, die wel een rok of eventueel een jurk dragen, maar dit doen zonder de moeite te nemen zich volledig als vrouw te 'vermommen'. Deze mannen in rok (soms in jurk) zien zichzelf als mannen die gewoon een rok dragen zoals een vrouw een broek draagt en zien zichzelf vaak nadrukkelijk niet als 'travestiet' of 'transgender'.

Naast deze groepen biologische mannen, zijn er in ieder geval ook nog groepen biologische vrouwen die in het transgendergebied vallen: drag-kings en transmannen. Verder is deze opsomming niet volledig, omdat er voortdurend nieuwe groepen met net weer iets andere kenmerken kunnen ontstaan.

Het praten over de totale groep is inmiddels uiterst lastig geworden. Zodra men het heeft over travestie, komen er reacties dat het helemaal niet gaat om fetisjistische travestie, of dat het niet aangaat om transseksualiteit gelijk te stellen aan ordinaire travestie, of dat transgenderist zijn niet verward moet worden met gewone travestie of transseksualiteit, etc.

Hoewel al deze verschillende groepen een duidelijke neiging hebben de eigen groepsleden op te zoeken, is er ook een samenbindende factor. Zowel de transseksuelen, de (klassieke) travestieten, de transgenderisten, de show-travestieten als de mannen in rok, krijgen na verloop van tijd allemaal te maken met negatieve maatschappelijke reacties op hun 'afwijkende' uiterlijk. Om de totale groep aan te duiden, komt in Amerika het woord 'transgender' op dat daarna ook in Nederland geleidelijk wordt overgenomen.

Toch blijkt ook het woord 'transgender' niet zonder problemen? Om te beginnen hanteert niet iedereen het in dezelfde betekenis. Zo wordt het soms vooral gebruikt voor mensen die van het ene geslacht naar het andere geslacht gaan. Dat zou dus het meest overeenkomen met 'transseksuelen'. Maar eigenlijk slaat 'gender' niet op de lichamelijke sekse, maar op de culturele. Dus in feite op de sociale rol. Verder is die transformatie in de praktijk nooit perfect. Bij voorbeeld omdat er altijd wel iemand in de buurt opduikt, die weet dat men van origine tot de andere sekse behoorde.

Maar ook wanneer we 'transgender' opvatten als paraplu-term en 'transgenders' opvatten als mensen die tussen man en vrouw in vallen, blijkt het woord nog een bepaalde onduidelijkheid te bezitten. Het probleem met die omschrijving is namelijk dat de begrippen 'man' en 'vrouw' wel duidelijk lijken, maar dat in werkelijkheid niet altijd zijn.

Dat lijkt moeilijk voorstelbaar. We hebben allemaal een duidelijk idee van 'man' en van 'vrouw' en in de praktijk geeft dat zelden problemen. Bij transgenders wordt dit echter opeens anders. Transgenders zoeken de grenzen van wat er mogelijk is, op en dan wordt het belangrijk om precies te weten wat we bedoelen met 'man' en 'vrouw'. Omdat dit elementaire begrippen zijn, die iedereen al van zijn jeugd kent en gebruikt, realiseren we ons normaal niet dat deze termen in totaal verschillende betekenissen gebruikt kunnen worden. De volgende notitie gaat daarom over het onderscheid man-vrouw.


Drie soorten transgenders en Lady Gaga? *


De eerste keer dat ik tegenover mijn mede-transgenders over Lady Gaga begon, kreeg ik de reactie: 'Wie is dat?' Men had nog nooit van haar gehoord. Alleen een jonge showgirl, wist onmiddellijk wie ik bedoelde en die reageerde enthousiast: 'Lady Gaga was top!'

Ik was die bijeenkomst lui geweest of misschien had ik tijdgebrek gehad, want ik was gewoon als man. Hoewel (M-V) transgenders het vaak fijn vinden als je verkleed komt als vrouw, hebben ze er geen problemen mee als je komt als man, is mijn ervaring. Het plaatje klopt als het ware met hun idee van man. Aan de andere kant vinden ze het ook weer fijn je af en toe als transgender mee te maken, tenminste dat denk ik. In ieder geval beloofde ik dat ik me de volgende keer als Lady Gaga zou verkleden. Of dat ik in ieder geval een poging in die richting zou doen.

Wat vind ik zo leuk aan Lady Gaga afgezien van haar vermogen om muziek te maken? Het leukste is eigenlijk, dat ze durft. Ze durft een foute pruik te dragen, ze durft haar benen te laten zien en ze durft er extravagant uit te zien. Tegelijkertijd heeft ze goed nagedacht over haar uiterlijk en heeft ze het plaatje dat ze neerzet strak gestileerd.


Lady-Gaga-imitatie

Gisteren was het zo ver en ik had maar een flauw idee, hoe ik het wilde doen. De eerste stap was naar de plaatselijke pruikenwinkel. ´Een Lady-Gaga-pruik? Wat is dat? Nooit van gehoord?´ Ging het misschien om een feestpruik van ongeveer 13,50? Ik antwoordde dat de pruik die Lady Gaga op haar hoofd had in haar videoclip volgens mij wel iets meer dan 13,50 had gekost. Ik moest eerst een beschrijving van haar pruik geven voordat men een beetje door kreeg in welke richting men het moest zoeken. Door de jaren heen heb ik gelukkig een behoorlijke expertise opgebouwd op het gebied van pruiken en dat kwam nu van pas. Een jonge stagiair werd te hulp geroepen en bij de naam ´Lady Gaga´ wist hij onmiddellijk wat ik bedoelde.

De echte Lady Gaga pruik was natuurlijk niet voorradig, maar na alles afgezocht te hebben vonden we tenslotte een exemplaar dat het meest in de richting kwam. De kleur was synthetisch blond. Het model klopte. Het haar was lang en het was zondermeer een mooie pruik, hoewel niet zo kolossaal dik als in de clip. Ik had me met opzet nog niet geschoren, laat staan, opgemaakt. Als je wilt zien of een pruik iets is, moet je hem gewoon als man opzetten. Als het er dan goed uitziet, ziet het er na scheren en opmaken met wat geluk nog beter uit. Ik paste de pruik op en het was onmiskenbaar dat ik opeens veranderd was in een ander wezen. De prijs paste ook wel bij dat effect, maar ik besloot nu ik A gezegd had, ook B te zeggen.

De tijd begon nu te dringen, want ik moest me nog verkleden en opmaken, terwijl ik nog steeds geen al te duidelijk idee had van mijn kleding. Snel naar huis. Na een kleine vier uur douchen, kleden, opmaken en dat soort dingen, liet ik het resultaat aan mijn vrouw zien. Ik begreep uit haar reactie dat ze het plaatje cool vond. Ik hecht op dit punt (en ook op andere punten) altijd zeer aan haar mening.

Om Lady Gaga een beetje te kunnen imiteren, was ik uitgegaan van een foto die van haar gemaakt is, toen ze een Australisch radiostation bezocht. Ze draagt daar een wit jack en laat dan haar benen duidelijk uitkomen door alleen een soort zwemslip te dragen en een panty. Omdat ik mijn benen niet geschoren had, dan had ik nog een uurtje langer nodig gehad, besloot ik een dunne en een wat dikkere panty over elkaar aan te trekken. De eerste panty camoufleert dan het beenhaar en de tweede panty vormt als het ware de glanzende buitenkant.

Is dat warm in de zomer? Ja, natuurlijk. En het heeft niet het sexy effect dat meisjes soms leveren die hun benen showen in een doorschijnende panty, want ik had twee zwarte panties gebruikt, in plaats van een huidkleurige en een zwarte, maar het moest ook niet ´te´ worden.

De zwemslip leverde geen problemen op, maar in de spiegel zag ik dat toch nog steeds ´te´ werd. Lady Gaga staat op het toneel of voor de camera en ik moest door de stad lopen, dat is een belangrijk verschil. Dus in plaats van die zwemslip een simpel sportshort genomen met korte pijpjes.

Verder valt er eigenlijk niet veel over mijn kleding te vertellen. Bij het zwarte, aansluitende sportshort droeg ik een zwart dames t-shirt en een wit jack. Als schoeisel een paar kniehoge dameslaarzen met hak waarop ik goed kan lopen. Eigenlijk dus allemaal heel simpel, saai en zwart. Alleen het witte jack contrasteert door al dat zwart wel sterk.

De ogen bij Lady Gaga worden nogal geaccentueerd en dat heb ik dus in dit geval ook geprobeerd te doen, hoewel ik normaal meer van een minimale oog-opmaak houd.

Is dit allemaal van belang? Ogenschijnlijk niet, maar voor het vervolg van dit verhaal wel. Ik had dus niets spectaculairs aan. En op zo´n mooie zomerdag lopen er door de stad heel veel mooie, jonge vrouwen die er veel mooier, sexier en overtuigender uitzien. Een mens moet wat dat betreft zijn beperkingen willen accepteren.


Uiteenlopende reacties

Toch had het geheel van mijn simpele kleding in combinatie met het witte jack en die Lady-Gaga-pruik, die niet helemaal een Lady-Gaga-pruik was, een bepaald effect. Ik merkte dat aan de reactie van mijn vrouw en het was onmiskenbaar zodra ik in Groningen uit de auto stapte.

Aan de vrouwen merkte ik niet zoveel, maar veel mannen lieten duidelijk en openlijk hun waardering horen. Het korte stukje over het Emma-viaduct toeterden twee automobilisten. Eerst vroeg ik me nog af, of dat nu voor mij bedoeld was, maar toen er bij het aflopen van de trap naar het station bewonderend werd gefloten, concludeerde ik dat dat kennelijk inderdaad het geval was.

Een donkere jongen die me met een stel vrienden passeerde, zei: ´Oh, je ziet er goed uit. Sexy. Wat een prachtig haar.´

Op de Grote Markt werd ik beleefd aangesproken door een nette man met de vraag of ik niet met hem in het reuzenrad of hoe het ook mag heten, wilde. Omdat het kermis was, stond dit in het midden van de Grote Markt. Helaas voor die mijnheer, vind ik dat soort attracties vreselijk en ik heb dus beleefd en vriendelijk geweigerd.

Is het leuk als je uiterlijk zo´n effect veroorzaakt. Ja, als oude, lelijke man, vind ik dat eigenlijk wel geinig. Ik heb mijn best gedaan op dat uiterlijk (hoewel ik nog veel verbeterpuntjes zie) en als anderen mensen dan iets hebben van ´Oh, wat leuk´ of van ´Oh, wat mooi´ dan heb je al dat werk tenminste niet helemaal voor niks gedaan.

Maar dat is eigenlijk niet het punt waar het mij hier om gaat. Veel mannen vonden dat uiterlijk kennelijk wel iets hebben. Ze vonden het mooi. Ze stonden er positief tegenover. Uit ander onderzoek weten we dat dit vrijwel zeker heteroseksuele of biseksuele mannen moeten zijn. Dat klopt met mijn eigen ervaringen op dat punt. Tot zover niets nieuws.

Vervolgens kom ik op de transgender-soos. En na een avond lang praten en kletsen, is het voor mij onmiskenbaar. Dit uiterlijk werkt hier niet goed. Omdat ik hier regelmatig kom in verschillende outfits kan ik het effect van mijn kleding gedurende zo´n avond vrij goed inschatten. Als man is er geen probleem. Volledig als vrouw verkleed is er normaal ook geen probleem, integendeel. Als man in minirok ligt het wat moeilijker. Maar dit uiterlijk wekte naar verhouding weinig enthousiasme. Voor de enkele showgirls lag dat anders. Die vonden het wel gaaf.

Nu is de vergelijking met andere keren misschien toch wat lastig en je kunt nooit helemaal uitsluiten, dat je je misschien toch vergist. Maar als ik het enthousiasme van mannen op straat vergeleek met de reacties hier, leek er onmiskenbaar een duidelijk verschil te zijn.

Een normale lezer zal nu vermoedelijk denken: ´Nou, en? Smaken verschillen nu eenmaal. Niets om je echt druk over te maken.´

Maar de grote groep klassieke transgenders is heteroseksueel, heet het. Dat gaat alleen niet op voor de showgirls (showtravestieten, dragqueens en dergelijke) die vaak homo of op zijn minst bi zouden zijn. Je zou dus verwachten dat die grote groep van klassieke transgenders in beginsel net zo enthousiast op mijn Lady-Gaga-imitatie (als je het tenminste zo mag noemen) zou reageren als de andere hetero's. Mooi niet dus.

Als mijn indruk klopt, ziet de doorsnee klassieke transgender mijn Lady-Gaga-imitatie anders dan de doorsnee hetero. De grote groep heteroseksuele transgenders is met andere woorden, in ieder geval op dit fundamentele punt, geen doorsnee hetero.

Valt ook aan te geven, waar het verschil precies in zit? De doorsnee heteroseksueel vindt Lady Gaga en mijn beperkte imitatie daarvan wel gaaf. Het heeft wel wat, hij ziet er wel wat in. De doorsnee heteroseksuele transgender vindt het ´te´. Lady Gaga is voor hem wat ´over the top´.

Laat ik de reacties even samenvatten:
1. de hetero- en biseksuele mannen reageren enthousiast;
2. de heteroseksuele transgenders reageren duidelijk minder enthousiast;
3. de homo- en biseksuele transgenders (de showgirls) reageen ook enthousiast.

Ik had ook graag geweten hoe homoseksuele mannen op mijn uiterlijk zouden reageerden, maar daar kreeg ik deze avond niet mee te maken. Eerdere keren heb ik op dat punt wel de nodige ervaringen opgedaan en op basis daarvan verwacht ik dat homo's met dit uiterlijk van mij moeite hebben. Ze willen niet discrimineren, ze proberen aardig te doen, maar op een gegeven moment merk je dat een bepaald (extreem vrouwelijk) uiterlijk als het ware afstoot. En omdat dit effect ook uit de literatuur bekend is (homo's vallen niet op showgirls), kan ik hun reactie op dit uiterlijk dus wel wat inschatten.

De vragen waar het me dan om gaat, zijn dan de volgende.
a. Waarom reageren de heteroseksuele, klassieke transgenders duidelijk minder enthousiast dan normale heteroseksuelen?
b. Waarom reageren showgirls, die door Bailey verondersteld worden homoseksueel te zijn, wel enthousiast, terwijl in mijn ervaring homoseksuelen met zo'n Lady Gaga uiterlijk vaak moeite hebben?


Geen echte hetero's

Mijn verklaring is als volgt. De heteroseksuele, klassieke transgender is normaal verliefd op de vrouw die hijzelf speelt/is. Maar de vrouw die de klassieke transgender uitbeeldt, is qua uiterlijk vaak een niet erg overtuigende vrouw. Het is een beetje een 'man in een jurk'. De transgender is dus geconditioneerd op het type vrouw dat hij zelf speelt en probeert te zijn.

Lady Gaga ziet er echter niet bepaald uit als de doorsnee heteroseksuele transgender. Voor de doorsnee heteroseksuele transgender vormt ze daardoor geen ideaal. Het beeld dat ze oproept, staat te ver af van het man-in-jurk plaatje.

Normale hetero-seksuele mannen kijken bij voorkeur graag naar mooie en uitdagende vrouwen. Daarbij spelen tegenwoordig beelden van vrouwen in de media (tv en tijdschriften) en via internet (porno en soft-porno) een belangrijke rol. Zij worden dus in belangrijke mate geconditioneerd op wat in onze cultuur gezien wordt als het stereotype van de ´mooie meid´. Lady Gaga probeert juist heel nadrukkelijk dat stereotype uit te beelden. Ze is een soort Nijntje voor mannen. Dat heteroseksuele mannen enthousiast over haar zijn, valt daardoor wel te begrijpen.

Het verschilpunt is kennelijk dat normale heteroseksuele mannen een vrouw als Lady Gaga als een soort prooi zien. Ze worden er door geactiveerd en willen er achteraan. Ze willen haar bezitten. Maar klassieke transgenders zien zichzelf bij voorkeur in de rol van vrouw of als vrouw. Lady Gaga is dan iets dat te ver afligt van de vrouw die zij zelf zijn en waar zij verliefd op zijn. Zo'n over de top vrouw als Lady Gaga is eerder een contrast met de vrouw die ze zelf spelen/zijn dan dat ze als positief voorbeeld wordt gezien. Ongeveer op dezelfde manier als dat een wat tuttige vrouw zuur kan kijken naar een uitdagend geklede, andere vrouw.

In feite is dat begrip 'heteroseksueel' bij klassieke transgenders dus misleidend. Iets dat ik ook al in de vorige twee notities opmerkte. Het suggereert dat de klassieke transgender voor seks op vrouwen valt, terwijl hij in werkelijkheid vooral valt op de vrouw die hij zelf is of wil zijn.


Net als hetero's

Hoe zit het dan bij showgirls die volgens Bailey verstokt homoseksueel zouden moeten zijn?

Transgenders die door hun natuurlijke aanleg kunnen overkomen als aantrekkelijke of leuke vrouw en al jong openlijk naar buiten gaan, leren in hun omgang met het publiek wat wel en wat niet effectief werkt. Op die manier worden ze verder geconditioneerd op het geaccepteerde stereotype van 'mooie meid'. Voor showgirls vormen artiesten als Lady Gaga dus vooral een ideaal en een voorbeeld. Dat is wat ze graag willen uitbeelden.

Wat ik dus denk te zien, is dat showgirls enthousiast reageren op zo'n Lady-Gaga-imitatie en naar verwachting veel enthousiaster dan doorsnee homo's en dat klassieke transgenders duidelijk minder enthousiast reageren dan normale hetero's. Of mijn verklaring die ik eerder gaf, klopt, weet ik natuurlijk niet zeker. Maar in feite is mijn verklaring simpel te toetsen: klassieke transgenders hebben een ander vrouwbeeld als ideaal dan showgirls en hetero's.

Dat sluit ook aan bij een andere punt dat Bailey vermeldt en dat ik ook wel geconstateerd heb: klassieke transgenders kleden zich belangrijk anders dan showgirls die dat in beginsel sociaal effectiever doen doordat ze voortdurend met feedback van hun publiek te maken kregen.

Het is verleidelijk om dan ook een uitspraak te doen over het ideale vrouwbeeld van showgirls en homo's, maar dat is misschien geen goede vergelijking. Homo's vallen immers niet op vrouwen dus je kunt dan ook moeilijk vragen wat ze een ideale vrouw vinden.

Mijn indruk dat klassieke transgenders problemen hebben met zo'n Lady-Gaga-imitatie sluit ook nog aan bij een ander bekend punt. Klassieke transgenders en showgirls gaan, volgens Bailey, normaal niet of amper met elkaar om. Ze liggen elkaar als het ware niet. Mijn waarneming sluit daar op aan. De verklaring zou dan zijn dat klassieke transgenders als het ware geblokkeerd raken door dat showgirl-uiterlijk. Het staat te ver van ze af. Het is een fout uiterlijk. Showgirls op hun beurt, zien het uiterlijk van klassieke transgenders vermoedelijk ook weer als een beetje fout. Doordat beide groepen op verschillende manieren zijn ontstaan/geconditioneerd, verschilt ook het uiterlijk dat ze als ideaal zien.

Tenslotte is er nog het punt van de enthousiaste showgirls. Volgens de verklaring van Bailey zouden showgirls alleen voor vrouw spelen om heteroseksuele mannen te versieren. Maar waarom dan dat enthousiasme over Lady Gaga en mijn gebrekkige imitatie daarvan? Ik zou dan eerder als een gevaarlijke concurrent(e) gezien moeten worden als de prioriteit echt lag bij het versieren van mannen. Kennelijk maakt dat vrouwelijke uiterlijk ook in deze 'mannen' een emotionele reactie los, die je verder vooral bij hetero-mannen tegenkomt (en sommige vrouwen). Die emotionele reactie klopt ook niet met het idee dat hun eigen showgirl-uiterlijk puur instrumenteel zou zijn om mannen te versieren. Kennelijk zijn showgirls dus ook 'verliefd' (geconditioneerd) op een bepaald uiterlijk net als klassieke transgenders.

Voor de volledigheid moet ik hier nog opmerken, dat ik me voor de reacties van de showgirls ook baseer op een tweede avond waarin ik in grote lijnen een vergelijkbaar uiterlijk had. Alleen was het jack nu niet wit, maar zwart en was het zwarte short vervangen door een korte, zwarte rok.


Uitzondering

Op deze tweede avond loop ik tenslotte een man tegen het lijf die zich heel enthousiast uitlaat over mijn uiterlijk. Op basis van die reactie veronderstel ik met een hetero te maken te hebben. Hij vertelt daarna al sinds het begin van de puberteit aan travestie te doen en al die jaren uitsluitend in huis omdat zijn uiterlijk niet goed genoeg is om naar buiten te gaan. Het travestie-taboe blijkt uit zijn verhaal nog heel groot: ook een goede bekende die een sleutel heeft van zijn flat en soms onverwachts binnenkomt, is niet op de hoogte. Het gevolg is dat hij dan in grote haast via de achterkant naar de badkamer moet en zich daar opsluit om weer zo snel mogelijk 'man' te worden.

Deze klassieke transgender vormt daarmee de spreekwoordelijke uitzondering op mijn verhaal hierboven. Hij vertelt echter ook --desgevraagd-- dat travestie voor hem al veel jaren een pure ontspanningsfunctie heeft en geen seksuele functie meer vervult. Vermoedelijk is hij daardoor in seksueel opzicht niet langer sterk op zichzelf als vrouw geconditioneerd, maar net als veel normale hetero-mannen meer op het media-stereotiep van de aantrekkelijke vrouw.


Conclusie

Showgirls vinden net als hetero's een stereotiep vrouwbeeld prachtig en reageren daar emotioneel duidelijk positief op. Klassieke transgenders reageren daar in doorsnee negatiever op kennelijk omdat ze op een totaal ander plaatje seksueel geconditioneerd zijn. Klassieke transgenders die echter het verkleden al jarenlang systematisch niet bekrachtigen met seks, maar alleen met ontspanning, reageren in dit opzicht net als hetero's.

Nawoord

Deze conclusie suggereert dat er drie soorten transgenders zouden zijn. Maar dat klopt niet. Op basis van de informatie die Vennix vermeldt, zou je al 4 of als je wat fijnmaziger werkt al 9 verschillende groepen klassieke transgenders kunnen onderscheiden. Voor de motivering van het verkleden vindt hij immers twee onafhankelijke factoren die onafhankelijk (ongecorreleerd) van elkaar zijn. Wanneer je iedere factor onderverdeelt in 3 groepen (laag, middel, hoog) vind je dan in totaal 9 verschillende mogelijkheden/groepen. Vervolgens moeten we de klassieke transgenders ook nog onderscheiden van de showgirls, maar vrijwel zeker zijn er ook overgangsvormen te vinden. In totaal kom je dan dus al op 10 of 11 groepen. Dat is wat erg veel van het goede.

Een betere benadering is dan je te realiseren dat er drie verschillende manieren van conditionering zijn, waardoor een grote verscheidenheid van transgenders kan ontstaan. De drie bekrachtigers waardoor een man gemotiveerd kan worden, ondanks het sociale taboe toch vrouwenkleren te dragen of de vrouwenrol te spelen zijn seksuele opwinding/seks (SO), ontspanning (Prettig Anders als Vrouw of PAV) en sociale bekrachtiging. Die drie mechanismen werken elkaar soms tegen (sociale bekrachtiging versus SO en PAV) en soms onafhankelijk van elkaar gelijktijdig (SO en PAV).

-----------------------------------------
* Laatst bewerkt op 18 oktober 2009.


Twee soorten transgenders -- Deel II, Showgirls*

Bij de term ´showgirls´ heeft iedereen wel een voorstelling. Het zijn meisjes die hun leven lang toegewerkt en toegeleefd hebben naar hun rol in de show. In die rol schitteren ze, zien ze er prachtig en sexy uit en voor die rol zijn ze bereid tot het uiterste te gaan. In dit geval zijn de meisjes van origine jongens en is verder alles min of meer hetzelfde.

Bailey omschrijft het verschil tussen de twee groepen transgenders --vertaald in mijn termen-- zo: klassieke transgenders maken zich zorgen over de negatieve opmerkingen die ze in de supermarkt te horen kunnen krijgen, terwijl showgirls zich afvragen of ze in de 'cocktailbar' wel genoeg zullen opvallen.


Verschillen tussen beide groepen

Wat zijn de verschillen tussen deze twee groepen? Bailey noemt er in grote lijnen vijf:
1. de masturbatie-geschiedenis;
2. de leeftijd waarop de gerichtheid op de vrouwelijke rol zich openbaart;
3. de leeftijd van naar buiten gaan;
4. het uiterlijk;
5. de seksuele gerichtheid.

Showgirls hebben zelden een geschiedenis van zich als vrouw verkleden en in reactie daarop masturberen. Klassieke transgenders hebben zo´n masturbatie-geschiedenis vaak wel. Hoe weten we dat? Dit is wat ze ons desgevraagd vertellen.

Bailey accepteert dit als voldoende evidentie. Het wordt hem verteld, dus het is zo. Bij klassieke transgenders is hij echter uiterst kritisch, die liegen vaak en die kun je niet zo maar op hun woord vertrouwen. Methodologisch gezien is een bepaalde reserve tegenover wat respondenten vertellen, natuurlijk een goede zaak voor een onderzoeker.

Het merkwaardige is echter dat Bailey die kritische houding niet bij showgirls heeft. Zo beschrijft Bailey op blz. 182 de innerlijke strijd van showgirl Kim. Kim is verliefd geworden op een prachtige man, die haar echter als vrouw helemaal niet ziet zitten. Kim overweegt daarom zich terug te laten veranderen tot man. Bailey concludeert hieruit dat showgirls heel genuanceerd staan tegenover een sekse-operatie. Het is niet iets dat ze onder alle omstandigheden willen.

Die conclusie klopt misschien in zijn algemeenheid wel, maar het verhaal van Kim is in mijn opvatting typisch een verhaal dat bij het showgirl zijn, past. Het is een verhaal om de aandacht te krijgen en vast te houden. Het hoort als het ware bij de rol van showgirl. Een goede showgirl ziet er niet alleen overtuigend uit, maar is ook verbaal effectief in het vasthouden van de aandacht. Bailey slikt echter alles voor zoete koek.

Terug naar die masturbatie-historie. Showgirls zijn niet alleen in hun uiterlijk veel beter gesocialiseerd, maar ook in hun conversatie is mijn ervaring. De meeste showgirls leven immers van hun contacten met mannen. Mannen zijn dus letterlijk hun leven. En het spreekt dan dat je door al die oefening, daar een behoorlijke vaardigheid in ontwikkelt. Het kan dus heel goed zijn, dat showgirls meer sociaal aangepaste antwoorden geven dan klassieke transgenders.

Die klassieke transgenders hebben vaak een lange historie van zich verkleden met de gordijnen dicht. Verder hebben ze vaak een typisch mannenberoep. Allemaal factoren waardoor je gemakkelijk wat minder sociaal wenselijke antwoorden gaat geven.

Ik zeg niet dat dit de oorzaak is van dat gevonden verschil. Maar je kunt het voorlopig ook niet uitsluiten. En omdat Bailey uiterst kritisch is ten opzichte van de klassieke transgenders, had hij dit punt bij showgirls ook moeten zien.

Ook het volgende punt, die gerichtheid op de vrouwenrol die zich al jong openbaarde, is volledig gebaseerd op het verhaal van deze showgirls. Het kan dus best zijn, dat het klopt, maar het kan ook best zijn, dat het alleen maar het verhaal is dat past bij de vooroordelen van de toehoorder en dat het publiek graag wil horen.

Showgirls gaan al jong verkleed naar buiten en komen al jong uit de kast en melden zich al jong voor een volledige transitie (gemiddeld: 25) als ze dat tenminste doen; klassieke transgenders gaan vaak pas openlijk naar buiten als ze al behoorlijk oud zijn en melden zich pas veel later voor een volledige transitie (gemiddeld: 40) of blijven hun leven lang in de kast. Dit zijn vrij feitelijke punten en hier lijkt me weinig twijfel over te bestaan.

Showgirls kunnen er als vrouw overtuigend, mooi en sexy uitzien. Ze hebben hun figuur en gezicht mee en kleden zich -- in sociaal opzicht -- om als vrouw over te komen en bewonderd te worden, effectief. Klassieke transgenders hebben vaak een mannelijk figuur en gezicht en kleden zich -- in sociaal opzicht -- vaak wat ongelukkig en vreemd.

Een showgirl die zich niet effectief kleedt, merkt dat onmiddellijk aan de reacties van haar publiek en in veel gevallen dus aan wat ze op die dag omzet. Doordat showgirls al jong te maken krijgen met publiek, leren ze al jong de vrouwenrol te spelen op een manier die bij andere mensen een positieve emotie losmaakt.

Klassieke transgenders daarentegen bepalen tientallen jaren zelf of ze hun uiterlijk, rol en fantasie geslaagd vinden. Zij zijn hun eigen publiek en bepalen dus zelf of ze de manier waarop ze de vrouwenrol invullen, geslaagd vinden. Anders geformuleerd: klassieke transgenders kleden zich om zichzelf fijn en lekker te voelen en zeggen dat ook. Showgirls kleden zich voor de aandacht en de bewondering van het publiek en willen daarvoor in beginsel vrijwel alles doen.



Voorbestemd tot showgirl?

De omstandigheden en de feedback voor beide groepen transgenders zijn dus totaal verschillend waardoor het in mijn optiek vrij begrijpelijk is dat ze zich totaal verschillend ontwikkelen. Bailey denkt echter niet in termen van ontwikkeling, aanpassing en leren. In zijn opvatting moet er sprake zijn van een bepaalde aangeboren aanleg die bepaalt of iemand voorbestemd is showgirl of klassieke transgender te worden.

Omdat het evolutionair gezien, niet plausibel is dat die aangeboren aanleg genetisch is (als we er van uitgaan dat showgirls vrijwel zeker minder kinderen verwekken dan normale mannen is dat zo goed als zeker uitgesloten), zou dat alleen kunnen als er sprake was van een soort geestelijke ontwikkelingsstoornis. De mannelijke kant van de hersenen zou zich als het ware niet goed gevormd hebben, waardoor het vrouwelijke gedrag zou overheersen.

Die verklaring kan alleen volgehouden worden wanneer er heel weinig transgenders zouden zijn omdat anders door evolutionaire selectie de kans op die ontwikkelingsstoornis weggeselecteerd zou zijn. Bailey stelt dan ook nadrukkelijk dat transgenders uiterst sporadisch voorkomen. In werkelijkheid is echter een 3 tot 5 procent van de mannelijke bevolking in enigerlei mate transgender. Dat sluit de juistheid van de verklaring van Bailey zo goed als uit. Om die reden moet hij dus ook wel doen alsof transgenders slechts uiterst sporadisch voorkomen. De hypothese van de geestelijke ontwikkelingsstoornis die Bailey propageert, lijkt daarmee niet erg plausibel.


Prostitutie

Showgirls zijn alleen gericht op seksuele contacten met mannen, terwijl klassieke transgenders seksueel gericht zijn op vrouwen en meestal alleen over seksuele contacten met mannen fantaseren. Soms zijn klassieke transgenders biseksueel. Verder zijn klassieke transgender vaak getrouwd of getrouwd geweest.

Een probleem met deze stellingen van Bailey is, dat hij zijn showgirls vooral selecteerde uit het Amerikaanse nachtleven. Het zijn dus in feite vaak transgender-prostitués. Voor deze jongens of jonge mannen is prostitutie vaak de belangrijkste bron van inkomsten. Zonder klanten geen geld, zonder geld geen eten.

Terug naar de transgender-prostitués. Deze jongens verdienen hun geld met hun vrouwelijke uiterlijk. Een jongen die niet een overtuigend uiterlijk heeft als vrouw kan op deze manier geen bestaan opbouwen omdat ze in de praktijk moeten concurreren met echte vrouwen. Hun heteroseksuele klanten prefereren in beginsel liever echte vrouwen. De belangrijkste manieren om dat te doorbreken, is er beter uitzien, minder vragen en beter presteren.

In feite gebruiken ze hun vrouwelijke uiterlijk als inkomstenbron. Verder zijn dit overwegend jongens uit arme milieu´s met weinig opleiding en weinig kansen op de arbeidsmarkt.

Ik zeg niet dat ik dit verstandig of wenselijk vind, maar als je je die omstandigheden goed voorstelt, is het vrij begrijpelijk dat sommige van die jongens in de prostitutie terecht komen, lijkt me. Met een goed uiterlijk, verdien je dan gemakkelijk veel geld. Dit blijkt ook uit de gegevens die Bailey vermeldt: ze hebben geld voor kostbare operaties, ze bezitten soms een eigen huis, ze kopen waanzinnig dure kleding, etc.

Vanuit die achtergrond is het ook niet moeilijk te begrijpen, dat ze erg goed zijn/worden in er heel mooi, heel sexy en heel overtuigend uitzien. Het is tenslotte hun werk/broodwinning. Ook is het dan begrijpelijk dat ze sterk gericht zijn op heteroseksuele mannen. Dat zijn immers hun klanten en daar moeten ze van bestaan.

Er valt eigenlijk aan deze groep showgirls weinig te verklaren. Ze hebben misschien een niet alledaags beroep, maar verder gedragen ze zich heel rationeel. Iets dat Bailey ook bevestigt en dat een contrast vormt met klassieke transgenders waar in feite vaak alleen emoties de basis vormen voor de beslissing tot transformatie. Showgirls wegen bijvoorbeeld de kosten van een operatie af tegen de verwachte meeropbrengst. Een zakelijke benadering die klassieke transgenders afwijzen: iemand die er zo rationeel tegenover staat, is geen echte transseksueel.

Wel is het zo dat op de langere termijn ook voor deze showgirls vaak moeilijk blijkt een relatie (met een man) te krijgen en vast te houden. Showgirls leven dan ook vaak bij het moment.


Homoseksuele mannenjagers?

Ik schrijf dit zo terloops op en alles lijkt vrij helder en vanzelfsprekend. Maar wat doet Bailey? Die presenteert deze groep showgirls als verstokte, homoseksuele mannenjagers. Hun drive om zich te transformeren tot vrouw, is niet gewoon geld, iets wat bij transgender-prostitués voor de hand zou kunnen liggen, nee, het is de gigantische seksuele lust om heteroseksuele mannen in bed te krijgen. En het kost nauwgezet lezen om er achter te komen, dat hij zich vrijwel volledig baseert op transgender-prostitués.

Stel, je bent een knappe jongen, je bent jong en je bent homo. Is het dan zo moeilijk om aan seksuele contacten met mannen te komen. Dat lijkt me niet erg plausibel. (Voor hetero-mannen ligt deze zaak natuurlijk anders.) Ondanks dat je dus vrijwel overal gemakkelijk sekscontacten kunt opdoen, is dat niet genoeg. Nee, je gaat je volledig en met overgave verkleden als vrouw. Niet op de amateuristische manier van veel klassieke transgenders, nee, op de professionele manier van de echte showgirl. Waarom? Om mannen in bed te krijgen die eigenlijk niet met je willen omdat je geen echte vrouw bent. Het lijkt me overdreven complex. Maar Bailey ziet geen probleem.

Zijn verklaring is, dat showgirls vrouwelijke mannen zijn, die 'echte', stoere, heteromannen prefereren boven softe homomannen. Let wel: eerst verkleden de showgirls zich omdat ze in feite geestelijk gestoord zijn volgens Bailey. Hij formuleert het niet in die termen, maar daar komt het wel op neer. Ze lijden aan een aangeboren ontwikkelingsstoornis waardoor ze geestelijk als man niet goed gevormd zijn. Vervolgens hebben deze vrouwelijke mannen een gigantische seksdrive waarbij de seksdrive van gewone heteromannetjes eigenlijk niets voorstelt. Puur om aan seks te komen, gaan ze met overgave over tot ingrijpende verkleedpartijen. Dat is vreemd, want zoals ik hiervoor al opmerkte, zijn er voor een knappe, jonge homo veel mogelijkheden voor seksuele contacten. Maar bovendien gaat de tijd, de energie en het geld dat met die verkleedpartijen gemoeid is, hoe je dat ook draait of keert, af van de tijd die voor seks beschikbaar is. Bailey ziet opnieuw dit hele probleem niet, want de showgirls die hij ondervraagt praten -- zo lang je daar niet expliciet naar vraagt -- normaal niet zo snel over al het werk dat er mee gemoeid is omdat dat als het ware niet bij hun rol en plaatje past.

Goed, die vrouwelijke mannen hebben dus aan de ene kant een tomeloze seksuele energie, maar aan de andere kant zijn het volgens Bailey echte fijnproevers. Een leuke leernicht hoeft voor hen niet, nee, het moet een echte, stoere, hetero zijn. En om die aan te trekken, gaan ze zich uitgebreid verkleden. Dat past dus opnieuw niet. Waarom zou je je beperken tot echte hetero's als je zo'n gigantische seksdrive hebt. Je zou dan eerder denken: een man is een man, of het nu een hetero is of een homo.

Ook geloof ik niet, dat al die heteromannen die in doorsnee op showgirls vallen, zulke geweldige, stoere, knappe mannen zijn, zoals Bailey stelt. Ik denk dat de overgrote meerderheid van die heteromannen heel gewone doorsnee-mannen zijn waar in feite -- als man -- weinig bijzonders aan is.

Hoe plausibel is het om te veronderstellen dat een transgender-prostitué dat allemaal doet om zijn/haar seksuele drift te stillen? Ik zou denken dat een normale prostituee toch in de eerste plaats geld wil zien. Je zou ook denken dat wanneer seksuele lust de enige drijfveer zou zijn, je liever af zou zien van die financiële vergoeding: dat remt immers het aantal mannen dat je in bed krijgt. Maar Bailey komt zelf niet op dit soort eenvoudige tegenwerpingen.

Bij transgenders speelt vervolgens nog een ander aspect een rol. Een man die op je valt en die met je vrijt, is het ultieme bewijs van je vrouwelijkheid. Voor een transgender vormt die man een stukje zelfbevestiging. Ongeveer net zo als dat een vrouw het prettig vindt als een man verliefd op haar raakt.

Maar dat gaat alleen op als we inderdaad te maken hebben met een transgender. Een homo die zich als vrouw verkleedt om een man in bed te krijgen, zal het worst zijn of hij er wel of niet overtuigend uitziet als vrouw.

Bij het bevredigen van die tomeloze seksuele drift doet zich nog een andere eigenaardigheid voor: normaal komt die transgender zelf bij dat seksuele contact niet klaar. Bij prostitutie is dat begrijpelijk (je verwacht dat de klant klaarkomt, maar de prostitué niet), maar bij een normaal homoseksueel contact niet. Je bent man, je hebt een gigantische seksuele lust, maar vervolgens hoef je niet klaar te komen. Bailey ziet opnieuw geen probleem.

Dat showgirls bestaan en afwijken van klassieke transgenders lijkt onomstreden. Maar de verklaring die Bailey geeft voor het ontstaan en bestaan van showgirls, namelijk dat ze zich alleen om aan heteroseksuele mannen te komen, zo perfect als vrouw presenteren, lijkt me twijfelachtig.

Showgirls zijn mannen (ook al is dat soms moeilijk zichtbaar) die zich op een of andere manier aangetrokken voelen de rol van mooie, leuke, aantrekkelijke vrouw met een bepaald enthousiasme te spelen. Ik beweer dan niets meer dan wat we op basis van de bekende feiten, weten. Waarom sommige mannen die daar aanleg voor hebben, dat gaan doen en dat blijven doen, weten we strikt genomen niet zeker. Maar veel mooie, leuke, aantrekkelijke vrouwen spelen dezelfde rol met soms evenveel enthousiasme en in dat geval vraagt niemand zich af, waarom ze dat doen.

In ieder geval denk ik, dat de doorsnee homoseksuele man dat enthousiasme, die fascinatie en die drive om die specifieke vrouwenrol te spelen, volledig mist. Met andere woorden: dit zijn geen homo´s die een jurk hebben aangetrokken om mannen te versieren, maar dit zijn primair transgenders: mannen die het spelen van de vrouwenrol -- om wat voor reden dan ook -- als ideaal hebben.


Afwijkende showgirls

In dit verband is het misschien interessant dat ik twee showgirls meegemaakt heb (afgaande op het uiterlijk en op de jonge leeftijd van het naar buiten gaan) die geen seksuele contacten hadden met mannen, die heteroseksueel waren en die zich niet prostitueerden. Een homoseksuele drijfveer als verklaring voor het verkleden moet in die twee gevallen dus uitgesloten worden geacht. De kennelijke reden om zich dan toch te verkleden en zo naar buiten te gaan, was de fascinatie met de vrouwenrol in combinatie met de reacties van het publiek.

Je zou dan denken, dat de verklaring van Bailey daarmee onderuitgehaald (gefalsificeerd) is, maar Bailey zal hier tegenin brengen dat het hier niet ging om echte showgirls, omdat ze immers niet homoseksueel waren. Zijn 'verklaring' voor het showgirl-fenomeen is op die manier dus moeilijk te ontkrachten.

Verder zijn er beschrijvingen van showgirls die na verloop van tijd geen enkele fascinatie meer hadden met het verkleed zijn. Het moest om je geld te verdienen, maar liever niet. Eerst is het fascinerend, spannend, opwindend en tenslotte is het gewoon werk: niet meer fascinerend, niet meer spannend, niet meer opwindend. Zo´n omslag klopt niet met het idee dat het een aangeboren eigenschap is, maar klopt wel met een leermodel. De man is eerst op een of andere manier geconditioneerd op die vrouwenrol, maar wanneer hij die vervolgens voortdurend speelt om geld te verdienen, is die rol tenslotte niet meer fascinerend, maar alleen een hoop gedoe om op een gevaarlijke manier wat geld te verdienen.

Showgirls kun je aan hun uiterlijk herkennen. Maar enkele klassieke transgenders zijn dan afgaaande op hun uiterlijk onmiskenbaar showgirl. Ook de eigenschappen die voor showgirls gelden, gaan soms voor hen op: 1. lichamelijke aanleg om vrouw te spelen/te zijn; 2. jong naar buiten; 3. gerichtheid op mannen. Maar als klassieke transgenders zich soms ontwikkelen tot showgirl, is het onderscheid dan wel zo absoluut als Bailey doet voorkomen?

Een ander probleem dat ik zie, ligt bij de heteroseksuele showgirl. Je bent een gewone heteroseksuele jongen en je hebt dat bijzondere vermogen om eruit te zien als een opwindende vrouw. Verder vind je het leuk om als vrouw verkleed uit te gaan, maar ben je (nog) geen klassieke travestiet. Tot zover is er als het ware niets aan de hand. Je hoort (nog) niet in één van de twee transgendergroepen thuis, hoewel je dat misschien zelf nog niet zo doorhebt.

Vervolgens word je voortdurend omringd door opgewonden mannen die je overladen met aandacht en attenties. Dat is spannend en opwindend. Ik zou me dus kunnen voorstellen dat het in die situatie lastig is om voortdurend strikt heteroseksueel te blijven, zeker wanneer je op dat moment zonder vaste, vrouwelijke relatie bent. Maar dat is nog niet alles. Je bent hetero maar wanneer je in de spiegel kijkt, zie je een opwindende vrouw. Bij een echte hetero zou dat een emotionele en seksuele reactie moeten opwekken. Een klassieke transgender is dan geboren. De grens tussen beide groepen is in zo'n geval dus erg smal.

Toch heeft Bailey hier misschien wel een punt. Je kunt ook in mijn opvatting niet met succes klassieke transgender zijn en showgirl. Die twee gaan als het ware moeizaam samen. In beide gevallen verkleed je je als vrouw, maar de functie van het verkleden is verschillend. Als showgirl heb je een doel dat gericht is op de emoties van je publiek. Als klassieke transgender heb je een doel dat gericht is op je eigen emoties. Die twee verschillende functies zijn niet goed verenigbaar, hoewel transgenders dat soms wel proberen. Men stelt bijvoorbeeld: de straat stelt andere eisen dan de slaapkamer.

Ik denk dat het onderscheid minder strikt is, dan Bailey het doet voorkomen en dat het meer een glijdende schaal is. Dat deze twee verschillende groepen transgenders bestaan en onderscheiden kunnen worden, lijkt vrij overtuigend aangetoond. Meestal gaat men dan echter uit van extreme groepen.

Ook heb je mengvormen waarbij klassieke transgenders zich later ontwikkelden tot showgirl en omgekeerd, transgenders die begonnen als showgirl, maar zich daarna ontwikkelden tot klassieke transgender. Op dezelfde manier kunnen transgenders zich ook ontwikkelen in homoseksuele en in heteroseksuele richting. Ik ga dus in tegenstelling tot Bailey niet uit van een ontwikkelingsstoornis, maar van een geleidelijke en soms plotselinge ontwikkeling die afhankelijk van de omstandigheden en de aanleg verschillende richtingen uit kan gaan.

---------------------------------------
Het geval Alex

De volgende beschrijving is een gedachten-experiment. Alex is dus fictief. De bedoeling is na te gaan, wat er gebeurt, wanneer je als jongen -- zonder dat je daar op uit bent -- een uiterst vrouwelijke indruk maakt.

De jongen heette Alex. Lichamelijk en medisch gezien was er niets mis met Alex. Het was een gezonde jongen met alles erop en eraan. Toch was er iets merkwaardigs met Alex. Hij had een goed figuur, een knap gezicht, lang blond haar en zijn baard was nog niet te zien. Veel mensen zagen een meisje in hem.

Alex vond dat eerst wel grappig: hij was immers helemaal geen meisje. Maar toen andere jongens hem er mee begonnen te pesten, was het niet meer leuk.

Door een speling van het lot ontwikkelde Alex ook nog borsten. Iets wat één op de zoveel duizend jongens overkomt. Alex vond het vreselijk en andere jongens plaagden hem nu nog meer. Hij kwam toch al niet zo mannelijk over en nu nog dit. Hij was man, hij voelde zich man, ook al had hij niets op met wilde spelletjes en stoer doen, maar zijn lichaam was niet echt mannelijk.

Eerst probeerde Alex zijn uiterlijk aan te passen. Hij knipte zijn lange haar af en liet zijn haar in een jongenskapsel knippen. Hij bond zijn borsten plat. Hij probeerde zijn baard te laten staan, maar dat lukte niet erg. Hij trok stoere kleren aan. Nog steeds zagen mannen een vrouw in hem. En vrouwen zagen hem niet echt als man, maar eerder als vriendin.

Het maakte hem gek. Zijn lichaam was perfect, maar als vrouw, niet als man. Hij wilde zijn borsten laten weghalen. Hij voelde zich door niemand geaccepteerd. Het leven dreigde een nachtmerrie voor hem te worden. Hij overwoog zelfmoord.

Toen leerde hij X kennen. X was een oudere man en dol op deze vrouwelijke jongen. Alex leefde op bij X en kreeg weer moed en zelfvertrouwen, maar hij realiseerde zich ook dat X viel voor zijn vrouwelijke kant. Een tijdje later besloot hij niet langer moeilijk te doen: hij probeerde verder te leven als vrouw.

Alex is min of meer het tegenovergestelde van de klassieke transgender. Die wil dolgraag vrouw zijn, maar komt in het sociale verkeer over als man. En besluit dan soms om zijn mannelijke lichaam zo veel mogelijk te laten aanpassen in vrouwelijke richting. Alex wil man zijn, maar zijn lichaam past als het ware niet goed bij die rol. Omdat de samenleving kijkt naar het gezicht en het lijf, moet Alex kiezen: of hij leeft verder als man, terwijl mensen voortdurend een vrouw in hem zien, met alle problemen die daarbij horen of hij leeft verder als vrouw, wat mensen toch al in hem zien.

Hoewel Alex wel vrouwelijk overkomt, is hij geen typische showgirl. De typische showgirl vindt die vrouwelijke kant als het ware leuk. Alex vindt het maar niets. Wanneer hij dus tenslotte besluit om maar als vrouw verder te leven, is dat noodgedwongen. Zijn motivatie is negatief.
------------------------------------



Twee verschillende manieren om transgender te worden

De twee groepen transgenders hebben --in mijn opvatting-- ieder hun eigen, verschillende manier, van ontstaan. In beide gevallen gaat het om biologische mannen die de vrouwenrol gaan spelen. In beide gevallen gaat het volgens mij om een leermechanisme.

Wanneer een jongen uitgaat en zijn vrouwelijke kant accentueert, levert dat de nodige reacties op, vooral van mannen. Wanneer een jongen niet uitgaat, maar thuis zijn vrouwelijke kant accentueert, levert dat een reactie op van hemzelf. In het eerste geval heeft het verkleden een sociale functie. Door het verkleden of het vrouw zijn, krijg je extra aandacht, reacties, belangstelling, seks en eventueel geld. In het tweede geval ontwikkelt het verkleden zich tot een manier om de eigen emoties te reguleren.

Omdat die twee functies niet echt verenigbaar zijn, ontstaan er twee verschillende groepen transgenders. Voor de showgirls heeft het verkleden en het vrouw zijn/spelen een sociale functie. Het is een manier om andere mensen te ontmoeten en tegemoet te treden.

Voor klassieke transgenders die niet naar buiten gaan, heeft het vrouw zijn een emotionele functie: het is seksueel opwindend en/of ontspannend, rustgevend. Beide typen bekrachtiging spelen in beginsel een rol, maar kunnen per klassieke transgender qua belang verschillen.

Vervolgens zijn er ook tussengroepen. Klassieke transgenders die voorzichtig naar buiten gaan. Showgirls die ontdekken dat ze opgewonden kunnen raken van zichzelf.

Toch heeft in de praktijk vaak één van die twee functies de overhand. Het is moeilijk om voor 50% alles te doen om er in de ogen van je publiek goed uit te zien en om tegelijkertijd voor 50% je zo te kleden, dat je jezelf optimaal voelt.

Showgirls zijn volledig gericht op mannen volgens Bailey. Volgens mij is het omgekeerde echter minstens even waar: (heteroseksuele) mannen zijn door hun aard gericht op showgirls. Mannen horen bij een showgirl als vliegen bij de stroop. Showgirls vinden het heerlijk er als verleidelijke, uitdagende, sexy vrouwen uit te zien. Zodra dat echter lukt, reageren daar om begrijpelijke redenen vooral heteroseksuele mannen op.

Beide groepen transgenders willen om een of andere reden vrouw zijn of voor vrouw spelen. Beide groepen zijn gefascineerd door de vrouwenrol. De ene groep vermoedelijk omdat men van nature iets vrouwelijks heeft, waardoor de vrouwenrol als het ware op het lijf is geschreven, terwijl de mannenrol dat vermoedelijk juist niet is en daardoor problemen geeft. Sociale bekrachtiging motiveert daarna om die vrouwenrol steeds beter en perfecter te gaan spelen.

Klassieke transgenders vinden het idee om vrouw te zijn, opwindend of rustgevend, maar hebben van zichzelf geen lichamelijke aanleg om die rol te spelen. Uitgaan als vrouw is vragen om problemen. Daarom blijft men thuis en speelt men zelf de vrouwenrol waarbij men tegelijkertijd ook zelf het publiek is. De invulling van de vrouwenrol krijgt door die kortsluiting tussen acteur en publiek die merkwaardige draai die typerend is voor klassieke transgenders.


Overige kenmerken

Het merkwaardige is dus, dat showgirls zich met duidelijk succes verkleden als vrouw, daar een (tijdelijk) bestaan mee opbouwen en op die manier heel rationeel bezig zijn. Er is dus geen enkele reden om hun gedrag uit een of andere extreme seksdrive te verklaren. En wanneer ze een sekse-operatie ondergaan, lijkt die extreme seksdrive daarna ook niet meer zo plausibel. Als je er rustig over nadenkt, is er vreemd genoeg eigenlijk weinig echt bijzonders aan showgirls behalve dat ze een natuurlijke geschiktheid hebben om de vrouwenrol te spelen.

Hun uiterlijk is misschien wel hun grootste kapitaal (om mannen aan te trekken) en net als bij echte vrouwen is het lastig om een blijvende relatie met een man op te bouwen en die man vast te houden. En net als veel echte vrouwen zijn ze erg op mannen gericht omdat ze die mannen nodig hebben en op een bepaalde manier gebruiken.

Het promotie-onderzoek van Vennix laat zien dat travestieten met homoseksuele contacten op de schaal voor seksuele opwinding juist lager scoren dan doorsnee travestieten. De travestie heeft in ieder geval voor een deel een andere functie gekregen en is nu meer gericht op sociale contacten. Ook dat gegeven lijkt dus in tegenspraak met de verklaring van Bailey volgens welke de seksdrive in beide gevallen volledig de verklarende factor zou moeten zijn.

Een ander punt dat ik hiervoor nog niet vermeld heb, is dat showgirls vaak meerdere oudere broers hebben. Ja, zegt Bailey, dat is bij homo´s ook zo. Volgens hem dus een extra bewijs voor hun intrinsieke homo-zijn. Maar is het niet veel waarschijnlijker dat deze jongens opgroeien in een omgeving met mannen die hoger in status zijn dan zij. In zo'n situatie is aandacht van de oudere broers een positieve bekrachtiger. De overstap naar een leven in coctail-bars om daar aandacht van oudere mannen te trekken, wordt daardoor gemakkelijker.

Andere kenmerken zijn dat ze vaak uit arme gezinnen komen, weinig opleiding hebben en een beperkt intellect. Dat zijn dus allemaal factoren waardoor het moeilijker is succesvol de mannenrol te spelen. Dit zijn dus objectieve factoren in plaats van de door Bailey veronderstelde, niet volledig ontwikkelde mannelijke geest

De showgirl is door de natuur (of de evolutie) opgescheept met -- naar het idee van mensen -- te veel vrouwelijke eigenschappen. Voor een man vinden wij dat in onze cultuur niet passen, maar voor een vrouw vinden we dat prachtig. Op die manier stimuleren we showgirls iets te worden dat ze in feite niet zijn. Het zijn mannen gevangen in een te 'vrouwelijk' lichaam.

Klassieke transgenders daarentegen hebben geen last van een te veel aan vrouwelijke eigenschappen, maar ervaren het tekort daaraan juist als een groot gebrek. Door een speling van de natuur zijn zij verliefd geraakt op de vrouw die ze zelf zijn. Het zijn geen vrouwen gevangen in een mannenlichaam, maar -- volgens Bailey -- mannen gevangen in een mannenlichaam die dromen over zichzelf als vrouw.


Conclusie

Wat moet je concluderen op basis van dit showgirl-fenomeen? Ik denk dat dit gewoon mannen zijn die als het ware geknipt zijn voor de vrouwenrol. Die vrouwenrol biedt in onze cultuur, in combinatie met al die opgewonden hetero-mannen, soms sociale voordelen. Op langere termijn natuurlijk ook veel nadelen als je die rol als man gaat spelen, maar dat is iets dat je pas later merkt. In eerste instantie is het een verleidelijke rol zeker als je perspectieven verder nogal onduidelijk zijn.

Showgirls laten zien dat sommige mannen de vrouwenrol met een bepaalde mate van succes kunnnen spelen en dat het vooral objectieve eigenschappen en omstandigheden zijn, in plaats van seksuele voorkeuren zoals Bailey stelt, die bepalen of een man die rol op zich neemt.

Dat showgirls inderdaad gevormd worden door de aandacht en reacties van hun publiek blijkt bijvoorbeeld uit het gegeven dat ze zich volgens Bailey afvragen of ze in de 'cocktailbar' wel genoeg zullen opvallen.

Het is de verdienste van Bailey dat hij dit onderscheid tussen klassieke transgenders en showgirls zo nadrukkelijk onder de aandacht brengt. Dat de verklaring die hij daarvoor aandraagt (aangeboren homoseksualiteit), vermoedelijk niet juist is, doet daar uiteindelijk niets aan af. Door dat onderscheid wordt duidelijk dat er twee totaal verschillende manieren bestaan, die ertoe leiden dat een biologische man gemotiveerd raakt het taboe op vrouwenkleding en de vrouwenrol te doorbreken.

Zoals op basis van Vennix duidelijk kan worden dat er voor klassieke transgenders twee onafhankelijke soorten bekrachtiging werkzaam zijn in het conditioneringsproces op de vrouwenrol, zo kan op basis van Bailey duidelijk worden dat er naast het conditioneringsproces dat zich 'in de kast' afspeelt, ook een conditioneringsproces bestaat dat aangedreven wordt door de sociale reacties van anderen.

De ene groep transgenders heeft aanleg om vrouwelijk over te komen. De andere groep heeft die aanleg meestal niet. De ene groep transgenders doorbreekt al vrij jong het taboe op vrouwenkleding voor mannen. De andere groep durft dat taboe niet openlijk te doorbreken. De ene groep transgenders wordt gevormd in het uitgaansleven en het nachtleven. De andere groep vormt zichzelf thuis met de gordijnen dicht. De ene groep gebruikt het vrouwelijke uiterlijk en de vrouwenrol vooral als middel om aandacht, etc. van anderen te krijgen. De andere groep gebruikt het vrouwelijke uiterlijk en de vrouwenrol vooral om zichzelf fijn te voelen. De ene groep kan supervrouwelijk overkomen, de andere groep komt vaak over als man-in-jurk. De ene groep kan zonder publiek niet leven, de andere groep vindt dat publiek van tijd tot tijd maar lastig.

------------
* Laatst aangepast: 8 september 2009.


Twee soorten transgenders -- Deel I, Klassieke transgenders

br /> Transgenders bestaan uit twee totaal verschillende soorten. En zo lang je dat niet begrijpt, begrijp je niets van transgenders. Dit is één van de belangrijkste stellingen uit het boek van J. Michael Bailey, 'The Man Who Would Be Queen'. Een groot deel van zijn boek wordt besteed aan het beschrijven en illustreren van dit onderscheid. Die twee groepen transgenders zijn min of meer een 'ontdekking' van Ray Blanchard en Bailey vermeldt dat ook.


'Transseksuelen' of 'transgenders'

Eigenlijk heeft Bailey het niet over 'transgenders', maar over 'transsexuals', transseksuelen. Maar hij gebruikt die term heel overkoepelend, ongeveer zoals ik 'transgender' gebruik (p. 144). Een ´transsexual´ is iemand die serieus van sekse wil veranderen, ook al is het alleen maar de bedoeling om dit tijdelijk te proberen en daarna weer terug te veranderen. Anderen zouden dit blijvend willen doen als het maar geen ingrijpende negatieve gevolgen zou hebben. Weer anderen laten zich door alle mogelijke problemen, niet remmen en willen een blijvende en zo volledig mogelijke transformatie, aldus Bailey (p. 144).

Het is niet een wel/niet-eigenschap, schrijft hij, maar iets dat je in meer of mindere mate kunt hebben. Sommige mensen hebben misschien genoeg aan zo af en toe een avondje verkleden, anderen willen en moeten blijvend en zo volledig mogelijk vrouw worden. Dat idee klopt met wat bijvoorbeeld Vennix in zijn onderzoek vindt: transseksualiteit is een glijdende schaal. In beginsel hebben alle transgenders de neiging/behoefte om zich te vervrouwelijken, maar niet iedereen gaat daarbij even ver.


Twee soorten transgenders

Ik zal proberen die twee verschillende groepen te beschrijven zoals ik zelf het onderscheid geleidelijk aan geleerd heb, al tijden voordat ik ooit van Bailey en Blanchard gehoord had.

De eerste keer dat ik naar een bijeenkomst van transgenders ging, was in Amsterdam. Ik was toen nog jong. In die tijd was er nog geen internet. Deze bijeenkomst was voor mij de eerste keer dat ik een groot aantal travestieten en transseksuelen zag. Deze bijeenkomst was voor mij een soort schok. Wat ik zag, vond ik niet mooi, om het zachtjes uit te drukken.

Een tijd later ontdekte ik dat er wel degelijk mannen waren die prachtige vrouwen konden neerzetten. Dit was het soort travestie dat ik bewonderde. Ook zag ik soms leuke vrouwen lopen, waaraan je als normaal mens eigenlijk niet kon zien dat het in werkelijkheid mannen waren.

Omdat die eerdere bijeenkomst georganiseerd was door de NVSH verdeelde ik vanaf dat moment transgenders (een woord dat we toen nog niet hadden) in 'NVSH-travestieten' en 'niet-NVSH-travestieten'. De enkele transseksuelen die er in die tijd rondliepen, werden daar ook mee bedoeld.

De eerste groep zag er voor mijn idee niet geweldig uit of zag er uit als man in jurk, de tweede groep zag er als vrouw vaak prachtig uit. Later merkte ik dat de mannen die prachtige vrouwen konden neerzetten, er aan gewend waren dat ze benaderd werden door mannen en dat vaak vanzelfsprekend en leuk vonden en daar soms hun geld mee verdienden.

Weer jaren later merkte ik dat je ook in grote groepen deze 'niet-NVSH-transgenders' vaak moeiteloos kon herkennen, tenzij je ze over het hoofd zag, omdat je dacht een knappe vrouw te zien.

Bailey noemt dit punt ook nadrukkelijk: puur op het uiterlijk kun je normaal al zien met wat voor type transgender je te maken hebt.

Bailey merkt ook op dat deze twee groepen niet mengen, wat ook in grote lijnen mijn ervaring is. De ´prachtige vrouwen´ voelen zich niet aangetrokken tot de ´mannen in jurk´ omdat die als het ware niet passen bij hun rol. Omgekeerd kijken de ´mannen in jurk´ vaak neer op de ´prachtige vrouwen´ omdat ze te sexy gekleed zijn, te vrouwelijk zijn en een te losbandig leven leiden.

Voor deze twee groepen transgenders bestaan verschillende benamingen. Bailey gebruikt de termen ´niet-homoseksuele´ en ´homoseksuele´ transgenders. Omdat dat heel veel suggereert dat misschien niet klopt, gebruik ik zelf liever de termen 'klassieke transgenders' voor de 'niet-homoseksuele' transgenders en 'showgirls' voor de op mannen gerichte mooie 'vrouwen'.


Homo- en heteroseksualiteit bij transgenders?


De biologische mannen die mooie, uitdagende, sexy en vrouwelijke vrouwen neerzetten, zijn de ´homoseksuele´ transgenders. Bailey noemt ze ´homoseksueel´ omdat ze gericht zijn op seksuele contacten met mannen en dat niet een beetje, maar volledig volgens hem. De mannen waar ze op gericht zijn, zijn heteroseksuele mannen. Nooit homo´s, want in de opvatting van homo's zien transgenders er te vrouwelijk uit.

Iemand die biologisch gezien man is, ziet eruit als verleidelijke vrouw en heeft een seksueel contact met een heteroman. In sommige gevallen is het zelfs zo dat die hetero helemaal niet door heeft dat hij niet met een biologische vrouw te maken heeft. Mag je dat een homoseksueel contact noemen? Die hetero valt echt niet op mannen. De term ´homoseksueel´ is hier dus nogal misleidend, maar Bailey ziet dit soort problemen niet en stelt verschillende keren dat deze transgenders in feite verstokte ´homoseksuele mannen´ zijn.

De biologische mannen die er als vrouw minder overtuigend uitzien, noemt Bailey ´niet-homoseksuele´ transgenders. Daarmee wordt niet bedoeld dat deze mannen nooit een seksueel contact met een man zouden kunnen hebben, maar wel dat deze transgenders in de eerste plaats op vrouwen gericht zijn. Veel van deze 'niet-homoseksuele' transgenders zijn getrouwd of getrouwd geweest.

Toch vallen er ook hier bij die ´niet-homoseksualiteit´ wel enkele kanttekeningen te plaatsen. Allereerst is iedereen geneigd ´niet-homoseksualiteit´ te vertalen met ´heteroseksualiteit´. Maar dat is te kort door de bocht. Klassieke transgenders fantaseren soms over seks met mannen waarbij zij de rol van vrouw spelen. Verder gaan klassieke transgenders een enkele keer toch, net als showgirls, seksuele relaties aan met (hetero-)mannen.

Een tweede kanttekening is dat de klassieke transgender in de praktijk vooral valt op de vrouw die hij zelf speelt of is. 'De vrouw die je begeert, ben jezelf.' Juist volgens Bailey is dit een belangrijk punt bij klassieke transgenders. Maar omdat klassieke transgenders vaak geen erg overtuigende vrouwen neerzetten (een ander belangrijk punt van Bailey), zou je dus ook kunnen redeneren dat ze in feite met die gerichtheid op zichzelf niet echt heteroseksueel meer zijn, maar op zijn minst ook wat homoseksueel omdat ze immers in feite gericht zijn op zichzelf als ´man in jurk´.

Verder zijn klassieke transgenders doordat ze een soort liefdesrelatie met zichzelf onderhouden, vaak minder fanatiek in seksuele contacten met echte vrouwen dan normale heteroseksuele mannen. Dit blijkt bijvoorbeeld uit het promotie-onderzoek van Vennix.

Ik denk daarom dat die termen ´homoseksueel´ en ´niet-homoseksueel´ in het geval van transgenders niet goed passen. Ze geven aanleiding tot misverstand en woede. Je bent een prachtige vrouw geworden voorzover mogelijk en hebt daarvoor al het mogelijke gedaan. Je verleden als biologische man is niet je meest favoriete gespreksonderwerp. Dan komt Bailey uitleggen dat je een typische homoseksuele man bent, die alleen om aan mannen te komen, zich heeft laten transformeren tot prachtige vrouw.

Ook klassieke transgenders zijn niet blij. Er wordt hun verteld dat ze niet homoseksueel zijn, terwijl ze soms stilletjes fantaseren over seks met een man die hen bewondert en accepteert als vrouw.

Neutraler klinkende termen om deze twee groepen aan te duiden zijn ´androfiel´ (seksueel aangetrokken door mannen) en ´gynefiel´ (seksueel aangetrokken door vrouwen). Deze termen komen wel voor in de Engelstalige Wikipedia, maar de Nederlandstalige kent deze termen niet. Ook de Van Dale kent ze niet: in Nederland zijn ze dus (nog) niet gangbaar. Verder klinken die termen wel neutraler, maar ze betekenen in feite weer precies hetzelfde.


'Autogynefiele' of 'klassieke' transgenders

Uitgaande van Blanchard en Bailey zou de juiste term voor de heteroseksuele of gynefiele groep transgenders ´autogynefiel´ (seksueel op zichzelf gericht als vrouw) moeten zijn. Deze term is inderdaad soms al in discussies op internet te vinden.

Een bezwaar is dat veel klassieke transgenders deze seksuele gerichtheid soms fanatiek ontkennen. Ook gebeurt het wel, dat men vervolgens enkele jaren later, toe geeft, toch autogynefiel te zijn. Kennelijk is die erkenning voor transgenders inmiddels, minder moeilijk dan enkele jaren geleden.

Omdat de verwijzing naar homo- en heteroseksualiteit voor mijn idee onnodig misleidend is, duid ik zelf -- zoals ik hiervoor al opmerkte -- voorlopig deze twee groepen aan als ´klassieke transgenders´ en ´showgirls´.

´Klassieke transgenders´ zijn mannen (ik beperk me hier tot M-V transgenders) die een (vaak langdurige) geschiedenis hebben van zich stiekem verkleden als vrouw of stiekem vrouwenkleren dragen en/of over zichzelf fantaseren als vrouw. Ze doen dat stiekem omdat ze weten of geleerd hebben dat het dragen van vrouwenkleding door een man in sociaal opzicht taboe en verwerpelijk is. Aan de andere kant wordt die vrouwenkleding ook geassocieerd met vrouwen en seks en maakt dat het verkleden samen met het verboden karakter, tot een opwindend en ontspannend iets. Verder is dat verkleden en fantaseren vaak gekoppeld geweest of nog gekoppeld aan masturberen. Dit laatste punt wordt soms bij hoog en laag ontkend. Van de transgenders die dit ontkennen, blijkt soms later uit andere uitlatingen dat ze dit toch wel deden. Aan de andere kant, sluit dit de mogelijkheid dat sommige klassieke transgenders geconditioneerd zijn geraakt op de vrouwenrol door bekrachtiging met iets anders dan seks, niet volledig uit.

----------------------------------------------------------------------------
Travestie en taboe

Een klassieke transgender kan vermoedelijk alleen ontstaan en bestaan dankzij het taboe op het dragen van vrouwenkleding door mannen. Op het moment dat een jongen of jonge man zich van dat taboe niets aantrekt en gewoon naar behoefte vrouwenkleding draagt, kan hij zich vrijwel zeker niet langer ontwikkelen tot klassieke transgender. Het taboe is een noodzakelijk bestanddeel van het recept voor een klassieke transgender. Wanneer men dat taboe eenmaal geleerd heeft, is het vrijwel onmogelijk dat taboe weer te ontleren. Eens geleerd, blijft geleerd.

Dat het taboe inderdaad essentieel is, blijkt uit de beruchte drang om zich van tijd tot tijd te verkleden. Alle pogingen om travestie af te grenzen resulteren er tenslotte in dat men een beroep doet op deze drang/dwang. Wanneer de respondent zegt dat hij gedreven door een vreemde drang/dwang zich van tijd tot tijd als vrouw moet verkleden, is er sprake van travestie. Maar mannen die deze drang rapporteren, blijken zich niet vaker te verkleden dan andere mannen, bleek uit het onderzoek van Vennix. Kennelijk is de gerapporteerde drang alleen een manier om het verkleden te rechtvaardigen voor een omgeving die daar afwijzend tegenover staat.

Gegeven dat taboe op het dragen van vrouwenkleding dat de respondent ervaart, hoeft het geen bevreemding te wekken dat de koppeling tussen de vrouwenrol en masturberen vaak een nog groter taboe is. Dit maakt het ook begrijpelijk, dat men dit liever ontkent dan bevestigt.

MvE
----------------------------------------------------------------------------


Klassieke transgenders en seks

Bailey stelt dat alle klassieke transgenders seksuele opwinding ervaren of ervaren hebben bij het spelen van de vrouwenrol. Hij baseert zich daarvoor op onderzoek bij transgenders waarbij gevonden werd dat vrijwel alle klassieke transgenders seksuele opwinding vertonen (gemeten via erectie van de penis) bij verhaaltjes waarin de mannelijke hoofdpersoon sexy vrouwenkleren aantrekt.

In sommige gevallen is de desbetreffende transgender zich van die seksuele opwinding volstrekt niet bewust en wordt die in alle toonaarden ontkend. Het is echter ook heel goed mogelijk dat de transgender deze koppeling voor zichzelf verwerpt en zich daarom niet bewust wil zijn van die opwinding. Wanneer het dragen van dameskleding al vreselijk verkeerd is, wat moeten we dan denken van masturberen in reactie op het dragen van dameskleding?

Mijn eigen waarnemingen op dit punt zijn als volgt. Wanneer men klassieke transgenders openlijk vraagt naar een koppeling tussen het verkleden of het vrouw zijn en seks wordt dat door sommigen openlijk toegegeven, maar door anderen volstrekt van de hand gewezen. Wanneer men echter de vraag anders formuleert en bijvoorbeeld vraagt, wat men opwindender vindt, seks gekleed als vrouw of seks gekleed als man, blijkt vrijwel iedereen seks gekleed als vrouw opwindender te vinden. Dat bevestigt dus het punt van Bailey dat die koppeling er inderdaad is.

Verder heb ik enkele malen meegemaakt dat een klassieke transgender de koppeling tussen het verkleed zijn/het vrouw zijn en masturberen bij hoog en laag ontkende, waarna enige tijd later uit eigen opmerkingen bleek dat die koppeling er wel was. Dit soort ervaringen maakt het niet gemakkelijker om zeer pertinente ontkenningen op dit gebied onmiddellijk volledig te accepteren.

Een volgende serie 'waarnemingen' die bevestigd worden door het promotie-onderzoek van Vennix is dat klassieke transgenders minder frequent seks hebben met hun eigen vrouw dan normale heteroseksuele mannen die getrouwd zijn. Klassieke transgenders hebben kennelijk minder vaak behoefte of zelfs volledig geen behoefte aan seks met hun vrouw. Ook dat lijkt het punt van Bailey te ondersteunen.

Dit betekent niet, dat het 'vrouw zijn', vooral een seksuele functie heeft bij klassieke transgenders. Uit het promotie-onderzoek van Vennix kwam duidelijk naar voren dat transgenders zelf twee totaal verschillende (niet-gecorreleerde) functies noemen: seksuele opwinding (wat het punt van Bailey bevestigt) en een ontspanningsfactor aangeduid als: Prettig-anders-als-vrouw. Naast de seksuele functie heeft het 'vrouw zijn' bij klassieke transgenders dus ook een ontspanningsfunctie: het is een manier om te ontspannen, om je prettig te voelen. Het belang dat verschillende transgenders aan deze twee functies toekennen varieert per transgender. Dat betekent ook dat er een klein percentage (van alle) transgenders rondloopt waarvoor beide functies, naar eigen zeggen, er eigenlijk niet (meer) toedoen.

Bailey lijkt met die ontspanningsfunctie van het 'vrouw zijn' echter niet op de hoogte. Hij benadrukt dat klassieke transgenders in feite heteroseksuele mannen zijn die verliefd zijn geraakt op de vrouw die ze zelf zijn/spelen. Als dat echter inderdaad zo zou zijn, ligt het voor de hand om te denken dat de ontmoetingen met die vrouw ook verantwoordelijk zullen zijn voor een stuk ontspanning en een stuk zelfbevestiging. Die dubbele functie hoeft niet in strijd te zijn met het verhaal van Bailey, maar vormt daar wel een uitbreiding op.

Het is moeilijk om de stelling van Bailey overtuigend aan te tonen. Er kan immers altijd nog een extra transgender rondlopen waarvoor zijn stelling niet opgaat. De stelling is vermoedelijk ook een reactie op het promotie-verhaal van de Amerikaanse transgenderbeweging dat travestie en transseksualiteit niets met seks te maken hebben. Een bewering die duidelijk onjuist is. Mogelijk schiet Bailey in reactie daarop wat door en stelt hij de kwestie iets prikkelender dan misschien verantwoord is.


Klassieke transgenders begrijpen

Bailey stelt een aantal malen dat hij eigenlijk niets begrijpt van klassieke transgenders. Zijn verklaring is dat dit heteroseksuele mannen zijn die verliefd zijn geworden op zichzelf als vrouw. Maar in zijn optiek is die verklaring te simpel en onbevredigend. Showgirls vindt hij echter prima te begrijpen. Dat zijn gewoon homoseksuele mannen die zo doortrapt zijn dat ze zich vermommen als vrouw.

Als ik hem goed begrijp, heeft hij bij showgirls iets van: dat zijn homoseksuelen, dus die willen alles doen om een echte man in bed te krijgen. Bij klassieke transgenders heeft hij echter het probleem dat het heteroseksuelen zijn, net als hijzelf, en voor zijn idee kun je van een normale heteroman niet dergelijk 'ziek' gedrag verwachten. Er zou dus een betere verklaring moeten zijn.

Omdat hij die verklaring volledig zoekt in aangeboren eigenschappen, zijn de mogelijkheden snel uitgeput. Een leermodel zou natuurlijk veel meer voor de hand liggen, maar daar is hij volstrekt niet mee vertrouwd. Hij denkt bijvoorbeeld dat als ouders iets afkeuren, dat werkt als straf en dat dan het gedrag moet verdwijnen. Dat die afkeuring juist bekrachtigend kan werken, heeft hij nog nooit gehoord. Op basis van dit soort foute vooronderstellingen, verwerpt hij een leermodel om het gedrag van klassieke transgenders te verklaren.

In mijn optiek zou het echter precies andersom zijn: showgirls zijn lastiger te verklaren, maar klassieke transgenders begrijpen we inmiddels prima. Klassieke transgenders geven zelf twee verschillende factoren aan die hun gedrag motiveren: seksuele opwinding en ontspanning. Het 'vrouw zijn' is dus normaal functioneel gedrag (gedrag dat gericht is op het krijgen van iets bekrachtigends) dat de normale gedragswetten volgt.

Door het taboe op dameskleding voor mannen wordt dameskleding sterk geassocieerd met vrouwen en seks. Het gevolg is dat dameskleding voor heteroseksuele mannen een seksuele lading krijgt. Wanneer een heteroseksuele man vervolgens een stapje verder gaat en zich gebrekkig verkleedt als vrouw, kan dat gepaard gaan met masturbatie. Die masturbatie werkt bekrachtigend en het gevolg is dat het verkleedgedrag en het vrouw-zijn-gedrag in frequentie en sterkte toeneemt. Door die voortdurende bekrachtigingen van enerzijds seks en anderzijds ontspanning identificeert de man zich tenslotte volledig met zijn vrouwelijke alter ego en wil hij tenslotte zo veel als mogelijk is, haar blijvend worden.

Het probleem is niet te verklaren dat er klassieke transgenders bestaan. Het probleem is eerder te verklaren dat slechts 3 tot 5 procent van de mannen transgender zijn. Dat niet veel meer mannen transgender zijn, komt door het sterke sociale taboe dat mannen in dit opzicht angstvallig in het gareel houdt. Denk bijvoorbeeld aan de toestand in Irak waar het dragen van vrouwenkleding door een man zodra dat bekend wordt, gemakkelijk marteling, gevangenschap en de dood kan betekenen. Hoewel de toestand in Nederland natuurlijk belangrijk beter is, zijn de ervaringen en verhalen van transgenders vaak uitermate schokkend, moeilijk voorstelbaar en diep triest.

Maar in feite vormen die verhalen de bevestiging dat het taboe werkelijk bestaat en dat de man die waagt het taboe te overtreden door de samenleving op allerhande subtiele en minder subtiele manieren, afgestraft zal worden. Daardoor blijft het taboe in stand en doordat het taboe in stand blijft, blijft die sterke koppeling tussen vrouwenkleding en vrouwen in stand. Die koppeling leidt er weer toe dat een volgende generatie mannen gefocust raakt op vrouwenkleding en de vrouwenrol.


Voorbeelden van transgenders

De meeste transgenders zijn nooit uit de kast gekomen. Via films en tv krijg je een bepaald stereotiep beeld voorgeschoteld. Soms terecht, maar vaak ook niet. Verder zie je er soms één op straat lopen, maar vermoedelijk nog vaker, zie je ze wel, maar heb je het niet door. Dat maakt praten over transgenders lastig. Er is vaak geen concreet plaatje bij of er is een verkeerd plaatje bij. Het is ook niet zo gemakkelijk voorbeelden van transgenders te vinden, omdat de meeste transgenders nog in de kast zitten.

Via de site van de gaykrant werd ik geattendeerd op Stu Rasmussen (hier). Stu is gekozen tot burgemeester in Silverton, een stadje met ongeveer 10.000 inwoners in de VS. En ja, Stu is ook transgender en wat zo mogelijk nog merkwaardiger is, ze is daar ook nog ontwapenend open over.

Wanneer ik via Google haar website lees, denk ik: ´Stu is een fantastisch mens, een prima kerel, maar ze ziet er niet uit als een kerel.´ En dat is ook precies wat ze zelf zegt.

Eigenlijk ziet Stu er helemaal niet uit en dat hoort een beetje bij 'klassieke' transgenders zoals ik het noem. Anderen noemen die groep transgenders 'type II' of men heeft het over 'heteroseksuele' transgenders omdat ze vaak getrouwd zijn (geweest). Dat ze er niet zo geweldig uitziet, geeft Stu ook openlijk toe. Ze heeft haar gezicht niet mee, zegt ze zelf.

Dat is vast waar, maar bij 'klassieke' transgenders speelt vaak nog iets anders, waardoor het uiterlijk soms wat vreemd overkomt. Bij 'klassieke' transgenders heeft de man vaak een lange historie van zich thuis verkleden in vrouwenkleren. Die vrouwenkleding en dat ´vrouw´ zijn vervult al die tijd een specifieke functie. De man leert daardoor die kleding en dat uiterlijk te kiezen, die hem een bepaald fijn gevoel geeft. Tenslotte zo rond het vijftigste jaar breekt die man uit. Hij gaat in zijn favoriete vrouwenkleren naar buiten. In die kleding voelt hij zich fijn en dat uiterlijk benadert de vrouw die hij graag wil zijn.

Die historie van vooral thuis verkleden met de gordijnen dicht om een bepaald emotioneel effect bij zichzelf te bereiken, is een totaal andere dan een normale vrouw doormaakt. Een normale vrouw kleedt zich om uit te gaan, te winkelen, op bezoek te gaan en ook te schitteren. En hoewel jonge meisjes soms qua kleding of make-up wat kunnen doorschieten, leren ze door sociale feedback hun kleding en uiterlijk te optimaliseren. Voor mannen gelden andere kledingsnormen dan voor vrouwen, maar ook voor hen geldt iets soortgelijks.

Doordat het thuis verkleden een specifieke functie had (seksuele opwinding, maar ook ontspanning en een bevrijding van de dagelijkse zorgen), levert dat een vreemd effect op zodra de man in die kleding naar buiten gaat. Ik noem dat het ´typische travestie-effect´. Ook dit is bij Stu nog te zien.

Ook de problemen die haar kleding opleveren en waardoor ik over haar las, zijn typische klassieke travestie effecten. Te korte rokken, te hoge hakken, een overdaad aan sierraden, teveel en verkeerde make-up, te sexy gekleed gaan, etc. en dat ook nog op de verkeerde momenten.

Ik kan me nog goed voorstellen dat je dat zo af en toe doet, maar dat je het bij andere gelegenheden toch maar liever niet doet. Maar Stu doet het ook in zijn rol van burgemeester en ook dat is iets wat typisch hoort bij klassieke transgenders. Om zich gelukkig te voelen, neigen ze ertoe zich op op hun favoriete manier als vrouw verkleden en het voelt als een gigantische inbreuk op het eigen leven als dat niet kan. Op dat moment kun je niet langer de vrouw zijn, die je zo graag wilt zijn. Die kleding wordt niet gezien als iets dat je voor de gelegenheid aantrekt, maar als een fundamentele behoefte, als een uiting van wie je wilt zijn.

Een volgend aardig punt is dat Stu ook heel open is over waarom ze dat doet. Ze vindt het opwindend, spannend. Het geeft haar een goed gevoel. Transgenders verschillen in de emoties die ze koppelen aan hun kleding, uiterlijk en vrouw zijn, maar voor vrijwel allemaal heeft de kleding en/of de vrouwenrol een duidelijke emotionele lading. Het is meer dan alleen maar kleding.

Een ander opvallend 'voorbeeld' dat me een beetje deed denken aan een klassieke transgender, maar het toch duidelijk niet is, vond ik in de Telegraaf (hier). 'Bert Kiekens kickt erop zich als baby te vertonen,' schrijft de Telegraaf. Volgens het artikel is Bert er heel open over dat deze kleding een seksuele lading voor hem heeft. Verder oogt het nogal bizar en aan de reacties die het artikel vermeldt, krijgt Bert dat soms ook te merken. Bert zegt dat hij die reacties heel erg leuk vindt. Ik geloof hem in dit geval niet zo, omdat die reacties nogal bedreigend zijn en hijzelf bovendien aangeeft dat die kleding hem een seksuele kick geeft. Kennelijk is het dus zo, dat die kleding hem een emotionele kick geeft en dat hij die bedreigende reacties op de koop toe neemt. Iets dat ook bij klassieke transgenders die naar buiten gaan vaak optreedt.

Dat Bert geen transgender is, komt vooral doordat hij niet tussen man en vrouw invalt. Maar die sociaal onaangepaste kleding doet wat denken aan sommige transgenders. En verder is er ook nog die koppeling met seks zoals Bert zelf aangeeft, die bij veel transgenders ook aanwezig is.

Een andere transgender wilde graag zeemeermin zijn en voelde zich ook zeemeermin. Sterker nog: er schijnen hele collecties mannen/jongens in de wereld rond te lopen die zich eigenlijk zeemeermin voelen en dat graag willen zijn. Mag je dit een transgender noemen? Omdat een zeemeermin van boven een mooi meisje is, zou ik denken van wel. Ook deze zeemeermin zelf verwoordde het in zulke termen.

Toch is er een belangrijk verschil met Bert. Een zeemeermin is per definitie iets prachtigs om naar te kijken en deze zeemeermin vond dat ook. Verder spaarde onze zeemeermin geen kosten, geen moeite en geen inspanning om toch maar vooral een perfecte zeemeermin te zijn. Ja, ze trad zelfs op voor publiek en televisie.

Was dit dan nog wel een 'klassieke' transgender, vraag ik me af. De reden voor mij om te denken dat ze dat inderdaad was, was het feit dat het zeemeermin-zijn voor haar een diepe emotionele lading had.

Maar doet een vrouw die zich mooi aankleedt, dat in feite ook niet vanuit een emotionele behoefte? Ik denk dat het verschil is, dat normale vrouwen zich mooi aankleden om een bepaald sociaal effect te bereiken. Als ze merken dat hun kleding of hun persoonlijkheid een positief effect sorteert, is dat voor hen emotioneel bevredigend. Bij klassieke transgenders is die koppeling echter rechtstreeks. De kleding of de rol is voldoende voor het opwekken van de emotie, de reactie van het publiek doet er niet of nauwelijks toe.

Ik wilde in deze blog een paar voorbeelden geven van transgenders. Tot nu toe heb ik er hooguit twee gegeven, waarbij de tweede (de zeemeermin) nogal extreem was en eigenlijk niet een goed voorbeeld vormt. Ik noemde het meer als randgeval.

Op de site van de T&T Groningen vind ik (hier) de levensgeschiedenis van Paulien Benschop. Paulien vormt een ander goed voorbeeld, denk ik. Je zult haar niet betrappen op te korte rokken of een te laag uitgesneden bloesje. Dat is allemaal niets voor haar. Verder komen in haar levensbeschrijving een aantal punten terug die vrij typerend zijn voor klassieke transgenders. De heteroseksualiteit als man. Het stiekeme verkleden gedurende een lange periode. De grote rol die emoties daarbij spelen. Het uitbreken rond of na het vijftigste. De sociale problemen die het verkleden tenslotte oplevert.

Het laatste voorbeeld dat ik hier wil linken, is Jaimee (hier). Ik vind het een prachtige foto en Jaimee staat er prachtig op. Mooi is ook dat ze er ook als man opstaat. Zo kan het dus ook. Je kunt ook zien dat ze er wel veel voor heeft moeten doen. Dit lijkt me typisch het plaatje van iemand die hecht aan een mooi uiterlijk en ook bereid was daar oneindig veel voor te doen. En hoewel ze onmiskenbaar wel transgender is, is ze bepaald geen klassieke transgender meer als ze dat al ooit geweest is.

Eigenlijk weet ik vrij weinig van Jaimee af, behalve deze foto. Maar die foto vertelt het nodige. Stu Rasmussen wil borsten, omdat ze dat zelf opwindend vindt. Paulien wil vrouw worden omdat ze emotioneel anders eigenlijk niet verder kan leven. Maar de foto van Jaimee schreeuwt het heel zelfbewust uit: ´Hier ben ik! Wat vind je van me?´ En ze weet het antwoord al.

Let ook op het verschil in grootte. Bij Stu Rasmussen zien we een klein plaatje en dat vinden we al heel dapper. Bij Paulien zie je ook een niet al te groot plaatje waar ze voor een groot deel op staat. Maar bij Jaimee krijg je haar in close-up op een gigantisch formaat. Jaimee is prachtig en ze weet het en net als een normale vrouw vindt ze het heerlijk om gezien en bewonderd worden.

Jaimee wil er perfect uitzien als vrouw, ook al doet dat misschien pijn en geeft dat kosten en gezeur, maar dat is niet het einddoel. Wat zeg ik? Jaimee moet er perfect uitzien. Bij haar is het perfecte uiterlijk een soort levensvoorwaarde geworden waar ze alles voor wil doen en waar de eigen emoties ondergeschikt aan zijn gemaakt. In dat opzicht lijkt Jaimee volledig op een knappe vrouw die weet dat haar uiterlijk haar grootste kapitaal is.

Als ik het goed zie, is dit het punt waarop Jaimee afwijkt van klassieke transgenders: haar uiterlijk is niet langer het middel om de eigen emoties te controleren, maar het middel om de buitenwereld tegemoet te treden en te schitteren.

Bij Stu zie je dat hij ook de confrontatie met de buitenwereld aangaat en dan vervolgens met betrekking tot zijn uiterlijk iets heeft uit te leggen. Zijn uiterlijk wijkt op een negatieve manier af van de verwachtingen. Hij heeft een prima verhaal, maar hij heeft zijn uiterlijk wat tegen.

Bij Jaimee zie je dat ze ook de confrontatie met die buitenwereld aangaat, maar dat doet door zich in close-up te laten zien. Haar uiterlijk werkt voor haar. Zij hoeft niets uit te leggen, ze hoeft zich alleen te laten zien.

In de volgende notitie die betrekking heeft op het boek van J. Michael Bailey, The Man Who Would Be Queen, speelt het verschil tussen klassieke transgenders en showgirls een centrale rol.

--------------
Laatst bewerkt: 7 september 2009 om 0.15.


' De man die een mooie vrouw wilde zijn'


Het boek van J. Michael Bailey (hier), ´The Man Who Would Be Queen´, is vooral onder transgenders omstreden. Speciaal transseksuelen vinden het boek soms maar kwalijk. Tegelijkertijd zijn er ook veel transseksuelen die de beschrijving die Bailey geeft, volledig denken te herkennen. Sommigen zien het boek zelfs als een ´eye-opener´.

Ik werd voor het eerst op Baileys boek geattendeerd door een artikel in het Continuüm door Arianne van der Ven over de kwalijke behandeling van Bailey door transgender-activisten na de verschijning van zijn boek (hier). Omdat iemand die onzin beweert, gemakkelijk met goede argumenten te bestrijden valt, wekte dat bij mij de indruk dat zijn boek wel eens de moeite waard zou kunnen zijn.

Om verder een indruk van het boek te krijgen, heb ik de 'customer reviews' op Amazon.com gelezen (hier). Hier kun je als lezer van het boek vertellen wat je ervan vond. Toen ik dit deed, stond de teller op 100. Geen geringe taak dus om die allemaal door te nemen.

In die meningen van lezers over het boek zie je twee totaal verschillende standpunten. In de ene visie is het hele boek eigenlijk nergens op gebaseerd en schandelijke onzin. In de andere visie is Bailey één van de belangrijkste seksuologen van deze tijd die de moeite heeft genomen een populair boek te schrijven dat je in één keer uitleest. Wie heeft er gelijk?

Amazon.com geeft een handig overzichtje van de verschillende lezers-recensies (hier). In dit overzicht zag ik dat van de 100 lezers er 56 vijf sterren aan het boek hebben toegekend: de maximale score. Een ruime meerderheid is dus volstrekt positief. Maar tegelijkertijd geven 35 van die 100 lezers aan maximaal negatief te zijn door slechts 1 enkele ster, de laagst mogelijke waardering, toe te kennen. Lezers die een wat meer genuanceerd oordeel vellen in de vorm van vier, drie of twee sterren zijn er amper. Slechts 9 van de 100, dus minder dan 10%, was niet maximaal tevreden of maximaal ontevreden.

Die lezers-recensies worden door de Amazon.com klanten beoordeeld op bruikbaarheid en worden desgewenst op de website ook op bruikbaarheid geordend. Nu doet zich een volgende merkwaardigheid voor: de meest negatieve recensies van het boek worden door de klanten van Amazon.com beoordeeld als de meest bruikbare! Toen ik telde, waren de 22 recensies die als het meest bruikbaar werden beoordeeld allemaal 1-ster recensies. De 35 volstrekt negatieve recensies scoorden allemaal bij de 50 meest bruikbare recensies. De 50 minst bruikbaar geachte recensies waren vrijwel allemaal 5-ster recensies. Ik telde slechts één uitgesproken negatieve recensie (2 sterren) en één neutrale (3 sterren) in deze groep. Een negatieve recensie wordt dus door de Amazon.com-klanten gezien als bruikbaar, terwijl het veel grotere aantal positieve recensies wordt gezien als niet of minder bruikbaar. Kennelijk willen de mensen die informatie over het boek zoeken, dus vooral horen dat het niets is. Dat is natuurlijk ook gemakkelijk. Op die manier hoef je het boek niet aan te schaffen en te lezen en krijg je toch bevestigd, wat je door het rumoer rond het boek al begrepen dacht te hebben.

Wie echter de moeite neemt om al die lezer-recensies door te nemen, ziet inderdaad dat een royale meerderheid van de lezers het boek zeer de moeite waard vindt.

Wat vind ik van het boek? Het begin van het boek vond ik zeer merkwaardig. Bailey mengt feit en fictie op zo'n manier dat niemand meer achterhalen kan wat nu feit en wat nu fictie is. Als je een artikel in de krant leest, heeft dat normaal een duidelijke basis. Er is iets gebeurd en dat wordt gerapporteerd. Eventueel wordt er op het einde een soort conclusie aan toegevoegd door iemand commentaar te laten geven. Maar Bailey begint zijn boek met alles stevig door elkaar te hutselen. Het lezen van fictie vind ik moeilijk, omdat de feiten vaak zo veel interessanter zijn. In dit boek had ik in het begin soms het gevoel in een soort keukenmeiden-roman verzeild te zijn geraakt. Tegelijkertijd ziet Bailey dan ook nog kans allerhande stellingen te poneren als feiten, terwijl die stelling door normale mensen (zonder zijn specifieke kennis op dit gebied) beschouwd worden als vooroordelen. De lezer wordt in het begin van dit boek dus stevig tegen de haren in gestreken. Na de eerste twee hoofdstukken of ongeveer de eerste 40 bladzijden verdwijnt dat probleem. Bailey wordt wat feitelijker en duidelijker en het wordt duidelijker wat hij eigenlijk bedoelt te zeggen.

Na dat afstotende begin, vond ik het boek meer dan de moeite waard. Tegelijkertijd haalt Bailey veel overhoop en snijdt hij veel problemen tegelijkertijd aan. Het is dus zeker niet zo dat ik het voortdurend met hem eens ben. Integendeel, maar dat neemt niet weg dat het boek juist doordat het zo veel overhoop haalt, zeer de moeite waard is, voor iemand die bereid is het actief te lezen.

In ieder geval is het boek niet te herleiden tot een enkele stelling waarmee je het vervolgens eens of oneens kunt zijn. Het boek vormt in feite een heel reeks stellingen en heel veel van die stellingen zijn politiek correct, terwijl andere neerkomen op vloeken in de kerk. Bij veel stellingen heb ik soms toch mijn twijfels, daarover later meer. In vervolg-notities zal ik proberen het boek punt voor punt te bespreken.


Mooie tekst, verre droom


Op dinsdag 23 juni 2009 verscheen er in NRC/Handelsblad alsmede in een aantal andere landelijke kranten de volgende pagina grote advertentie.

-------------------------------------------------------------------------------------------
Moet jij jezelf thuislaten als je naar buiten gaat?

Nederland was en is een land waar niemand zijn eigen ik hoeft te verstoppen. Het is een land waar vrouwen dezelfde kansen krijgen als mannen.

En waar in één boekenkast de Bijbel en de Koran gebroederlijk naast The Originin of Species van Darwin kunnen staan.

Het is een land waar mannen van mannen mogen houden en vrouwen van vrouwen. Of van allebei. Het is een land waar je politieke kleur er net zo min toe doet als die van je huid.

Nederland is een plek waar niet geoordeeld wordt over kleur, geslacht, leeftijd of geloof. Iedereen moet zichzelf kunnen zijn en zich thuis kunnen voelen.

Om dat te beschermen zijn er regels waar we ons allemaal aan moeten houden. Namelijk dat iedereen in Nederland gelijk moet worden behandeld. Dat discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, niet is toegestaan.

Want in Nederland hoeft niemand zichzelf thuis te laten. In Nederland mag iedereen overal zijn of haar eigen ik laten zien.

kijk op discriminatie.nl
------------------------------------------------------------------------------------------

Ik vind het een prachtige tekst. Het is een ontroerend verhaal. Wat is Nederland toch een fantastisch land! Maar voor de meer dan 400.000 Nederlandse transgenders is het ook een bitter verhaal. Want wat geldt als je zwart of bruin bent, als je Jood bent of niet-Jood, als je man of vrouw bent, als je homo of hetero bent, dat geldt in de praktijk niet zodra je op een of andere manier de pech hebt tussen man en vrouw in te vallen.

En wie de moeite neemt die prachtige Nederlandse wetten op dit punt eens wat beter te bekijken, komt van een koude kermis thuis. Ze staan vol hoogdravend proza over wat er allemaal niet mag. Maar vervolgens zijn de sancties boterzacht of ontbreken grotendeels. Want de wetgever vindt het gemakkelijker op dit punt op onze goede wil en keurige manieren te vertrouwen.

Met de mond beleidt men het evangelie: discriminatie is verkeerd! Het evangelie wordt ook nadrukkelijk verkondigd en dat mag ook wat kosten. Vervolgens is de plicht gedaan: men drinkt een glas en doet een plas.

Als transgenders dezelfde rechten willen als andere Nederlanders, zullen ze die, net als vrouwen ooit gedaan hebben, zelf moeten bevechten. En zoals een ambtenaar in dit verband tegen me opmerkte: 'Ook bij de vrouwen heeft dat meer dan honderd jaar geduurd.'


Lastig voorlichten over 'transgender'


Deze ochtend (2 juli 2009) lees ik toevallig in het Dagblad van het Noorden (editie Stad & Haren) op pagina 9 in de rubriek Vraag & Antwoord een stukje dat me bijna tegen het plafond doet stuiteren. Het stukje heeft de titel: ´Doorsnee travestiet loopt niet zo snel in opvallende kleding´ en is geschreven door Inki de Jonge. Op het moment dat ik deze blog schrijf, is dat stukje nog niet on line te vinden. Daarom geef ik hier de tekst.

----------------------------------------------------
Het Platform Sociale Acceptatie wil weten hoe bekend Noorderlingen zijn met het fenomeen transgenderisme. Uit de resultaten van de eerste enquêtes blijkt dat er nog best wat werk aan de winkel is. Woordvoerder Anne Russchen legt uit.

Transgender. Legt u eens uit, wat is dat?
¨Transgenderisme is een verzamelnaam voor een brede groep mensen die zich niet, of alleen soms, thuisvoelen in het lichaam waarin ze zijn geboren.¨

Wat is naar voren gekomen uit de enquêtes van het Platform Sociale Acceptatie?
¨Veel ondervraagden verwarren dat begrip met travestie, of transseksualiteit. Maar transgenderisme is dat allemaal. Mensen denken ook dat travestieten of transgenderisten homoseksueel zijn. Ze denken dat travestieten extravagante dragqueens zijn, terwijl de doorsnee travestiet juist niet zo snel in opvallende kleding zal lopen.¨

Waarom is de uitkomst van die enquête belangrijk?
¨Omdat daaruit blijkt dat de sociale acceptatie van transgenderisme in Noord-Nederland dertig jaar achterloopt. Als mensen niet weten wat iets is, kan een negatieve houding ontstaan.¨

Wat gaat het Platform Sociale Acceptatie daaraan doen?
¨We brengen een gay- en transgendergids uit in de stad. En zullen de komende tijd zichtbaar zijn op allerlei evenementen.¨

Maar ´zichtbaar zijn´, helpt dat wel?
¨Ja. Het is belangrijk om de mensen te leren kennen. Net zo goed als de mensen ons moeten leren kennen.¨

Het Platform Sociale Acceptatie is dit voorjaar opgericht. Het is een samenwerkingsverband tussen verschillende homogerelateerde organisaties in Groningen en Drenthe, en het maakt zich sterk om de acceptatie van homo, lesbisch, biseksueel en transgender Nederland te bevorderen.
-----------------------------------------------------

Waarom irriteert het stukje mij op een aantal punten?

Een eerste punt is dat Anne helemaal geen woordvoerder is van het Platform Sociale Acceptatie, maar zichzelf kennelijk als zodanig heeft benoemd. Het Platform is een door de Gemeente Groningen in het leven geroepen overleg-orgaan waarin alle mogelijke clubs op homo en transgendergebied vertegenwoordigd zijn, maar het doel van dat Platform is nooit geweest om gezamenlijk allerhande standpunten uit te dragen. Het idee was steeds dat iedere club dat zelf moet doen.

Een tweede punt is dat er aan dit stukje ook geen enkel formeel persbericht of iets dergelijks ten grondslag ligt. Als het Platform naar buiten zou willen treden, zou je denken dat ze toch in ieder geval daar over nagedacht hadden en een tekst hadden opgesteld waar alle clubs het mee eens waren om die vervolgens de verschillende media toe te sturen. Maar een papieren of digitale bron voor het bericht ontbreekt volledig en het bericht is alleen gebaseerd op het mondelinge verhaal van Anne.

Nu zijn dat misschien allemaal min of meer formele punten. Maar wat ik in dit stukje moeilijk vind, is die term 'transgenderisme' en de invulling die Anne daaraan geeft. Wat is 'transgenderisme'?

In eerste instantie dacht ik, dat Anne met die term transgenderisten bedoelde. Dat zijn mannen die als vrouw leven of vrouwen die als man leven zonder geopereerd te zijn. Maar uit het vervolg van het stukje blijkt dat ze met 'transgenderisme' gewoon 'transgenders' bedoelt. Maar als je gewoon 'transgenders' bedoelt, waarom zeg je dan niet gewoon 'transgenders'? Die term lijkt me al lastig genoeg voor iedereen, we hoeven het niet nog lastiger te maken.

Goed, wat zijn 'transgenders'? Transgender is een paraplu-term voor alles dat invalt tussen man en vrouw. Dus afwijkt van de klassieke man/vrouw-indeling. Transgenders bestaan dus uit travestieten, transseksuelen, dragkings en dragqueens, mannen in rok of jurk, transgenderisten, vrouwelijke mannen, mannelijke vrouwen en alles wat verder nog tussen man en vrouw invalt. Mannen in rok en mannen in jurk zien zichzelf vaak als normale mannen en niet als transgender. Met het eerste is niets mis, maar zo lang ze in de ogen van de samenleving op een bepaald punt toch afwijken van de normale sekserol zijn ze dus volgens deze definitie toch transgender of ze willen of niet.

Transgenderisten zijn mannen die leven als vrouw of vrouwen die leven als man zonder dat ze lichamelijk via een sekse-operatie zo volledig mogelijk aan die rol zijn aangepast. In ons land waar de rollen voor mannen en vrouwen heel erg overlappen, betekent dat in de praktijk vooral dat men zijn uiterlijk voortdurend probeert te vervrouwelijken of te vermannelijken.

Transseksuelen die nog niet zijn geopereerd, maar al wel als vrouw of man leven (de Real Life Experience) leven op dat moment dus eigenlijk als transgenderist. Omdat de term erg lijkt op transgender, is het een volstrekt verwarrende term en is het dus veel verstandiger deze helemaal niet te gebruiken. Aan de andere kant zijn er wel voorbeelden van mannen of vrouwen die leven als de andere sekse zonder dat men geopereerd is of een sekse-operatie wenst.

Transgenderisten zijn dus een kleine subgroep van die grote verzameling transgenders die de samenleving telt.

Terug naar Anne. Anne begint dan met op te merken dat 'transgenderisme' een verzamelnaam is voor mensen die zich niet thuis voelen in het lichaam waarin ze zijn geboren. Als ze hier bedoelt ´transgenderisten´ dan klopt dat niet. Transgenderisten zijn immers mensen die leven als de andere sekse zonder dat ze zich laten opereren. Kennelijk zijn ze dus redelijk tevreden met hun lichaam zoals dat is.

Wanneer Anne met ´transgenderisme´ de grote groep transgenders bedoelt, klopt haar verhaal ook niet. Procentueel gezien bestaat het grootste deel van de transgenders uit travestieten en mannen in rok/jurk en dergelijke. De meeste van die mannen voelen zich prima thuis in hun lichaam. Alleen de procentueel uiterst kleine groep transseksuelen leeft/leefde vaak in onvrede met het eigen lichaam.

Er is wel een groot deel van de mannelijke travestieten dat wel eens fantaseert of nadenkt over het vervrouwelijken van het eigen lichaam. Veel mannen zouden graag borsten willen of hun baardgroei kwijt willen. Dit ligt echter allemaal meer in de sfeer van het eigen lichaam mooier maken volgens de eigen opvattingen dan dat er sprake is van echte onvrede met het eigen lichaam.

Het punt dat Anne kennelijk wil maken, is dat de groep 'transgenders' bestaat uit meer dan alleen maar travestieten en transseksuelen. En daar heeft ze helemaal gelijk in, het komt op deze manier alleen niet erg over.

Een interessant 'geval' zijn bijvoorbeeld interseks-personen. Sommige jongens ontwikkelen in de puberteit net als meisjes borsten. Het kan zijn dat verder alles normaal functioneert zodat ze wel kinderen kunnen verwekken. Interseks-personen hebben het vaak al moeilijk genoeg en voelen er dus vaak weinig voor om als transgender aangemerkt te worden, dat immers door het grote publiek vaak vooral geassocieerd wordt met travestie en transseksualiteit. Een ander voorbeeld is een vrouw met een volle baard die wel normaal zwanger wordt en ook zelf haar kinderen zoogt. Zijn dit transgenders? Ik denk het wel. Een vrouw met een baard zien we normaal niet als 'echte vrouw'. Een jongen met borsten heeft vaak geen leven. De samenleving ziet dit dus als afwijkingen van de man/vrouw-norm. Het slachtoffer kan er niets aan doen (dat geldt trouwens voor andere transgenders vaak ook), maar krijgt wel te maken met de sociale consequenties.

Terug naar het stukje. De tweede vraag gaat over de 'enquêtes' van het Platform Sociale Acceptatie. Het Platform heeft echter geen enquêtes uitgevoerd. Tijdens het Bevrijdingsfestival heeft de Transgendergroep Groningen via Anne en mij een aantal festivalgangers benaderd om een korte vragenlijst in te vullen. Het verslag dat ik van dat vragenlijst-onderzoekje gemaakt heb, is te vinden op de website van de Transgendergroep Groningen (hier). Geen Platform dus, maar Transgendergroep. Geen enquêtes maar enquête.

De meest opvallende uitkomst uit dat onderzoekje is dat veel respondenten het percentage transgenders (dat voor de mannelijke bevolking rond de 5 procent moeten liggen volgens bevolkingsonderzoek) te laag inschatten. Maar volgens ´woordvoerder´ Anne komt uit het onderzoek iets totaal anders naar voren, namelijk dat de ondervraagden transgenderisme verwarren met travestie en transseksualiteit. De vragenlijst bevatte daar echter geen enkele vraag over. Bovendien lijkt me er van 'verwarring' bij de respondenten geen sprake. Anne bedoelde met transgenderisme de groep transgenders en die bestaat dus echt voor een belangrijk deel uit travestieten en transseksuelen.

En hoewel onze respondenten vermoedelijk net zo vaak problemen hebben met dat begrip 'transgenderisme' als Anne, is dat niet uit dit onderzoekje gebleken. Iets wat ook de journalist simpel had kunnen weten door even het online verslag na te lezen.

Vervolgens lees ik dan dat de uitkomst van de enquête belangrijk is, omdat de sociale acceptatie van ´transgenderisme´ (bedoeld wordt: transgenders) in Noord-Nederland 30 jaar zou achterlopen. Leuk verzonnen, maar op niets gebaseerd. Er is voorlopig geen enkele reden om te denken dat Noord-Nederland achterloopt. Integendeel, de gemeente Groningen probeert zich juist nadrukkelijk te op te werpen als een stad waar ook homo's, lesbo's, bi's en transgenders zich thuis moeten kunnen voelen.

Het stukje eindigt met de vraag of ´zichtbaar zijn´ wel helpt. Ik denk dat het een goede zaak is als transgenders zich eindelijk wat vaker durven te laten zien. Ik denk niet dat dat voldoende is om de vele vooroordelen weg te nemen. Zo simpel werkt dat niet. Maar wat volgens mij in ieder geval niet goed werkt, is een slordige presentatie en daaronder reken ik in dit verband ook: slordige voorlichting.

De andere kant van dit verhaal is, dat we Anne de begripsverwarring rond transgender en transgenderisme niet helemaal kunnen aanrekenen. Zo blijkt de Nederlandse Wikipedia (hier) een item te bevatten over 'transgenderisme' dat uitermate verwarrend is en dat deze vreemde en nogal overbodige term in één adem koppelt aan zowel 'transgenders' als 'transgenderisten'. De Grote Van Dale kent wel de term 'transgenderist', maar niet de termen 'transgender' en 'transgenderisme'. Echt ingeburgerd is die term 'transgender' dus nog lang niet. Een transgenderist zou iemand zijn die zich gedeeltelijk man en gedeeltelijk vrouw voelt. Dat is nogal vaag, lijkt me, want hoe moet je dat vaststellen? In ieder geval is het weer een andere omschrijving van 'transgenderist' dan die ik eerder gaf.

De Engelse Wikipedia (hier) geeft onder 'transgender' een nogal ingewikkelde omschrijving die meerdere kanten op kan en vrij lang is, maar bevestigt tegelijkertijd dat 'transgender' tegenwoordig als paraplu-term wordt gebruikt. De Webster's Online (hier) verwijst gemakshalve weer naar de Wikipedia. De American Heritage (hier) stelt een transgender gelijk aan een transseksueel. Vermoedelijk doordat travestieten zich normaal nooit laten zien, terwijl het relatief kleine aantal transseksuelen soms wel zichtbaar is. De Random House Dictionary (hier) stelt een transgender gelijk aan een travestiet en transseksueel. Kortom, voorlopig is het kennelijk soms nog een verwarrende term.

Toch is die verwarring eigenlijk niet nodig. Een transgender is iemand die op een of andere manier (vaak door gedrag of uiterlijk) tussen de 'echte mannen' en de 'echte vrouwen' invalt. Uitgaande van die definitie is het dan inderdaad zoals mensen volgens Anne vaak denken: travestieten en transseksuelen vormen binnen de transgenders belangrijke groepen. Tegelijkertijd klopt dan ook wat Anne probeerde te communiceren: de groep transgenders omvat veel meer dan alleen die twee bekende subgroepen.

-----------
* Laatste versie 3/7/2008 C


Transgender coming-out op Bevrijdingsfestival


'Beetje gek'

"Sorry hoor, ik kan er niks aan doen, maar als ik u zo zie, van beneden net een vrouw en van boven gewoon een man, dan vind ik dat gewoon een beetje gek." De vrouw die dit zegt, is spontaan naar me toe gekomen. Ze ziet er wat onopgemaakt en recht voor zijn raap uit. Een beetje van: 'Ik ben, zoals ik ben en ik draai er niet omheen'.

Ik begrijp wat ze bedoelt en ben het helemaal met haar eens. Een man in een minirok is een beetje vreemd. Wanneer zie je zoiets nu? Ook bij andere festivalgangers zie ik soms iets lacherigs. Een andere mevrouw komt me spontaan vertellen dat ze mijn kleren mooi vindt. Een paar opgeschoten jongens schreeuwen in het langslopen: 'Vieze, gore, kut-homo.' Veel mensen kijken even, andere mensen lijkt het amper op te vallen. Verder reageert niemand agressief of vervelend.


Bevrijdingsfestival

Het is 5 mei 2009: Bevrijdingsfestival. We staan in het Stadpark van Groningen aan het begin van de Concourslaan. Achter ons speelt een band het repertoire van Normaal. De Concourslaan is vol jonge stadjers die van en naar het festival gaan. Volgens de festival-organisatie moeten het er in totaal een 50.000 geweest zijn, lees ik een dag later in het Dagblad van het Noorden. Het weer is soms wat koud en winderig, maar voor de rest perfect. De sfeer is ontspannen en gezellig. Even verderop staat collega Anne twee dames alles uit te leggen over transgenders. Samen bemannen we de halve marktkraam van de LKG T&T (Landelijke Kontaktgroep Travestie en Transseksualiteit), afdeling Groningen.

Voor de Groningse transgenders is dit hun 'coming out', lees ik later bij de foto-reportage op de website van de T&T Groningen (hier). Nooit eerder hebben de Groningse transgenders zich op deze manier en zo openlijk aan het publiek gepresenteerd.


Doel

Waarom staan we hier? Wat is ons doel? Ons belangrijkste doel vandaag is ons te laten zien. Te laten weten aan het langstrekkende publiek dat er in Groningen de nodige transgenders zijn en dat die zich durven laten zien. Natuurlijk proberen we op een positieve manier zichtbaar te zijn. Het is niet de bedoeling mensen af te schrikken, maar juist wat begrip en belangstelling op te wekken. Tenslotte is het ook de bedoeling mensen die iets meer willen weten wat te vertellen over transgenders.


'Transgenders'?

Veel mensen weten niet precies wat 'transgenders' zijn en dat is geen wonder want ook veel transgenders zelf weten dat soms niet precies. Met 'transgenders' bedoelen we alle mensen die op een of andere manier door de samenleving niet als 'echte man' of 'echte vrouw' worden gezien. Alles dus wat tussen man en vrouw invalt. Je kunt dan denken aan travestieten en de twee groepen transseksuelen: transvrouwen en transmannen. Maar er is tegenwoordig ook een groep mannen die rokken draagt op een stoere manier, de mannen in rok, en een groep mannen die juist op een vrouwelijke manier rokken of jurken draagt. Tenslotte is er ook nog een grote groep mensen die van nature niet erg mannelijk of niet erg vrouwelijk overkomt en daardoor tussen beide seksen invalt.


Aanpak

Hoe proberen we vandaag ons doel te bereiken? De marktkraam die we gehuurd hebben heeft een lengte van vier meter, maar delen we met Ganymedes om de kosten te drukken. Ganymedes is een nieuwe studenten gezelligheids-vereniging speciaal opgericht voor homo-, lesbische, bi- en transgender-studenten (hier).

Samen in één kraam staan, heeft zijn beperkingen. Wanneer mensen vol interesse in de kraam kijken, zien ze links kreten als 'HOMO' en 'LESBISCH', terwijl in de rechter helft de veel minder bekende tekst 'T&T GN' hangt. De afkorting 'GN' staat voor 'Groningen', want voluit bleken al die letters die zo mooi geprint waren op aparte vellen A4 net niet in onze twee meter te passen. Het resultaat is dat we vaak voor een homoclub worden versleten, terwijl de meeste transgenders hetero zijn en het helemaal niet leuk vinden om steeds voor homo te worden aangezien.

Op de linkerhoek van onze kraam steekt de witte vlag met het blauwe T&T-logo op de ene kant en het transgenderteken op de andere kant naar buiten. Omdat al die kramen een lange sliert vormen, valt die naar buiten uitstekende vlag goed op.

Anne had het idee om de kraam niet alleen op te fleuren met ballonnen, maar ook met getransgenderde barbiepoppen. Het zijn barbie's met ken-kleertjes of kennetjes met barbie-kleertjes. Soms is het haar van de barbies ook nog kort geknipt. Het gaat me wel wat aan het hart die gekortwiekte hoofdjes te zien die vroeger zo'n prachtige vracht haar droegen, maar het werkt soms wel. Niet iedereen ziet het altijd, maar de mensen die het zien, reageren met 'ah' en 'oh'.

Op de tafel van de kraam hebben we aan aantal exemplaren van de T&T-folder uitgespreid, een aantal nummers van Transformatie (het blad van de LKG T&T) en wat boeken over travestie en transseksualiteit. Verder ligt er nog onze vragenlijst met 6 korte 'nee/?/ja/'-vragen over transgenders. Die vragenlijst hebben we speciaal voor dit festival gemaakt en is in de eerste plaats bedoeld om met de mensen in contact te komen.

Met de mensen die de vragenlijst invullen, nemen we na afloop de antwoorden even door en vertellen we wat volgens ons het juiste antwoord had moeten zijn. De invullers van de vragenlijst mogen als attentie een love-kaartje uitzoeken. De bedoeling is dat ze op dat kaartje een wens schrijven en dat vervolgens aan iemand anders geven. Vooral vrouwen blijken hun keuze heel zorgvuldig te maken en dit idee leuk te vinden.

Het belangrijkste van onze stand is natuurlijk de bemensing. Rond 11 uur kwam Jeanine, de voorzitter van de LKG T&T en gastvrouw van de afdeling Groningen, nog wat spulletjes brengen en wat foto's maken. Jeanine kleedt zich voor dit soort gelegenheden altijd als vrouw op een niet opvallende manier.

Mijn collega Anne is nog iets langer dan ik en leeft al jarenlang voortdurend 'als vrouw', zoals ze zelf zegt. Ik vind die opmerking altijd altijd wat intrigerend, omdat ik al twintig jaar in huis en daarbuiten precies hetzelfde werk en dezelfde taken doe als mijn vrouw, dus ook huishouding en kinderen, maar ondanks al die inspanning is het duidelijk dat ik normaal niet 'als vrouw' leef, maar 'als man'.

Hoewel ik dus 'als man' leef, ben ik vandaag een beetje een speciaal soort man omdat ik voor de gelegenheid een minirok heb aangetrokken. Om te komen als echt normale man leek me niet erg opvallend en ook niet echt passend. Volledige travestie leek me in dit geval ook haar doel wat voorbij te schieten omdat je dan in eerste instantie toch vooral als vrouw gezien wordt en behalve dat je dan toch weer sekserol-bevestigend bezig bent, val je als 'vrouw' ook wat weg in de massa.


Weinig transgenders?

Mensen vinden zo'n man in minirok soms wat vreemd, omdat je het natuurlijk bijna nooit ziet. Het is niet dat ze de kleding lelijk vinden of zo. Nee, het beeld wijkt af van dat waarmee ze vertrouwd zijn. Dat is eigenlijk de enige reden waarom ze het wat gek vinden. Waarom zie je bijna nooit mannen in (mini)rok?

Mensen denken vaak dat dat komt, omdat er amper transgenders zijn. Dat is niet zo: uit bevolkingsonderzoek weten we dat tenminste 3% van de mannelijke bevolking zelf zegt travestiet te zijn en dat een 2% zegt zich vrouw te voelen. Er zijn dus op zijn minst evenveel mannelijke transgenders als verstokte homo's.

Waarom laten transgenders zich overwegend liever niet zien? Een man die vrouwenkleren draagt, wijkt af. Een afwijkende man wordt gezien als een man die niet tot de eigen groep behoort. Het is een buitenstaander. Andere mannen reageren daar vaak agressief op. Ik weet niet of mijn verklaring klopt, maar dat andere mannen er agressief op reageren, weet ik wel. De opgeschoten jongens die snel in het langslopen 'Vieze, gore, kut-homo!' riepen, vormen daar een voorbeeld van. (In dit geval had dat verder niet veel te betekenen, maar in andere gevallen reageert de transgender wat ongelukkig en loopt de situatie vervolgens supersnel uit de hand.) Transgenders lopen dus veel kans op negatieve reacties van vooral andere mannen en laten zich daarom liever niet als transgender zien.

In andere culturen dan de Nederlandse is de onverdraagzaamheid ten opzichte van vrouwelijk geklede mannen nog veel groter, maar ook hier, in Nederland, vallen onder transgenders nog regelmatig slachtoffers. Het onderwerp van mijn vorige blog (hier) was de moeilijke positie van homo's en transgenders in Irak waar in sommige delen vervolging en moorden op transgenders meer regel dan uitzondering zijn.

====================================================
Foto een brug te ver

Om mijn verhaal te illustreren, had ik in een eerdere versie van deze blog als illustratie een foto van mezelf opgenomen in klein formaat (640x480 pixels), die gemaakt was tijdens het Bevrijdingsfestival. Uit mijn omgeving kwam echter het dringende verzoek dat fotootje te verwijderen, omdat men bang was voor negatieve gevolgen. Uit eerdere gebeurtenissen weet ik dat deze angst niet altijd zonder grond is. Ik heb daarom besloten die foto te verwijderen. Kennelijk is zo'n foto in Nederland anno 2009 nog steeds een brug te ver. Mijn ervaring op dit punt stemt overeen met de ervaringen van veel andere mannen die rokken dragen. Andere transgenders die foto's van zichzelf publiceren op internet doen dat meestal onder een schuilnaam en op zo'n manier dat ze niet gemakkelijk herkenbaar zijn (pruik, make-up). Mijn collega Anne is op dit punt nog een uitzondering. Het portret dat ik tijdens het Bevrijdingsfestival van haar maakte, staat hier.

=====================================================



Slechts een kleine groep transgenders laat zich regelmatig wel duidelijk zien en werkt daarom heel beeld-bepalend. Dit is de kleine groep dragqueens en showtravestieten. Dit zijn transgenders die optreden, in de prostitutie werken of die gewoon voor hun plezier als vrouw uitgaan. De grote groep 'klassieke' travestieten zie je echter niet of nauwelijks, omdat ze het verkleden alleen thuis doen of als ze de straat opgaan, dat zo proberen te doen, dat ze als vrouw niet opvallen.


Resultaten

Welke resultaten haalden we met onze aanpak? Allereerst zijn heel veel mensen onze stand gepasseerd en zijn we door een belangrijk deel van die mensen vermoedelijk ook gezien. De stand was aanwezig van 11.00 uur tot 18.00 uur. In die tijd hebben naar schatting tenminste 30.000 mensen het festival bezocht. Omdat de meeste naar en terug liepen door het begin van de Concourslaan waar wij stonden, betekent dat dus in totaal ongeveer 50.000 mens-passages. Als we conservatief schatten dan zal zeker een 20% daarvan onze stand of ons gezien hebben. Dat levert dus dat we door tenminste 10.000 mensen gezien zijn.

Transgenders die als transgender naar buiten treden (en dat zijn er nog steeds niet zo veel), hebben het voordeel dat ze duidelijk zichtbaar kunnen zijn. Bij een deel van al die mensen hebben we mogelijk ook enige belangstelling gewekt. In ieder geval kregen we amper negatief commentaar en wel veel leuke reacties.

Tot het daadwerkelijk invullen van de vragenlijst en het bespreken van de resultaten daarvan kwam het in 46 gevallen. Ik hoop in een volgende blog op de resultaten (hier) terug te komen. Met de mensen die de vragenlijst invulden, is vaak wat langer gepraat en is ook getracht wat informatie te geven. De kleine attentie in de vorm van een love-kaartje werd vaak zeer op prijs gesteld en zorgde voor een positief accent.

Een belangrijke resultaat is mogelijk ook het voorbeeld voor transgenders zelf. Transgenders zien nu dat andere transgenders de straat op gaan, informatie geven en nadrukkelijk aanwezig zijn. Dat laat als het ware zien dat men niet alleen staat en dat die openlijke aanwezigheid in ons land in beginsel kan en normaal niet tot problemen leidt.

Een onverwacht resultaat was dat ik tijdens een pauze een tijdje met Mariëlla Smids van het CDA gepraat heb over de problemen van transgenders. Mariëlla stond in een kraampje even verder dan het onze op te roepen om op donderdag 4 juni toch vooral een stem uit te brengen voor het euro-parlement. Ze veronderstelde dat transgenders vooral problemen op straat zouden ondervinden. Ik heb haar verteld dat dit inderdaad wel voorkomt, maar dat in werkelijkheid de discriminatie op de werkvloer frequenter en qua gevolgen veel ernstiger is en dat de wetgeving op dit punt veel te wensen overlaat.

Wanneer ik onze halve kraam tijdens het Bevrijdingsfestival vergelijk met eerdere manifestaties waarbij transgenders zich aan het publiek probeerden voor te stellen, denk ik het volgende te zien. De Transgender Infodag in Eindhoven in maart 2008 was een groots opgezet evenement. De mensen die er echter voornamelijk op afkwamen waren transgenders, familie en hulpverleners. Voor de transgenders zelf was dit echter ongetwijfeld een belangrijke dag omdat ze nu konden zien met hoe gigantisch veel ze waren.

De Transgender Coming-out Day in Amsterdam waar ik daarna bij was, was meer een straatmanifestatie. Hier werden vooral toeristen bereikt in kleine aantallen. Bovendien kon je je hier afvragen of de indruk die de transgenders achterlieten bij het publiek altijd even geslaagd was.

In vergelijking met die twee evenementen is zo'n halve marktkraam bemensd door twee transgenders een klein opgezet iets waarmee je naar verhouding veel mensen bereikt.

Het belangrijkste resultaat lijkt me te zijn dat de Groningse transgenders uit de kast zijn gekomen en de straat zijn opgegaan om op een positieve manier actie te voeren voor meer acceptatie. Tegelijkertijd ben ik nog wat achterdochtig: zijn ze nu echt uit de kast gekomen of was dit een eenmalig gebeuren?


-----------
Laatst bewerkt: 16 mei 2009 om 2.00 uur.


Vervolging van homo's en travestieten in Irak


Volgens een bericht gedateerd op 18 april van dit jaar dat verscheen op de BBC-nieuwssite (hier) worden in Irak op grote schaal homoseksuelen en travestieten vervolgd en zelfs vermoord.

In het bericht wordt niet openlijk gesproken over travestieten en transgenders. Maar uit de beschrijvingen blijkt dat het daar wel vaak om gaat. Ik probeer hier voor de lezers die geen Engels lezen de grote lijn van het artikel weer te geven.

Dat het om travestieten gaat, blijkt bijvoorbeeld uit het verhaal van de ongeveer 12-jarige jongen die een bh draagt onder zijn Arabische kleding en op een politiebureau door mannen met een stok wordt gedwongen zich uit te kleden en daarna moet uitleggen waarom hij vrouwen-ondergoed draagt.

In Sadr City worden posters opgeplakt met de namen van veronderstelde homoseksuelen met de dreigende tekst dat ze vermoord zullen worden. In het kader van deze campagne tegen "homo's" zouden volgens sommige bronnen sinds december al meer dan 60 mensen vermoord zijn. De mensen die op de posters genoemd worden, zijn ondergedoken. Andere homo's leven in angst en beven.

Dat het niet alleen om homoseksuelen gaat, blijkt ook uit 'aanval' van sjeik Jassem al-Mutairi in zijn vrijdagse preek op 'de nieuwe privé praktijken van sommige mannen die zich kleden als vrouwen en vrouwelijk overkomen'. Hij riep de families op om te zorgen dat hun jongeren niet zo'n levensstijl gaan volgen.

Een homoseksueel die met de BBC-verslaggever sprak, zei: 'Ze vermoorden de homo's; ze slaan ze in elkaar. Ik heb veel vrienden die gedood zijn, 15 of 16 of zo, te veel. Het leven is een hel geworden, geloof me, een hel. Wanneer ik ergens naar toe ga, zijn er checkpoints. Wanneer ze ons zien, dan weten ze over ons. Ze houden ons vast en ondervragen ons. En ze willen me aanraken, ja, me molesteren.'

Er blijkt ook een GSM-video door Bagdad te circuleren waarin een 'hermafrodiet' die bij een checkpoint aangehouden is, door geüniformeerde politie-agenten wordt lastig gevallen en gedwongen wordt zijn goed ontwikkelde borsten te laten zien die vervolgens opgewonden worden betast en gekust.

Politiebronnen zeggen dat alleen al de afgelopen maand de lichamen van 6 jonge mannen zijn gevonden in Sadr City met plakkaten waarop stond dat ze 'pervers' of 'puppy' waren, de minachtende term in Irak voor homo.

Een homo die afgelopen week Irak ontvluchtte, zei dat hij 3 weken vastgehouden en geslagen was, totdat 5000 dollar smeergeld bij elkaar gebracht door zijn vrienden zijn vrijheid kocht.

Een Shia geestelijke in centraal Bagdad, sjeik Sadeq al-Zair, zei dat hij veel jonge mannen zag die zich vrouwelijker kleden dan vrouwen. "Het is een fenomeen dat bevochten moet worden, maar door behandeling," zei hij.

Ondertussen worden ze wel vermoord en de Shia militia's behoren tot de vaakst genoemde verdachten.

In sommige gevallen wordt echter aangenomen dat de eigen familie de homo vermoord heeft om de familie-eer te redden. Zo zouden vier van de slachtoffers in Sadr City zijn vermoord door de eigen familie.

Homoseksuelen geven toe dat ze een net zo'n groot probleem hebben met de eigen familie, als met de autoriteiten en de rest van de samenleving.

Amnesty International gelooft dat alleen de afgelopen weken in Bagdad al 25 verondersteld homoseksuele mannen zijn vermoord. Amnesty heeft een beroep gedaan op de regering van Irak om op te treden. Tot nu toe heeft die regering echter nog niets gedaan op dit punt, aldus het BBC-verslag.


Het educatief pakket 'Gender in de blender'


Het Vlaamse educatieve pakket Gender in de Blender (online beschikbaar, hier) is niet een lesbrief, maar eerder een heel boek. Het is uitgeprint 188 bladzijden A4 dik.

Het pakket (of eigenlijk de te kiezen stukken daaruit) is volgens het titelblad bedoeld voor het 'secundair onderwijs', dus het onderwijs na de basisschool. De officiële titel van het pakket luidt: Educatief pakket over genderdiversiteit en transgender. Dat klinkt nogal zwaar en dat zijn sommige stukken uit dit pakket ook, hoewel er gelukkig ook minder 'zware' stukken in te vinden zijn.

Het idee is dat de docent zelf die 188 bladzijden doorneemt om daar een voor zijn of haar groep geschikt stuk uit te selecteren. Het doornemen van het lespakket kan op het scherm, maar bij 188 bladzijden leest dat niet prettig. Dus eerst printen. Op een gewone huisprinter zou ik daar niet aan beginnen, maar met een kantoorprinter valt dat nog wel te doen. Ik stel me voor dat veel docenten niet de motivatie en de tijd zullen hebben om al die 188 bladzijden door te nemen.

Wat gebeurt er als je zo 'flink' bent, dat wel te doen? Je hoopt dat je na lezing een soort duidelijk overzicht hebt van en over transgenders. 'Ah, zo en zo zit het dus.' Bij mij bereikte men het tegenovergestelde. De begrippen buitelen over elkaar heen en worden vaak in net weer iets andere betekenissen gebruikt. Ik heb dan nog het voordeel dat ik met de meeste van die begrippen vertrouwd ben, maar voor mensen die zich nog nooit in de problematiek van transgenders verdiept hebben, lijkt het me eerder verwarrend dan verhelderend.

Begrippen die ik in het begin (p. 8-12) al achterelkaar tegenkwam, waren: gender, seksuele identiteit, sekse, genderidentiteit, genderrol, genderexpressie, seksuele voorkeur, gendervariant, cross-sekse gedrag, transgender, travestie, transgenderisme, transseksualiteit, genderdiversiteit. Nu is het natuurlijk zo, dat je niet over transgenders kunt praten, zonder daarvoor een aantal specifieke begrippen te gebruiken. Maar dit vond ik toch wat overweldigend.

Wat ik me na lezing ook afvroeg, was: 'Zijn er zo ontzettend veel woorden nodig om dit te behandelen? Is het echt zo ingewikkeld of maakt men het vooral ingewikkeld? Is er een bepaalde reden om het ingewikkelder te maken dan het in werkelijkheid is?' Als mensen met een heel ingewikkeld verhaal komen, is dat nooit zo maar, maar zit daar vaak een bepaalde bedoeling achter.

De feitelijke bedoeling van Gender in de blender is leerlingen het idee bij te brengen dat gender niet vastligt, maar zelf gekozen kan worden. Gender wordt dan opgevat als de culturele invulling van het begrip sekse. Iedere cultuur koppelt bepaalde verwachtingen, een bepaalde rol aan het onderscheid man/vrouw en die koppeling kun je ter discussie stellen. Zo nemen vrouwen meestal het grootste deel van de zorg voor de kinderen op zich en je kunt je afvragen waarom mannen dat niet zouden doen. Tot zover is er, lijkt mij, geen probleem.

Maar het pakket gaat over transgenders en daarmee in feite over travestieten en transseksuelen (transmannen en transvrouwen). En het probleem van transvrouwen is dus niet dat ze zo vreselijk graag voor de kinderen willen zorgen, maar dat beslist niet mogen. En bij travestie is het probleem niet dat die man zo vreselijk graag de afwas wil doen. Het is dus een beetje een handig spel met woorden. We praten niet over sekse, maar over gender. Gender is iets dat cultureel bepaald is. Dus dan kan een biologische man ook de vrouwenrol spelen. Maar betekent dat ook dat een man met succes in het maatschappelijk verkeer als vrouw kan overkomen?

Die laatste vraag lijkt me iets heel anders dan de vraag of die man ook de afwas kan en moet doen. Maar in dit pakket valt dat allemaal onder de term 'genderdiversiteit'.

Biologische mannen die vrouw worden of als vrouw door het leven proberen te gaan, zouden eigenlijk heel normaal zijn en omgekeerd zouden biologische vrouwen die man worden al even normaal zijn. Ik stel het dan wat extreem, maar uiteindelijk is dat de belangrijkste strekking. Gender met andere woorden is iets dat je kunt kiezen en waar allerhande tussenvormen van bestaan.

Maar op het moment dat je van een 'man' een 'vrouw' probeert te maken, heb je het in feite niet meer over 'gender' maar over 'sekse'. En hoe jammer transgenders en genderartsen dat ook mogen vinden, het daadwerkelijk wijzigen van de sekse van een persoon hangt volledig af van de definitie die je aan dat begrip 'sekse' geeft.

Voor dat sekse-onderscheid kun je namelijk totaal uiteenlopende criteria gebruiken. Artsen kijken vaak naar de geslachtsorganen. Juristen kijken naar de legale status. Maar in het maatschappelijke verkeer gebruiken we beide criteria vrijwel niet. Je vraagt iemand niet de broek even te laten zakken voordat je hem met mijnheer of mevrouw aanspreekt. In het maatschappelijke verkeer gaan we puur af op de zichtbare en hoorbare uiterlijke kenmerken. We denken dat iemand vrouw is, omdat ze er als een vrouw uitziet. We denken dat iemand man is, omdat hij er als een man uitziet.

Wel, zo'n nuancering van het man-vrouw onderscheid zou je dus in een leerboek als dit verwachten. Men besteedt inderdaad een hoofdstuk aan het man-vrouw onderscheid, maar zonder dat echt ter discussie te stellen. De enige concessie die men doet, is dat men een beperkte ruimte inruimt voor de groep mensen met interseks kenmerken.

Sommige definities zijn warrig. Andere zijn ronduit onjuist of discutabel. Zo lees ik op p. 10 onder het kopje TRANSGENDER: "Als het gendervariant gevoel en gedrag zover gaat dat een jongen zich een meisje voelt en een meisje zich een jongen voelt, dan spreken we over transgenderjongeren. Deze jongeren hebben permanent, langdurig en op meerdere vlakken (gevoel, beleving, interesses, gedrag,...) het gevoel dat hun genderbeleving niet klopt met hun lichaam."

Het begrip 'transgender' wordt hier ingeperkt tot transseksuelen. Dat is in afwijking met het tegenwoordig gebruikelijke opvatting dat transgenders alles is dat tussen man en vrouw invalt. Voor iemand die nieuw is op dit gebied, is dit dus uitermate verwarrend.

Tegelijkertijd wordt er in de omschrijving hierboven weer een nieuw begrip geïntroduceerd: 'genderbeleving'. Maar iets eerder heeft men daar nog het begrip 'genderidentiteit' voor geïntroduceerd.

Wanneer men het heeft over vrouwelijke travestie, merkt men op dat die in onze cultuur 'redelijk onzichtbaar' blijft. Men bedoelt echter: we zien wel vrouwen in mannenkleren, maar zien dat niet als travestie.

Op p. 11 merkt men op dat transseksualiteit niets met seksualiteit te maken heeft. Veel transseksuelen beweren dat inderdaad, maar er zijn ook de nodige deskundigen en het nodige onderzoek dat laat zien dat er vaak wel degelijk een koppeling bestaat. Enige nuancering zou hier dus op zijn minst op zijn plaats zijn.

Ook bij tweede lezing toen ik hoofdstuk na hoofdstuk noteerde waar het over ging, kreeg ik tenslotte een nogal chaotisch aandoende lijst. Het is allemaal heel veel. Er zit ook ongetwijfeld leuk en bruikbaar materiaal tussen. Maar in zijn totaliteit is het inderdaad alsof er heel veel in een grote blender is gestopt, die men daarna even stevig heeft laten draaien.

Een reactie die ik bijvoorbeeld had na lezing, was om voor mezelf de echt belangrijke begrippen te zoeken. Welke begrippen heb je nu echt nodig om iets over travestie en transseksualiteit te vertellen?

Ik denk dat dat er in feite maar een paar zijn. Het begint allemaal met het man-vrouw onderscheid dat voor ons heel simpel en absoluut lijkt, maar het niet is, zodra je het gaat analyseren. De interseks-personen vallen biologisch tussen de mannen en vrouwen in. Vervolgens heb je 'transgenders' als paraplu-begrip voor alles dat op niet duidelijk biologische gronden tussen man en vrouw invalt. De groep transgenders wordt dan weer onderverdeeld in travestieten en transseksuelen, hoewel het in feite meer om een geleidelijke overgang gaat. De transseksuelen kun je dan nog weer onderverdelen in de (V-M) transmannen en de (M-V) transvrouwen.

Het hele begrip 'gender' waar het lespakket nu voor een groot deel vol mee staat, is dan amper nog nodig. Wat wel nodig is, is een relativerende behandeling van het man-vrouw onderscheid die nu ontbreekt. Verder is het belangrijk dat die vier groepen goed voor het voetlicht komen. Zoals het nu is, ligt het accent heel erg op transseksuelen. Transseksuelen laten zich zien, zoeken media-aandacht en spreken tot de verbeelding. Toch neemt dat niet weg, dat volgens bevolkingsonderzoek veruit de grootste groep transgenders bestaat uit travestieten en niet uit de kast gekomen transseksuelen (die zich dus wel vrouw voelen, maar geen operatie hebben ondergaan). De groep interseksuelen, die in de praktijk ook met grote problemen kan kampen, komt nu amper aan bod. Met een puur lichamelijk probleem ben je kennelijk niet echt interessant.

Hoe moet zo'n lespakket er in het ideale geval uitzien?
1. Het doel moet zijn wat informatie te geven en wat begrip te kweken. Daar gaat het in feite om.
2. Het moet effectief zijn voor dat doel.
3. Het moet niet al te lang zijn.
4. Het moet visueel sterk zijn. We leven in een plaatjes/video-wereld. In de bijlage van Gender in de blender staat een vrouw met een baard die haar kinderen de borst geeft. Die plaat communiceert voor mijn gevoel duidelijker het betrekkelijke van dat man-vrouw onderscheid dan al het andere in dit lespakket.
5. De informatie moet objectief zijn, dat wil zeggen: moet kloppen. Niet soms, maar altijd.
6. Het moet goed gestructureerd zijn. Je moet na doorwerken het idee hebben: 'Ja, dat is duidelijk en overzichtelijk.'
7. Er zijn in beginsel meerdere werkvormen mogelijk, maar een lespakket moet in ieder geval ook geschikt zijn voor zelfstudie. Als het geschikt is voor zelfstudie is het meteen ook geschikt als tekstbegrip-oefening.
8. Dat veronderstelt dus naast begrijpelijke stof ook een check-toets zodat iemand zichzelf kan testen en feedback kan krijgen.

Wat maakt Gender in de blender van deze punten waar?
1. Qua doel gaat Gender in de blender verder dan alleen informatie geven en wat begrip kweken. De problemen van travestieten en transseksuelen worden bijvoorbeeld niet erg expliciet behandeld, terwijl die er toch echt wel zijn. Het geheel krijgt daardoor wat het karakter van een promotie-tekst.
2. Is het effectief om wat informatie over te dragen en begrip te kweken? Als mensen het doorwerken, misschien wel.
3. Gender in de blender is erg lang, te lang.
4. Hier en daar bevat Gender in de blender mooi visueel materiaal, maar mijns inziens kan dat nog wel meer accent krijgen.
5. De informatie in Gender in de blender is niet altijd even objectief en genuanceerd. Op dit punt valt nog het nodige te verbeteren.
6. De structurering ontbreekt grotendeels. Er is heel veel materiaal dat samengevoegd is. Het leidt ook niet tot het idee: 'Dit is duidelijk en overzichtelijk.'
7. Voor zelfstudie is Gender in de blender in de huidige vorm voor de meeste leerlingen te hoog gegrepen. Dat komt ook door de lengte, maar ook doordat men hier geen aandacht aan besteed heeft.
8. Echt feedback-toetsen ontbreken. Een voordeel van zulke toetsen is, behalve dat de leerling zichzelf kan checken, ook dat het de lespakketmakers dwingt om na te gaan, wat een leerling precies moet weten/kunnen.

Gender in de blender is dus nog niet het ideale en perfecte lespakket. Aan de andere kant is het een mooi begin en veel beter dan niets mits men de tijd en de moeite wil nemen er een stuk materiaal uit te selecteren.


De geboorte van Transgender Netwerk Nederland


Op 20 maart 2009 vond in het COC-gebouw te Amsterdam de geboorte plaats, men noemde het in de uitnodigingsmail 'de publieke presentatie', van Transgender Netwerk Nederland (TNN) (hier) en (hier). Transgender Netwerk Nederland ziet zichzelf als een overkoepelende club die de verschillende transgender-clubjes samenbindt en vertegenwoordigt in Den Haag. Net als bij een echte geboorte, ging het soms met gepuf en geklaag en zag het jonge leven er soms wat moeizaam uit.


Planproblemen

De eerste uitnodiging voor die bijeenkomst arriveerde bij mij op 17 maart, dus drie dagen eerder. Een beetje erg kort dag, dus. De uitnodigingsmail vermeldde: "Wegens de late verspreiding hebben we de aanmelddatum, die vermeld is in de bijlage, verruimd van 16 maart naar 18 maart."

Met de planning ging nog meer fout. We arriveerden tegen één uur met een delegatie uit Groningen/Drenthe zonder echt geluncht te hebben. Eigen domme schuld natuurlijk. Moet je maar eerder van huis gaan. Gelukkig was er op het COC koffie met koek. Vervolgens liep het programma zonder onderbreking door en uit tot tegen acht uur 's avonds. 'Hoeveel kan een mens hebben? Verschillen transgenders op dit punt echt van normale mensen?', vroeg ik me af. Maar tegelijkertijd was ik niet meer in de stemming een diepzinnig antwoord op deze brandende vragen te zoeken. Zelfs als transgender wil je in zo'n situatie nog maar twee dingen: eten en drinken.


Workshop-problemen

Het middagprogramma bestond uit een reeks workshops: ronde tafel gesprekken in kleine groepen onder leiding van een gespreksleider. In beginsel moest er steeds na 20 minuten gewisseld worden en dat is jammer, want in 20 minuten is het moeilijk tot een wat diepergaande verkenning van een thema te komen.

Bij één van de thema's waar ik bij aanwezig was, wist de gespreksleider zelf kennelijk niet meer precies waar het nu over moest gaan. Bij een ander thema werd de gespreksleider een beetje kwaad dat zijn/haar stelling onder vuur werd genomen. Zo als de stelling het stelde, was het toch echt.

De workshop over omgaan met discriminatie was voor mij een soort eye-opener, maar niet helemaal op de manier zoals het bedoeld was. Deze workshop werd gepresenteerd door Wouter Neerings van COC Nederland. Wouter heeft als homo vroeger zelf een ervaring opgedaan met discriminatie, maar tegelijkertijd werd duidelijk dat hij eigenlijk geen idee had van de gigantische problemen waar transgenders soms voor komen te staan zoals collega's die van je superieur te horen krijgen dat ze verder niet meer met je mogen praten.

Je kunt dat Wouter niet kwalijk nemen, want hij is homo en geen transgender, maar je kunt het de organiserende club van zo'n dag wel aanrekenen. Homo's hebben hun problemen, transgenders hebben totaal andere problemen. Als je dus wilt praten over discriminatie van transgenders moet je daar een transgender voor vragen die verstand van dat onderwerp heeft en niet een homo. Het werd nu vooral duidelijk dat de mensen die denken verstand te hebben van discriminatie soms absoluut niet weten wat er onder transgenders speelt.

De enige workshop waar ik van dacht: 'Dit is de moeite waard,' was van Jeanine Trip over het thema: 'Samen sterk!' Jeanine had geprobeerd een aantal prikkelende stellingen te formuleren en was daar ook wel in geslaagd. Onder de treinreis had ik die stellingen al moeten doornemen van haar zodat ik mogelijk op dit punt niet meer helemaal onbevangen tegenover de materie stond. Maar hoe je het ook draait of keert, transgenders hebben moeite zich te organiseren, zitten te vaak en te veel in de kast en lijken ook vaak niet echt gemotiveerd tot actie.


Stevige homo-omarming

De dag vond plaats in het COC. De voorzitter van COC Nederland, Wouter Neerings, leidde een workshop. Nog een andere workshop werd geleid door Tania Barkhuis van het COC. Na de workshops was er een forumdiscussie waarin Wouter prominent een plaats kreeg in het forum. Zonder spijkers op laag water te willen zoeken, lijkt het duidelijk dat COC Nederland het Transgender Netwerk Nederland misschien liefdevol, maar tegelijkertijd ook heel stevig omarmd heeft.

Ik weet niet of dat zo'n goede ontwikkeling is. Transgenders zijn geen homo. Natuurlijk heb je transgenders die homo zijn, maar procentueel is dat maar een paar procent van het totaal. Voor de grote groep transgenders, de klassieke travestieten, is het niet-homo zijn een belangrijk punt. Je bent travestiet, men veronderstelt en beschuldigt je vaak van homo zijn, maar dat ben je niet.

In Groningen werken we zonder problemen samen met de homo-beweging. Samenwerken is geen probleem, maar verder dan dat mag en moet het niet gaan. Ieder zijn eigen identiteit. Ieder zijn eigen belangen. Ieder zijn eigen agenda en zijn eigen groep.


Weinig travestieten


Tegelijkertijd was er geen ruimte en plaats gereserveerd voor een travestiet in het forum. Een forum voor transgenders, over transgenders, maar zonder vertegenwoordiger van de grootste Nederlandse groep transgenders: de travestieten.

Behalve dat in het forum geen enkele travestiet was opgenomen, zag ik op de dag zelf ook relatief weinig travestieten. Ik zag veel transvrouwen, transmannen, homo's, anderen, maar in verhouding weinig travestieten.

Zelf was ik als man in rok. Eigenlijk had ik een short aan, maar het idee blijft ongeveer hetzelfde. Wel, dat leek, voorzover ik kon nagaan, al helemaal zeldzaam. Kennelijk waren de mannen in rok niet uitgenodigd of als ze dat wel waren, waren ze niet gekomen.


Transproblemen

Behalve dat er relatief weinig travestieten aanwezig waren, werden alle thema's, de discussies, het forum vooral gedomineerd door problemen van transen. Bij dit soort dagen is dat min of meer een vast verschijnsel. Transen zijn nadrukkelijker aanwezig en spreken meer tot de verbeelding. Tegelijkertijd is dat natuurlijk een wel wat erg beperkte invulling van het begrip 'transgender'.

De grote lijn van de verhalen die ik beluisterde, was vaak: Ik heb nu eindelijk het geslacht dat ik graag wilde hebben, maar nu behandelt de wereld me niet als normale vrouw of normale man. De wereld is fout en moet veranderd worden.

Misschien was het gewoon dat het allemaal te lang duurde en te vaak herhaald werd, maar op zulke momenten heb ik de neiging te denken: Hou toch op met zeuren. Natuurlijk is de wereld niet ideaal en dat zal ze ook nooit worden, zeker niet voor transgenders. Maar op een gegeven moment weet je dat wel en moet je er toch het beste van maken. Waarom niet beginnen bij jezelf? Dus: niet klagen, maar aanpakken.

De openingshandeling werd verricht door VVD kamerlid Laetitia Griffith (hier). Leatitia oogt als een koningin van de catwalk. Ze hield ogenschijnlijk voor de vuist weg een speech waarin ze en een persoonlijk accent legde en nog verstandige dingen zei, ook. Wat ze ondermeer zei, was dat transgenders niet alleen toenadering moesten zoeken tot de partijen die daarvoor open stonden, maar zich tot alle politieke partijen moesten wenden.

Misschien komt het door het uiterlijk van Leatitia. En natuurlijk is dit iets dat je eigenlijk niet behoort te zeggen, laat staan schrijven. Maar het contrast tussen het uiterlijk van Leatitia samen met andere aanwezige biologische vrouwen en sommige transgenders is soms toch wel heel erg groot. Natuurlijk heeft Leatitia de natuur mee, maar daarnaast is onmiskenbaar dat ze ook heel erg haar best heeft gedaan. En natuurlijk mag iedereen er uitzien zoals hij/zij/het wil.

Maar op het moment dat je klaagt dat de wereld je niet als echte man of als echte vrouw behandelt, vind ik dit toch een relevante vraag. Natuurlijk heb je als transgender te maken met indirecte discriminatie. Soms word je anders en meestal negatiever behandeld omdat men toevallig weet dat je trans, travestiet of transgender bent. Die vorm van discriminatie heeft niets met je uiterlijk te maken, bestaat en is kwalijk.

Maar als je met verschillende transgenders praat, hoor je heel vaak verhalen waaruit blijkt dat dat uiterlijk wel degelijk problemen oplevert. Tegelijk zijn veel transgenders er kennelijk heilig van overtuigd dat ze het recht hebben er zo uit te zien als ze zelf als prettig ervaren. Dat is prima, maar dan moet je ook niet vreemd opkijken als je overeenkomstig behandeld wordt.

Een Groningse trans drukte het als volgt uit: 'Als je er als een vogelverschrikker uitziet, moet je niet gek opkijken als je als een vogelverschrikker behandeld wordt. Dat heeft niets met discriminatie te maken.'

Dit is een simpel, maar toch wel belangrijk punt. Transgenders klagen dat ze niet als echte man of als echte vrouw worden behandeld. Maar in hoeveel gevallen ligt dat niet gewoon aan hun uiterlijk?

Natuurlijk kun je argumenteren dat dat uiterlijk er niet toe mag doen. Maar echt realistisch is dat nu eenmaal niet. In ieder geval heeft het niets van doen met de biologische sekse en al evenmin met de gewenste sekse.

Als Leatitia bij mij aanbelt voor een bijdrage voor het goeie doel X dan maakt het me geen sinaasappel uit of ze in werkelijkheid man is of vrouw of dat ze man wil zijn of vrouw wil zijn. Maar hoe ze er uitziet, maakt wel uit. Het eerste zie ik niet, het laatste wel, of ik wil of niet.

Op een of andere manier lijken de travestieten in doorsnee minder moeite te hebben met het belang van dat uiterlijk dan de transen. Zo was Monica Dreamgirl als 'persmiep' van TNN aanwezig en zag ze er prachtig en heel verzorgd uit. Het is maar een indruk en niet gebaseerd op systematisch onderzoek, maar de travestieten lijken soms echt een bepaald plezier te hebben in het spelen met hun uiterlijk terwijl sommige transen daar als het ware van gruwen.


Ontbrekende controle

Op het einde werd nog gesteld dat Transgender Netwerk Nederland de eerste officiële rechtspersoon is op transgender-gebied in Nederland. Een pijnlijke vergissing, want de Landelijke Kontaktgroep Travestie & Transseksualiteit (LKG T&T) (hier) bestaat al veel langer als vereniging en participeert nota bene in Trangender Netwerk Nederland. Kennelijk weet TNN zelf niet meer precies hoe het landschap er in Nederland op dit punt bijligt.

Het grootste wapenfeit van Transgender Netwerk Nederland tot nu toe, is dat men uit het Haagse subsisie heeft weten los te peuteren. Het is me op dit moment nog niet duidelijk, wat men van dat geld precies gaat doen.

Wel zie ik op dit punt een aantal problemen. Om te beginnen is Transgender Netwerk Nederland een stichting en heeft men dus geen leden. Er is dus geen enkele democratische controle op het bestuur van TNN. Dit in tegenstelling tot de LKG T&T die een vereniging vormt en een ledenvergadering kent met een gekozen bestuur.

Een volgend probleem dat inmiddels al zichtbaar is geworden, is dat bestuursleden of in ieder geval mensen die nauw betrokken waren bij de oprichting van TNN ondertussen betaalde krachten zijn geworden. Tussen het bestuur van een Stichting en het personeel moet een volstrekte scheiding bestaan en het lijkt inmiddels al wel duidelijk dat die regel hier geschonden is.

Tenslotte leert de ervaring dat overheidsgeld heel mooi lijkt, maar ook afhankelijk maakt. De ontwikkelingshulp is een voorbeeld, maar ook subsidies in eigen land. Het doel wordt al snel: weer subsidie binnen halen.

Ik denk dat als transgenders willen emanciperen, willen vechten voor gelijke rechten, ze die strijd niet kunnen uitbesteden en overlaten aan professionele, betaalde krachten. Zo werkt dat niet.

Transgender zullen moeten leren samen te werken, voor zichzelf op te komen, maar daar heb je geen overheidsgelden voor nodig. Wel bevlogen mensen, maar dat is iets heel anders.

Op de uitnodiging, lees ik, onderaan: "Het Transgender Netwerk Nederland zet zich in voor de emancipatie en het welzijn van transgenders, transseksuelen en travestieten in Nederland." Men zet zich in voor mijn emancipatie en mijn welzijn zonder dat mij iets gevraagd wordt. Zonder dat ik enige invloed kan uitoefenen? Moet ik daar blij mee zijn? Ik vind het voorlopig vooral betuttelend.

Ik hoop dat Transgender Netwerk Nederland nog veel mooie dingen gaat doen voor de Nederlandse transgenders van het belastinggeld dat ze daarvoor losgekregen heeft. Maar voorlopig moet ik het allemaal nog zien.

Het valt daarbij te hopen dat de gigantisch grote groep (klassieke) travestieten niet bij voorbaat uit het oog wordt verloren. Dat men zich weet te ontworstelen aan die innige omhelzing van de homo-beweging. Dat men groepen als 'man-in-rok' niet bij voorbaat vergeet en uitsluit. Dat men niet langer (oud-)bestuursleden als personeel aanstelt. En dat men zorgt voor een achterban die daadwerkelijk en formeel een controlerende invloed op het bestuur en beleid krijgt.


Nawoord

Nadat ik het bovenstaande stukje geschreven had, ging ik twijfelen. Zag ik niet onnodig veel beren op de weg? Het is toch mooi dat er naast de LKG T&T nog een officiële instantie is voor transgenders die aan de weg timmert?

Natuurlijk. Toch vind ik op de website van Transgender Netwerk Nederland nog meer zaken die me te denken geven. Ik lees bijvoorbeeld (hier):
Ontstaan TNN
In november 2004, tijdens de landelijke Transgender Conferentie T³, kwamen op initiatief van Stichting T-Image voor het eerst Nederlandse transgenderorganisaties bij elkaar om te praten over mogelijkheden voor samenwerking en krachtenbundeling. Na uitgebreid onderling overleg werd op 11 februari 2006 het Transgender Netwerk Nederland officieel opgericht.

In november 2004 steekt men de koppen bij elkaar. In februari 2006 wordt Transgender Netwerk Nederland officieel opgericht. In maart 2009 presenteert men zich aan het publiek. We zijn dan bijna 5 jaar verder. Overdrijf ik, als ik zeg, dat er niet veel schot in zit?

En dat er een wel erg innige koppeling is met het COC werd me tijdens de 'publieke presentatie' al duidelijk. Maar als ik op de website ook nog het COC vermeld zie staan als deelnemende organisatie, dan geloof je toch je ogen niet. Sinds wanneer is het COC een transgender-club? Laat me even lachen.

-----------
Ander artikelen over deze middag/avond (hier) en (hier).


Feminisme 3.0: Mislukte vrouwen, mislukte mannen



Het vernieuwde Opzij

Veel feministische vrouwen dromen van een derde feministische golf als ik het vrouwenblad Opzij mag geloven. En met het verschijnen van het februari-nummer (2009) van dit feministisch maandblad zou die derde golf er nu echt zijn.

De cover bestaat uit een gigantische foto van in totaal 3 (uitklapbare) bladzijden met daarop de hoofdredacteur, de columnisten en andere vrouwen die zichzelf als boegbeeld zien van het feminisme 3.0. Alsof dat nog niet voldoende overtuigend is, komt die foto of een vrijwel identieke daarna nog tweemaal in dit nummer terug.


Als dit de derde feministische golf is, wat waren de eerste twee dan, vraag ik me af. Een tijdje zoeken op Internet en in de Wikipedia levert het volgende.


De drie feministische golven

De eerste feministische golf trad op rond 1900 met de suffragettes (hier): vrouwen die vonden dat ook vrouwen stemrecht moesten hebben. Breder gezien ageerden deze vrouwen tegen de juridische en politieke achterstelling van vrouwen ten opzichte van mannen.

De tweede feministische golf trad op tussen 1960 en 1990 (hier en hier). Het centrale idee van deze vrouwen was dat vrouwen in de rol van huisvrouw en moeder sociaal werden achtergesteld. Een vrouw kon meer dan alleen maar huisvrouw en moeder zijn en had recht op een maatschappelijke rol in overeenstemming met haar capaciteiten. De Engelstalige Wikipedia meldt (op 25/01/2009) (vertaald): "... Betty Friedan maakte expliciet bezwaar tegen het overheersende beeld van vrouwen in de media door te stellen dat het plaatsen van vrouwen in de thuissituatie, hun mogelijkheden en grenzen beperkte en een pure verspilling van talent en potentieel vormde."

De derde feministische golf begon volgens de Wikipedia (hier) rond 1990 met het Anita Hill-Clarence Thomas proces. Anita Hill beschuldigde haar superieur Clarence Thomas, een jurist genomineerd voor het US Supreme Court, publiekelijk van 'sexual harassment'. In reactie hierop schreef Rebecca Walker een artikel: 'Becoming the Third Wave'. Deze derde golf moet ook als een reactie op de tweede gezien worden. Vrouwen hadden inmiddels soms belangrijke posities buitenshuis verworven, maar werden aan de andere kant door mannen toch nog vaak gezien als 'lekker ding'. Tegelijkertijd waren deze vrouwen beter opgeleid, mondiger en dusdanig hoog in status dat ze zich niet langer automatisch in die seksuele rol lieten drukken.

Wie de moeite neemt de Engelstalige Wikipedia op deze punten door te lezen, zal zien dat het lastig is te verwoorden wat deze derde feministische golf precies inhoudt.

Een terugkerend punt is seks. Vrouwen worden seksueel lastig gevallen door mannen of worden in een seksuele rol gedrukt waarin ze zich niet of minder in thuis voelen. De vrouw als seksobject wordt afgewezen en verwerpelijk gevonden. De vrouw moet juist op basis van gelijkheid een relatie met de man aangaan.

Een interessant punt van de derde feministische golf is ook dat veel vrouwen het label 'feministe' kennelijk niet automatisch positief waarderen en als het ware van het feministische belang overtuigd moeten worden. Dit blijkt bijvoorbeeld uit het fragment van Rebecca Walker: "Whether the young women who refuse the feminist label realize it or not..," ("Of de jonge vrouwen die het feministische label weigeren, zich dat realiseren of niet...") Lang niet alle vrouwen waren het dus op dit punt met de feministische ideologie eens.

De aandachtige lezer zal inmiddels opgevallen zijn, dat er ergens iets verkeerd gaat. De Opzij-redactie ziet zichzelf kennelijk als de spreekbuis van de lang verwachte derde feministische golf, terwijl de Wikipedia ervan uitgaat dat die derde golf al van 1990 dateert. Kennelijk heeft in Opzij de tijd even stil gestaan of is men door de vele golven gewoon de tel wat kwijt geraakt.

Misschien daarom ook de titel Feminisme: alive & kicking voor het artikel over het feminisme 3.0. Het feminisme heeft een tijdje stil gestaan, maar het is er nog en leeft nog.


De moderne, feministische vrouw

Bij nauwkeurige lezing van dit nummer krijg je tenslotte wel een beeld van de moderne, feministische vrouw. Om te beginnen is seks een heet hangijzer. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de keuze van de columnisten Myrthe Hilkens en Ariel Levy. Ik besteedde daar eerder op mijn communicatieblog al aandacht aan in een reeks notities onder de titel: Vrouw en Seks. Verder klopt het ook met het uitgangspunt van de derde feministische golf: de vrouw wil niet langer als seksobject gezien worden, maar wil op basis van gelijkwaardigheid een (seksuele) relatie met de man.

Een volgend heet hangijzer is de relatie. Zo weet men op p. 8 te melden dat 98% van de alleenstaande heterovrouwen liever een relatie zou willen. Ik denk dat dat percentage niet op deugdelijk onderzoek gebaseerd is, maar de stelling laat wel zien, hoe zeer het relatieprobleem onder deze groep vrouwen leeft. Ook de column van Myrthe Hilkens gaat daarover: hoe vind ik een man die de vader van mijn kind wil zijn? Met andere woorden: hoe vind ik een relatie? Hoe vind ik een man?

Als man ben je geneigd te denken, als je het gezicht en uiterlijk van Myrthe ziet dat dit een beetje een vreemde vraag is. Met zo'n uiterlijk staan de mannen in een rij om je heen. Het hele probleem is hoogstens een selectie-probleem. Kies de leukste en de geschikste man. Maar voor Myrthe is dit op een of andere manier echt een probleem en zij is van deze moderne vrouwen echt niet de enige waarvoor dit probleem speelt.



Hoe ziet deze groep vrouwen zichzelf? Ik denk dat de herhaalde foto waarop men zichzelf nadrukkelijk poseert en voor het voetlicht brengt, samen met de inhoudelijk niet altijd even sterke teksten daarop wel een antwoord mogelijk maakt. Men ziet zichzelf als: belangrijk, toonaangevend, leidinggevend, assertief, intelligent, goed opgeleid, ambitieus, leuk en mooi. Men is kortom heel positief over zichzelf.


Interview met Fay Weldon

Het meest belangwekkende artikel is een interview met Fay Weldon geschreven door de hoofdredacteur, Margriet van der Linden, in de nieuwe serie Wereldvrouwen.

Fay Weldon heeft niet alleen een indrukwekkende reeks boeken het licht laten zien, maar is ook een vrouw met heldere standpunten die ze goed kan verwoorden. Een ideale vrouw voor een interessant interview zou je dus denken. In plaats daarvan krijgen we na aftrek van de plaatjes, twee bladzijden tekst waarin de vragenstelster ook nog uitgebreid zelf informatie gaat geven. Een interview waarvoor je naar Engeland reist, met een fantastisch mens waar je vervolgens eigenlijk niks van bakt. Van iemand anders die het las, hoorde ik spontaan een al even negatief oordeel.

Ondanks die beperkte ruimte die men voor wereldvrouw Fay Weldon uittrekt, weet Fay toch nog even een paar kernachtige stellingen te poneren. Stellingen die ook raken aan de problemen van deze moderne, feministische vrouwen.

Fay vindt dat moeders zorg moeten dragen voor de kinderen. Mannen zijn niet meer echt nodig. Vrouwen beschikken tegenwoordig over voldoende middelen om zichzelf te onderhouden. Mannen gaan er vanuit dat ze niet meer primair financieel verantwoordelijk zijn en dat vrouwen in eerste instantie de zorg voor de kinderen hebben.

Alle verantwoordelijkheid komt dus tenslotte bij de vrouw te liggen, die in feite de nieuwe man is geworden. Mannen zijn de nieuwe vrouwen: ze dragen financieel niets meer bij en zijn ook voor de verzorging van de kinderen niet langer echt noodzakelijk.

Relaties zijn lastiger geworden. Vrouwen zoeken tegenwoordig een mannelijk evenbeeld. Een maatje, in dezelfde spijkerbroek, van dezelfde leeftijd, met dezelfde hobby en liefst werkend bij hetzelfde bedrijf. Verder maken jonge vrouwen een fout in de planning. Jonge meiden krijgen voldoende aandacht van mannen, maar ze gaan daar niet echt op in omdat ze hun loopbaan belangrijker vinden. Wanneer ze eenmaal ouder zijn, vinden ze maar weinig mannen leuk omdat ze kieskeurig zijn geworden en iemand gelijk aan zichzelf zoeken. Tegelijkertijd gaat de tijd steeds meer dringen en wordt die zoektocht steeds krampachtiger. Uiteindelijk draait het voor de meeste vrouwen om het krijgen van kinderen. Sommige kunnen zonder, maar voor de meeste is het cruciaal.


Het probleem van de moderne vrouw

Ik denk dat Fay de spijker op de kop slaat. Deze moderne vrouwen zijn hoog opgeleid en kunnen zichzelf bedruipen. Ze zijn ambitieus en ze hebben vaak goed betaalde banen. Deze vrouwen bezetten belangrijke posities en willen graag toonaangevend en leidinggevend zijn. Ze willen kortom man zijn.

Iets wat je ook ziet in deze groep vrouwen, is dat men elkaar handig de bal toespeelt. The 'old boys network' in actie maar nu met biologische vrouwen! Verder zie je dat deze moderne vrouwen zich net als echte mannen, vreselijk opblazen. Zij zijn het helemaal! En net als bij opgeblazen macho's die in feite niets te vertellen hebben, hebben ook deze vrouwen in feite -- inhoudelijk gezien -- weinig te vertellen. Ze kwaken dat het een lieve lust is, maar veel meer dan dat is het ook niet, net als echte, ouderwetse mannen.

Die wens om man te zijn of op zijn minst volstrekt gelijkwaardig aan een man te zijn, heeft vooral betrekking op de sociale positie en status. Men probeert niet langer er voortdurend als man uit te zien. Een bepaalde mannelijke uitstraling vindt men prima, maar deze vrouwen zijn er inmiddels achter dat dat vrouwelijke uiterlijk in onze maatschappij meer voordelen biedt, dan de tuinbroeken van vroeger. Men heeft dus niet langer automatisch moeite met dat vrouwelijke uiterlijk. Dat moet kunnen.

Maar voor het overige wil men man zijn of op zijn minst volstrekt gelijkwaardig zijn aan succesvolle mannen. (Een groot deel van alle mannen is in werkelijkheid niet succesvol, zit bijvoorbeeld in de gevangenis of heeft geen onderdak of heeft geen werk, maar deze categorie mannen ziet men uiteraard niet als het grote voorbeeld.)

Tegelijkertijd zie je dat die wens om de mannenrol te spelen, om man te zijn, wringt met de biologie van het beestje. Uiteindelijk wil die vrouw toch graag een relatie en kinderen om zich echt gelukkig te voelen.

Waarom lukt dat niet? Die goed uitziende vrouw die zo enthousiast de mannenrol speelt, heeft een probleem met de typische vrouwenrol, terwijl ze tegelijkertijd ook geen echte man is.

Als vrouw wil ze geen seksobject zijn. Ze wil niet de prikkelpop van haar vriend zijn of spelen. Ze wil eventueel wel seks, maar dan op basis van gelijkwaardigheid en behoefte. Als hij klaar komt, heeft zij ook recht op een orgasme. Als hij vrijt omdat hij zin heeft, dan vrijt zij ook omdat ze zin heeft.

Maar als man is deze vrouw een gemankeerde man. Vrouw wil ze niet zijn en de typische vrouwenrol van vamp, verleidster, hoer, seksobject en prikkelpop wil ze niet spelen. Dat is voor haar idee een minderwaardige rol met weinig status die niet langer bij haar belangrijke positie past. Welke man wil voor prikkelpop spelen zodat een andere man in hem klaar kan komen? Die vrouwenrol past niet langer bij haar man zijn.

Maar de rol van man levert voor haar ook problemen op omdat ze geen biologische man is. En dat zit hem vreemd genoeg niet in de kleding of het uiterlijk, maar in het innerlijk.

Een echte man heeft een overweldigende seksdrive. Hij wil seks. Hij moet seks. De meedogenloze jacht op status en een mooie maatschappelijke positie is in feite niet het doel, maar het middel om vaker en met leukere vrouwen seks te hebben. Die biologische vrouw die zo energiek die mannenrol speelt, heeft diezelfde mateloze seksdrive niet. Misschien doet ze haar best en probeert ze ook nadrukkelijk klaar te komen. Maar die overweldigende behoefte aan seks, steeds weer opnieuw, ontbreekt.

Deze zelfbewuste vrouwen bepalen zelf wel of ze zin hebben. En op dat punt gaat het vervolgens mis. Want zo vreselijk veel zin hebben ze eigenlijk meestal ook weer niet als ze tenslotte moe thuis komen van hun belangrijke en verantwoordelijke werk.

Maar op het moment dat je als vrouw niet meer die rol van seksobject wilt of kunt spelen voor je partner, ben je ook de controle kwijt over dat mannetje dat eerst voortdurend om je heen draaide en heb je op termijn een relatieprobleem. Dat is dan ook een terugkerend thema. Iets dat ook Fay Weldon signaleert.

Vervolgens zie je dat dat relatieprobleem niet wordt gezien als een seksueel probleem, wat het in feite natuurlijk meestal wel is, maar als een probleem om een ideaal maatje te vinden.

Man en vrouw zijn gelijk. Man en vrouw hebben dezelfde rollen. Het bindmiddel tussen man en vrouw is dus vriendschap. De vrouw zoekt het ideale vriendje dat heel erg op haar zelf moet lijken. Wanneer ze tenslotte dat vriendje gevonden heeft, heeft ze niet altijd behoefte aan seks. Daarmee verspeelt ze haar invloed op dat vriendje die die behoefte juist heel sterk heeft.

Het vriendje zoekt vervolgens andere oplossingen voor zijn seksuele behoeften en vindt die in deze tijd van video en internet ook vrij gemakkelijk. Het gevolg is dat voor het vriendje de relatie een duidelijke kostenkant heeft, frustrerend is (die leuke, jonge, gezonde vrouw die je partner is, heeft meestal geen zin in seks), maar geen duidelijke voordelen heeft. De beslissing om te kappen wordt op die manier wel erg gemakkelijk gemaakt.

Dat streven om man te zijn, gaat zelfs zo ver, dat deze moderne vrouwen bij seks denken dat ze net als mannen voortdurend klaar moeten komen. Geslaagde seks is seks waarbij beide partners klaarkomen, liefst gelijktijdig.

In werkelijkheid is dat een volstrekt uit de lucht gegrepen criterium. Biologisch gezien is succesvolle seks, seks waarbij de vrouw bevrucht wordt. Daarvoor is het nodig dat de man ejaculeert en dus klaarkomt, maar het is biologisch gezien helemaal niet nodig dat de vrouw klaarkomt.

Biologisch gezien is het idee dat de man-vrouw relatie tijdens seks gelijkwaardig zou zijn, al even onzinnig. De vrouw werkt als prikkel, terwijl de man tenslotte de daadwerkelijke actie moet leveren. De seksrelatie is dus fundamenteel ongelijkwaardig: de partners spelen verschillende rollen. Dit wordt ook nog eens bevestigd door het verschijnsel dat mannen geconditioneerd raken op specifieke seksuele prikkels, terwijl vrouwen reageren op diffuse seksuele prikkels.

Die ongelijkheid in de seksuele relatie vinden we ook nog terug in de relatie prostituee--klant. De klant betaalt, de prostituee verdient. Wanneer de relatie gelijkwaardig was, zou dat nooit lukken. Het omgekeerde, mannen die zich seksueel aanbieden aan vrouwen in ruil voor geld, komt vrijwel niet voor. Want, zoals een vrouw opmerkte: 'Waarom zou je betalen voor seks als je die gratis kunt krijgen.' (Op de BBC-site vond ik echter een artikeltje (hier) dat stelt dat die mannen er soms tegenwoordig ook zijn. Maar in ieder geval komt dat veel minder vaak voor dan het omgekeerde.)

Het grappige is dus dat de problemen van deze gemankeerde 'mannen' ontstaan doordat ze iets proberen te zijn, wat ze niet daadwerkelijk zijn. De motiverende factor daarbij is sociale beloning en sociale status. Door die factor proberen ze energiek man te zijn, maar tegelijkertijd missen ze de bijbehorende seksdrive waardoor het seks- en relatieprobleem ontstaat.

Bij deze groep jonge, moderne vrouwen lukt het spelen van de 'klassieke' vrouwenrol niet meer goed. Men is goed opgeleid, men is ijverig. Men wil een baan, status, macht en erkenning. Men wil kortom wat mannen ook willen en vaak lukt dat ook. Vervolgens gaat het mis. Eerst gaat het mis met de seks, daarna met de relatie. Tenslotte blijft men met wat pech alleen over zonder man en kinderen. Als vrouw is men (biologisch gezien) mislukt. Maar als man is men dat om dezelfde reden ook. Het klinkt hard en dat is het vermoedelijk ook.

Het is niet mijn bedoeling kritiek te hebben op vrouwen die bewust kinderloos willen blijven. Iedereen moet dat zelf beslissen. Maar het probleem bij deze groep van moderne vrouwen is niet dat men vooraf daarvoor kiest, maar dat men na verloop van tijd tenslotte in een situatie zit waar helemaal niets meer te kiezen valt. Precies zoals Fay Weldon zegt.

De Bush-fout: doordraven

Jean Lipman-Blumen, hoogleraar Publieke Politiek, noemt in de Huffington Post president Bush (hier) een 'toxic leader'. Een 'giftige leider' laat een spoor van ellende en ontreddering na. In dat opzicht lijkt de uitspraak van Lipman-Blumen bijna een feit. Weinigen zullen betwisten dat Bush de wereld veel ellende nalaat en dat de wereld na hem er een stuk beroerder uitziet dan voor hem.

Arianna Huffington noemt de slottoespraak van Bush 'still delusional after all those years' (hier).
Thursday night's valedictory speech was quintessential Bush: delusional from beginning to end.

Veel mensen, waaronder Amerikanen, beoordelen het handelen en de politiek van George W. Bush uitermate negatief. Wat deed de man verkeerd en wat kunnen we van hem leren?

Nu iets anders. Het boek Head over Heels van Virginia Erhadt bevat 29 verhalen van partners van (M-V) travestieten en transseksuelen. Als ik die verhalen lees dan valt me op dat de bron van veel problemen vaak een soort overreageren lijkt te zijn. Ik kom dat ook tegen via verhalen uit andere bronnen en ik ken het ook uit eigen ervaring.

De man is travestiet of transseksueel. De vrouw in de relatie ontdekt dat tenslotte en dan zijn er meestal twee reacties mogelijk. Die vrouw vindt dat vreselijk en accepteert dat niet en daarmee haar man niet langer. Het gevolg: ze gaan scheiden en de man die nu van alle belemmeringen verlost is, ontwikkelt zich snel tot bijvoorbeeld transseksueel of tot bijna fulltime travestiet. Of de vrouw accepteert die travestie van haar man tenslotte als een gegeven en dat is dan weer een vrijbrief voor de man om zich te verkleden, zich steeds verder in vrouwelijke richting te ontwikkelen en zich steeds meer vrouw te gaan voelen wat in zulke gevallen in feite eigenlijk altijd tot een belangrijke verstoring in de relatie leidt.

Ook de meeste mannen reageren uiteindelijk vooral emotioneel. Men voelt zich niet geaccepteerd. Men kan er niets aan doen. Men is het nu eenmaal. De redenering die men ontwikkelt, is ongeveer: 'Ik ben travestiet/trans. Daar kan ik niets aan doen. Omdat ik travestiet/trans ben, moet ik...' Het is een onontkoombaar noodlot.

Ik kan me vaak niet aan de indruk onttrekken, dat als iedereen nuchter en zakelijk reageerde er eigenlijk helemaal geen groot probleem zou bestaan of dat het probleem in ieder geval beter oplosbaar zou zijn. Goed, de man verkleedt zich af en toe als vrouw. Hoe erg is dat? Is dat het einde van de wereld?

Maar in plaats van nuchter en zakelijk met de problemen om te gaan, wordt het allemaal verabsoluteerd. Voor de vrouw is het niet-acceptabel. Of de vrouw wil ondanks dat t-zijn haar man toch door dik en dun steunen. De man weet het zeker: hij is t. "Daar kom je nooit weer van af. Wat je ook probeert." Er zit niets anders op dan...

Travestie en transseksualiteit liggen emotioneel. Dat geldt voor zowel de betrokken man als de partner. Het gevolg is dat beiden er toe neigen een verhaal te construeren. Een verhaal dat hun gelijk bewijst. Maar ook een verhaal dat snel iets overdreven wordt, dat onjuistheden gaat bevatten en ongefundeerde vooronderstellingen. Vervolgens springt men naar een actie. Er moet dit of dat gebeuren. Het kan niet anders. Er is een heilige noodzaak. Het belang van het gezin, van het land, van de samenleving staat op het spel. Hier moet worden gekozen. Hier moet worden opgetreden.

Wat ik dus denk te zien, is dat mensen de Bush-fout gaan maken. Ze komen met een dramatisch verhaal over de werkelijkheid waarin ze zelf een hoofdrol spelen. Een mooi verhaal, een aangrijpend verhaal. Een verhaal over waarden en normen. Maar tegelijkertijd een verhaal dat niet-zakelijk is, dat op onderdelen niet klopt. Een verhaal dat misleidend is.

En tenslotte wanneer men dat verhaal vaak genoeg afgestoken heeft, heeft men zichzelf overtuigd. Zo is het en niet anders. En als het zo is, dan moet er zo en zo gehandeld worden. Het kan niet anders. Het landsbelang of het persoonlijke belang of het belang van het gezin of de samenleving eist het. En dan gaat men doordraven.

Het zou mooi zijn, om te doen alsof alleen andere mensen deze fout maken. Helaas is dat niet zo. Ik realiseer me dat ik zelf die fout in het verleden ook heb gemaakt.

Wat is die fout dan precies? De George W. Bush-fout houdt in dat men eerst een gekleurde, emotioneel geladen, dramatische weergave van de situatie geeft. Vervolgens nadat men zichzelf tenslotte overtuigd heeft dat die gekleurde weergave de juiste is, kiest men de actie die op basis van die gekleurde weergave de juiste lijkt te zijn.

George W. Bush had het over een 'war on terror' terwijl er geen oorlog was. Vervolgens begon hij twee oorlogen omdat hij dacht dat er oorlog was. In zijn voorstelling was Amerika een bedreigd land, terwijl de feiten dat op geen enkele manier bevestigden. Natuurlijk zijn 3000 doden niet niks. Maar in verhouding tot het aantal overbodige ziekenhuisdoden in de VS is het qua aantal niets bijzonders. En natuurlijk is het ook niet zo, dat je in reactie op zo'n aanslag niets zou mogen doen. Het punt is alleen dat je je verstand bij elkaar moet houden en dat je je doelen duidelijk moet formuleren en dat je je acties op die doelen moet afstemmen.

Een probleem is ook dat door dat emotionele taalgebruik de doelen gaan verschuiven. Al snel is het doel, de 'war on terror' te winnen. Bij t's zie je hetzelfde. Het doel is niet langer gelukkig te zijn of een leuke relatie te vinden en te houden of gezond te blijven. Nee, het doel wordt nu opeens: altijd verkleed te kunnen zijn of vrouw te worden.

In de psychologie, speciaal de REBT (Rational Emotive Behavior Therapy), noemt men dit irrationele overtuigingen. Het zijn overtuigingen die niet op feiten gebaseerd zijn, maar die je toch heel erg gelooft en waar je absoluut van overtuigd bent. Het zijn ook overtuigingen die de persoon zelf op termijn schade toebrengen. Een voorbeeld is bijvoorbeeld het geloof: 'Het leven is zinloos.' Misschien is het leven zinloos, maar door die gedachte te denken ga je je niet opgewekter voelen en wordt de kans groter dat je onnodige risico's neemt.

Dankzij REBT weten we dat je kunt ophouden met het denken van destructieve gedachten en dat je die met wat moeite kunt vervangen door nuttige en productieve gedachten. Dat is een belangrijk inzicht en een belangrijke vooruitgang.

Wat niet altijd even duidelijk is, is de herkomst van die irrationele overtuigingen. Maar ook dat wordt nu door de koppeling die ik legde met Bush duidelijker. Dit soort irrationele overtuigingen levert sociaal bijval. Het is een mooi verhaal, het is een aansprekend verhaal. Het is een verhaal dat het eigen handelen legitimeert. Maar het is ook een onjuist verhaal dat tenslotte -- op de lange termijn -- alleen maar leidt tot ellende.

De politiek is vol van dit soort voorbeelden. De wereld van travestie en transseksualiteit ook, vrees ik. Wij komen met een bepaalde voorstelling van hoe we zijn en hoe de wereld in elkaar zit. Vervolgens herhalen we die voorstelling een groot aantal keren en laten we ons door anderen bevestigen: zo is het. Wanneer we het tenslotte zeker weten, handelen we op basis van die gekleurde voorstelling. Anders handelen is ondenkbaar. Dit zal en moet gebeuren. Maar ergens wijkt onze voorstelling van zaken net iets af van de realiteit met verstrekkende gevolgen.

Het ergste is dat jezelf het probleem niet ziet. Net als Bush. Zo en zo zit de wereld in elkaar. Hij is vol zelfvertrouwen. Zelfs nadat alles volstrekt misgelopen is, is hij nog steeds vol zelfvertrouwen. De wereld is nu een veiliger plek, denkt hij, ongeveer als enige. Op een soortgelijke manier hoor ik t's praten over hun ontwikkeling als transgender. Opgetogen, enthousiast. Problemen zijn er niet in hun optiek. En mochten die er zijn, dan kunnen ze zich daar niet druk over maken. De afloop van de veldtocht is onzeker, maar de heilige noodzaak staat niet ter discussie.

Maar ik loop al wat langer mee. En ik kijk er ondertussen wat meer van buitenaf tegenaan. En als je dan echt denkt, dat er helemaal geen problemen zijn, dan zit er toch iets zwaar mis. Dan klopt je voorstelling van zaken niet. Dan wordt het tijd om te bedenken wat je precies wilt bereiken en waarom. Maar juist door die emotionele betrokkenheid bij het onderwerp is dat bijna een soort onmogelijkheid.

Voor de transgender is het vrouwelijke een soort ultieme graal. Dat is het mooiste dat er is. Voor dat doel mag alles opgeofferd worden. Dat is als het ware de essentie van travestie en transseksualiteit: door die sterke koppeling van positieve emoties aan het vrouwelijke, is het vrouwelijke een soort heilige graal geworden, die eigenlijk nooit perfect kan worden bereikt, maar waar geen enkele opoffering te veel voor is.

Voor de partner is dat vrouwelijke in haar man vaak een schrikbeeld. Zij dacht een man getrouwd te hebben, maar nu ziet zij opeens dat wat haar het liefst is op haar kinderen na, onder haar handen wegglippen, terwijl alles dat ze samen opgebouwd hebben, vernietigd dreigt te worden. Hoe reageren mensen in zulke situaties?

Het mooie van REBT is dat je op zo'n moment een sociale tik krijgt als je tenminste zo verstandig bent je toevlucht bij REBT te zoeken. Effe wakker worden, graag! Wat je daar vertelt, zijn opinies, geen feiten! Stop eens met negatief denken! Wat is precies je doel? Verabsoluteer je emoties niet zo! Word eens wat zakelijker! REBT is in zekere zin gewoon georganiseerde tegenspraak. Tegenspraak die bij Bush geen kans kreeg, waardoor hij veel te extreem ging reageren.

Omdat travestie en transseksualiteit zo emotioneel liggen, is de neiging tot doordraven in reactie op die travestie bij de t en de partner groot. Op termijn levert dat alleen maar ellende op. Wat juist nodig is, is een zakelijke en onderkoelde manier van reageren. De wereld vergaat echt nog niet; er zijn ergere dingen.


Jezelf durven zijn


Een tijdje geleden ging ik in (hier) op het nogal lange artikel van Talia Mae Bettcher (19 A4). Bettcher is M-V transvrouw zoals ze zelf in haar artikel aangeeft. In haar artikel beklaagt ze zich over het probleem dat transmensen soms gezien worden als oplichters wanneer ze in bepaalde (seksueel geladen) situaties niet aangeven trans te zijn. En volgens haar was hier geen echte oplossing voor.

De oplossing die ik toen voorstelde, was gewoon te zeggen wat je bent. Niet meer en niet minder. Wees eerlijk en durf jezelf te zijn.

Vanavond vond ik op de site van Evelien Snel (hier), zelf een M-V transvrouw, de volgende passage onder de titel Skinny Dipping (hier). Ze heeft geen 19 bladzijden ingewikkeld proza nodig of een abstract betoog. Ze introduceert het probleem en vertelt hoe ze het oploste. Geen gezeur over hoe oneerlijk de wereld is voor transen. Gewoon jezelf durven zijn. Zo kan het dus ook.

Ze schrijft op haar site wel dat ze even aarzelde of ze dit zou publiceren. Gelukkig heeft ze dat wel gedaan.

If you start living full-time in the opposite gender role, you go around every day trying to look like a girl although you have a male body. The more clothing you wear the easier that is. But you will run into problems with activities where you don't wear so much clothing, such as swimming.

In the three years since my transition I had only swum one time. That was in a swimming pool in Italy. Julia so much wanted to go for a swim, I couldn't refuse that. But I didn't feel ready for it. I hadn't started with my hormone treatment yet, so my body was still completely male, but I had to go dressed as a girl. With falsies in my bikini top and with an unnatural bulging in my panty. I didn't feel really at ease there, but afterwards it was a good feeling to know I had conquered my fear and done Julia a favor.

But it gets even more complicated. In the past Julia and I always went to naturist beaches. Yes, that's right: Skinny dipping! We always loved the atmosphere at naturist beaches: people are very friendly and they care about the environment. You won't find empty cans and bottles or cigarette buds on a naturist beach. These people clean up their mess when they leave.

Of course on a naturist beach transvestism is impossible. Without any clothes you cannot pretend to be anything but yourself. So I hadn't been there since my transition. It was impossible for me to go anywhere if I would have to look like a guy. But things have changed. Now that I am on hormones, my body is changing. I don't look like a man anymore, I look like a... SheMale!

Of course a SheMale is a rather unusual kind of person, but I had decided I wanted to go to the naturist beach again as soon as I didn't look like a man any more. So last week I took the big step and went to the beach for the first time in three years. I have to admit I was a bit scared to do that. But I am not sorry I did. It is so relaxing to let go of all pretending and make-believe. I was just me, nothing more, nothing less!

Of course people have looked at me. There is nothing wrong with that! Everybody looks at everybody else. Some people will have thought: "Hey, HE has breasts!" and others thought: "Hey SHE has a penis!" And they were right! So what!


Foute Foekjes*


In NRC Handelsblad (10/10/2008) staat in de bijlage Boeken (p. 10) een stukje van Guus Middag: Foekje was een vrouw. Het is een bespreking van het boek van Max Dohle: Het verwoeste leven van Foekje Dillema.

De bespreking begint zo: "Er zijn van die boeken die je maar liever ongelezen laat. Het boek van Max Dohle over Foekje Dillema was er zo een."

Foekje werd geboren in 1926 in Burum, een dorpje bij de grens van Friesland en Groningen. Ze is de derde dochter in een gezin van acht. Bij een spelletje in de gymnastiekzaal ziet de trainer dat ze erg hard kan lopen. In 1948 loopt ze haar eerste wedstrijd die ze met voorsprong wint. Maar die overwinning telt niet omdat ze te laat was met inschrijven. In 1949 maakt ze in Londen grote indruk op de 100 en 200 meter en wordt ze uitgeroepen tot 'athlete of the match'. Men spreekt over haar als de 'stoomwals' omdat ze de concurrentie verplettert. Ze begint nu een serieuze bedreiging te vormen voor de Olympische kampioene Fanny Blankers-Koen, die ook wel de 'vliegende huisvrouw' werd genoemd.

Op 13 juli 1950 wordt ze, terwijl ze op weg is naar een groot landentoernooi in Frankrijk, in Hilversum uit de trein gehaald door drie mannen van de KNAU en krijgt ze te horen dat uit een eerder afgenomen seksetest blijkt dat ze geen vrouw is. Tegen haar teamgenoten zegt ze: "Ze zeggen dat ik geen meid ben." Ze wordt voor de rest van haar leven geschorst. Met een enkele reis naar Buitenpost wordt ze terug naar huis gestuurd. Bijna twee jaar lang durft ze niet buiten te komen. Foekje heeft er nooit meer over willen praten. Het was allemaal te erg.

Middag merkt op: "Dat Foekje een vrouw was is zeker. Dat zij nooit geschorst had mogen worden ook. Dat zij schandalig behandeld is eveneens. Maar daarmee is het drama van 13 juli 1950 niet meer terug te draaien." Moet er een plaquette komen op het station van Hilversum? Moet er eenmaal per jaar geen treinverkeer zijn tussen Hilversum en Buitenpost? Maar een monument voor Foekje is er al: dit boekje.

Tot zover Guus Middag. Het is een triest verhaal uit een voorbije tijd en het is mooi dat we het nu gelukkig allemaal totaal anders zien.

Dan moet ik denken aan al die andere Foekjes. Al die andere foute vrouwen. Vrouwen die net als Foekje soms te mannelijk ogen en net als Foekje een Y-chromosoom met zich meesjouwen, dat ze liever niet hadden.

Is het tegenwoordig echt zo anders? Waarom hoor ik dan zo vaak verhalen over pesten, over ontslag, over gebrek aan acceptatie, over zelfmoord?

Voor Foekje kunnen we niets meer doen. Aan een plaquette heeft ze niets meer. Een treinenloze dag helpt haar niet. En ook dat boekje kan haar niet meer troosten.

Gaan we over 50 jaar ook een boekje schrijven over de foute vrouwen die nu leven en dan dood zijn? Over hoe schandelijk die behandeld werden en dat ze toch eigenlijk wel echt vrouw waren? En gaan we dan voorstellen een plaquette te plaatsen en een treinenloze dag te houden? Om tenslotte te concluderen dat dat boekje eigenlijk al een mooi monument is? En gaan we daarna allemaal weer tevreden slapen?

De samenleving zit niet te wachten op foute vrouwen, of foute mannen. Die wil echte vrouwen en echte mannen. Niet iets dat er tussenin zit. Dat was in 1950 zo, dat is nog steeds zo. En trieste boekjes, plaquettes en spoorloze dagen veranderen dat niet.

Ik denk dat al die foute vrouwen en al die foute mannen zich daar maar op moeten instellen. Want zo'n boekje na je dood, is heel mooi, maar je leeft maar eenmaal. Je zult je nu moeten zien te redden in een wereld die jou ziet als iets dat niet goed past, dat er eigenlijk niet zou moeten zijn. En natuurlijk word je als foute vrouw of foute man soms schandelijk behandeld. Niet altijd en niet door iedereen. Maar soms is het onmiskenbaar. En net als in de oorlog kijken veel mensen dan liever even weg. Ik praat het niet goed, maar constateer het wel.

Foekje was niet voorbereid op wat haar overkwam. Ze trok het zich aan en ze trok zich terug. Ze wilde er niet meer over praten.

Ik heb geen gemakkelijke oplossing, maar weet wel dat de foute Foekjes dit zelf zullen moeten oplossen. Ik weet ook, dat de dingen die Foekje deed, hoe begrijpelijk ook, het er niet beter op maakten. Het helpt om voorbereid te zijn. Iets dat Foekje niet was. Het helpt om het van je af te laten glijden, in plaats van het je aan te trekken. Iets dat Foekje, heel begrijpelijk, niet deed. Het helpt om je niet terug te trekken, hoe natuurlijk die reflex ook mag zijn. En het helpt om er over te praten, hoe moeilijk dat eerst ook is. En misschien helpt schreeuwen ook wel, want zo werkt het nu eenmaal in een democratie.

Biologen zeggen dat een dier kan kiezen uit twee totaal verschillende reacties: het kan vluchten of het kan vechten. Vluchten is prima, als het kan. Maar als foute Foekje vluchten in deze wereld, helpt uiteindelijk niet, want overal blijf je een fout Foekje. Daarom blijft er maar één optie over: blijven en vechten. Maar omdat we voorgeprogrammeerd zijn niet onnodig te vechten, is de reflex om te vluchten soms bijna onbedwingbaar. Toch moet die bedwongen worden als je niet je hele leven op de vlucht wil blijven. Niet klagen, maar aanklagen!

Er is nog een belangrijk punt dat de foute Foekjes zelf kunnen doen. Samen sta je sterker. Als eenling ben je zwak, als groep ben je sterk. De foute Foekjes moeten elkaar steunen en zich organiseren. Ook dat is een lastige les. Foekje wou alleen zijn met haar verdriet en die reactie is begrijpelijk. Maar duizend foute Foekjes bij elkaar is een leger. Voor die 240.000 foute Foekjes die Nederland volgens het laatste bevolkingsonderzoek in ieder geval telt, zou dat een kleinigheid moeten zijn: minder dan een half procent.

Wordt het niet de hoogste tijd dat al die foute Foekjes ophouden met wegkruipen, ophouden met stil en eenzaam in een hoekje te zitten en eigenlijk niet willen praten over dat wat ze zo vreselijk fout maakt? Wordt het niet de hoogste tijd dat ze zich laten zien, dat ze stevig aan de bel trekken als hun burgerrechten worden geschonden, dat ze stelling nemen tegen de verschillende vormen van discrimiatie? En dat ze bij elkaar komen, elkaar steunen en samen in actie komen?

Afgelopen zaterdag was het weer Transgender Remembrance Day. Hoeveel transgenders moeten er nog vallen voordat de foute Foekjes massaal besluiten uit de kast te komen, zich te organiseren en hun lot in eigen hand te nemen?


---------------
* Eerder gepubliceerd in Transformatie 25, nr. 6, 2008, p. 23-24.


Rok voor mannen: travestie of mode?*


De site ROK VOOR MANNEN (hier) had een draadje (hier) onder de titel: Waarom draag ik zo graag een rok? Mijn reactie op een aantal bijdragen van de leden staat hieronder.


----------
Ik vind die verhalen dat het zo heerlijk is om een rok te dragen, maar vreemd. Ik gun iedereen zijn lol en van mij mag je de hele dag en de nacht erbij in rok lopen en slapen, maar dat het zo'n heerlijk kledingstuk zou zijn, wil er bij mij niet in. Tenzij je natuurlijk aanneemt dat hier toch iets van travestie meespeelt.

Begrijp me goed. Ik vind dat niet erg. En ik kan ook wel wat begrijpen dat jullie dat liever niet zo hardop formuleren, maar heel veel foto's en verhalen hier zijn voor mijn idee typische travestie-verhalen.

Jullie willen graag dat de rok voor mannen een geaccepteerd kledingstuk wordt. Op zich een nobel streven lijkt me. Maar jullie zijn er heel fanatiek in. Bijna fundamentalistische gelovigen. Waarom moet dat zo hard gepropageerd worden?

Het voordeel voor jullie is kennelijk dat je dan zonder problemen in rok kunt lopen. De wereld moet wat veranderd worden zodat jullie overal in rok kunnen lopen.

Maar wat is daar zo fijn aan? Vrouwen kunnen het, maar doen het meestal niet. Op het moment zie je wel wat minirokken, maar lang niet iedere vrouw loopt in mini en bovendien is die modegolf straks zo weer voorbij. Vrouwen prefereren broeken en ik kan ze niet ongelijk geven.

Kennelijk is er dus een X-factor waardoor jullie het lopen in een rok als iets heerlijks ervaren en ik niet. Jullie worden overvallen door een soort subjectieve opwinding: lopen in een rok, heerlijk!

Maar dat is typerend voor travestie, lijkt me. Begrijp me goed, van mij mag dat, want ik heb zelf ook een travestie-verleden en loop bij gelegenheid nog wel eens in travestie als de sociale situatie dat vraagt.

Maar naar buiten toe, maakt dat dus een ongelukkige indruk. Jullie willen de rok voor mannen geaccepteerd krijgen, maar ondertussen weten jullie de indruk te wekken eigenlijk in die rok te lopen vanuit jullie travestie-behoefte. Het kan best zijn, dat dit lang niet voor iedereen op deze site geldt, maar bij een heel aantal zie je toch wel veel verdachte plaatjes en verhalen.

Ik vind dat geen goede strategie op de lange termijn. Als je een travestie-behoefte hebt, zeg dat dan gewoon openlijk en trek vervolgens, als je dat wilt, die rok aan. Die rok is niet echt geaccepteerd, dus daar kan die travestie-behoefte nog wel bij. Dat maakt verder echt niet zo veel verschil meer.

Maar er is nog een probleem met travestie en dat is de reden dat ik er zelf mee gestopt ben, hoewel iedereen beweert dat dat niet kan. Het probleem dat ik met travestie heb, is dat het vaak niet mooi is. Dat geldt gelukkig niet voor alle travestieten, maar voor heel veel ook wel. Het probleem is dat je door die travestie jezelf anders gaat zien. Je kunt niet meer objectief naar je eigen verklede uiterlijk kijken omdat het een sterke, emotionele lading voor je heeft gekregen. Het gevolg is dus dat je je eigen uiterlijk mooi vindt, terwijl andere mensen je heel anders zien. Maar tot overmaat van ramp heb je dat helemaal niet door.

Op het moment dat je dus een rok gaat dragen vanuit die travestie-behoefte voel je jezelf daar heel fijn in. Maar voor andere mensen lijkt het helemaal niet zo geweldig en vaak maar vreemd. Het gevolg is dus niet dat mensen gaan denken dat een rok voor een man een cool item is, maar dat vooral vreemde mannen en travestieten rokken dragen. Je bereikt dus op die manier precies het omgekeerde van wat je wilde bereiken. In plaats van reclame te maken voor de mannenrok, maak je antireclame.

Als je de rok voor mannen geaccepteerd wilt krijgen, moet je juist proberen er zo uit te zien dat andere mannen denken: zo zou ik er ook uit willen zien. Nou, dat is dus niet gemakkelijk, want die mannen zijn biologisch gezien je concurrenten. De kans is dus groot dat zij je uiterlijk omdat het afwijkt toch stiekem wat bespottelijk zullen maken om je zo als concurrent uit te schakelen en zichzelf omhoog te werken. In ieder geval zullen ze die rok meestal niet zo gemakkelijk accepteren totdat ze echt zien dat het status of vrouwen oplevert.

Zelf heb ik helemaal geen zin om me mooi te gaan kleden voor andere mannen. Hun mening zal me worst wezen. Maar ik vind het wel leuk als mijn kleding bij vrouwen in de smaak valt. Maar zelfs met die bescheiden doelstelling krijg ik bij heel veel foto's op deze site niet het idee: Wham! Maar dat is dus ook begrijpelijk gezien kennelijk die koppeling met travestie die er nog steeds vaak is.

Als je dus die rok gaat aantrekken omdat je je dan zo heerlijk voelt, heb je gewoon nog last van je travestie-verleden en zie je er dus meestal helemaal niet zo geweldig uit als dat jezelf denkt.

Als je echt die mannenrok wil promoten, moet je stoppen met die travestie en je richten op mannen. Je moet je zo kleden dat zij het cool vinden. Veel succes, maar mij niet gezien.

Ik probeer er ondertussen gewoon leuk uit te zien (soms tenminste, andere keren ben ik lui en kleed ik me lekker gemakkelijk) en vind dan de mening van sommige, leuke vrouwen belangrijker dan de mening van de meeste mannen. En het zal me worst wezen of dat lukt in een mooi mannenpak of een strakke minirok.
-----

Mijn pleidooi om de rok voor mannen vooral als mode-item op te vatten, viel niet echt in vruchtbare aarde voor mijn idee. Men leek vaak helemaal niet te begrijpen waar ik het over had. Of men kon niets met mijn manier van kijken. Op die manier is het niet vreemd dat de rok voor mannen maar moeizaam doorzet als ze dat al doet.



* Deze notitie is verplaatst van een eerdere plek om de volgorde met de vorige notitie weer kloppend te maken.


Wel of geen travestie?


Voor mij staat een man in een jurk. Hij heeft een volle bos grijs haar die hij achterover heeft gekamd. Om zijn hals een mooi parelsnoer. Om zijn pols een armband van parels. Hij heeft een open gezicht en praat levendig en overtuigend. Hij is niet opgemaakt, draagt geen pruik en geen borsten.

Hij legt me uit, dat hij vaak zo gekleed is en dat veel mensen denken dat hij travestiet is, maar dat hij dat beslist niet is. Ik vind dat een interessant gezichtspunt, want ik had juist gedacht in hem een travestiet te herkennen. Hij legt me uit, dat hij niet probeert over te komen als lid van de andere sekse. Hij is voor iedereen duidelijk waarneembaar man en kleedt zich toevallig wat vrouwelijk. Mag dat misschien nog? Veel vrouwen kleden zich mannelijk en daar hoor je niemand over.

Ik begrijp zijn standpunt en vraag hoe andere mensen hem zien. Als travestiet, zegt hij, maar dat klopt dus niet, dat probeerde hij me nu juist uit te leggen. Ik vind stiekem zijn stelling wel flink. Je loopt als man in een jurk met een parelketting. Vervolgens ga je iedereen uitleggen dat dat geen travestie is op zo'n manier dat een mens dat ook nog gaat geloven.

Maar het uitgangspunt vind ik toch wat moeilijk en dat zeg ik ook. Je staat daar in een jurk, iedereen associeert dat met travestie en dan kun je praten als Brugman dat dat geen travestie is, maar veel mensen zullen dat niet willen geloven. Trek een mooi mannenpak aan, hou hetzelfde verhaal en het wordt al een stuk geloofwaardiger.

Toch heeft hij een belangrijk punt: het maakt heel veel uit of je als man in rok/jurk bent of dat je in volledige travestie bent. Normaal ga ik net als mijn gesprekspartner naar dit soort avonden als man in rok. Ik probeer dan door dameskleding te dragen als man een vrouwelijk accent op te roepen.

Deze avond ben ik echter flink geweest en heb ik de moeite genomen me zo volledig mogelijk te transformeren. Op de manier waarop ik dat doe, is dat best veel werk en normaal heb ik daar geen zin in. Twee maanden geleden gaf een van de aanwezige dames met enige nadruk kritiek door over mijn toch wel erg kalende hoofd die ze van andere aanwezigen gehoord had. Je zit samen te eten in een openbare gelegenheid, iedereen heeft zijn best gedaan en daar zit ik dan als een soort dissonant onbevangen mijn mannelijkheid uit te stralen, terwijl ik aan de andere kant op zo'n moment ook niet kan doorgaan voor 'normale' man. Ik kon me daar dus wel iets bij voorstellen. In reactie daarop had ik spontaan beloofd weer eens volledig verkleed te zullen komen.

Maakt dat uit? Ja, dus. Dat maakt heel veel uit. Iedereen veronderstelt dan, dat het mij persoonlijk heel veel uitmaakt. Dat doet het ook. Allereerst is het, ik ben kennelijk niet echt handig en niet echt snel, heel veel werk. Verder zit alles in beginsel nog vervelender dan als man in rok/jurk. Je zit met het lange haar dat voortdurend zit waar het niet moet zitten. Je zit met een laag make-up op je gezicht die als je even niet oppast onmiddellijk op de kraag van je witte jack zit. Je zit met het gewicht van die borsten dat je een lange avond met je meezeult. Vroeger had ik dat allemaal misschien heel opwindend gevonden, maar het is maar, hoe je jezelf conditioneert, denk ik nu.

Maar er was ook een leuke kant. De busschauffeur bedacht bij het overstap-station dat voor mij de snelste route eigenlijk gewoon 10 minuten wachten was en dan kon ik daarna gewoon met hem mee terug rijden. Vervolgens hadden we tijdens het wachten op de overstapbus een uitgebreide kwebbel. Als lelijke, oude man overkomt zulke warme belangstelling me normaal niet.

De dames van de T&T waren onmiddellijk enthousiast toen ze me zagen. Dit was toch wel iets heel anders! Kortom, zowel gewone mensen als transgenders reageerden duidelijk veel enthousiaster dan wanneer ik kom als man in jurk/rok. Als je dat een keer hebt meegemaakt, wil je daar best wat moeite voor doen.

Het verschil is dat je in volledige travestie, als het een beetje gelukt is, in de bestaande kaders past. Als man in rok/jurk doorbreek je die kaders juist. De ene keer probeer je aan te sluiten bij een bestaand stereotype, de andere keer doorbreek je juist nadrukkelijk de gangbare sekserol-opvattingen.

Zodra je aansluit bij die gangbare sekserol-opvatting, wijk je minder af van het bekende en vertrouwde. Zodra je die met je kleding doorbreekt, is dat vreemd en moeilijk voor de mensen om je heen.

Later op de avond mocht ik een wat verhit debat bijwonen over mijn persoon tussen twee dames waarbij mij eigenlijk niets gevraagd werd. Waarom verkleedde ik me nu opeens wel volledig? Was dat echt vanwege die kritiek? Daar moest ik mij toch niets van aantrekken. Maar misschien was het toch ook wel, dat ik het ergens stiekem leuk vond? Waarom deed ik aan travestie als ik het niet leuk vond? Als ik het niet leuk vond, moest ik het gewoon niet doen. Wel, op dat moment was het allemaal erg leuk.

Toch snijdt die discussie een relevant punt aan. Wanneer je je verkleedt, puur om sociale redenen zoals ik wel stel, kun je het dan nog wel travestie noemen? Gaf ik misschien op die manier aan mezelf niet langer als 'normale' travestiet te zien?

Op deze avond waren er nog meer niet-travestieten. Dat waren de stoere mannen in rok. Als ik een rok aantrek, vind ik het leuk om dat op een vrouwelijke manier te doen of in ieder geval te proberen. Deze boys willen overkomen als echte mannen die 'toevallig' een rok dragen. Waarom zou een man geen rok mogen dragen? Zeg nu zelf. Dat kun je geen travestie noemen. Dat is gewoon een wat minder geaccepteerd kledingstuk voor een man. Dat is alles. Meer is er niet.

Maar soms hebben die mannen in rok een travestie-verleden. En soms snakken ze naar het moment dat ze weer een rok aankunnen. En als ze een rok aantrekken moet dat vaak stiekem. Of ze doen het vooral thuis. Maar travestie is het natuurlijk absoluut niet, want dat is iets heel anders.

Dan hebben we natuurlijk ook nog de transen. Als een trans zich als vrouw kleedt, kun je dat moeilijk travestie noemen want ze wordt door de maatschappij erkend als vrouw. Aan de andere kant, hebben transen vaak wel een travestie verleden. Hoe leg je aan je sociale omgeving uit dat dat beslist geen travestie is? Bijvoorbeeld door te zeggen dat je in feite vrouw bent?

Eigenlijk is het een groot wonder dat we bij bevolkingsonderzoek toch nog een 3% van alle mannen zegt dat ze aan travestie doen. Want je zou denken dat ongeveer iedereen goede argumenten heeft om aan te geven dat wat hij/zij doet toevallig net niet helemaal travestie is.

In de VS heeft men het bij voorkeur niet over travestieten ('transvestites'), maar over 'crossdressers'. 'Transvestite' is een negatief geladen woord en daarom gebruiken travestieten en hulpverleners liever het minder beladen 'crossdresser'.

In Nederland noemen travestieten zich tegenwoordig vaak transgender: iemand die tussen de traditionele geslachten van man en vrouw in valt. Veel mensen, waaronder sommige travestieten, kennen dat woord niet, maar dat geeft niet, je bent dan in ieder geval van dat negatief klinkende woord 'travestiet' af.

Zijn al die pogingen om toch maar vooral niet als 'travestiet' bestempeld te worden, verwonderlijk? Niet echt, denk ik. Travestie is een sociaal taboe. Als dat taboe er niet was, was er ook geen travestie. Zo simpel is het vermoedelijk. We zouden dan mannen zien in vrouwenkleren, maar we zouden dat niet associëren met travestie omdat we daar verder niet bijzonders in zouden zien.

Omdat travestie sociaal taboe is, is vrijwel iedere transgender heel gemotiveerd in het aanvoeren van argumenten waarom wat hij of zij doet, geen travestie is, maar net iets anders. En daardoor vind ik al die argumenten heel erg knap, maar uiteindelijk overtuigen ze me toch niet helemaal.

Travestie uit zich in op verschillende manieren en in verschillende vormen en dat klopt precies met het leermodel. Je hebt mannen die jarenlang een damesslipje dragen en 'daar genoeg aan hebben'. Je hebt stoere mannen die snakken naar een rok. Je hebt mannen die een jurk aantrekken met een parelketting. Je hebt mannen die zich volledig proberen te transformeren tot vrouw en dat soms bewonderenswaardig perfect kunnen. Je hebt biologische mannen die zeker weten vrouw te zijn en er voor 'kiezen' 24 uur per dag, 7 dagen per week te leven als vrouw. Maar ik ben voorlopig geneigd te denken dat al die dingen toch onmiskenbaar iets te maken hebben met dat beladen woord: travestie.

Geen travestie-effect bij vrouwen


Eerder heb ik weleens opgemerkt dat we bij vrouwen in mannenkleding over het algemeen niet de associatie 'travestie' krijgen. In NRC Handelsblad van woensdag 26 november 2008 kwam ik op p. 16 een artikel tegen (Het maatpak is geen maatpak meer, confectie niet langer confectie, hier) van Marleen Luijt. Het artikel was geïllustreerd met een drietal foto's van Jantien de Bood (hier). De foto's blijken nog te vinden bij een artikel in NRC Next (hier) waar ze ook bij zijn gebruikt. Ik geef hieronder de gelinkte foto's.






De reden dat men in dit geval vrouwelijke modellen heeft gebruikt, is kennelijk geweest de foto's op te leuken, aantrekkelijker te maken. Het omgekeerde van het typische travestie-effect dat we krijgen als we mannen gebruiken om jurken te fotograferen, lijkt het.


Mijn man draagt mijn kleren - IV

Het travestieprobleem

Travestie heeft een leuke kant en een niet-leuke kant. Travestie is iets heel bijzonders, maar het is soms ook heel verscheurend. Op blogs zoals deze krijgt de negatieve kant vaak aandacht en de positieve minder vaak. Dat geeft een vertekend beeld.

Problemen zijn er om op te lossen, maar dat lukt slecht als je niet de moeite wilt nemen ze op te schrijven en er over na te denken. Daarom is het op blogs als deze vaak nodig om over de problemen te schrijven.

Is er een travestieprobleem? De moeilijke kant van travestie is de confrontatie met de rest van de wereld. Die wereld begint al in huis. Vrouw en kinderen vinden het meestal maar niets. Dan het werk. Als men weet dat je travestiet bent, ben je kwetsbaar, erg kwetsbaar. Vervolgens de vrienden en kennissen. Sommige vrienden en kennissen hebben daar geen zin in. Een travestiet, zeg nu zelf... Tenslotte de rest van de wereld. Ook die kan nog last geven. Maar meestal geldt de regel dat hoe verder af, hoe minder ingrijpend de gevolgen zijn. Niet de straat, maar de eigen directe leefwereld is de grootste bron van problemen.

Wat is het probleem precies?
1. De travestiet probeert te stoppen, maar dat lukt niet blijvend.
2. De vrouw of relatie ontdekt de travestie en voelt zich daardoor bedreigd.
3. De travestie groeit geleidelijk, het taboe neemt af en de travestiet gaat naar buiten.
4. Na verloop van tijd raakt op het werk bekend dat men travestiet is en ontstaan er geleidelijk aan zogenaamd over van alles en nog wat problemen.

Eigenlijk is het dus geen travestieprobleem, maar is het probleem hoe de sociale omgeving op die travestie meent te moeten reageren. Ook wanneer de travestiet zich ontwikkelt tot transseksueel of dat altijd geweest is, geldt hetzelfde.

Vaak heeft de travestiet zelf ook het idee iets te doen dat eigenlijk verboden is of sociaal taboe is. Maar die travestie is er en gaat --normaal gesproken-- niet weer weg. Het gevolg is vaak dat de travestiet schuld ervaart. Hij doet iets dat verkeerd is, dat niet hoort.

Door die sociale reactie op travestie krijgen we dus de volgende problemen:
1. de travestiet voelt zich slecht, waardeloos en schuldig;
2. de vrouw of vriendin voelt zich in haar bestaan bedreigd (ik denk dat dit de meest juiste omschrijving is door iets dat haar man doet);
3. de werkgever en/of collega's voelen zich in hun bestaan bedreigd (zoiets kunnen we hier toch niet hebben).

De thuissituatie is het dichtste bij en het belangrijkste. Hier krijg je twee partijen. De vrouw ziet haar bestaan of haar kinderen bedreigd door wat zij ziet als vreemd en onaangepast gedrag dat haar man doet. De travestiet op zijn beurt weet dat hij uiteindelijk niet anders kan en voelt zich op zijn beurt door die nonacceptatie bedreigd in zijn bestaan en relatie.

Als mensen verstandig waren en zouden zeggen: 'Nou, en...', was er geen enkel probleem. Maar mensen zijn emotionele wezens en als iets hun bestaan bedreigt of als ze dat denken, kunnen ze akelig agressief en gemeen worden.

Homo's kunnen in Nederland misschien min of meer het leven leiden dat ze willen, maar dat geldt voor travestieten met zekerheid niet. We worden dan misschien niet meer in de gevangenis geworpen en misschien niet meer opgesloten in een inrichting voor geestelijk gestoorden (toen ik 20 was, was dat nog heel normaal). Maar als je weet dat tenminste 3% van de mannelijke bevolking travestiet is en dat daarvan slechts een enkeling volledig uit de kast zijn gekomen, en de rest liever in het verborgene leeft, zal wel duidelijk zijn dat er nog veel te doen is.

Hoe kom ik op dit onderwerp? Op p. 114 van haar boek My Husband Wears My Clothes geeft Peggy Rudd het aangrijpende verhaal van Krystal.

"Ik heb mijn hele leven gevoeld dat ik minder ben dan een normale man. ... Door de jaren heen groeide mijn schuldgevoel tot een punt dat het ondragelijk was. ... Ze (zijn vrouw - MvE) verwierp me vanwege mijn travestie. Ze zou zeggen: 'Raak me niet aan. Kom niet eens in mijn buurt.' Ik voelde me eenzaam, geïsoleerd en wanhopig. ... Het beste dat deze sessies (met de raadgever - MvE) hebben opgeleverd is mijn zelfbewustzijn. ... Nu kan ik zeggen: 'Hier ben ik. Dit is wie ik ben. Accepteer me of verwerp me. Ik kan nooit veranderen.' Ik heb een paar slagen gewonnen, maar er is nog steeds een oorlog. Misschien met de hulp van onze raadgever, met de hulp van God en de hulp van mijn vrouw, zullen we op een dag een oplossing vinden."

Om te beginnen is er geen reden om echt te denken dat travestieten minder zouden zijn dan niet-travestieten, denk ik. Maar als ik Krystal was, zou ik liever zelf proberen de zaak op de rails te zetten. Ik denk dat je zoiets niet kunt en mag uitbesteden aan een (betaalde) raadgever, aan God of aan je vrouw (die je vlak daarvoor niet accepteerde). Zelf denken, zelf doen. Niet blindvaren op adviseurs die ook hun eigen belangen hebben.

Veel jaren geleden hoorde ik van oudere t's de volgende wijsheid. 'Het eerste dat je als travestiet moet leren is je opmaken. Het tweede dat je moet leren is vechten.' T's reageren daar vaak op door te zeggen dat ze helemaal niet willen vechten. Dat ze bang zijn. Dat ze niet zo heldhaftig zijn. Maar als t heb je uiteindelijk geen keus. Het is leven of niet leven.

Peggy Rudd schrijft (p. 113): "Travestieten verwachten niet echt acceptatie van de totale bevolking. Ze hopen wel, en bidden daar soms ook voor, op acceptatie van degenen die zij het meeste lief hebben. Hun eigen emotionele ellende is bijna volledig gerelateerd aan een gebrek van acceptatie door degenen die zij het meeste lief hebben."

Ik denk dat dit juist is. Ook binnen de LKG T&T is het terugkerende item dat altijd de hoogste prioriteit krijgt: acceptatie. Hetzelfde merk je op sites als travestie.org en in gesprekken met transgenders.

Daarmee wil ik niet beweren, dat dat non-acceptatieprobleem het enige probleem zou zijn dat bij travestie zou kunnen spelen. Dat is niet zo. Er zijn meer zaken die problemen kunnen geven. Maar het non-acceptatieprobleem is ongetwijfeld het grootste en meest brandende probleem.

Verder is dat non-acceptatieprobleem vooral vaak een probleem van indirecte discriminatie. De meeste problemen ontstaan vreemd genoeg niet rechtstreeks door het 'afwijkende' uiterlijk van de travestiet, maar door de wetenschap dat hij travestiet is. De belangrijkste problemen spelen zich immers dicht bij de betrokkene af. Het is kennelijk meestal niet de reactie op het uiterlijk, maar op de wetenschap dat iemand travestiet is die vermoedelijk de meeste problemen geeft. Overigens weten we op dit punt zo goed als niets zeker.

Op de achterflap van het boek staat: "Dr. Rudd is a helping professional who reaches out empathetically to all crossdressers and their families." Peggy Rudd probeert beroepsmatig te begrijpen en mee te leven. Een 'patient' of een 'cliënt' vindt dat natuurlijk heerlijk. Eindelijk iemand die hem begrijpt. Die alles wat hij denkt, overneemt. Heerlijk toch?

Maar mijn ervaringen met emotioneel begrijpende 'professionals' zijn niet altijd positief geweest. Ik heb liever een deskundige die weet wat hij/zij weten moet en doet wat hij/zij doen moet. Voor al dat begrip en meeleven koop ik uiteindelijk niets.

Peggy presenteert het verhaal van Krystal als een voorbeeld van 'hoe erg'. En dat is het natuurlijk ook. Vervolgens loopt ze over van begrip, maar als Krystal in feite de situatie toch wat overgeeft aan anderen en op zijn beloop laat en verder daar ook nogal emotioneel op reageert doet ze niets om Krystal op andere gedachten te brengen.

Mijn reactie zou meer zijn zoals ik hierboven heb aangegeven. Niet zielig doen, met elkaar in gesprek gaan en de brokstukken proberen zo goed mogelijk te lijmen.

Maar in feite was er in dit geval op het gedrag van Krystal nog wel meer aan te merken. Iets wat Peggy volledig niet aan de orde stelt. Krystal heeft tegenover zijn vrouw zijn mond gehouden over die travestie. Hij hoopte dat het door het huwelijk zou overgaan, wat natuurlijk niet gebeurde. Verder dacht hij dat als zijn vrouw het zou weten van die travestie, ze nooit met hem zou trouwen.

Het lijkt me dat je dan zwaar verkeerd bezig bent. Aan de ene kant scheep je jezelf op met een vrouw waarvoor travestie niet-acceptabel is. Op die manier word je als t niet echt gelukkig, lijkt me. Aan de andere kant zit je die vrouw vreselijk op te lichten. Een ander woord is er eigenlijk niet voor. En het uiteindelijke resultaat is vermoedelijk dat die vrouw zich ook nog eens zwaar ongelukkig voelt met jou. Twee ongelukkige mensen alleen omdat een of andere 'idioot' zijn mond niet durft open te doen. Dat kun je inderdaad moeilijk een 'echte man' noemen, lijkt me.

Vervolgens komt Krystal met zijn verhaal voor de dag en nu doet hij wel heel zielig, maar ondertussen zegt hij wel: 'Ik ben die ik ben en veranderen kan ik niet. Je moet me maar accepteren zoals ik ben.' Daarmee zegt hij in feite: 'Ik verander niet. Jij moet je bezwaren maar opgeven.'

De situatie is dus dat je op een vreselijke manier wordt opgelicht door je man. En vervolgens doet die man vreselijk zielig en neemt niet eens de moeite om sorry te zeggen. Nee, integendeel. De deal is gesloten. De auto is gekocht. En dat die auto behoorlijk krakkemikkig is in haar ogen, daar moet ze maar mee leren leven. Daar kan hij als verkoper nu eenmaal ook niets aan doen. Het leven is voor een autoverkoper al moeilijk genoeg.

Maar dan die prachtige wending op het eind. Hij heeft er een vreselijke rotzooi van gemaakt. En nu moeten de raadgever, God en de klant het probleem samen maar oplossen. Waar God al niet goed voor is!

Maar Peggy Rudd ziet alleen maar die zielige autoverkoper die nu zwaar in de penarie zit. Even verder denken is er niet bij.

Zo weet Peggy nog te melden dat travestieten marcheren op de slag van een andere drummer ("March to the beat of a different drummer." p. 113). Nou, ik heb daar nooit veel van gemerkt. Die travestie of transseksualiteit is er, maar voor de rest heb ik nooit gemerkt dat t's veel afwijken. Alleen wat ik hierboven al noemde, is anders: de reactie van de samenleving.

Alsof dat allemaal nog niet genoeg is, weet ze dan te vermelden dat er in de VS 15 miljoen travestieten zouden zijn (p. 115). Dat zou neerkomen op ongeveer 10% van de mannelijke bevolking. Ik wil veel geloven, maar dat voorlopig niet. Ze geeft dit aantal zonder enige bronvermelding, hoewel ze achterin een uitgebreide literatuurlijst heeft opgenomen. Het percentage wijkt fors af van wat we voor Nederland denken te weten, namelijk een 3 tot maximaal 5 procent uitgaande van het laatste bevolkingsonderzoek van het NISSO.

Kortom, het klikt niet tussen mij en Peggy Rudd. Natuurlijk vinden we allemaal een 'deskundige' heerlijk die ons vertelt wat we graag wil horen. Maar verder komen doe je met dat soort 'deskundigen' uiteindelijk niet echt. Ik denk dat het beter is de dingen bij hun naam te noemen en te streven naar feitelijke juistheid in plaats van maximale instemming van de cliënt. Op de lange termijn hebben t's daar meer aan, denk ik.


Mijn man draagt mijn kleren - III


Emotionele acceptatie door de partner?

Een vrouw komt een leuke man tegen. Ze trouwen. Daarna bekent die man travestiet te zijn. De vrouw is modern en geëmancipeerd. Ze besluit dat ze haar man ook verkleed als vrouw volledig wil accepteren. Maar bij het vrijen, de man is nu gekleed als vrouw, voelt ze walging. Ze wil haar man nog steeds volledig accepteren, maar besluit dat ze op deze manier niet langer seks met hem wil.

De vrouw accepteert de man en zijn travestie met haar verstand, maar emotioneel en in ieder geval seksueel kan ze hem niet accepteren.

Persoonlijk zou ik liever het tegenovergestelde hebben, geloof ik. Een vrouw die me emotioneel en seksueel accepteert, maar met haar verstand en mond herinnert aan de problemen die travestie geeft, aan de discriminatie die het kan opleveren, etc.

Waarom lukte dat in het geval van Peggy Rudd en Melanie niet en bij vermoedelijk veel meer relaties van travestieten met hun vrouw?

Peggy leerde Melanie kennen als man. Voor haar was Melanie een normale man. Het was zelfs een knappe en leuke man. Op dat plaatje viel zij. Zo'n man wilde ze wel als partner.

Nadat Melanie haar travestiebehoefte bekend had en Peggy die travestie wilde accepteren, begon Melanie zich te verkleden, ook voor het vrijen. Met dat totaal andere plaatje dat Melanie nu vormde, had Peggy niets. Integendeel, het idee om daarmee te vrijen, blokkeerde haar zelfs.

Voor M-V transgenders met wat ervaring, is dit heel herkenbaar. Iemand die je als man heel aantrekkelijk vindt, kan je als vrouw afschuwelijk vinden en omgekeerd. Hetzelfde geldt voor de tussenvormen als man in rok en man in jurk. Iemand die je als man in rok aantrekkelijk vindt, kan die fascinatie kwijt zijn zodra je in volledige travestie bent en omgekeerd. Kennelijk is het dus zo dat mensen normaal een bepaald plaatje opwindend vinden en dat een behoorlijk ander plaatje van dezelfde persoon, die opwinding niet oproept, maar juist een blokkade.

In feite is dit ook de basis van travestie. Bepaalde plaatjes van de eigen persoon eventueel gecombineerd met een bepaalde rol worden mooier, opwindender gevonden dan het normale, saaie plaatje als man.

Melanie had dit dus misschien kunnen weten en had heel terughoudend moeten zijn met het wijzigen van haar uiterlijk, zeker voor het vrijen. Peggy van haar kant had beter duidelijke eisen aan het uiterlijk van Melanie kunnen stellen en wat beperkingen voor die travestie kunnen eisen. Maar goed, beide partners waren niet zo verstandig.

Als Melanie graag een vriendin had gehad, die op haar vrouwelijke uiterlijk viel, en die haar emotioneel en seksueel accepteerde, had ze zich bij de eerste kennismaking beter als vrouw kunnen presenteren. In dat geval was het vermoedelijk met Peggy niets geworden, maar was er mogelijk na verloop van tijd wel een andere vrouw op Melanie afgekomen, want ook als vrouw was Melanie knap volgens Peggy. (Knappe M-V transgenders zijn als vrouw soms aantrekkelijk voor biseksuele, lesbische en soms ook heteroseksuele vrouwen.)

Voor die emotionele acceptatie is het dus belangrijk om te ''adverteren" met het uiterlijk als vrouw. Op die manier is het mogelijk een partner aan te trekken die valt op dat uiterlijk.

De omgekeerde strategie werkt dus vermoedelijk meestal verkeerd uit. Met een mannelijk uiterlijk trek je mensen aan die vallen op dat mannelijke uiterlijk. Maar die mensen knappen vervolgens natuurlijk vaak af op het vrouwelijke uiterlijk dat favoriet is bij de transgender zelf. Natuurlijk zullen er uitzondering zijn. Maar het mechanisme lijkt duidelijk. Je moet adverteren met het uiterlijk dat je partner moet accepteren, niet met het tegenovergestelde uiterlijk.

Voor travestieten is dat echter moeilijk. Een belangrijk kenmerk van die travestie is immers dat het taboe is. Dat taboe zit in de eerste plaats tussen de oren van de travestiet zelf. Uiteraard kan die travestie ook aanleiding zijn voor discriminatie, problemen, geweld, etc. Maar op het moment dat het voor de betrokkene niet meer taboe is, en het verkleden gewoon gedaan wordt, verliest het verkleden vaak geleidelijk haar emotionele effect en wordt het 'verkleden' meer gewoon 'kleden'.

Of dit effect optreedt en hoe snel, zal sterk afhangen van tussentijdse bekrachtiging met seks. (In dat geval kan het effect ook niet of in mindere mate optreden.)

Aan de andere kant is het ook een goed argument om uit de kast te komen, lijkt me. Je stopt uiteindelijk met die travestie door het gewoon openlijk te doen, hoe vreemd dat ook mag klinken.

Er is nog wel een beperking. Een travestiet die als vrouw verkleed een partner vindt, loopt kans die partner weer kwijt te raken zodra hij/zij zich weer kleedt als man.

De beste optie is dus je voortdurend op ongeveer dezelfde manier te verkleden. Dat kan alleen als het verkleden snel gaat en gemakkelijk is vol te houden.

Mannen in rok en jurk hebben het op dit punt gemakkelijker en hebben verder nog het voordeel dat de overgang naar het pure mannelijke plaatje kleiner is dan bij volledige travestie.


Mijn man draagt mijn kleren - II

Een ongemakkelijke relatie

Het boek van Peggy J. Rudd, My Husband Wears My Clothes (Mijn man draagt mijn kleren), blijft me intrigeren. Eindelijk is er een vrouw die niet moeilijk doet over de travestie van haar man, die het hem niet eens kwalijk neemt dat hij daar pas nadat het huwelijk voltrokken is, mee op de proppen komt, die haar man bijna meer dan volledig als transgender wil accepteren en dan overtuigt het boek niet. Mij tenminste niet.

Om te beginnen zou ik me wel opgelicht voelen, als mijn vrouw eerst met me trouwde en pas daarna met zulke toch wel belangrijke informatie op de proppen kwam. En waarom zou je die informatie beslist achter willen houden? Is die pre-occupatie met vrouwenkleren en met het 'vrouwelijke' (wat dat dan ook precies mag zijn) echt zo ernstig dat je dat als man onmogelijk vooraf kunt vertellen?

Maar goed, Peggy doet daar niet moeilijk over. Vervolgens wil ze haar man volledig accepteren als travestiet/transgender. Een mooi streven en van mij mag ze.

Maar toch is die relatie niet helemaal zonder problemen. Het meest duidelijke probleem is de seks. In seksueel opzicht is er niets meer tussen Peggy en Melanie. Maar normaal is die seks in een relatie juist een sterk bindend element. En hier valt dat weg. Op termijn kan dat gemakkelijk betekenen dat de relatie minder hecht en minder stabiel is. Maar Peggy zet zich daar overheen.

Stel je dus even goed voor, hoe de situatie is. Peggy vindt Melanie als man aantrekkelijk en knap. Als vrouw vindt ze haar misschien acceptabel als vriendin, maar absoluut niet om mee te vrijen. Het idee vindt ze in feite weerzinwekkend. Het idee om een opgemaakte Melanie te moeten zoenen, gaat haar al te ver.

Melanie is het liefste als vrouw en zeker tijdens het vrijen. Maar in die verschijningsvorm is ze voor Peggy niet acceptabel als sekspartner. Je gaat dus een relatie aan met iemand die je heel vaak niet aantrekkelijk vindt. Dat lijkt me niet alleen niet gemakkelijk, het betekent in feite ook dat je de ander niet accepteert.

Juist die seks is een soort ultiem bewijs: de ander vindt je aantrekkelijk; de ander wil je. Maar tot die vorm van acceptatie is Peggy niet in staat en dat kun je haar niet kwalijk nemen.

Het kan zijn dat dat Melanie niet interesseert. Het kan zijn dat Melanie zo op zichzelf betrokken is en zo bezig is met haar vrouwelijke alter ego dat ze het kan stellen zonder die vorm van acceptatie. Maar als ik Melanie was, zou ik tenslotte toch een partner willen die me ook in bed accepteerde. En op dat moment is er dus een probleem.

Peggy wil Melanie volledig accepteren als travestiet en transgender, maar is daar in feite emotioneel niet toe in staat. En Melanie zal zich tenslotte vroeg of laat realiseren dat er iets belangrijks in haar relatie ontbreekt.

Dat is nog niet alles.

De man in Melanie heeft in feite een relatie met de vrouw in Melanie. Dat is het bijzondere en verwarrende van transgender-relaties. Van buiten lijken het man-vrouw relaties. Maar in werkelijkheid zijn het een soort driehoeksrelaties. Bijna altijd heeft de man een relatie met zijn vrouwelijke alter ego. De man koestert liefde voor zichzelf als vrouw.

Zo'n relatie kan extreem bevredigend zijn, althans voor de man. Je bent in feite verliefd op jezelf. Dat is handig, want je bent altijd in de buurt. Even tijd en gelegenheid en het vrouwelijke alter ego is weer aanwezig. Op die manier stopt de man veel tijd, energie en moeite in zijn vrouwelijke ik. En daardoor heeft hij Peggy in seksueel opzicht ook niet nodig.

Peggy vormt dus in feite een beetje het derde wiel aan de wagen. Melanie is druk met haar vrouwelijke ik en heeft daar nu nog genoeg aan. Peggy is vooral handig voor die dingen waar Melanie een tweede vrouw voor nodig heeft.

In een normale hetero-seksuele relatie is de vrouw onmisbaar voor de seks en levert de man zijn tijd, energie en aandacht voor vrouw en kinderen. In een lesbische relatie is die seksuele component veel minder overheersend aanwezig en zijn ook de verschillende rollen minder duidelijk. Lesbische relaties zijn daardoor veel minder stabiel dan hetero-relaties. Maar in dit geval is er niet eens sprake van een lesbische relatie tussen Peggy en Melanie omdat er in feite helemaal geen seksuele relatie meer is.

Nee, in plaats daarvan heeft Melanie een hetero-seksuele relatie met haar vrouwelijke alter ego. En hetero-seksuele relaties zijn wel behoorlijk stabiel.

Al met al zit Peggy hier in een moeilijke positie, lijkt me.

Heel veel relaties van vrouwen met mannen die transgender zijn, lijken natuurlijk op deze relatie van Peggy en Melanie. Ze worden gekenmerkt door geen of minder seks onderling, terwijl de transgender veel tijd en energie stopt in zijn vrouwelijke alter ego.

Die twee factoren verzwakken de relatie systematisch. Veel relaties van transgenders lopen daardoor kapot.

Hoe kun je dat tegengaan?

Ik zie 3 manieren.
1. Beperk de aanwezigheid en de invloed van het vrouwelijke alter ego. Veel vrouwen laten b.v. niet toe dat hun man verkleed is waar zij bij zijn. Of men beperkt het tot eens per week, etc.
2. Zorg voor frequente seks tussen man en vrouw. Als beide partners zich realiseren dat dit het bindmiddel is voor de relatie en wanneer beide partners daar de nodige moeite voor willen doen, dan is dit een prima oplossing.
3. Versterk en onderhoud de vriendschapsbanden. Doe samen leuke dingen. Hou onderling goed contact. Dit is iets dat Peggy ook op verschillende punten en manieren aanbeveelt in haar boek.

Op welke manier wijkt Peggy dan af van de typische transgender-relatie?

1. Doordat ze haar man volledig als transgender probeert te accepteren, streeft ze niet naar beperking van dat verkleden.
2. Ze heeft op emotionele gronden een streep gehaald door hun seksuele relatie maar heeft daarmee ook haar eigen invloed sterk geminimaliseerd.
3. De enige route die voor haar nu nog open is, is het onderhouden van vriendschap met een transgender die zoals veel transgenders sterk met zichzelf bezig is. Dat is niet gemakkelijk.

Mijn man draagt mijn kleren - I

Wetenschappelijk verantwoord of promotietekst?

Met Sinterklaas kreeg ik het boek My Husband Wears My Clothes van Peggy J. Rudd. Rudd is 'Ed. D.' wat betekent dat ze de graad 'Doctor of Education' heeft. Eigenlijk is het dus Dr. Rudd.

De ondertitel van het boek is Crossdressing from the Perspective of a Wife. De man van Peggy is travestiet (zelf geeft ze de voorkeur aan het minder beladen woord 'crossdresser') en dat was de aanleiding voor dit boek.

'I have had a strong desire to share our story: the struggles and the triumphs. We feel that this information will be of special interest to wives, girl friends, family members and friends of crossdressers. Helping them move toward understanding and acceptance is my goal. Crossdressers, as a group, are capable of being excellent husbands, fathers, sons and friends.'

'Ik voelde dat ik ons verhaal moest vertellen: de worstelingen en de overwinningen. We denken dat deze informatie speciaal van belang zal zijn voor vrouwen, vriendinnen, gezinsleden en vrienden van travestieten. Travestieten zijn over het algemeen in staat uitstekende echtgenoten, vaders, zonen en vrienden te zijn.'

Het boek (ISBN: 0-962762-5-X) is verschenen in 1999 en wordt uitgegeven door PM Publishers (Katy, Texas). Het telt een 133 bladzijden tekst, exclusief inhoudsopgave, literatuurlijst, register e.d.

De literatuurlijst telt 56 verwijzingen. Maar sommige daarvan zijn wat merkwaardig. Wat moet je denken van de volgende?: 'Kilgore. J., Executive Creative Director, Ogilvey and Mather, Houston, Texax. Telephone interview, 1983.' Bij sommige andere wordt wel de titel van het blad vermeld en ook de auteur, weer met het hele instituut en plaats, maar niet de titel van het artikel (wel de paginanummers). Maar ondanks die beperkingen lijkt de literatuurlijst toch bruikbaar als ingang tot de literatuur.

Die doctorsgraad en zo'n redelijk uitgebreide literatuurlijst suggereren dat het boek vermoedelijk ook wel wetenschappelijk verantwoord/juist zal zijn. Dat lijkt me te veel eer.

Om te beginnen vermijdt ze zorgvuldig de koppeling tussen seks en travestie aan de orde te stellen. Als je het boek leest, is het net alsof die koppeling er niet is of er niet toe doet. Beide punten lijken me onjuist en dat blijkt bijvoorbeeld ook duidelijk uit het op deze blog vaker aangehaalde promotieonderzoek van Paul Vennix. Allereerst blijkt dan dat seksuele opwinding een belangrijke opgegeven reden is voor veel travestieten. Verder blijkt die travestie gepaard te gaan met problemen in de seksuele relatie met de vrouw. Dat is misschien geen informatie die leuk is om te horen, maar het is wel informatie die juist is.

Op dit punt gaat ze zelfs zo ver, dat ze uiteindelijk nogal onduidelijk doet over haar eigen seksuele relatie met haar man. In eerste instantie is ze vrij duidelijk en schrijft ze:
It soon became apparent that my husband's crossdressing had a negative effect upon our lovemaking. There were times when my husband was self-centered. He didn't even notice that the lingerie he wore was a turn-off for me. His thoughts were more on his pretty clothes than upon my sexual needs. I wondered if God could help me understand what was happening in our marriage. The first time I kissed Melanie I felt guilty. It was like being a participant in a lesbian affair. If pushing a magic button could have made the situation go away, I would have pushed the button. I wondered if sex would ever be the same again, and if I could ever be the same. Crossdressing seemed morally wrong. I perceived the problem to be a power struggle. I wanted to order my own life and somehow crossdressing interfered. My life was being controlled by something I had not heard of a year before. The person that I married was being suppressed while a feminine side was emerging larger than life (p. 53-54).
"Het werd al snel duidelijk dat het verkleden van mijn echtgenoot een negatief effect had op ons liefdesspel. Er waren tijden dat mijn echtgenoot op zichzelf gericht was. Hij merkte zelfs niet op dat de lingerie die hij droeg, mij afstootte. Zijn gedachten waren meer bij die mooie kleren dat bij mijn seksuele behoeften. Ik vroeg me af of God me kon helpen te begrijpen wat er in ons huwelijk gebeurde. De eerste keer dat ik Melanie kuste, voelde ik me schuldig. Het was alsof ik een deelneemster was in een lesbische affaire. Wanneer het indrukken van een magische knop de situatie had kunnen eindigen dan zou ik die knop hebben ingedrukt. Ik vroeg me af of seks ooit weer gewoon zou kunnen zijn en of ik ooit weer hetzelfde kon zijn. De travestie leek moreel fout. I zag het probleem als een machtsstrijd. Ik wilde mijn eigen leven ordenen en maar op een of andere manier kwam die travestie tussen beide. Mijn leven werd beheerst door iets waarvan ik een jaar daarvoor niet gehoord had. De persoon waarmee ik getrouwd was, werd onderdrukt, terwijl een vrouwelijke kant meer dan levensgroot tevoorschijn kwam."

Ze realiseert zich --ondanks haar negatieve emoties-- dat de travestie niet weg zal gaan. Ze weet dat ze dit moet oplossen. Ze beginnen te praten. Ze besluit dat ze haar man wil accepteren, zowel rationeel als emotioneel. Zonder haar acceptatie is Melanie onvolledig als man en onvolledig als vrouw. Het lied van Melanie, Born Again, wordt hun favoriete song.

Vervolgens schrijft ze: "Zelfs terwijl we wisten dat een deel van onze relatie opnieuw was geboren, wisten we ook dat een ander deel gestorven was. De traditionele waarden door de samenleving vastgesteld voor huwelijk kon nooit voor ons bestaan. Hoewel dit een morbide beschrijving mag lijken, kan de situatie het beste beschreven worden als 'dood'. Ik huilde en daarna huilde ik verder. Maar tenslotte realiseerde ik me dat alles goed zou zijn. Het was waar dat er een groot verlies was. Het goede nieuws was dat er een nieuwe weg naar ons geluk was. Ik voerde het equivalent van een symbolische begrafenis uit (p. 55)."

Peggy heeft een leuke man ontmoet. Na haar huwelijk blijkt hij travestiet te zijn. In beginsel zijn er nu drie mogelijkheden (p. 69-72). 1. Ze kan scheiden. 2. Ze kan proberen te leren leven met die travestie. 3. Ze kan die travestie volledig accepteren als iets dat bij haar partner hoort. Peggy besluit tot het laatste.

Als je er rationeel over probeert na te denken en als je goed voor ogen houdt dat die travestie er is, of je wilt of niet, en ook (meestal) niet weer weggaat, dan is op zich de oplossing van Peggy misschien zo gek nog niet. Het bezwaar van de eerste optie is dat ze haar leuke partner kwijt raakt. Het bezwaar van de tweede optie is dat de kans op heel veel onderling gezeur groot is, waarbij de man zich uiteindelijk onbegrepen voelt en de vrouw ook.

Tegelijkertijd is het besluit van Peggy ook heel opofferend. Zij doet concessies, terwijl ze vooraf van niets wist.

Die beslissing maakt dit boek voor mijn gevoel zo interessant. Normaal is dat partners van travestieten en transseksuelen zich opgelicht voelen, wanneer ze pas naderhand horen hoe de vork in de steel zit. Als de partners dan blijven, is het vaak zuchtend en tandenknarsend. Het is moeilijk. Het is niet ideaal, etc. Maar Peggy realiseert zich dat dat niet de ideale oplossing is en besluit tot volledige acceptatie. Dat kan dus ook.

Hoewel ze dat niet zo duidelijk zegt, zie je als goede lezer, dat die volledige acceptatie een fors prijskaartje draagt. In plaats van een man krijgt ze een vriendin. Als vrouw heeft ze niet langer het voordeel van haar sekse. Haar man heeft haar in seksueel opzicht niet echt nodig.

Peggy zelf ziet dit niet of wil dit niet zien. En vermoedelijk zijn er genoeg vrouwen die een man hebben waar ze niet langer een actieve seksuele relatie mee onderhouden. Wat dat betreft, is Peggy dus mogelijk niet een echte uitzondering.

Die beslissing tot volledige acceptatie, tekent echter ook het boek. Peggy verkeert niet langer in een positie om onbevangen over het onderwerp te schrijven. En dat kun je ook merken in het boek. De opvattingen zijn overwegend TRI ESS opvattingen. (TRI ESS is een Amerikaanse transgender-organisatie.) Travestie is het uitdragen van het vrouwelijke zelf. Voor travestie bestaat geen remedie. Travestie heeft niets te maken met seks. Travestie heeft niets te maken met prettige ontspanning, etc.

Als travestie vooral betrekking had op het uitdragen van het vrouwelijke zelf of de vrouwelijke kanten van het zelf dan zouden travestieten niet overwegend achter de gordijnen en in de kast zitten. Iets dat ze overwegend wel doen.

Voor travestie bestaat misschien op dit moment geen erkende remedie, maar wat we wel heel vaak zien is dat de travestie zich ontwikkelt. Of de travestie neemt toe, of ze neemt af. Er zijn ook situaties waarin ze jarenlang min of meer op hetzelfde 'niveau' lijkt te blijven. Maar dat suggereert dus, dat travestie helemaal ziet zo absoluut bepaald is, als dat men doet voorkomen.

Dat travestie met seks te maken heeft, blijkt ook uit de bovenstaande passages van Peggy. En dat het vaak te maken heeft met prettige ontspanning, blijkt uit de antwoorden van de door Vennix ondervraagde travestieten. Niet dat dat erg is, maar waarom zouden we zulke simpele waarheden moeten onderschoffelen?

Maar waar komt die 'merkwaardige' pre-occupatie met vrouwenkleding dan vandaan? Dat is natuurlijk een beetje de hamvraag, maar juist op dit punt wordt Peggy erg snel erg vaag. Die pre-occupatie is er gewoon. Ja, op een gegeven moment. Maar hij kan groeien. Hij kan afnemen. Waardoor dan? Dit soort vragen stelt Peggy niet.

Gegeven dat ze geen problemen wil in haar huwelijk, is dat vermoedelijk ook de verstandigste route.

Het boek begint met een aardige definitie van een 'crossdresser': 'a man who enjoys wearing women's clothing.' Een man die geniet van het dragen van vrouwenkleding. In de praktijk blijkt dat travestieten niet alleen genieten van het dragen van vrouwenkleding maar zich daar ook vaak sterk toe aangetrokken voelen. Vaak hebben ze kasten vol na verloop van tijd. Veel meer dan hun eigen vrouw aan kleding heeft.

Wanneer je die definitie sekse-neutraal maakt, zouden ook vrouwen in travestie kunnen lopen. Op p. 5 stelt ze die vraag ook, zonder hem echt te beantwoorden. Merkwaardig genoeg zien we vrouwen die in mannenkleding lopen, niet als travestieten. Een verklaring daarvoor zou kunnen zijn dat onze cultuur minder problemen heeft met een vrouw die mannenkleding draagt dan met een man die vrouwenkleding draagt.

Het zou echter ook kunnen dat de manier waarop mannen vrouwenkleding dragen anders is dan de manier waarop vrouwen mannenkleding dragen. Met andere woorden: de functie van die kleding is bij mannelijke travestie mogelijk anders dan bij vrouwelijke 'travestie' waardoor we het niet als travestie zien. Omdat travestie vaak een seksuele functie heeft (zeker in het begin) en vrouwen en mannen qua seksueel gedrag sterk van elkaar verschillen, zou dit inderdaad kunnen kloppen.

Een interessante paragraaf is: Why do some crossdressers act macho? Waarom doen sommige travestieten macho? Zo hebben we travestieten met baarden, snorren. We hebben stoere mannen in rok. We doen alles om er maar overtuigend als echte man uit te zien.

Dat brengt me meteen op het volgende item: vrouwlijkheid. Peggy gaat ervan uit dat er eigenlijk geen verschillen zitten tussen mannen en vrouwen. Voor een groot deel heeft ze daar ook gelijk in. Als we kijken naar vaardigheden e.d. zijn er overwegend geen duidelijke verschillen. Maar als je kijkt naar het uiterlijk en naar het seksuele gedrag en de motivatie daarvoor zijn er wel duidelijke verschillen en daar heeft Peggy het verder niet over. Vanuit die veronderstelling dat er eigenlijk geen verschillen bestaan tussen mannen en vrouwen, is er dus ook geen enkele reden waarom mannen niet vrouwelijk zouden mogen doen, argumenteert ze een hoofdstuk lang.

Mee eens, maar dat is toch nog wel iets anders dan heel veel moeite doen om er als vrouw uit te zien, lijkt me. Het probleem is niet dat travestieten zo vreselijk graag die dingen willen doen die vrouwen (nog steeds) vaak doen als kinderen verzorgen, sanitair schoonmaken, huishouden e.d., maar dat travestieten vooral willen overkomen als vrouw. Een klein, maar toch wel belangrijk verschil.

Peggy lijkt de ideale vrouw voor een travestiet. Ze is meer dan begrijpend. Eerlijk gezegd, ben ik bang, dat al dat begrip mij wat te veel zou worden. Wat te denken van een hoofdstuk-titel als Learning to love your husband enfemme. Leren te houden van je echtgenoot in vrouwenkleding. Het is natuurlijk belangrijk dat ik me op mijn gemak voel bij mijn vrouw, maar uiteindelijk is het voor mij ook minstens zo belangrijk dat zij zich op haar gemak voelt bij mij. Dus waarom moet de vrouw dan juist leren houden van die verklede man? Het lijkt me voor de meeste Nederlandse transgenders al mooi als hun vrouw accepteert dat ze zich zo af en toe verkleden.

En wat te denken van een paragraf: Help him feel normal. Help hem zich normaal te voelen. Lief bedoeld, maar gewoon doen is wat mij betreft meer dan genoeg. Of van: Help him crystalize the feminine side of the personality. Help hem met het uitkristalliseren van de vrouwelijke kant van zijn persoonlijkheid.

Het bijzondere van dit boek is dat het geschreven is door een vrouw die haar travestiete man bijna meer dan volledig accepteert en bereid is daar zelf een prijs voor te betalen. Het teleurstellende van dit boek is dat het het niveau van een promotietekst voor travestie soms amper overstijgt.


Transgenders en verandering?


"Alles is, zoals het altijd is geweest," denk ik, onder de jaarlijkse ledenvergadering van de LKG T&T (Landelijke Kontakt Groep Travestie & Transseksualiteit). Er is een buurtcentrum, er is koffie en ik zie veel bekende gezichten van t's die de soms verre reis ervoor over hadden. Er is een agenda, er is een verslag van de vorige vergadering, er zijn mededelingen, er is een balans en er is een winst- en verliesrekening.

Ik zit recht tegenover het bestuur dat zich verontschuldigt omdat er iets is misgegaan. Verder is er een belangrijk punt van orde en ook dat is, zoals ik inmiddels weet, zoals het hoort. Dan gaat het over de vaste punten die ieder jaar besproken worden en ieder jaar hetzelfde lijken, alsof niets ooit verandert.

Later, aan het einde van de dag, moet ik daaraan terug denken. Was alles wel zoals het altijd was? Ogenschijnlijk: ja. Maar dan zijn er al die kleine puntjes die een mens oppikt, die in combinatie een soort patroon lijken te vormen. Is er iets aan het veranderen? Wat denk ik te zien?

1. Onder de vergadering zit ik met een oude, digitale Canon foto's te maken. Door een zandkorrel die mijn dochter in het lenzenstelsel heeft weten te prutsen, maakt het ding onder het zoomen een knarsend geluid. Tenslotte wordt het de voorzitter te gortig en wordt mij gevraagd, wat ik met die foto's van plan ben en of ik toestemming heb gevraagd. Aanwezigen die daar prijs op stellen moeten hun foto kunnen laten wissen. Onder het eten laat ik de foto's aan wat mensen zien. Van twee mensen krijg ik een reactie: ik had er gerust meer mogen maken. Een derde t vertelt trots meer dan levensgroot bij de Bijenkorf te hangen. Kennelijk maakt niemand zich er meer echt druk over. Nog maar kort geleden lag dat heel anders.

2. Vrouwen beginnen in de t-cultuur een andere rol te spelen. Hoorde je vroeger t's vooral beweren dat (biologische) vrouwen niets moesten hebben van travestie en transseksualiteit, nu wordt het opeens steeds duidelijker dat er genoeg vrouwen zijn die het niet zo'n punt vinden of zelfs wel leuk. Steeds meer vrouwen lijken zich te realiseren dat t's leuke partners kunnen zijn.

Ik zie op dit soort t-bijeenkomsten ook te vaak knappe, zelfbewuste, jonge vrouwen die overtuigend hun plannen voor die t's uitleggen. Maar het onderliggende uitgangspunt is steeds, dat ze die t's op een of andere manier interessant vinden.

Omgekeerd merk ik ook bij t's zelf dat ze op dit punt in korte tijd anders zijn gaan denken. Tot voor kort werd je niet echt geloofd als je stelde dat vrouwen interesse konden hebben voor t's. "Dat kon toch niet." Dat ongeloof lijkt nu voor een groot deel verdampt te zijn.

3. Een een ander punt dat ik denk te zien, is dat transgenders zich beter beginnen te presenteren. Heel veel M-V transgenders hadden en hebben last van het typische travestie-effect. Een man die een jurk aantrekt, komt niet over als vrouw, maar als man in jurk. Vrijwel iedere t heeft daar wel eens last van of last van gehad. Maar wat ik nu denk te zien, is dat er geleidelijk aan steeds meer t's komen die zich beter weten te presenteren.

Als dit zo is, ligt de verklaring ook voor de hand. T's die meer uitgaan, meer onder de mensen zijn, gaan zich geleidelijk aan beter presenteren door het leereffect dat automatisch optreedt. Die waarneming betekent dus dat t's meer naar buiten gaan, zich meer laten zien.

Ik dacht het ook te merken onder het diner in een publiek restaurant. Ieder jaar gaat dat weer iets gemakkelijker en merk je weer iets meer zelfvertrouwen.

4. Een vierde grote doorbraak, is onmiskenbaar dat er nu voor het eerst een subsidiebedrag is binnengehaald voor transgender-projecten. Ook de politiek begint kennelijk de 240.000 Nederlandse transgenders als doelgroep te ontdekken.

5. Een vijfde factor die ik denk te zien, is dat t's steeds emancipatiegerichter worden. Travestieten hebben de neiging zich thuis te verschuilen met de gordijnen dicht. Maar op een of andere manier lijken er steeds meer t's te komen, die een bepaalde strijdlust hebben en die hun bekomst van die gordijnen hebben.

De (post-op) transseksuelen spelen in die emancipatie-beweging naar verhouding een grote rol. Hoewel hun aantal klein is in verhouding tot de totale groep transgenders, zijn ze vaak actiegericht. Zij ervaren kennelijk vaker discriminatie, terwijl ze minder in de gelegenheid zijn zich voortdurend onzichtbaar te maken.

Verder is er in verhouding tot de gigantisch grote groep travestieten die Nederland telt (een 240.000) een naar verhouding uiterst kleine groep travestieten die bewust streeft naar emancipatie en daar ook daadwerkelijk voor in actie wil komen.

Je merkt dit bijvoorbeeld aan de opmerkingen tijdens de vergadering, aan de extra gelden die voor dat doel opeens worden vrijgemaakt en je hoort het in de 'wandelgangen'. "Niet wachten, maar doen." "Niet aarzelen zelf iets aan te pakken." "Zonde dat er nu een tijd weer niets gebeurt." "Dat geld interesseert me niet, er moet iets gebeuren. Daarvoor kom ik hier."

6. Een zesde punt is dat er steeds meer en beter samengewerkt wordt door t's. Van oudsher was dit voor t's altijd wat moeilijk omdat transgenders vaak nogal individualistisch ingesteld waren. In dit verband is de komst van Transgender Netwerk Nederland (hier) een duidelijk voorbeeld.

7. Tenslotte lijken er steeds meer evenementen te komen, waarbij t's zich laten zien en uit de kast komen. Een transgender-info dag, de Canal parade waarbij t's zich ook toonden, de International Transgender Coming Out day, de Transgender Remembrance day en zo kan ik nog even doorgaan.

De winter moet nog beginnen, maar ik ruik de lente al.


Transgender-presentatie en transgender-geweld

Het probleem

Via de nieuwe zoekmachine van de Rijksuniversiteit Groningen, PurpleSearch (hier) ontdekte ik een artikel over transgender-presentatie en transgender-geweld. Dat is een hele mond vol, maar het gaat om het volgende.

Je bent biologisch gezien man, maar je voelt je vrouw. Daardoor probeer je jezelf ook aan andere mensen te presenteren als vrouw. Je leert op die manier een leuke man kennen, die jou ook aardig vindt en van het een komt het ander. Vervolgens komt die aardige man tot de ontdekking dat hij geen seks gehad heeft met een vrouw, maar met een biologische man. Sommige mannen zullen daar misschien hun schouders over ophalen, maar deze man niet. Deze man voelt zich 'verneukt'. Vervolgens wordt die man die eerst zo aardig deed, heel boos en gewelddadig. Zelfs zo gewelddadig dat de transgender het niet overleeft en later dood wordt teruggevonden.

Dit verhaal is niet alleen maar een verhaal, maar is wat de 17-jarige Gwen Araujo op 3 oktober 2002 in Newark, Californië overkwam (Wikipedia). Gwen had 3 jaar eerder tegenover haar moeder bekend dat ze zich meisje voelde 'gevangen in een jongenslichaam' en een sekse-operatie wilde. Een tijdje voor die rampzalige 3-de oktober had ze kennis gemaakt met een viertal mannen en met in ieder geval twee van hen seks gehad. De moordpartij vond plaats tijdens een feestje bij iemand thuis nadat men Gwen gedwongen haar schaamstreek te tonen op basis waarvan men constateerde dat Gwen in feite een biologische man was.


Niemand keurt natuurlijk die moord goed. Maar tegelijkertijd hebben ook veel mensen kritiek op Gwen omdat ze in deze situatie haar biologische sekse verzweeg en heeft men in zekere zin begrip voor de reactie van de 'verneukte' man(nen). Men ziet de transgender als een slecht iemand die de betrokken mannen misleidde.

Zelf zou ik die handelswijze van Gwen misschien niet 'kwalijk' of 'slecht' noemen, maar ik vind het wel onverstandig. En ik denk dat de afloop van het verhaal mijn gelijk illustreert.

Als M-V transgender met een vrouwelijk uiterlijk, bevind je je op straat en op publieke plaatsen altijd in een relatief gevaarlijke situatie. Je weet nooit zeker of je niet net die dag die ene idioot tegen het lijf loopt... Wanneer je dan vervolgens ook nog een relatie aan gaat met een groepje mannen, worden de risico's nog belangrijk groter. Een enkeling kun je misschien nog overzien, maar een groepje mannen is onvoorspelbaar. Maar Gwen laat het daarbij niet. Ze gaat ook nog een seksuele relatie aan met tenminste twee van die mannen. Ik denk dat als je je vrouw voelt en je er ook nogal overtuigend vrouwelijk uitziet, je ook moet proberen te gedragen als een normale vrouw. Dat betekent dat je terughoudend en voorzichtig bent met seksuele contacten. Maar goed, Gwen doet dat dus duidelijk niet.

Dat is nog niet alles. Gwen houdt zorgvuldig haar mond over haar biologische sekse. Ze voelt zich vrouw. Ze ziet er behoorlijk overtuigend uit als vrouw. Waarom zou ze haar mond houden over dat simpele feit? Dat lijkt misschien slim, maar is het niet. Juist in haar geval was er geen enkele reden om niet open te zijn over haar biologische sekse. Als ze gewoon gezegd had: "Luister eens, ik voel me vrouw. Ik zie er vrouwelijk uit, maar biologisch gezien ben ik man," was er vermoedelijk geen enkel probleem geweest. Die mannen hadden dan geweten waar ze aan begonnen en terug kunnen krabbelen, maar vermoedelijk had het hen weinig uitgemaakt.

Maar goed, Gwen was niet zo verstandig. Ook de mannen waren niet erg verstandig, want als je met iemand seks hebt, is dat je eigen beslissing en is het verstandig de andere partij eerst eens goed aan te kijken en wat beter te leren kennen.

Overigens is het geval van Gwen niet typerend is voor de grote massa travestieten en/of transseksuelen. De meeste M-V transgenders zijn seksueel gericht op vrouwen en gaan niet gemakkelijk uit als vrouw. Verder zijn ze als ze uitgaan normaal absoluut niet gericht op sekscontacten. Gwen lijkt typisch een voorbeeld van een 'homo-seksuele' trans. Een vrouwelijk overkomende, homoseksueel gerichte biologische man, die veel minder vaak voorkomen.


Het standpunt van Bettcher

Het bijzondere van het artikel dat ik tegenkwam, is dat het begrip vraagt voor de moeilijke situatie waar Gwen inzat. Het probleem waar Gwen meezat, geldt namelijk in het algemeen voor transvrouwen, maar in feite ook voor andere M-V transgenders.

Je voelt je vrouw. Je ondergaat een ingrijpende operatie. Je bent wettelijk vrouw. Je ziet er als vrouw overtuigend uit. Vervolgens leer je iemand kennen. En dan moet je zeggen: "Kijk uit, ik ben van origine een biologische man."

Die opmerking staat dus dwars op alles wat je probeert te zijn, wat je wilt zijn en wat je denkt te zijn.

Als transvrouw moet je dus of voortdurend overkomen als man (wat natuurlijk niet je bedoeling was), of je moet voortdurend overkomen als vrouw (wat vaak niet perfect lukt) of je moet zodra er een relatie dreigt te ontstaan, duidelijk maken dat je 'transvrouw' bent. Dus dat je van origine man bent.

Doe je dat niet, dan loop je kans als bedriegster, oplichtster gezien te worden. Maar de hele sekse-operatie was juist om als vrouw door het leven te kunnen gaan. En dit probleem verstoort het hele resultaat op een ingrijpende manier.

Aldus het begin van het artikel van Talia Mae Bettcher. Bettcher is zelf een (M-V) transvrouw en ('associate') hoogleraar filosofie. De titel van het artikel is: Evil Deceivers and Make-Believers: On Transphobic Violence and the Politics of Illusion. Het is verschenen in Hypatia 22.3 (2007). Voor de mensen die toegang hebben tot dit bestand, is het hier online op te halen.

Het artikel is nogal lijvig: 19 bladzijden A4 in de PDF-versie. Die 19 bladzijden bevatten een stevige literatuurlijst en een forse lijst noten. Maar zelfs na aftrek daarvan blijven er toch nog 15 bladzijden tekst over.

In die 15 bladzijden presenteert Bettcher verder geen nieuwe gegevens. Ze heeft geen onderzoek gedaan. Ze heeft verder geen nieuw feitenmateriaal of nieuwe informatie. Nee, ze presenteert eigenlijk alleen dit probleem en hoe zij dat ziet. Echt kort van stof is ze dus bepaald niet, maar dat zal wel bij het vakgebied horen.

Ondertussen legt ze wel koppelingen waarbij je vraagtekens kunt zetten. Zo luidt de laatste zin van de samenvatting: "The author shows how this system of gender presentation as genital representation is part of a larger sexist and racist systems of violence and oppression." Die koppeling maakt ze inderdaad in het artikel. Maar het is mij niet echt duidelijk geworden uit de tekst waarom die koppeling er zou zijn. Ze beweert het, het klinkt leuk, maar ze presenteert verder geen informatie om die koppeling echt aannemelijk te maken.

Het artikel is eigenlijk vooral een lange litanie over hoe moeilijk het is voor transvrouwen om niet als bedriegster/bedrieger gezien te worden. Haar uitgangspunt is daarbij wel de Amerikaanse cultuur. Mogelijk is die vaak nog moeilijker voor transen dan de Nederlandse. Aan de andere kant, zit ze wel in een deel van Amerika dat in dit opzicht als heel progressief bekend staat: Californië.

Ze schrijft: "Ik ben daarom pessimistisch over de mogelijkheden van gemakkelijke oplossingen om geweld tegen transgenders tegen te gaan," (p. 14). En: "... het ziet er naaruit dat transen nog gedurende een lange tijd als bedriegers/oplichters gezien zullen worden," (p. 14).

"Gegeven dat we systematisch gezien worden op manieren die in strijd zijn met onze eigen opvattingen, gegeven dat we gezien worden als fundamenteel illusionair -- of als bedriegers of als waardeloos -- hoe vinden we dan de morele integriteit en realiteit die van ons afgenomen zijn?" (p. 14)

Het probleem ontstaat volgens haar doordat sekse normaal toegekend wordt op basis van de geslachtsdelen. Door transgenders wordt de gender-presentatie echter los gekoppeld van de geslachtsdelen. In deze gemeenschappen krijgt de gender-presentatie dus een andere betekenis. Transgender gemeenschappen zouden op die manier omgevingen kunnen vormen waarin transgenders kunnen ontsnappen aan dat systeem van op geslachtorganen gebaseerde gender, schrijft ze.

"We kunnen ons in de eerste plaats afvragen waarom transen zich moeten verontschuldigen voor 'gender bedrog'. In een wereld die ons ziet als bedriegers of oplichters om mee te beginnen. Die onveranderlijk onze echtheid ontkent en die ons bestaan probeert te voorkomen."

Het filosofische Engels van Bettcher is soms moeilijk perfect te vertalen, dus wie in de gelegenheid is, raadplege de originele tekst.

Ze eindigt met een alinea waarin ze Gwen Araujo beschrijft als krachtig, moedig, prachtig. Haar laatste verzuchtig is: "What might it take to be real?" of "Wat is er nodig om echt te zijn (om als echt over te komen)?"


De oplossing

Het is niet mijn bedoeling de problemen van transseksuelen als onbetekenend voor te stellen. Ik heb genoeg gehoord, gelezen en meegemaakt om te weten dat de problemen van in ieder geval M-V transseksuelen heel overweldigend kunnen zijn, wat ze trouwens bij andere transgenders die naar buiten treden ook kunnen zijn. Ook in eerdere notities heb ik vaak genoeg aangegeven dat men deze problemen niet moet onderschatten.

Maar in dit geval ben ik het met de strekking van het betoog van Bettcher volledig oneens. De strekking van het betoog is dat de wereld voor transvrouwen verkeerd in elkaar zit. Eerst ondergaan ze een ingrijpende operatie en daarna kunnen ze nog zichzelf niet zijn. De wereld is als het ware niet eerlijk in dat opzicht.

Natuurlijk leven transgenders niet in een wereld die altijd even transgender-vriendelijk is. Maar dat kun je ook niet verwachten. En ook voor niet transgenders is de wereld vaak niet eerlijk en niet ideaal. Maar ondanks dat, moeten we er toch allemaal het beste van maken. En zeuren en klagen dat de wereld verkeerd in elkaar zit, is volgens mij dan niet de juiste keus. Beter is om te kijken, hoe je in die niet-ideale wereld zo goed mogelijk kunt overleven. Wat wil je? Wat kun je doen? Wat moet je doen?

De vraag van Bettcher op het einde van haar artikel -- Wat is er nodig om als echt over te komen? -- heeft volgens mij een simpel antwoord en Bettcher zou dat kunnen en moeten weten. Een transgender die in dit soort situaties niet als bedrieger wil overkomen, maar als echt, moet duidelijk zijn. Dus dat doen, wat Gwen Araujo naliet. Duidelijk zeggen, wat je bent. Dat lost het hele probleem effectief op. Je schept alleen veel problemen voor jezelf en voor anderen wanneer je om dit soort dingen heen draait.

Natuurlijk hoef je niet voortdurend te pas en te onpas te melden dat je transvrouw bent of transgender of travestiet, of dat je in feite een biologische man bent. Maar op momenten dat het duidelijk is dat de belangstelling van de ander een bepaalde richting uitgaat, is het gewoon beter om onmiddellijk duidelijkheid te verschaffen.

In tegenstelling tot Bettcher kan ik op dit punt wel wat ervaringsfeiten aandragen. Ik ben een groot aantal keren met een vrouwelijk overkomend uiterlijk uitgeweest naar verschillende gelegenheden en plaatsen en heb op die manier een groot aantal mensen ontmoet en gesproken. Zodra die contacten te persoonlijk dreigden te worden, heb ik vrijwel altijd nadrukkelijk gewaarschuwd: "Denk erom, ik ben 100% man."

In mijn ervaring werkte dat altijd positief uit. Mensen zijn opgelucht over die confronterende duidelijkheid. Vervolgens blijkt die mededeling eigenlijk voor iedereen er amper nog toe te doen. Het uiterlijk herneemt zijn magie.

Het enige probleem dat ik in dit verband wel ervaren heb, is dat die mededeling door mannen soms expliciet of impliciet wordt genegeerd. Ze reageren in de trant van: "Voor mij ben je een vrouw". Maar de verantwoordelijkheid ligt daarna als het ware bij de man. De transgender is duidelijk geweest en heeft geen blad voor de mond genomen.

Mijn ervaringen staan niet op zich. Andere M-V transgenders die soms en met enig succes als vrouw uitgaan, hebben soortgelijke ervaringen. Het uiterlijk en het gedrag zijn belangrijk, de biologische sekse in normale situaties niet.

Het merkwaardige nu, is dat Bettcher in haar eigen artikel ook absoluut niet geheimzinnig doet over haar biologische verleden. Ze stelt nadrukkelijk transvrouw te zijn. In het artikel vindt ze het dus geen probleem dit te vertellen, maar bij een kennismaking zou dit opeens wel een probleem zijn. Dat valt moeilijk met elkaar te rijmen.

Je kunt niet in een openbaar tijdschrift aangeven dat je transvrouw bent om dan vervolgens te hopen dat degene waarmee je kennismaakt daar nooit achter zal komen. Dat is niet realistisch, lijkt me.

Er is nog een ander aspect aan het probleem. Wanneer je als M-V transgender kennis maakt met een vrouw, vindt die vrouw het gegeven dat je in feite biologisch man bent, meestal helemaal geen probleem. Alleen in contacten met mannen ligt dat soms moeilijker. Dat geldt niet voor biseksuele mannen, die vinden het weer geen probleem. Homoseksuele mannen zijn misschien wel sociaal geïnteresseerd in een M-V transgender, maar nooit seksueel. Dus ook voor die categorie speelt het probleem niet. Het is alleen de relatief kleine groep verstokt heteroseksuele mannen waarbij het belangrijk is duidelijk te zijn over de biologische sekse en dan nog alleen maar in situaties waarin ze bepaalde gedachten koesteren. (De term "gedachten" is in dit verband misschien wat overdreven.)

Maar de meeste M-V transgenders vallen op vrouwen. Uiteindelijk doet het probleem zich dus alleen voor bij de kleine groep M-V transgenders die valt op mannen. Het probleem is dus helemaal niet zo algemeen als Bettcher suggereert en verder eenvoudig op te lossen.

Het enige bezwaar van die oplossing (in zo'n geval duidelijk zeggen dat je transvrouw bent of transgender of travestiet, etc.) is dat de betrokken transgender dat soms zelf niet als ideaal zal zien. Dat begrijp ik wel, maar je kunt in het leven niet altijd alles hebben. In dit geval lijkt de keuze me niet moeilijk. (1)


Gender en geslachtsorganen

Er is echter nog een ander punt in het betoog van Bettcher dat me niet juist lijkt en waar ze zich merkwaardig genoeg juist zelf schuldig aan maakt. Volgens Bettcher wordt in de normale wereld gender vooral gekoppeld aan de geslachtsorganen. Bij transgenders klopt die koppeling niet en vandaar alle mogelijke problemen.

Dit is inderdaad wat vrijwel iedereen denkt. We zouden het geslacht koppelen aan de geslachtsdelen. Een jongentje heeft immers een penis en een meisje ... In werkelijkheid is dit in het sociale verkeer echter normaal niet zo.

Wanneer je een leuke vrouw ziet lopen, vraag je niet of je even haar schaamstreek mag zien. Wanneer je een man ziet lopen, vraag je niet of hij even zijn broek wil laten zakken. In werkelijkheid baseren we ons dus niet op geslachtsdelen, maar volledig op het aangeklede uiterlijk.

Het gevolg hiervan is dat het (aangeklede) uiterlijk volledig bepalend is voor de inschatting van de sekse. Juist doordat dit zo is, is het voor transgenders zonder geslachtsoperatie, toch mogelijk over te komen als lid van de andere sekse, hoewel natuurlijk lang niet iedereen daar even bedreven in is of daar evenveel aanleg voor heeft.

Maar als Bettcher zelf gender loskoppelt van die geslachtsorganen, waarom heeft ze zich dan laten opereren? Uit het gegeven dat ze transvrouw is, volgt juist dat ze zelf die koppeling legt, waar ze anderen ten onrechte van beschuldigt. Er was anders immers geen enkele noodzaak geweest voor die ingrijpende operatie. Bettcher beschuldigt op dit punt anderen van iets dat ze zelf doet.

Op het moment dat je erin slaagt overtuigend over te komen als vrouw, zien mensen je als vrouw en vraagt niemand meer naar je biologische sekse. Alleen in de hoofden van sommige transgenders en genderartsen zijn die geslachtsdelen bepalend. Maar in werkelijkheid is dat normaal niet zo. Alleen wanneer je met iemand seks hebt, ligt dat mogelijk anders.

Ook hoe je je voelt, doet niet terzake. Het doet er niet toe, of je je vrouw voelt of niet. Dat gevoel kan de andere partij namelijk toch niet zien. Dat gevoel is volstrekt irrelevant om als vrouw over te komen.

In de praktijk zijn er maar twee dingen van belang: er goed uitzien en leuk gedrag vertonen. Voor dat laatste moet je denken aan zaken als jezelf durven zijn, levendig zijn, belangstelling tonen, eerlijk zijn, geen blad voor de mond nemen, zelfbewust zijn, etc.

Met het eerste -- er leuk uitzien -- hebben M-V transgenders vaak veel problemen, wat voor een deel begrijpelijk is door de lichamelijke handicap, maar voor een ander deel ook het gevolg is van een verkeerd gerichte motivatie. Men is onvoldoende gemotiveerd zijn uiterste best te doen, iets wat echte vrouwen vrijwel voortdurend doen.

Met het tweede hebben transgenders ook problemen doordat ze zich niet bevrijd hebben van het sociale taboe. Ze zijn groot gebracht met het idee dat wat ze doen (er als vrouw bij lopen of er vrouwelijk uitzien), alleen gedaan mag worden door vrouwen. Op basis van die geleerde sociale angst stellen ze vervolgens in feite vrouw te zijn. Maar als je die angst kunt laten vallen, wat is er dan op tegen om te zeggen wat je precies bent? Door die duidelijkheid schep je juist vertrouwen en kom je zelfverzekerder over.

Wat mij tegenstaat in het verhaal van Bettcher is dat het in feite een uiterst dogmatisch verhaal is. Zo en zo zit de wereld in elkaar en eigenlijk zit die wereld nog niet optimaal in elkaar voor transvrouwen. Maar voor het checken van al die beweringen en uitspraken, doet ze geen enkele moeite. Zo en zo is het en niet anders.

Maar benader het probleem nu eens van de andere kant, dus: empirisch. Kijk eens hoe mensen op een bepaald uiterlijk reageren. Kijk eens hoe mensen reageren op informatie die de sekse verduidelijkt. Dan krijg je een totaal ander verhaal.

Dan doet het er niet meer toe of je je vrouw voelt of niet. Dan doet het er meestal niet toe of je biologisch man bent of niet. Dan doet het er niet toe of je geslachtsdelen kloppen met de gender die je uitstraalt. Dan blijven er maar twee belangrijke punten over:
1. er leuk en goed uitzien;
2. open, eerlijk en leuk praten.

Gwen deed het eerste --afgaande op haar foto-- wel, maar het tweede niet. In haar geval was er geen enkele reden om onduidelijk te zijn over haar biologische sekse. Dat ze daar toch onduidelijk over deed, kwam vermoedelijk doordat ze zich toch wat onzeker voelde als biologische man met een vrouwelijk uiterlijk. In feite had de informatie in deze blog haar leven kunnen redden.


Gwen als heldin?

Het voorstellen van Gwen Araujo als een soort heldin, vind ik kwalijk. Wat er gebeurd is, is afschuwelijk. Laten we dan in ieder geval proberen te zorgen dat er op die manier niet nog meer onnodige slachtoffers vallen. Dat Gwen minder verstandig deed, kunnen we haar misschien niet aanrekenen, want mensen doen soms minder verstandig.

Maar dat een intelligent en ontwikkeld iemand als Bettcher dat gedrag meent te moeten promoten, met de kans dat sommige andere jeugdige t's dat gaan navolgen, is kortzichtig en dient geen enkel positief doel.


Conclusie

Transgenders willen graag op een fatsoenlijke manier behandeld worden door niet-transgenders. Dat is begrijpelijk en terecht. Omgekeerd moeten ook transgenders bereid zijn niet-transgenders open tegemoet te treden en fatsoenlijk te behandelen. Daar zou in mijn opvatting geen discussie over mogelijk moeten zijn.

Helaas is die discussie er wel. Veel meer transgenders willen niet verplicht worden tot het voortdurend waarschuwen van seksuele partners voor hun biologische sekse. Hier is bijvoorbeeld een helder geschreven stukje van een V-M transgender, Dylan Vade, die hetzelfde standpunt als Bettcher inneemt (hier). Zijn argument is: "Waarom zouden transgenders zichzelf voortdurend in détail moeten beschrijven, terwijl andere mensen dat niet hoeven?"

Dat klinkt plausibel. Maar met hetzelfde argument kun je ook rechtvaardigen dat een man tegen zijn aanstaande vrouw zijn mond houdt over zijn travestie-behoefte. Waarom zou je dat als travestiet moeten vertellen? Je bent gewoon die je bent. Die vrouw moet de kans daarop maar beter incalculeren.

Ja, maar je hebt in het leven ook met andere mensen te maken. En die andere mensen zijn uiteindelijk ook belangrijk voor jezelf. Door vooraf over zulke punten helder te zijn, kun je later veel problemen voorkomen. Leven en laten leven.

Het hele idee om zo nadrukkelijk uit te gaan van je eigen gelijk, zonder enige rekening te houden met de problemen van andere mensen, vind ik kwalijk. Problemen maken waar ze niet hoeven te zijn. Het komt op mij bijna fundamentalistisch over.

Tegelijkertijd laten deze artikelen zien dat de bestaande maatschappelijke opvattingen op dit punt in Californië niet langer door alle groepen automatisch vanzelfsprekend worden gevonden.






------------------------------
(1)Bettcher heeft het in haar artikel alleen over directe reacties op het uiterlijk en het gedrag van de transgender. Dus in feite over het probleem van directe discriminatie. Dat is inderdaad primair, zoals ik stel, een probleem van uiterlijk en openheid. Over het probleem van indirecte discriminatie, dat in de praktijk vaak veel groter en ernstiger is, maakt ze echter geen opmerkingen.

Transgenders en geloven


De afgelopen week heb ik me behoorlijk intensief verdiept in het het verschijnsel 'man in rok'. Eerder kende ik al een paar mannen in rok. Onlangs leerde ik een man in rok kennen, die een jurk droeg. Dus een 'man in jurk'. Doordat de mannen in rok een eigen website hebben, kon ik op hun forum reacties plaatsen en kreeg ik daarop soms ook weer reacties. Op hun website valt dat allemaal na te lezen.

Wat mij van die discussie bij is gebleven, is dat deze mannen in rok zich beslist niet zien als travestiet. Zij verkleden zich niet volledig (pruik, make-up en borsten) en proberen niet over te komen als vrouw. Zij zijn dus geen travestiet, stellen ze.

Aan de andere kant ken ik ook de nodige mannen die precies hetzelfde doen en die zichzelf wel beschouwen als travestiet. Verder vertonen veel van de mannen in rok veel kenmerken die ook typerend zijn voor travestie. Er zijn dus goede argumenten om te denken, dat het misschien toch om een vorm van travestie zou kunnen gaan.

Maar die opvatting is strijdig met de opvatting die deze mannen zelf koesteren en voor juist houden. Zij zijn mannen in rok en geen travestiet. Ze hebben dus als het ware een soort heilig geloof. Zo zit de wereld in elkaar en niet anders.

Deze avond las ik de reacties van een transseksueel op een eerdere notitie van mij op deze site. In die notitie veronderstel ik dat er een bepaalde ontwikkeling zou kunnen zijn van een begin met travestie naar tenslotte volledige transseksualiteit. We weten niet zeker of zo'n ontwikkeling werkelijk plaatsvindt, maar we weten wel zeker dat travestieten vaak transseksuele gevoelens hebbben. Ze voelen zich aangetrokken tot de vrouwenrol, ze denken over blijvende lichamelijke aanpassingen of voeren die soms door, etc. Uit het vragenlijst-onderzoek van Paul Vennix bleek op die manier een soort glijdende schaal. Er zijn mensen die puur travestiet zijn als het ware, maar je hebt ook mensen tussenin en tenslotte mensen die meer transseksuele gevoelens hebben.

Nee, zegt deze trans, allemaal onzin. Je wordt geboren als transseksueel of niet. Een transseksueel is dus nooit een travestiet. De ervaring leert echter dat transseksuelen bijna altijd een travestie-verleden hebben. En het onderzoek van Vennix laat heel duidelijk zien dat er een glijdende schaal is. Toch zal dat veel transen niet van hun standpunt af brengen. Zij zijn trans en geen travestiet. Ze kunnen dat ook beargumenteren. Omdat ze in feite vrouw zijn of zich in ieder geval vrouw voelen, zijn die dameskleren die ze dragen geen travestie, maar alleen een manier om hun diepste zijn te communiceren aan de buitenwereld.

Je kunt natuurlijk vragen waarom het diepste zijn altijd zo nodig gecommuniceerd moet worden, maar dat leidt niet tot een vruchtbare discussie. Veel transen hebben als het ware op dit punt een opvatting die niet voor discussie vatbaar is. Een soort heilig geloof dus.

Een ander heilig geloof is dat als je eenmaal travestiet bent, je dat je leven lang zult blijven. De reden om dat te denken, is dat pogingen om te stoppen eigenlijk altijd op niets uitlopen. Maar echt deugdelijk onderzoek naar die stelling is er verder niet, maar ondertussen weet men heel zeker: van travestie kom je nooit weer af. Het is dus ook een soort heilig geloof. Ook een geloof dat functioneel is, want door dat geloof kun je je als travestiet tenslotte met je lot verzoenen.

In Amerika hebben Amerikaanse transgenders een gigantische campagne gevoerd met de stelling dat travestie niets te maken heeft met seks. Uit het beschikbare onderzoek en ook uit de beschrijvingen van bij voorbeeld partners, maar ook uit de verhalen van travestieten zelf, blijkt dat dat volstrekte onzin is. Maar toch hoor je voortdurend weer travestieten stellen dat travestie eigenlijk niets te maken heeft met seksualiteit. Ook dat is dus een soort heilig geloof.

Ik denk dat je heel veel van deze geloven kunt begrijpen vanuit het taboe dat op travestie ligt. "Wat ik doe, lijkt misschien travestie, maar is het echt niet. Als man heb ik het recht een rok te dragen. Ik voel me vrouw en dat ik een rok draag, is dus eigenlijk heel logisch. Ik doe aan travestie en zou graag willen stoppen, maar dat kan dus niet. Travestie heeft eigenlijk niets met seks te maken. Dat lijkt misschien zo, maar is echt niet zo."

Wat ik dus denk te zien, is dat deze overtuigingen niet gevormd zijn om te begrijpen hoe travestie precies werkt en tot stand komt, maar om de sociale druk te weerstaan. Daarom valt er ook niet echt over te discussiëren. Het zijn absolute waarheden. Zo zit de wereld in elkaar en niet anders.

Door de wereld op die ene specifieke manier te zien, maken we haar dragelijk. Denken we.

Kabinet en transgenders


Op de onderzoekssite van Alice Verheij (hier) vond ik de volgende passage in de blog: Kabinet weet niet wat transgenders zijn.
In de recente nota ‘Gewoon homo zijn’ van minister Plasterk wordt het kabinetsbeleid op het gebied van lesbo, homo en transgender emancipatie uiteengezet.

Nu ja, over de laatste groep viel niet meer dan het volgende te melden:
‘Over de specifieke knelpunten van de naar voorzichtige schatting dertig tot honderdduizend transgender personen is in ons land maar weinig bekend. Met ‘transgender’ wordt bedoeld personen die buiten de traditionele indeling in twee geslachten vallen. Het kabinet wil dat dit meer zichtbaar wordt. Het landelijk netwerk van transgender personen zal een bijdrage krijgen voor een project op dit terrein. Deze is vooral bedoeld om de grote onbekendheid over dit thema in het algemeen en onder hulpverleners in het bijzonder te doorbreken.’

Ik heb daar als volgt op gereageerd.
Het begrip ”transgenders” wordt tegenwoordig meestal gebruikt in de Engelstalige betekenis: alle mensen die op een of andere manier tussen standaard man en standaard vrouw invallen. In die betekenis lijkt het mij in deze nota ook gebruikt.

Wat me opvalt aan die korte passage is dat men kans ziet er nog een gigantische blunder in te stoppen ook. Volgens het laatste bevolkingsonderzoek van het NISSO moeten er in Nederland in ieder geval 240.000 transgenders (travestieten) rondlopen en mogelijk meer.

Kennelijk vindt men dat maar een schrikwekkend groot getal en heeft men dat vervolgens om politieke redenen wat afgezwakt.

Maar het grote probleem is natuurlijk dat al die transgenders zich overwegend niet laten zien en niet op de voorgrond treden en niet goed georganiseerd zijn. En wat zich niet laat zien en horen als groep, is er ook niet in de voorstelling van mensen en dus politici.

We kunnen ons dus terecht kwaad maken over die ontbrekende aandacht in de nota, maar uiteindelijk is het voor een belangrijk deel ook onze eigen verantwoordelijkheid, vrees ik.


In de reacties op het bericht van Alice over de nota 'Gewoon homo zijn' (hier) merkt Alice zelf het volgende op.
Ik kan me niet voorstellen dat er weinig bekend is. Er zijn wel degelijk onderzoeken in Nederland gepubliceerd op dit gebied. De waarheid zal dus eerder liggen in het niet (willen) verdiepen in het vraagstuk. Wellicht omdat de groep te klein is? Mensen als Paul Vennix hebben regelmatig gepubliceerd, zelfs vanuit instituten die aan de overheid gelieerd zijn zoals de Rutgers Nisso Groep.

Het fragment uit de nota over transgenders zou dan ook op dat punt onjuist zijn. Ik denkt dat dat niet klopt. Er is natuurlijk wel het een en ander bekend, maar voor de grote groep van die 240.000 of meer Nederlanders weten we in feite gewoon niet hoe de zaken liggen.

We weten dat travestie, transseksualiteit en alles daar tussenin veel problemen kan geven in bepaalde gevallen. Maar dat zijn altijd sterk geselecteerde gevallen. Het is dus in beginsel ook mogelijk dat heel veel mannen wel aan travestie doen of zich vereenzelvigen met de vrouwenrol en daar verder relatief weinig problemen mee hebben. Dit is een belangrijk punt, maar voorzover ik weet, weten we op dit moment niet echt hoe dat ligt.

Een ander punt dat ik problematisch vind in de nota, is dat homoseksualiteit in de nota wordt gedefinieerd als volgt:
Met de term ‘homo’ of ‘homoseksuelen’ wordt in deze nota bedoeld: lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuele mannen en vrouwen en transgender personen, tenzij dit anders in de tekst is aangegeven.

Daarmee wordt gedaan alsof transgenders en homo's min of meer bij elkaar horen en dat is gewoon niet zo. Transgenders zijn niet automatisch homoseksueel of lesbisch. Het zijn gewoon twee totaal verschillende zaken.

Natuurlijk is het waar dat de homobeweging de transgenders vaak onderdak heeft verschaft, dat we in een soortgelijke maatschappelijke positie verkeren (hoewel homoseksualiteit ondertussen wel enigszins is geaccepteerd) en dat sommige transgenders homoseksueel, biseksueel of lesbisch zijn.

Maar voor heel veel transgenders is het in ieder geval emotioneel een belangrijk punt: men is geen homo! Tegelijkertijd klopt dat punt ook feitelijk. Onder transgenders zijn procentueel gezien misschien iets meer homoseksuelen dan in de rest van de bevolking, maar van een duidelijke koppeling is geen sprake. Vennix besteedde daar bijvoorbeeld al aandacht aan.

In deze zin kun je het kabinet dus wel degelijk aanrekenen dat men kennelijk niet precies weet waar men over praat. Het is mooi dat men nu ook een heel klein beetje wil doen voor transgenders (die qua aantal overigens vergelijkbaar zijn met de groep uitgesproken homoseksuelen), maar dat men dan zo'n tweede slordigheid begaat, is wel pijnlijk.

Dat brengt me dan op een laatste punt. Er is heel veel aandacht voor homo's en daarmee ook geld. Ik gun het ze graag, maar tegelijkertijd is die aandacht en dat geld er volstrekt niet voor de qua aantal ongeveer even grote groep van transgenders. Dat is kwalijk en ook dat is in feite een vorm van discriminatie.


Omgaan met discriminatie


Op de blog van Alice Verheij vond ik een stukje met de titel: Acceptatie. In feite gaat het stukje echter over non-acceptatie. Anders geformuleerd: discriminatie. Kennelijk werd dat in dit geval een te beladen woord gevonden.

Ik heb onderstaande fragment gecopieerd en geef daarna mijn reactie (die ook op de site van Alice is te vinden).
...
Het onderwerp is het niet willen accepteren. Van werkelijkheden, van mensen die zijn zoals ze zijn, van gebeurtenissen, kortom van de wereld. Waarom dit? Waarom nu juist? Simpelweg omdat ik juist nu hiermee geconfronteerd wordt. Ongewild en onverwacht. Maar vooral omdat het niet mij kwetst (dat kan immers al lang niet meer) maar omdat het anderen kwetst die belangrijk zijn in mijn leven. En dat knaagt.

Waar gaat het om? Om mensen die zonder een ander gezien of gesproken te hebben, zonder te weten waar ze het over hebben, vooral zonder serieus na te denken en naar zichzelf te kijken. Zonder dat alles een oordeel hebben over die voor hun onbekende. Sterker nog, uit egoïstische en dus goedkope motieven uitspraken doen die ze wellicht niet hadden gedaan als die onbekende niet in de buurt zou zijn geweest. Mensen die zogenaamd tolerant zijn en dat van zichzelf vinden. Maar die als het hun uitkomt alle beschaving laten vallen. Zich goedkoop en dom gedragen en zelfs zo ver gaan dat ze anderen zoveel mogelijk willen beschadigen. Verbaal, dat wel.

In mijn wereld hebben die mensen een naam. We noemen ze ‘transfoob’. Het is de ultieme vorm van de homofoob en komt in agressievere vorm voor. In de extreem vermoorden ze mensen zoals elk jaar in dit land gewoon gebeurt. In de milde vorm (maar wat is mild) hebben ze een grote mond en maken de ander uit voor gek, gestoord, een freak of wat dan ook. Ze zijn zielig. Het is de verpersoonlijking van het kwade in de mens om uit wat voor overweging dan ook (jaloezie, onwetendheid, angst) mensen als ik, transgenders, uit te maken voor wat ze niet zijn. Het is goedkoop, stupide en discriminerend. Daarbij, het is het gericht beschadigen van de ander of op zijn minst het pogen dat te doen. Kwalijk en monsterlijk. Mensonwaardig zelfs. Het toont gebrek aan fatsoen, beschaving, inlevingsvermogen, affectie, begrip en ga zo nog maar even door.

Iedere trans, en ik bedoel echt iedere, krijgt hiermee te maken. Soms in verhulde vorm, soms in de kwalijke gewelddadige vorm. Als het in de richting van het laatste gaat is er maar één aanpak mogelijk. Keihard via alle juridische wegen die mogelijk zijn. Hoewel publiek schandpalen geen kwaad zou kunnen. Komt het in de mildere vorm voor dan rest er eigenlijk alleen minachting als logische emotie van een beschaafd mens. Hoe het zit is hier niet van belang maar recent heb ik zelf weer eens mogen ervaren wat een vijandigheid lelijke mensen aan de dag kunnen leggen als je in de weg staat naar hun idee. Hoe gemakkelijk ze denken de kwetsbaarste plek te treffen door je te veroordelen en beschimpen om wie je bent. En als je dat dan niet eerder ervaren hebt in die mate dan heeft dat een schokeffect. Bij mij in ieder geval wel. Het doet je realiseren dat er in de wereld ‘predators’zijn. Roofdieren die een kwetsbaarheid bij een ander mens zoeken en dan proberen toe te slaan.

In het begin is de reactie nog afstandelijk zo merk ik bij mezelf. Een beetje in de trand van ‘o, daar heb je weer zo’n idioot…’ . Maar als het zich doorzet, er herhaling optreedt, als je beledigd wordt of mensen in je omgeving worden beledigd door wat er over je gezegd wordt, dan verdwijnt de afstandelijkheid. Omdat ik niet hetzelfde wil zijn als zo’n mens reageer ik niet op dezelfde manier terug. Wel verlies is begrip en respect voor die mens. Die mens wil ik niet in mijn omgeving en niet in de omgeving van de mensen met wie ik om ga. Zo’n mens omzeil ik, ga ik uit de weg, wil ik niet zien, niet horen, niet ontmoeten. Zo’n mens kan ik niet verdragen. Want zo’n mens is opzettelijk dom. Hoe meer je hoort van het gedrag van zo’n mens hoe lager die wordt in je beleving.
...
Je stukje beschrijft goed wat voor emoties zoiets oproept. Helaas levert het in de praktijk vaak niet alleen een hoop negatieve emoties op, maar uiteindelijk vaak ook daadwerkelijke schade voor je persoonlijke leven.

Hoe moet je daarmee omgaan? Wat ik geleerd heb, is dat je een bepaalde instelling nodig hebt, een soort vechtmentaliteit, die je in het begin meestal niet hebt. Dit soort lullige dingen hoort er gewoon bij of je dat leuk vindt of niet.

Je hebt zelf het idee dat dit soort dingen niet horen, dat ze ziek zijn, etc. Je hebt het gevoel dat je onterecht behandeld wordt.

Maar bekijk het nu eens anders. Jij wijkt af. Jij bent anders en je bent voor de ander ook nog op een fundamenteel punt anders. Alles wat afwijkt, is voor veel mensen een bedreiging. Jij vormt door je aanwezigheid, door je bestaan alleen al, een bedreiging van hoe de wereld zou moeten zijn (in hun opvatting).

Een niet uit de kast gekomen T vertelde me net nog hoe een buitenlandse collega, een aardige, rustige man over een nogal duidelijk homofiele collega had opgemerkt: ”Die man moet dood, dood!”

In het land waar die man vandaan kwam, was dat de norm. Geloof maar rustig dat heel veel mensen dat bij T’s ook denken. Heb je nog nooit gehoord van de holocaust? Geloof maar niet dat de menselijke natuur sinds die periode veel veranderd is.

Dat opwinden over al die domme mensen, helpt dus niet, kost alleen maar energie. Ik probeer juist andersom te denken. Ik weet dat er genoeg mensen zijn die mijn aanwezigheid, mijn bestaan als een inbreuk op hun veilige, vredige wereld zien. Soms worden dat openlijke pogingen om je ten val te brengen, vaak zijn het achterbakse opzetjes om je op een of andere manier te beschadigen of te benadelen.

Ik denk dan: “Er zijn zoveel mensen die in feite graag zouden willen dat ik gewoon verdween en dat willen ze al zoveel jaren en het is nog steeds niet gelukt! Fantastisch toch! Sterker nog: ik ben gezond, ik heb een fantastische relatie, ik heb fantastische kinderen en dingen gaan beter dan ooit tevoren. Kom maar op!

Het verschil is dus een attitudekwestie. Vroeger dacht ik als je op basis van mijn openlijke T-zijn lullig behandeld werd, dat dat erg oneerlijk en gemeen was. Nu zie ik iedere confrontatie als iets dat er bijhoort en ik tel iedere overwinning, ieder moment dat ik hier op deze wereld openlijk als T ben.

Wat ik ook herken, is die reactie van niets met dat soort mensen te maken willen hebben. Ja, dat is de natuurlijke reactie, maar soms kan dat niet. In beginsel heb je twee mogelijkheden: vluchten of vechten.

Ik zoek de confrontatie niet, maar ik denk wel dat T’s veel te veel over zich laten lopen. Net als de Joden zullen we moeten leren vechten als je hier op deze wereld als T een normaal bestaan wilt hebben.

Neem bijvoorbeeld zo’n lullig en discriminerend artikel als wat afgelopen zaterdag in NRC Handelsblad verscheen, waardoor alle T’s op een gigantische en lullige manier in de hoek worden gezet. Ik protesteer daar tegen op mijn site, ik stuur een stuk naar travestie.org, ik doe aangifte bij het Meldpunt Discriminatie Amsterdam. Ik kom er in een reactie op de site van het NRC op terug. Ik alarmeer de LKG T&T.

Maar wat krijg ik te horen van andere T’s? We moeten vooral heel voorzichtig zijn tegenover zo’n grote en belangrijke krant als de NRC.

Een niet-T die ik dit vertelde, reageerde met: ‘Sorry, maar als je zo reageert, vraag je er ook om gediscrimineerd te worden. Als je niet eens stelling durft te nemen tegen zo’n discriminerend artikel, dan moet je verder ook maar je mond houden. Dan vraag je er zelf om!’

Zo heb ik ook geleerd dat als je soms tenslotte afstapt op mensen die je vreselijk discrimineren (daar komt het toch uiteindelijk op neer) en je vraagt wat er nu eigenlijk is, dat je dan soms te horen krijgt: ”Ja, maar ik vind die relatie met jou ook heel moeilijk, want jij bent t….”

Ik zeg dan: “Luister eens, er zijn volgens het laatste bevolkingsonderzoek in Nederland in ieder geval 240.000 travestiete mannen en daar ben ik er een van. Vermoedelijk heb je al hele series travestieten meegemaakt, zonder je dat ooit te realiseren.”

Maar goed, toch hebben die mensen het er soms best moeilijk mee, merk je dan en dan kom je zelf toch wel heel anders te staan tegenover ‘dat soort mensen’. Zij hebben gewoon geleerd dat zoiets helemaal verkeerd is en dan kom jij opeens dwars door die van jongs af aan geleerde opvattingen heen fietsen.

Je merkt dan ook dat die mensen vaak hele wilde opvattingen hebben over t’s die vaak helemaal niet kloppen.

Als je zo’n artikel als in NRC Handelsblad leest, begrijp je hoe ze aan die opvattingen komen.

Aan de andere kant gaan t’s zelf ook lang niet vrijuit. Ik heb net een aantal sites van travestieten bekeken met daarop vooral hun plaatjes. Wat voor indruk maken die sites en die plaatjes op een normaal mens?

Of kijk eens naar het uiterlijk van een verzameling t’s? Als t’s er in doorsnee uitzagen als knappe, verzorgde, jonge meiden zouden ze echt heel wat gemakkelijker geaccepteerd worden, geloof dat maar.

Maar bijna alle t’s die ik meemaak, vinden hun uiterlijk hun zaak. Zij moeten zich lekker voelen in die kleding. Zij moeten geaccepteerd worden zoals ze zich kleden en zoals ze zijn. En verder vinden ze zichzelf vaak toch wel erg mooi, sexy en vrouwelijk ook al komen ze vaak vooral over als verklede man. Op die manier maak je het voor de buitenwereld ook niet gemakkelijk je als normaal te zien.

Als vrouw kom je niet geloofwaardig over en kun je de concurrentie met echte vrouwen volstrekt niet aan. Als man kom je ook niet geloofwaardig over en kun je de concurrentie met andere mannen absoluut niet aan. Maar vervolgens wil je wel dat iedereen je accepteert zoals je bent. Maar wat ben je eigenlijk? Man? Vrouw? Die tussencategorie van T’s bestaat voor gewone mensen niet echt. Niet realistisch dus om te denken dat iedereen je moet en zal accepteren.

Wat nog erger is: door dat typische beeld dat de meeste travestieten neerzetten van man in vrouwenkleren die vrouw probeert te zijn, worden ook de t’s die er wel in slagen leuk over te komen, in een bepaalde hoek gedrukt waar je liever niet in wilt zitten. Ook al zie je er misschien goed uit, uiteindelijk, wanneer het uitkomt, word je toch geassocieerd met al die merkwaardig ogende ‘manvrouwen’.

En dan kan het dus gebeuren dat men puur en alleen op grond van het feit dat je T bent, bij voorbaat een uiterst negatief oordeel over je velt.
Ik zeg niet, dat dat leuk is, maar het hoort er wel bij. Wat had je dan verwacht?

Even wakker worden graag! Welkom in de echte wereld.

Kortom: stel je erop in, het hoort er gewoon bij. Niet zeuren, maar er zo goed mogelijk mee omgaan. Zie het als iets positiefs als je ondanks dit soort lulligheden toch doet en klaar krijgt, wat je wilt doen. Schuw het gevecht niet, want als je niet bereid bent te vechten, heb je uiteindelijk geen leven.

Succes!


NRC Handelsblad, voorbinddildo en Hotel Akersloot

Discriminatie is in Nederland verboden, heet het. Er mag geen onderscheid gemaakt worden op basis van godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of welke grond dan ook, volgens artikel 1 van de Grondwet. Dat is een prachtige bepaling, maar de 240.000 travestieten die Nederland telt volgens het laatste bevolkingsonderzoek van het NISSO, voelen zich daar in de praktijk toch niet erg gerust op. Ze blijven liever in de kast, bang voor ongewenste consequenties die het uitlekken van hun 'onbedwingbare drang' zou kunnen hebben.

Die angst is ook bepaald niet ten onrechte, blijkt. De in verhouding kleine groep MV-transseksuelen die openlijk als vrouw zijn gaan leven, heeft een groot aantal klachten over discriminatie bij de Commissie Gelijke Behandeling ingediend. Uiteraard vormen die klachten het topje van de ijsberg. Want ten eerste stap je niet zo gemakkelijk naar de Commissie Gelijke Behandeling en ten tweede levert het, wanneer je misschien en met moeite gelijk hebt gekregen, je uiteindelijk niets concreets op.

De Commissie doet een uitspraak, maar die uitspraak is alleen een soort openbare reprimande en verder gebeurt er helemaal niets. Discriminatie mag misschien niet van de wetgever, maar er daadwerkelijk iets tegen doen, vindt diezelfde wetgever een brug te ver.

Zo kan het gebeuren dat je van de Commissie Gelijke Behandeling tenslotte gelijk krijgt, waarna de rechter zich van dat oordeel niets aantrekt en anders oordeelt. De Commissie is dus vooral een papieren tijger, maar een papieren tijger is misschien altijd nog beter dan helemaal geen tijger.

Toch zijn er in Nederland mensen die zich aan de Commissie ergeren. Dat gebeurt wanneer de Commissie oordeelt dat er sprake was van discriminatie, terwijl men dat zelf anders ziet. Zo werd de Gemeente Rotterdam 'veroordeeld' omdat men de orthodoxe moslim Mohammed Enait niet aannam omdat hij vrouwen en mannen geen hand wilde geven.

Deze zaterdag kwam NRC Handelsblad in Zaterdag &cetera (p. 6-9) met een stuk over de Commissie Gelijke Behandeling getiteld: Gelijke Klachten, met als ondertitel: Waarom een moslim een hand mag weigeren, maar een protestant wel een homohuwelijk moet sluiten, geschreven door Jaco Alberts. De lead naast dit artikel begint als volgt: 'De Commissie Gelijke Behandeling is omstreden.'

Je zou dus denken dat Jaco Alberts allerhande voorbeelden aanhaalt van omstreden commissie-uitspraken inzake moslims. Om aan te tonen dat de Commissie Gelijke Behandeling omstreden uitspraken doet, begint hij echter met een uitspraak van de Commissie inzake travestie. Ook dat valt misschien nog te billijken, maar in dit geval doet hij dat door de veroordeelde uitgebreid en met een voor mijn idee nogal dubieus verhaal aan het woord te laten op zo'n manier dat alle mogelijke vooroordelen ten opzichte van travestieten weer eens bevestigd worden.

Ik laat hier dat merkwaardige en lange begin van zijn artikel volgen.

Hotel Van der Valk in Akersloot aan de A9 is een keurig familiehotel. Gasten keken een beetje vreemd op toen ze op een avond in 1998 als vrouw verklede mannen door het hotel zagen lopen: in het hotel was een travestiefeest aan de gang. "Ze waren nogal aanwezig", zegt manager René Switser van het hotel. "Ze paradeerden door het hotel, sommigen zelfs met een voorbinddildo om. En ze waren luidruchtig in het restaurant." Dat was "onplezierig voor oma van tachtig" die met familie een nachtje kwam logeren. Niet meer doen dus, nam het hotel zich voor.

In januari 2007 'googlede' Switser de naam van zijn hotel, omdat hij regelmatig controleert of het hotel niet wordt misbruikt door escortbedrijven. En tot zijn verbazing kwam hij een aankondiging tegen van een groot travestiefeest in Hotel Akersloot. Wat bleek: de organisatie achter het feest -- dezelfde als in 1998 -- had onder privénaam gereserveerd voor een 'bedrijfsfeest'. Switser stuurde een brief dat de reservering was geannuleerd: "Het geven van een travestieparty is niet in lijn met het karakter van ons hotel", stond te lezen.

Een half jaar later moest Switser zich melden in Utrecht bij een zitting van de Commissie Gelijke Behandeling (CGB). Het Meldpunt Discriminatie Amsterdam had een klacht tegen Hotel Akersloot ingediend. "Er zaten twee dames en een heer die allemaal heel speculatieve vragen stelden. De eerste vijf minuten heb ik nog mijn best gedaan om het uit te leggen. Daarna heb ik maar gezwegen. En toen de zitting was afgelopen ben ik meteen weggerend."

Op 15 november 2007 deed de CGB uitspraak: Switser en zijn hotel hebben "direct onderscheid op grond van travestie" gemaakt. En omdat een travestiet zich presenteert als iemand van het andere geslacht, maakt het hotel onderscheid op grond van geslacht, zo redeneerde de commissie. En dat is verboden. Dat het niet om travestie als zodanig ging, zoals het hotel beweerde, maar om de overlast die het veroorzaakte vond de commissie onvoldoende aangetoond. "De klachtenbrieven van hotelgasten hadden wij na vier jaar weggegooid", zegt Switser. Discriminatie dus. "Flauwekul. Ik heb niks tegen homo's, lesbo's of travestieten. Maar als ze open kaart hadden gespeeld, hadden we erover kunnen praten, want ik wil best wat verdienen. Dan hadden we een aparte zaal geregeld met buffet en had niemand er last van gehad."

"Eindelijk erkenning", juichte partyorganisator Mariposa na de uitspraak op haar website. Was er sprake geweest van overlast in 1998? "Dat is gelogen", zegt Mary van den Brink, eigenaar van Mariposa: "Onze klanten zijn helemaal niet van die showtravestieten en zijn juist op hun privacy gesteld. Zo'n voorbinddildo heb ik zelfs nog nooit gezien."


Hierna gaat het artikel verder maar dan in het algemeen over het werk van de CGB en over uitspraken waarbij moslims betrokken waren. Pas een eind verderop in het artikel is nog de volgende passage te vinden.

En een doortimmerd verhaal houden is niet voor iedereen weggelegd. Hotelmanager René Switser van Hotel Akersloot ging in het volste vertrouwen van een redelijke zaak zelf naar Utrecht. Als hij een dure in discriminatiewetgeving gespecialiseerde advocaat had ingeschakeld, was de zaak wellicht heel anders afgelopen.


In totaal tel ik 62 regels in de krant om het gezichtspunt van Hotel Akersloot naar voren te brengen en 8 regels voor het standpunt van Mariposa. Nogal onevenwichtig, lijkt me.

Je hebt hier een hotel dat beschuldigd wordt van discriminatie. Een beschuldiging die in Nederland niet licht wordt opgevat. Dat hotel voert verweer, maar wordt vervolgens door de Commissie Gelijke Behandeling toch veroordeeld. Dan komt Jaco Alberts om ons in 42 regels uit te leggen, hoe vreselijk onterecht Hotel Akersloot behandeld is.

Het lijkt me de omgekeerde wereld. Een hotel discrimineert kennelijk puur op grond van geslacht en vervolgens komt NRC Handelsblad ons vertellen, hoe vreselijk slecht dat discriminerende hotel behandeld is. Geen woord voor de landgenoten die dit keer en vele andere keren het mikpunt van dat soort handelingen zijn.

Is de uitspraak van de Commissie hier zo vreemd? Je verhuurt een zaal voor een feest. Vervolgens stuur je een tijd later een brief dat het niet doorgaat omdat het travestieten zijn en die willen we hier niet, die horen hier niet. En daarna ben je heel, maar dan ook heel verontwaardigd dat de Commissie het niet met je eens is. Maar gelukkig begrijpt NRC Handelsblad het allemaal opperbest: want travestieten, die 'stinken' toch?

De opmerking halverwege dat de zaak misschien anders was afgelopen, wanneer Switser een advocaat het woord had laten voeren, is niet helemaal ten onrechte, lijkt me, want zijn verhaal is wel uitermate zwak. Om te beginnen voert hij in zijn brief niet aan dat hij eerder slechte ervaringen met Mariposa zou hebben gehad. Integendeel, de reden die hij volgens zijn verhaal aanvoert, is dat "travestie... is niet in lijn met het karakter van ons hotel". Negers vermoedelijk ook niet. Oma van 80 zou er eens van kunnen schrikken.

Vervolgens is het verhaal dat Mariposa geen aparte zaal zou hebben aangevraagd, nogal onwaarschijnlijk. Wat hebben ze dan gereserveerd, als ze geen zaal hebben gereserveerd?

Maar het meest idiote en onwaarschijnlijke in het hele verhaal vind ik toch wel die 'voorbinddildo'. Ik heb ondertussen al veel meegemaakt en gezien. Maar nog nooit een travestiet met een voorbinddildo. Dat wil zeggen: geen M-V travestiet.

En bij V-M travestie zijn er nooit problemen, want dat zien mensen niet eens als travestie!

Stel je eens voor: een travestiet wil dol graag overkomen als vrouw. Waar travestieten en pre-op transen dus mee 'worstelen' is het wegwerken van dat mannelijke geval. Om dat doel te bereiken is geen pijnlijke oplossing te pijnlijk. En dan zou er nu opeens...?

Wie nauwkeurig leest, ziet zelfs dat het niet ging om een enkele travestiet, maar volgens onze veroordeelde hotelmanager zelfs om meerdere. Een enkele travestiet met voorbinddildo vind ik al moeilijk voorstelbaar, maar meerdere tegelijk... Het is alsof je iemand een zwerm vliegende schotels hoort beschrijven.

Voor NRC Handelsblad is dit keer kennelijk niets te dol. Maar het zijn niet travestieten die stinken, maar dit artikel. En niet travestieten bedienen zich van 'voorbinddildo's', maar Hotel Akersloot en NRC Handelsblad in dit geval helaas wel.

** Aangepast 13/10/2008.

Hoe ziet een mooie man eruit volgens Nederlandse vrouwen?


Wie denkt dat Nederlandse vrouwen op echte macho's vallen, vergist zich. Een beetje fout mag de ideale man van sommigen wel zijn, maar op 'echte macho's' en 'haantjes' knappen ze massaal af. Ongeveer de helft verlangt naar een mannelijke man (lang, donker en harig), maar de andere helft valt op 'jongensachtig' met 'vrouwelijke trekken'. Sommige vrouwen vinden geen enkele man aantrekkelijk. 'In Nederland heb je nauwelijks mooie mannen', merkt één van de deelnemende vrouwen op.

Dit zijn de uitkomsten van de verkiezing van de aantrekkelijkste man van Nederland. In totaal brachten bijna 3000 vrouwen hun stem uit. De verkiezing werd georganiseerd door het feministische vrouwenblad Opzij onder het motto: "Mogen wij ook één keer seksistisch zijn." In het gecombineerde juli/augustusnummer werden de uitkomsten gepresenteerd.

Vermoedelijk zijn de 3000 deelnemende vrouwen vooral afkomstig uit het lezerspubliek van het blad zelf en vormen ze daarmee bepaald niet een representatieve steekproef voor de Nederlandse vrouw. Welke vragen er precies gesteld zijn, wordt niet duidelijk en ook niet op welke manier de redactie precies tot haar conclusies is gekomen.

De redactie van Opzij voelt zich ook hiet helemaal op haar gemak bij deze mannen-verkiezing. Ze schrijft: "Uiteraard is de Opzij-verkiezing ook een parodie op alle miss-verkiezingen, rankings en dergelijke die ons wel degelijk tegen de borst stuiten."

De top-10 afknappers:
1. hij stinkt en/of heeft een slechte adem;
2. hij kijkt neer op vrouwen;
3. hij liegt en bedriegt;
4. hij ziet er onverzorgd uit;
5. hij praat alleen over zichzelf;
6. hij is arrogant en macho;
7. hij heeft tattoos en piercings;
8. hij is te dik;
9. hij is cynisch en negatief;
10. hij heeft een baard en/of snor.

De top-10 treffers:
1. hij heeft humor en zelfspot;
2. hij heeft mooie ogen en/of een lieve lach;
3. hij is zorgzaam en attent;
4. hij is intelligent;
5. hij is eerlijk en betrouwbaar;
6. hij heeft een positieve levenshouding;
7. hij is gepassioneerd en bevlogen;
8. hij heeft een brede interesse en is algemeen ontwikkeld;
9. hij is onconventioneel;
10. hij is sociaal vaardig.

Presentator/journalist Twan Huys werd gekozen tot winnaar met motiveringen als: 'warme stem, vriendelijke uitstraling, intelligent, erudiet, goed figuur, mooi kuiltje in de kin, leuke mimiek, ambitieus en daadkrachtig.'

De Opzij-lezeressen kijken meer naar het gedrag en het karakter dan naar het uiterlijk, lijkt het, als we de uitkomsten van deze verkiezing mogen geloven.

Als dat zo is, is dat een duidelijk verschilpunt met mannen die sterk op het uiterlijk van de vrouw afgaan.

Hoewel er in onderzoek amper duidelijke verschilpunten tussen mannen en vrouwen gevonden worden, is dit er dan wel één. Maar dit punt is dan ook duidelijk gerelateerd aan seks en partnerkeuze, één van de belangrijkste uitzonderingen op die regel.


Man in minirok: travestie of mode?

Het stukje 'Man in minirok' (hier), dat ik een tijd geleden schreef, schijnt op een of andere manier opeens hoog in de rangorde van Google te staan. Verschillende mensen rapporteren dat ze opeens de link onder hun neus kregen, terwijl ze naar iets anders zochten. De reacties die ik hoorde waren positief. Een opmerking die ik wel kreeg, was dat het vooral mijn verhaal is en dat het verhaal niet opgaat voor de doorsnee transgender. Dat lijkt me wel te kloppen. Voor veel transgenders die ik ontmoet, zijn bepaalde punten uit mijn verhaal moeilijk te begrijpen. Ik ga hierna in op de verschilpunten met klassieke travestie.


1. Geen vrouw, maar man

Transgenders proberen normaal zo volledig mogelijk over te komen als vrouw. Er zijn twee redenen om zo volledig mogelijk als vrouw over te komen. Allereerst voelen transgenders zich op emotionele gronden aangetrokken tot het vrouw spelen/zijn. Hoe meer je vrouw bent, hoe realistischer je als vrouw overkomt, hoe mooier. De tweede reden is meer praktisch: zodra je als vrouw overkomt, pas je in de bestaande sekse stereotypen en veroorzaak je daardoor minder opschudding en loop je minder gevaar. De travestienorm was dus altijd: Als je verkleed de straat opgaat, doe je dat zo volledig en goed mogelijk.

In de praktijk was deze norm echter altijd wat problematisch. De meeste travestie speelt zich af in de beslotenheid van het eigen huis. Niemand behalve de travestiet zelf, controleert daar of men wel volledig verkleed is. Op het moment dat men naar buiten ging, gebeurde dat natuurlijk niet altijd even zorgvuldig. Het gevolg was dus dat er altijd volop gevallen van 'slordige' travestie voorkwamen en zullen zijn. Zelf bij transgenders die zich volledig als vrouw proberen te presenteren, merk ik vaak dat de geïnvesteerde tijd en moeite in mijn ogen vaak nogal beperkt is. Verder is de noodzaak voor dat volledige omkleden ook voor een groot deel vervallen doordat travestie al geruime tijd niet meer strafbaar is.

Mannen in rok doorbreken die norm van je altijd volledig omkleden als vrouw. Ze voelen zich man. Ze hebben geen zin in zo'n ingrijpende verkleedpartij. Ze zien zichzelf soms ook nadrukkelijk niet als travestiet. Ze vinden dat ze gewoon het recht hebben zich te kleden zoals ze willen. 'Man in mini' komt wat dit betreft dus overeen met 'man in rok' en niet met klassieke travestie.


2. Niet stoer, maar vrouwelijk

Er is ook een in het oog lopend verschilpunt met man in rok. Tot nu toe probeerden de meeste mannen in rok heel stoer over te komen. Ze droegen stoere laarzen of stoere schoenen. Ze lieten hun baard een dag staan. Ze gingen stoer lopen. Allemaal kennelijk om die vrouwelijke rok te compenseren en acceptabel te maken. 'Ik ben een stoere man, en ik draag (toevallig) een rok,' was de boodschap.

'Man in mini' breekt daarmee. Het idee is juist dat een man soms ook vrouwelijk en sexy mag uitzien. Waarom moet een man beslist altijd stoer zijn? Waarom zou een man er juist niet wat vrouwelijk of zelfs sexy mogen uitzien? Vrouwen vinden het leuk om er stoer en mannelijk bij te lopen. Waarom zou een man er dan niet vrouwelijk bij mogen lopen?

Door dit verschilpunt met man in rok komt een man in mini vrouwelijker over. Voor de toeschouwer is daardoor de link met travestie duidelijker. Mannen in rok ontkennen die link juist vaak. Hun rok dragen heeft niets van doen met travestie, claimen ze. Zelf ben ik daar nooit zo zeker van als ik ze hoor praten. Wat is er dan precies zo leuk aan een rok? De argumenten die ik dan krijg, herken ik vaak (of denk ik te herkennen) als typische travestie-argumenten.

Man in mini houdt natuurlijk verband met travestie. Zonder travestie-verleden komt een man er voorlopig nog niet gemakkelijk toe daadwerkelijk een korte rok te dragen op een vrouwelijke manier, denk ik. Die travestie-herkomst valt dus naar mijn idee voorlopig niet te ontkennen. Maar is dat erg? Is het daarom minder leuk?

Ik moet wel toegeven dat ik tot nu toe de leukste reacties op 'man in mini' heb gehad buiten de transgender-wereld, dus in de grote, boze, echte wereld. Een enkele transgender vindt het openlijk niks. 'Je komt niet over als vrouw. Je probeert het niet eens. Je bent ook geen man in rok. Een man in rok is stoer en dat ben je niet.'

Niet-transgenders bekijken het vaak wat anders. Vrouwen vinden het soms leuk. Dat je man bent, vinden ze niet erg en de kleding vinden ze leuk. (Daar doe ik dan ook behoorlijk mijn best op.) Ook sommige mannen laten merken dat ze het leuk vinden. Soms met een ondertoon van: 'dat moet toch ook kunnen'. Maar soms ook met een ondertoon van: leuk om te zien.

Op dit punt heb ik tot nu toe twee duidelijke uitzonderingen gemerkt.

1. Vrouwen die er zelf minder goed uitzien en die met hun man of vriend lopen, reageren soms vervelend of proberen dat tenminste. Bij leuke en knappe vrouwen heb ik daar nooit iets van gemerkt. Minder leuke vrouwen worden kennelijk getriggerd door het vrouwelijke en zien dat als een bedreiging. Dat het vervolgens om een man blijkt te gaan, maakt het dan kennelijk nog moeilijker.

2. Allochtone jongens en mannen worden soms 'spontaan' openlijk agressief. Aan de ene kant worden ze getriggerd door het vrouwelijke, aan de andere kant is het afkomstig van een man. Ze worden dus -- in hun optiek -- betrapt op een homoseksuele reactie. Dat ervaren ze als vernederend en maakt ze agressief. Verder hebben vrouwen in hun cultuur een lage status. Er is dus weinig reden om die agressie te onderdrukken.


3. De ontbrekende drang

Het belangrijkste punt waarop mijn beschrijving 'man in mini' echter verschilt met traditionele travestie en met 'man in rok', is het ontbreken van de emotionele betrokkenheid. Bij traditionele travestie ervaart de transgender het verkleden als bevrijdend, stimulerend, spannend, positief, etc. Aan de kleding zijn dus sterke emotionele responsen gekoppeld. Het verkleden is een manier om je fijn te voelen. Ook bij mannen in rok kom je dit punt voortdurend weer tegen. Het lopen in een rok voelt zo fijn. Het lopen in een rok geeft een gevoel van bevrijding. De kleding heeft voor de betrokkene een sterke emotionele lading.

Transgenders geven vaak aan een soort onverklaarbare drang te hebben die hun dwingt die vrouwenkleren te dragen. Nu zijn daar wel vraagtekens bij te zetten, maar een feit is dat transgenders die drang uiteindelijk niet de baas kunnen. Het verkleden als vrouw is een emotionele noodzaak geworden. Die onverklaarbare drang is min of meer een definiërend aspect van klassieke travestie geworden.

In mijn stukje geef ik echter aan, dat ik die kleding eigenlijk maar veel gedoe vind. Het hoort erbij, je doet je best, maar zodra je thuis bent, vliegt alles weer uit. Op dat punt wijk ik dus inderdaad af van de klassieke travestie. De bedoeling is niet langer je fijn te voelen door die bepaalde kleding, maar het doel is door die kleding een bepaalde indruk te wekken. De kleding is mode geworden en de eigen gevoelens worden daaraan ondergeschikt gemaakt.

Op het moment dat je die dwingende drang hebt, ben je juist niet meer goed in staat je optimaal te verkleden. Je wordt immers voortgedreven door die drang in plaats van dat je streeft naar een optimaal resultaat bij je publiek. In dat opzicht is die dwang dus juist uitermate lastig en moet je er zo snel mogelijk vanaf.

Veel transgenders vinden dit een soort omgekeerde wereld: ze vinden het moeilijk te begrijpen. Als die kleding je geen goed gevoel geeft, waarom zou je die dan aantrekken? De eerste voorwaarde is juist dat jij je in die kleding goed voelt, vinden ze.

Ik begrijp dat standpunt en het klopt ook met de herkomst van travestie, die normaal begint met verkleden met de gordijnen dicht, in de kast dus. Op een bepaald punt in je ontwikkeling kom je echter uit die kast en maak je de overstap naar de straat.

Uit een analyse die ik eerder uitvoerde op de cijfers van Vennix (hier), blijkt dat bezoek aan transgender-bijeenkomsten e.d. inderdaad samengaat met een andere motivering van de travestie. Het uit de kast komen leidt dus inderdaad tot een verschuiving in de functie die de travestie voor de betrokkene heeft. De travestie verandert wat van karakter.

In sommige gevallen gaat die ontwikkeling echter door: je verkleedt je alleen nog maar voor de straat. Het verkleden als vrouw of in dameskleding wordt gewoon. Tenslotte is het vooral veel werk in plaats van ontspannend. Op het moment dat de transgender die overstap volledig gemaakt hebt, heeft het omkleden een andere functie gekregen. De travestie is niet langer seksueel opwindend en het is ook niet langer ontspannend en prettig. Je zou ook kunnen zeggen dat het dan eigenlijk geen klassieke travestie meer is. De dameskleding heeft haar speciale betekenis voor de betrokkene verloren en is gewone kleding of zelfs mode geworden.

Het gaat me hier niet om een discussie of 'man in mini' nu wel of niet travestie is. Het punt waar het me hier om gaat, is dat het omkleden verschillende functies kan hebben. Pas wanneer die functie niet meer gericht is op de eigen emoties, maar vooral op een bepaalde manier overkomen bij anderen, wordt het normale kleding. Natuurlijk is er ook in dit geval tenslotte een emotionele betrokkenheid. Je probeert er zo goed mogelijk uit te zien op een bepaalde manier. Als dat, afgaande op de reacties, lukt, is dat leuker dan wanneer het niet lukt.

Ik weet uit verklaringen van sommige andere transgenders, dat ik op dit punt niet uniek ben. Je hoort een enkele keer wel vaker een transgender die zucht dat hij zich ook nog moet verkleden. Er zijn dus in ieder geval meer gevallen van transgenders die het ondertussen eigenlijk allemaal maar een hoop gedoe vinden. Zo'n volledige functie-shift treedt dus in ieder geval een enkele keer vaker op.

Mijn analyse van het onderzoeksverslag van Vennix leverde voor de motiveringen van travestie twee belangrijke factoren op: Seksuele Opwinding en Prettig-Anders-als-Vrouw (hier). Deze twee factoren zijn onderling vrijwel niet gecorreleerd. De consequentie daarvan is echter dat er ook een groep transgenders moet zijn, die op beide factoren laag scoort. Ze vinden het verkleden niet opwindend en niet prettig.

Deze groep verkleedt zich kennelijk wel, maar heeft daarvoor geen van de twee standaard motiveringen. Deze groep is dus nogal ongemotiveerd. Ik opperde al eerder de veronderstelling dat deze groep het door gewoonte bij gelegenheid wel doet, maar er verder in emotioneel opzicht niet meer zo bij betrokken is.

Hoe groot die groep is, is niet precies bekend. Het hangt er ook vanaf hoe streng je bent. Wanneer je ieder die onder de twee gemiddelden scoort, mee zou tellen, zou er een 25% van alle transgenders in kunnen zitten (uitgaande van normale verdelingen). In dat geval ben je dus niet erg streng. Veel mensen rond het gemiddelde zouden dan immers nog tot deze groep gerekend worden.

De groep die duidelijk een eind onder beide gemiddelden zit, is veel kleiner. Als je uitgaat van de onderste éénvierde per factor zou je uitkomen op 1/4x1/4=1/16 of ongeveer 6%.

Dat die groep klein is, is ook verklaarbaar. De meeste travestieten gaan in travestie maar beperkt naar buiten en uit. Het gevolg is dat in zulke gevallen dit gewenningseffect niet tot stand komt. De dameskleding verliest haar surplusbetekenis daardoor niet of te weinig.

Ik denk dus dat die verwondering over dat gebrek aan emotionele betrokkenheid aan de ene kant begrijpelijk is (de grote doorsnee groep transgenders is juist wel sterk emotioneel betrokken op de kleding), maar dat het aan de andere kant een normale gewenningsreactie is die optreedt zodra de dameskleding voor de betrokkene weer gewoon kleding is geworden en haar speciale betekenis heeft verloren.

Vergelijk het met de vrouwenemancipatie. In eerste instantie trokken alleen de zeer strijdbare vrouwen broeken aan. Maar als je als vrouw lang genoeg in broek gelopen hebt, ga je het een normaal kledingstuk vinden. Wat eerst iets bijzonders was en durf vereiste, werd vervolgens gewoonte. Moderne vrouwen kunnen zich die opwinding die vrouwen in een broek veroorzaakten, helemaal niet meer voorstellen.

Iets soortgelijks zal er vermoedelijk ook optreden voor mannen in dameskleding. In eerste instantie vereist dat durf en vinden de betrokken mannen dat opwindend. Wanneer die betrokken mannen echter de moed kunnen opbrengen om regelmatig in publiek die kleding te dragen, wordt die kleding in hun eigen ogen normaler. Tegelijkertijd krijgen ze (gewild of ongewild) meer oog voor het sociale effect dat die kleding veroorzaakt. Het uiteindelijke resultaat is dan onontkoombaar, dat die kleding minder gebruikt wordt om de eigen emoties te sturen en meer normale kleding wordt. Dus minder travestie en meer mode.

Het Stormfront en 'stinkende' transgenders

Wie wil weten hoe de doorsnee Nederlandse transgender eruitziet na goed te zijn opgemaakt, kan terecht op de site van Transdreams (hier). Of dit echt een beeld van de doorsnee travestiet geeft, weet ik niet zeker, maar één van al die series portretten sprong eruit en is in ieder geval niet doorsnee. Dat was deze serie (hier) van Judy4Fun.

Judy maakt van haar travestie geen probleem, maar probeert er juist van te genieten. Ze schrijft:
"I am a T-chick, T-girl, Tranny or Shemale. You get it?? I choose not to hide my favourite hobby or as a matter of fact real indentity as so many guys seem to do, I prefer going out partying in an exciting and different way, playing with my genderindentity and fetishes. I consider myself very priviledged having the possibility to do so. Actually I like it that much that it pretty much has developped into a lifestyle. My friends irl appreciate the way I deal with things, I am too happy to be able to call my social life more than healthy If for any dark reason you seem to have a problem with what I do then be aware that this is your problem. You might consider asking your shrink for help :-p At the other hand if you are a guy and secretly wish to do what I do.. why don't you? It's YOUR life and you live it only once.. pretty shitty to have society decide what YOU will look like.. In my vision acceptation, if that's desirable for you, will be easier by taking our hobby serious, in the way that you make at least an effort to have it look pretty damn good! For a fast start: have a look at Transdreams and ask my friend Cassandra to help you on your way ;-) In the meantime I don't mind my pictures be printed and taken to bed before sleepingtime if that makes one happy :-p."


Wat ik leuk vind aan Judy, is dat ze van haar T-zijn geen geheim maakt. Ze is op dat punt heel nadrukkelijk: ze is T-girl. Als je daar een probleem mee hebt, zoek je maar een psychiater. Verder vindt ze het belangrijk om er goed uit te zien: acceptatie is gemakkelijker als we onze hobby serieus nemen door op zijn minst een poging te doen er echt goed uit te zien. En die boodschap draagt ze dan in woord en beeld ook nog eens heel kernachtig uit.

Via Google stuitte ik vervolgens op de onderstaande discussie naar aanleiding van een opmerking van Judy op de site van het Stormfront (hier ) waarin ze het recht van transgenders verdedigt om zich op hun eigen manier te mogen uiten.

Transgenders zien -- door hun jarenlange gewenning in de kast -- zelf soms weinig problemen met hun gerichtheid: ze doen toch niemand kwaad? Deze Stormfront-discussie laat in ieder geval zien dat die gerichtheid voor sommige Nederlanders toch nog wel moeilijk ligt. (Ik had in eerste instantie hier de neiging het woord Nederlanders tussen aanhalingstekens te plaatsen, maar dat zou niet terecht zijn. Dit zijn echt Nederlanders ook als is het dan misschien een wat specifieke groep.)

De discussie is gedateerd op 1 februari 2006 en getiteld: Re: (Extreem) Rechts in normale Kledij.

--------------------------------------
In de discussie meldt HB dat hij een kerel kent, die gothic is en daarom ook makeup draagt.
HB: "Ik heb er respect voor dat hij dat durft."

Full of Pride:
"En een kerel met een C-cupje???? Ook respect dat ie dat durft?"

Full of Pride citeert DutchTgirl (Judy4Fun):
Gaat rechts, en dus ook extreem rechts niet over Vrijheid, persoonlijke Vrijheid? Dus respect voor een ander die zich uit zoals hij zij dat wil. Waarom zou je dat verafschuwen? Vooropgesteld dat mensen anderen niet tot last zijn natuurlijk. (maroc's)
Persoonlijk heb ik geen idee hoe ik je moet noemen..... Hij Zij Het......
Maar zoals jij bent heb ik toch een teleurstellende mededeling:
Wij zijn toch ander volk en ikzelf heb hier ook geen plek voor jouw.
Dit schreef je elders:
Voor degene die me nog niet kennen: ik ben dus Judy4fun, een "kinky"/ fetish travo- "girl" ..
Ter vermaak nog een prentje van dit ding in de bijlage.

Razors Edge:
"haha wat is dit nu weer! denk je dat je alles gehad hebt krijgt je favouriete internetpagina ook nog eens bezoek van een echte travo"

Kattepis666:
"Spetterend dit
Ik heb al een hoop gezien op dit forum maar dit is de topper"

Wikingen:
"hahaha"

Hellraiser:
"Laat dat wezen maar lid worden van de darkroom bezoeker Woutertje Bos en zijn Partij van de Afbraak.
Werkelijk zum kotzennnnnnnnnnnnnnnn"

SS-Obersturmführer:
"Lol"

MistressOfDespotism:
"Wel een leuk outfitje. Dat zou ik ook zo dragen.
Oh wacht, ik ben een meisje."

Reinhard:
"Een duidelijk niet helemaal recht(s) geaard persoon, maar inderdaad aandacht die Stormfront kan missen als kiespijn.."

krimson:
"Het is nu niet typisch de broer die ik altijd gehad zou willen hebben, eigenlijk is het ook niet de zus die ik altijd gehad had willen hebben.Wie wil hem eigenlijk wel?"

MistressOfDespotism:
"Ikke, ik wil zijn/haar garderobe hebben."

Claudius Civilis:
"Hahaha fantastisch."

rammrock reageert op
MistressOfDespotism:
"Dan ben je volgens mij ook de enige, die DAT als broer wil hebben"

DOT50:
"Ongelovelijk!
Daar houd ik het bij.."

Dietse Strijder:
"Geen woorden voor,maar Het had wel lef"

Arthur Seyss-Inquart:
"Ik kan maar een ding zeggen
WEES EEN KEREL"

Sorat:
"Is dit nou een ziekte... Of gewoon een afwijking...
Mochten we ooit de heilstaat hebben bereikt waarin iedereen gelijk en wit is, dan moet dat maar eens grondig onderzocht worden door de geheime politie..."

The_White_One citeert eerst MistressOfDespotism:
Ikke, ik wil zijn/haar garderobe hebben.
"Wat verwacht je erin te vinden?"

Tha Man citeert eerst krimson:
Het is nu niet typisch de broer die ik altijd gehad zou willen hebben, eigenlijk is het ook niet de zus die ik altijd gehad had willen hebben.Wie wil hem eigenlijk wel?
"Hem?"

Levenschlang Blanck:
"Ik hoop dat Talpa hier geen lucht van krijgt, anders zien we dit ding terug in de volgende Big Brother."
--------------------------------------

Het interessante aan deze discussie is dat het puur om indirecte discriminatie gaat. Men is zo negatief, niet omdat men het plaatje negatief beoordeelt, maar omdat men te horen heeft gekregen dat het een T-girl is, dus een biologische man.

In de discussie kun je dat ook nog beluisteren als MistressofDespotism opmerkt dat ze het wel 'een leuk outfitje' vindt. Het is niet het plaatje dat de negatieve reacties veroorzaakt, maar de informatie dat het hier om een man gaat.

De reacties doen me vrij sterk denken aan de reacties van sommige allochtone mannen waar je als T ook vaak wat mee uit moet kijken.

Waarom nu zo negatief gereageerd? Het probleem lijkt me simpel. Als Judy4Fun alleen gezegd had man te zijn, en verder geen plaatje had gegeven, was er geen probleem geweest. Wanneer ze wel een plaatje had gegeven en verder niet had aangegeven T-girl te zijn, was er ook geen probleem geweest. Maar nu presenteert ze enerzijds een nogal sexy foto en anderzijds dat ze biologisch man is.

Voor de Stormfronters is dat tegenstrijdige informatie. Dat kan niet, dat klopt niet. In werkelijkheid kan het natuurlijk wel, hoewel het misschien niet helemaal alledaags is. Dat laatste toegeven, is voor mensen niet gemakkelijk, want het betekent dat je je vaststaande opvattingen moet wijzigen. Iets dat we normaal zo lang mogelijk proberen uit te stellen volgens de cognitieve dissonantie theorie.

Dat probleem is niet puur academisch. Als Judy vrouw is, mag je haar als heteroseksuele man leuk vinden. Als Judy man is, heeft ze een volledig fout uiterlijk en moet je haar juist mijden. In dat geval 'stinkt' ze. Haar sekse bepaalt dus hier of ze OK is of niet-OK. Maar juist die sekse is hier onduidelijk. Want afgaande op het plaatje is ze onmiskenbaar vrouw. Maar afgaande op de overige informatie, is ze biologisch man.

Wat moet je nu kiezen als normale Stormfronter? Aan de ene kant ziet 'het' er leuk uit, aan de andere kant mag je je niet aangetrokken voelen tot mannen. Je bent per slot van rekening geen homo. Judy4Fun confronteert deze 'Edelgermanen' dus met een cognitief probleem dat ze eigenlijk niet aankunnen. Ze is sexy, maar ze is ook man. En daarom 'stinkt' ze.

In de reacties vind je dat ook terug. Ze begrijpen dat Judy geen biologische vrouw is, maar vinden het ook weer moeilijk om in dat plaatje een biologische man te zien. Doordat Judy afwijkt van de norm waar ze mee vertrouwd zijn, vormt Judy een cognitief probleem voor ze.

Het eigen vooroordeel ter discussie stellen, doe je bij voorkeur als laatste. Ze redeneren dus niet dat sommige mannen er kennelijk soms vrij vrouwelijk uit kunnen zien. Nee, de discrepantie tussen hun overtuiging en de realiteit wordt veroorzaakt door Judy. En daarmee wordt Judy mikpunt van hun verbale agressie.

Je zou ook kunnen zeggen dat in de impliciete Stormfront-norm mannen er als mannen moeten uitzien. Judy is biologisch man, maar wijkt dramatisch af van die norm. Dat is gevaarlijk en moet bestreden worden.

Interessant ook is dat niemand meer toekomt aan een inhoudelijke reactie op de opmerking van Judy. Men is gezamenlijk bezig de indringster weg te jagen.

De situatie is ook wel vrij extreem. Aan de ene kant zet Judy een heel vrouwelijk plaatje neer. Aan de andere is ze heel open over haar biologische herkomst. Zelf zou ik die openheid en duidelijkheid waarderen. Voor de Stormfronters schept dat echter een onoplosbaar probleem: wat is het nu?

In een andere setting is mij vroeger wel iets soortgelijks verteld. Dit had betrekking op een transseksuele sollicitant. 'Wat was het nu? Man of vrouw? In dat soort problemen had men geen zin.' In dat geval was het plaatje natuurlijk niet zo extreem, maar vermoedelijk op punten wel ambigu. Ook die onduidelijkheid was dus voor deze normale en ontwikkelde mensen al voldoende reden voor een negatieve evaluatie. Een man moet er als man uitzien en een vrouw als vrouw. Op het moment dat het plaatje ambigu is, is dat al reden voor een vermijdingsreactie.

De reactie van het Stormfront is dus vermoedelijk niet beperkt tot Stormfronters maar komt veel algemener voor. Men heeft bepaalde opvattingen over hoe mannen en vrouwen eruit behoren te zien. Personen die afwijken van die opvattingen zoals transgenders, worden gezien als een bedreiging. Als iets dat afwijkt van hoe de wereld in elkaar hoort te zitten.

Zelfs wanneer de informatie over de sekse niet zo expliciet strijdig is, maar meer ambigu, is dat al voldoende voor een negatieve evaluatie. We prefereren vrouwelijke vrouwen en mannelijke mannen. De wereld moet duidelijk zijn en zijn zoals wij denken; anders worden we boos en vervelend.

Judy4Fun heeft ondertussen wel wat ervaringen opgedaan met haar sexy uiterlijk en die ervaringen zijn volgens haar niet negatief. Normaal levert dat uiterlijk dus geen problemen op, maar wel leuke reacties. Hoe valt dat te begrijpen in combinatie met bovenstaande?

Ik denk dat de verklaring simpel is. Normaal is er vooral dat uiterlijk. Door dat uiterlijk wordt een sterke suggestie gewekt en eventuele verbale opmerkingen van Judy zijn als het ware voor de toeschouwer maar beperkt relevant. Judy draagt niet voortdurend een bord met daarop: "MAN". Het is voor het publiek daardoor gemakkelijk die verbale informatie te negeren. Het conflict wordt daarmee vermeden.

Verder gaat Judy vermoedelijk vooral veel uit in gelegenheden waar men niet meer zo rigide vastzit aan die koppeling van uiterlijk en sekse. Ook in dit opzicht is het maar net wat je geleerd hebt of gewend bent. Als je niet meer dat vaststaande idee hebt dat mannen er vooral niet vrouwelijk mogen uitzien, is er geen probleem en dus ook geen cognitief conflict.

Op het moment dat je er dus vrij overtuigend als vrouw uitziet (in de perceptie van de toeschouwer) word je ingedeeld als vrouw. Het conflict is daarmee voor de toeschouwer opgelost. Je ziet eruit als vrouw en je bent ingedeeld als vrouw.

Wat gebeurt er nu als je je wel sexy kleedt op een vrouwelijke manier terwijl tegelijkertijd ook nog duidelijk is dat je man bent? Je maakt het dan dus voor de toeschouwer zo goed als onmogelijk je gemakshalve blijvend als vrouw te zien en snijdt daarmee zijn belangrijkste ontsnappingsroute af.

In mijn ervaring is dit voor mannelijke toeschouwers inderdaad moeilijker. Wel zijn mijn ervaringen op dit punt als MIM (Man In Mini) dat Nederlandse mannen daar meestal niet openlijk agressief op reageren, maar dat (sommige) allochtone mannen daar wel onvoorspelbaar en agressief op kunnen reageren.

Valt dat te begrijpen? Ik speculeer. Op het moment dat je er op een vrouwelijke manier leuk uitziet, activeer je bij een man iets. In die eerste split-second denkt een man bij een vrouw die er leuk uitziet: dat is leuk, daar zou ik wel iets mee willen. Wanneer nu vervolgens blijkt dat het in feite om een man gaat, dan maakt dat voor een Nederlandse man normaal niet zo veel uit. Het is niet zo erg om iets aan een man leuk te vinden. Tegelijkertijd heeft die man een associatie gelegd met vrouwen. En bij vrouwen hebben Nederlandse mannen geleerd zich terughoudend op te stellen. De vrouw bepaalt zelf en Nederlandse mannen respecteren dat.

Voor een Nederlandse man is het conflict dus kleiner en vervolgens heeft hij de aangeleerde reactie van respect, van handen thuis.

Voor een man uit een niet-Westerse cultuur ligt dit echter allemaal heel anders. Homoseksualiteit is daar vaak niet bespreekbaar en wordt als een vernedering voor de man ervaren. Tegelijkertijd worden vrouwen gezien als onderworpen en minderwaardig. Op het moment dat je als man je aangetrokken voelt tot een vrouwelijke man roept dat gemakkelijk agressie op. Verder wordt de vrouwelijke man gezien als foute man en als vrouw. Beide verhogen de kans op openlijke agressie.

In dit geval weten we wel hoe de Stormfronters in een Internet-discussie reageren. Dat zegt echter niet automatisch alles over hun reactie 'in real life'. Reageren de Stormfronters in zo'n geval echt als sommige allochtone mannen of reageren ze ongeveer net als andere Nederlandse mannen?

Voorlopig doe ik even kalm aan met het zoeken van het definitieve antwoord op deze vraag. In ieder geval is het grappig dat Stormfronters op dezelfde manier verbaal reageren als (sommige) allochtone mannen 'in real life'. Misschien lijken ze wel meer op elkaar, dan ze zich realiseren.



---------------------
Aangepast op 29/07/2008, 3/08/2008 en 9/08/2008.

Aangeboren transseksualiteit volgens Swaab

Hoogleraar neurobiologie Dick Swaab schrijft in NRC Handelsblad van 19/07/2008 een column over transseksualiteit: Man/vrouw (Zaterdag &Cetera p. 9). "De drang om van geslacht te veranderen is niet psychotisch, maar aangeboren," schrijft hij.

De stelling dat de drang om van geslacht te veranderen, psychotisch zou zijn, lijkt me nogal vergezocht. De uitspraak zou van een niet met name genoemde Limburgse psychiater zijn. Mijn grootmoeder dacht in haar laatste dagen zeker te weten dat er iets vies en stinkends onder het bed lag. Als je het bed dan aan de kant schoof, bleek het daar allemaal kraakschoon te zijn. Toch bleef mijn grootmoeder het zeker weten: daar lag iets. Dat is een voorbeeld van een psychose. Je neemt iets waar dat er niet is en je denkt daar zeker van te zijn.

En dat vind ik dus een beetje het probleem met deze column. Swaab weet het allemaal heel zeker. Er is geen twijfel mogelijk. De waarnemingen zijn duidelijk. Transseksualiteit en trouwens ook homoseksualiteit (blijkens een eerdere column) zijn aangeboren. Maar ik wil toch graag even onder dat bed kijken en dan blijkt het allemaal op zijn minst een stuk minder duidelijk te zijn.

De tegenstelling waar Swaab mee begint, aan de ene kant is het psychotisch en als het dat niet is, is het aangeboren, is natuurlijk een schijntegenstelling. De drang of de wens om van geslacht te veranderen, heeft aan de ene kant niets met psychosen te maken, maar dat wil aan de andere kant helemaal niet zeggen dan het dan allemaal maar aangeboren moet zijn.

Laat ik eerst uitleggen waarom die wens volgens mij niets met psychosen te maken heeft. Een drang of een wens om van geslacht te veranderen, is precies dat. We kunnen die drang of die wens alleen vaststellen via dat wat iemand beweert en doet. Er is dus geen bed dat je even aan de kant kunt schuiven of waar je even onder kunt kijken.

"Transseksuelen hebben de overtuiging geboren te zijn in het lichaam van het andere geslacht...", schrijft Swaab. Iemand is biologisch man, maar weet zeker vrouw te zijn. Is dat niet psychotisch? Ik denk van niet. Om te beginnen is de stelling dat je zeker weet vrouw te zijn, vaak een bepaalde manier om te zeggen dat je een geslachtsoperatie wilt. Dat is een uiting van iets dat je wilt of voor je idee moet, maar het is geen objectief feit. Dat geldt ook voor de uitspraak: "Ik voel me vrouw". En voor de uitspraak: "Ik ben vrouw." Alleen genderartsen vinden dat moeilijk te begrijpen of willen dat liever niet begrijpen.

Maar ook een uitspraak als "ik ben vrouw" die feitelijk bedoeld zou zijn, is in werkelijkheid nooit waterdicht. Het probleem is dat het begrip vrouw in onze cultuur niet éénduidig is gedefinieerd, maar verschillende dingen kan betekenen. Vaak geeft dat geen problemen, maar in grensgevallen wel. Artsen gebruiken als criterium vaak of een persoon wel of niet een penis heeft. Juristen en agenten vragen eerder naar de juridische status: wat is het geslacht volgens de pas of het rijbewijs. Verder hebben we dan nog "man" en "vrouw" om het soort rol aan te duiden dat iemand speelt of wil spelen. Een acteur kan in een scene vrouw zijn. Een biologische man kan zich meer thuis voelen in de sociale rol die vrouwen geacht werden te spelen. Op straat gebruiken we puur het uiterlijk van iemand om zijn/haar sekse vast te stellen en niet via de aan- of afwezigheid van bepaalde organen. Tenslotte gebruiken biologen het onderscheid op basis van hoe men geboren is en realiseren ze zich bij gelegenheid dat er allerhande tussenvormen bestaan. Een biologische man die dus zegt in feite vrouw te zijn, kan daar van alles mee bedoelen, maar doet niet automatisch een feitelijke uitspraak. Het bed even aan de kant schuiven, om te laten zien dat de betrokkene verkeerd denkt, kan dus ook in dat opzicht niet.

Maar betekent dat, dat de wens om van geslacht te veranderen dan aangeboren moet zijn? Swaab vindt van wel, mij lijkt dat wat erg kort door de bocht.

Als transseksualiteit aangeboren zou zijn, dan komt het wel bij een erg groot deel van de populatie voor. Bij een groot deel van alle travestieten komen transseksuele gevoelens voor, weten we uit het onderzoek van Vennix. Verder weten we uit bevolkingsonderzoek dat ongeveer een 3% van de mannelijke bevolking aan travestie doet. Je komt dan uit op zo'n 1 tot 1,5 procent van de mannelijke bevolking die transseksuele gevoelens heeft.

Zulke hoge percentages lijken het niet erg aannemelijk te maken dat het vooral een kwestie van genen zou zijn. Ook moet er tijdens de zwangerschap dan wel erg vaak iets mis gaan in dit opzicht. Swaab zelf gaat uit van een heel ander percentage doordat hij alleen kijkt naar de mannen met transseksuele gevoelens die zich hebben laten opereren. Dat lijkt me echter nogal een merkwaardige inperking. Net alsof je pas een echte transseksueel bent na het moment van de operatie. Hij komt zo op 0,01%. Een percentage dat honderd keer zo laag ligt.

Dat is nog niet alles. We hebben ook nog een hele groep mensen, volgens artsen in bepaalde opzichten gerelateerd aan transseksualiteit, die zeker weten dat ze met een arm of een been minder een stuk gelukkiger zouden zijn. Ze willen, hoe vreemd dit ook mag lijken, dolgraag zo'n lichaamsdeel kwijt en wachten daarbij soms niet eens op de aarzelende arts. Opnieuw een nog niet precies gelocaliseerd gen? Opnieuw een noodlottige hormoonafwijking in de baarmoeder?

En wat te denken van de kinderen en mannen die zeker weten eigenlijk zeemeermin te zijn. Ja, ook dat komt voor. Weer een ander gen dat niet goed functioneert of gewoon weer een ander hormoon dat net niet in de juiste hoeveelheid voorhanden was tijdens de zwangerschap? Ik vind dat allemaal moeilijk te geloven.

En hoe wil Swaab bijvoorbeeld al die kinderen verklaren die op een bepaald moment in hun ontwikkeling tot het andere geslacht willen behoren en een tijd later het hele 'probleem' volledig vergeten lijken te zijn? Dat zijn op het moment zelf toch onmiskenbaar ook genderproblemen?

Natuurlijk begrijp ik ook wel dat transseksuelen graag zo'n soort verklaring horen. Een biologische man wil zich beslist en dolgraag laten transformeren tot vrouw. Een wetenschapper die dan het verhaal heeft dat dat allemaal verklaard kan worden uit hormoontekorten tijdens de zwangerschap, komt dan als geroepen. Die voor veel mensen toch nog steeds wat moeilijk te begrijpen wens, is dan opeens wetenschappelijk verklaard en de betrokkene mag berusten in zijn lot: er is iets misgegaan, hij/zij kan er niets aan doen en dit is in de gegeven omstandigheden de beste oplossing.

Swaab schrijft letterlijk: "Alle gegevens wijzen erop dat genderproblemen al in de baarmoeder ontstaan." Als dat echt zo was, zou je verwachten dat zwangere vrouwen al tijdens de zwangerschap gewaarschuwd zouden worden voor hun afwijkende kindje. "Uit de echo en uit de vruchtwaterpunctie kunnen we afleiden dat er te weinig hormoon X aanwezig is. Dit betekent in de praktijk dat uw kind vrijwel zeker travestiet of transseksueel zal worden." Voorlopig heb ik nog nooit gehoord van zo'n soort waarschuwing en ik denk eer